Zondag 29/11/2020

De Egyptische kiezer wordt volwassen

Van een echte revolutie is in Egypte geen sprake, toch is er aan de vooravond van de presidentsverkiezingen plaats voor enig optimisme

Niet de situatie is veranderd: wij zijn veranderd." Zo vatte de Egyptische filmmaker Wael Omar de situatie samen in zijn land, 15 maanden na de val van president Hosni Moebarak. Hij bedoelde dat de Egyptische 'revolutie' haar belofte misschien (nog) niet heeft waargemaakt, maar dat de geest die aanleiding gaf tot de gebeurtenissen van vorig jaar niet meer terug in de fles is te krijgen.

Het aanvankelijk optimisme over de 'Arabische Lente' is behoorlijk bekoeld. Van een echte revolutie is in Egypte geen sprake, niet als men de definitie hanteert van een radicale vervanging van een politiek systeem door een ander. Er hebben dan wel vrije parlementsverkiezingen plaatsgevonden, maar die hebben vooral de Moslimbroederschap en de nog radicalere salafisten in een machtspositie gebracht. Of het leger na de presidentsverkiezingen ook echt afstand wil doen van de macht, zoals het heeft beloofd, valt nog af te wachten.

De cultuurpessimisten, zij die vorig jaar waarschuwden dat het democratisch experiment in de Arabische wereld alleen slecht kon aflopen, lijken op het eerste gezicht gelijk te krijgen. In Egypte en Tunesië zegeviert de politieke islam, in Libië heeft het tribalisme de bovenhand, in Syrië dreigt een wrede burgeroorlog. Bekeken vanuit het standpunt van de activisten die aan de basis lagen van de Egyptische opstand is er inderdaad weinig om vrolijk van te worden. Neem Asmaa Mahfouz.

Mahfouz, een frêle 27-jarige vrouw met hoofddoek, was een icoon van de Egyptische revolutie. De video die ze in januari vorig jaar op het internet plaatste, wordt gezien als een katalysator voor het straatprotest dat tot de val van Moebarak leidde. "Al wie zich een man noemt, moet mij op 25 januari volgen naar het Tahrirplein", zei Mahfouz in de video. Onlangs bevestigde een rechtbank een jaar gevangenisstraf tegen Mahfouz, die er - vrijwel zeker valselijk - van beschuldigd wordt een mannelijke aanhanger van het Egyptische leger te hebben afgeranseld. Met de veroordeling van Mahfouz is de cirkel rond. Hoewel iedereen in Egypte nu wel de revolutie claimt, van de legertop tot de reclamemakers, zijn de revolutionairen van het eerste uur opnieuw personae non gratae geworden, net zoals ze dat waren onder Moebarak.

Rol van het leger

Is het dan allemaal kommer en kwel? Het hangt er maar vanaf hoe je het bekijkt. Het leger wordt om de haverklap beschuldigd van het folteren van activisten. Anderzijds was dat anderhalf jaar geleden ondenkbaar geweest: kandidaten voor het presidentschap die alle hoeken van het land afreizen om gewone mensen te overtuigen om voor hen te stemmen, die deelnemen aan presidentiële debatten op zijn Amerikaans, of zich onderwerpen aan een urenlang kruisverhoor op televisie.

Het democratisch proces in Egypte is ver van volmaakt. Zo gaan de Egyptenaren straks naar de stembus om een president te kiezen terwijl nog niet eens begonnen is met het schrijven van de nieuwe grondwet die de functie van die president moet vastleggen. Zolang niet duidelijk is welke rol het leger in de toekomst zal spelen blijft politiek bedrijven in Egypte tot op zekere hoogte een oefening in futiliteit. Dat die rol doorslaggevend zal blijven staat vast. Het volstaat te kijken naar hoe lief de kandidaten voor het presidentsschap tegenwoordig zijn voor het leger. Geen enkele kandidaat wil de confrontatie met het leger aangaan. De begroting van het leger zal geheim blijven, en de legerleiding zal zelf de defensieminister mogen aanduiden.

Tegelijk is Egypte het afgelopen jaar ook onherkenbaar veranderd.

Voor de opstand lokten betogingen tegen het regime tientallen mensen, die prompt gearresteerd werden. Nu komen de Egyptenaren met honderdduizenden tegelijk op straat. Voor de opstand praatten de Egyptenaren over voetbal omdat dat een veilig thema was. Nu praat iedereen honderduit over de politiek.

De verkiezingen die volgden op de opstanden in Tunesië en Egypte zijn in zekere zin een maat voor niets. In westerse democratieën zijn verkiezingen normaal gesproken een manier om de uittredende ploeg te belonen of af te straffen voor het geleverde werk. De Arabische kiezer heeft zo'n referentiepunt niet: het zijn de eerste, vrije verkiezingen en de meeste partijen en kandidaten hebben geen bestuursverleden waarop ze kunnen beoordeeld worden. Het was dan ook niet onlogisch dat veel mensen stemden op islamitische partijen. Om religieuze redenen: iemand die vijf keer per dag naar de moskee gaat kan niet slecht zijn. Of om pragmatische redenen: zij waren de enigen die konden terugvallen op een organisatie.

Met opiniepeilingen moet men altijd oppassen, en helemaal in een land waar onafhankelijke peilingen nieuw zijn. Maar uit alle peilingen over de Egyptische presidentsverkiezingen blijkt dat de kandidaat van de Moslimbroederschap, Mohammed Morsi, onderaan bengelt. Na de monsterscore van de Moslimbroederschap bij de parlementsverkiezingen van begin dit jaar (37 procent) kan het verbazen dat de islamitische partij zo snel in populariteit is gedaald.

Morsi's magere score is voor een stuk een weerspiegeling van de versplintering van het islamitische kamp. De Moslimbroeders hebben aan de rechterzijde te kampen met de salafisten, die verrassend goed hebben gescoord in de parlementsverkiezingen, en aan de linkerzijde met de dissidenten uit het eigen kamp, die het huidige leiderschap dictatoriale neigingen toeschrijven. In de race voor het presidentschap staat momenteel Amr Moussa, het gewezen hoofd van de Arabische Liga, aan de leiding. Maar op de tweede plaats - in sommige peilingen zelfs op de eerste plaats - staat Abdelmoneim Aboul-Fottouh, een dissident van de Moslimbroederschap die zowel de steun heeft van een deel van het liberale en seculiere kamp, als van de salafisten, wier eigen kandidaat geweerd werd omdat zijn moeder een Amerikaans paspoort had.

Maar de achteruitgang van de Moslimbroeders is ook een teken van de toenemende politieke volwassenheid van de Egyptische kiezer. Morsi's bijnaam in de Egyptische volksmond is tegenwoordig 'het reservewiel'. Dat komt omdat hij pas ingezet werd nadat Khairat al-Shater, de eerste keuze, werd gediskwalificeerd wegens een niet afgehandeld gerechtelijk dossier uit de Moebarak-tijd. De weinig charismatische Morsi moet zich dezer dagen laten welgevallen dat tegenstanders naar zijn meetings komen met autobanden om hem te tarten.

Mondig

Vooral is het de Egyptische kiezer niet ontgaan hoe belust de Moslimbroederschap is op de macht. Als Aboul-Fottouh eerder dit jaar uit de Moslimbroederschap werd gezet, was dat precies omdat hij zich kandidaat had gesteld voor het presidentschap. De Moslimbroederschap wilde toen nog niet meedingen naar het presidentschap omdat zij niet de indruk wilde geven het hele land te willen domineren. Pas toen Aboul-Fottouh het goed begon te doen in de peilingen besloot het broederschap op zijn beslissing terug te komen en toch mee te doen. Ook de halfslachtige houding van de partij ten overstaan van de excessen van het leger heeft een aantal mensen doen afhaken.

Toen kandidaat Morsi twee weken geleden een meeting aan de Al Azhar-universiteit in Caïro verliet, werd zijn konvooi uitgejouwd door een vrouw met hoofddoek die vanop de vijfde verdieping uit volle borst riep: "Weg met het leger, en weg met de Moslimbroeders! De Moslimbroeders zijn verraders!" De politici in Egypte zullen het geweten hebben: de democratie is nog niet perfect, maar het kiezerspubliek is mondig geworden.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234