Maandag 18/10/2021

De dunne grens tussen science en sciencefiction

BRUSSEL

Vandaag vindt op Cape Canaveral de laatste Spaceshuttlelancering plaats. Wetenschappers menen dat het afbouwen van het ruimtevaartprogramma de hoop op het ontdekken van buitenaards leven, melkwegen en de daaruit voortvloeiende technologie doet afremmen. Maar is dat wel zo? De Morgen ging kijken naar dat wat ooit fictie was, en mocht constateren dat de grens tussen fictie en non-fictie, tussen Star Trek en nieuwe technologie, flinterdun is.

Het was zijn uitgever die hem, eerder als grap, vroeg of het geen goed idee was om de technologieën uit het Star Trek-universum te onderzoeken op hun geloofwaardigheid. In eerste instantie wuifde Lawrence M. Krauss, professor aan de Arizona State University, dat idee weg. Tot hij besefte dat zo een aanpak, waarbij de populaire cultuur als basis zou dienen voor serieus wetenschappelijk onderzoek, wel eens enthousiast onthaald zou kunnen worden. Krauss kreeg gelijk. Toen hij in 1995 het boek The Physics of Star Trek op de markt bracht, waarin de in Star Trek toegepaste technologie als wharp speed, teleportatie, tijdreizen, lichtsnelheid of wormgaten een wetenschappelijke voedingsbodem kregen, resulteerde dat in een internationale bestseller.

Astrofysicus Stephen Hawking, die het voorwoord voor zich nam, was lovend over het boek. Het bleek de start van een reeks gelijkaardige boeken die wetenschap trachtte te verzoenen met de sf-cultuur zoals die decennia eerder al in strips literatuur, tv-series en films geënsceneerd werd.

Krauss vervolgde twee jaar later niet alleen zijn boek met Beyond Star Trek: Physics from Alien Invasions to the End of Time, zijn eerste boek diende ook als basis voor een BBC-documentairereeks, en dan waren er nog auteurs als James Kakalios - eveneens wetenschapper - die in The Physics of Superheroes aan de hand van scènes uit superheldenstrips als Ant-Man of Superman de (toekomstige) natuurwetten trachtte te verduidelijken voor een breed publiek.

Een en ander zette steeds meer wetenschappers aan om de grens tussen wetenschap en dat wat ooit beschreven werd als sciencefiction, dichter bij elkaar te brengen. Maar het onderzoek naar nieuwe technologie krijgt een fikse knauw door het stopzetten van het ruimtevaartprogramma, zo liet onder meer astronaut Neil Armstrong in een aan president Obama gerichte open brief weten: "Zonder een haarscherp doel valt het NASA-programma voor bemande missies in duigen. Na een halve eeuw van opmerkelijke vooruitgang zien we geen doortimmerd plan voor het behoud van het Amerikaanse leiderschap in de verkenning van het heelal", klonk het. De NASA mocht daardoor meteen een streep trekken over haar plannen om astronauten vanaf 2014 naar een internationaal ruimtestation te brengen, of straffer, hen in 2020 naar de maan en in 2030 naar Mars te laten afreizen.

Met het stopzetten van het ruimtevaartprogramma komen ook een hele reeks nieuwe technologieën op de helling te staan, zucht menig wetenschapper. Maar klopt dat wel? De Belg Frank Theys bracht in 2006 de documentaire Technocalyps op de markt waarin hij onder meer een nakende transhumane samenleving centraal zet waarbij de mens niet langer het enige of intelligentste wezen op aarde zal zijn. Die documentaire gaat nog steeds de wereld rond en wordt ook door wetenschappers gretig becommentarieerd. Regisseur Martin Scorsese kocht zelfs een minuut uit de docu die hij zou gaan samplen voor zijn eigen documentaire A Short History of Progress.

Cyborgs

Theys: "Het klopt natuurlijk wel dat vele ontdekkingen er kwamen dankzij de ruimtevaarttechnologie, maar daarnaast zijn er vandaag tal van andere belangrijke programma's aan een opmars bezig, de zogenaamde new emerging of convergerende technologieën: de nanotechnologie, de bio-, de computer- en cognitieve wetenschappen, oftewel alles wat met hersenonderzoek te maken heeft. Technologieën die naar elkaar toegroeien in toepassingen zoals hersenimplantaten, omdat je kennis van het brein met informatica en met zaken als het onderdrukken van het immuunsysteem moet combineren. Als je de lijn daarvan doortrekt, kom je uit bij het vooruitzicht van cyborgs - of misschien zijn we dat gewoon al."

Het idee van transhumanisme, zo zegt Theys, is dat we met nieuwe technologieën de mensen gaan kunnen verbeteren. In die zin worden twee strategieën gevolgd: of we verbeteren de mens, of we creëren andere soorten vanuit bijvoorbeeld de computer. Artificiële intelligentie, robots, cyborgs..."

Ook politici denken daarin steeds ruimer, zo blijkt. "Rond de eeuwwisseling zijn er verschillende belangrijke technologische doorbraken geweest waardoor heel wat zaken die voordien werden afgedaan als sciencefiction plots door de wetenschap en politiek ernstig werden genomen: het mappen van het menselijk genoom, de eerste nanotechnologische producten, nieuwe hersenscantechnieken..."

Historisch in die zin was volgens Theys een Amerikaans congres uit 2001 met de naam 'Converging Technologies for Improving Human Performance'. "Het werd niet georganiseerd door enkele overenthousiaste techneuten maar door het ministerie van Economie en de National Science Foundation." Interessant was de openingsspeech van Newt Gingrich, vandaag presidentskandidaat voor de Republikeinen en in die periode voorzitter van het Huis van Afgevaardigden. "Speed matters", benadrukte hij daarin. We moesten leren van het internetmotto 'launch and learn'. Binnen de computerwereld is het namelijk gebruikelijk dat softwareprogramma's zo snel mogelijk op de markt komen, met uiteraard het risico dat ze vol bugs zitten en het bij gebruikers klachten zal regenen. Bedrijven passen echter hun software pas aan ná gerichte klachten, om hun concurrenten voor te blijven. Gingrich wilde dat systeem toepassen op de zogenaamde human enhancement-technologie. Waanzin, natuurlijk, maar het blijft vreemd dat een neoconservatief plots zo positief stond tegenover die ontwikkelingen. Economische en geopolitieke redenen liggen uiteraard aan de basis daarvan.

Het congresrapport vermeldde nadien dat deze nieuwe technologieën binnen 10 jaar een grotere omzet zullen bereikt hebben dan de volledige computerindustrie. Ook in het Oosten wordt daarin enorm veel geïnvesteerd. Japan alleen al zou dubbel zoveel investeren in nanotechnologie dan heel Europa.

Tegelijk met de ommezwaai in de perceptie in de politieke wereld, is er ook iets vergelijkbaars gebeurd binnen de culturele wereld, meent Theys. "De cyberpunkliteratuur en de cyberhype uit de jaren '90 is volledig verdwenen. Het is alsof de realiteit de sf heeft ingehaald en sf daarmee is uitgepraat. Maar daarnaast zie je steeds meer wetenschappers opduiken als personages binnen de mainstream psychologische roman; denk aan Elementaire deeltjes van Houellebecq. De wetenschapper is geëvolueerd van een bordkartonnen stripheld naar een personage met een existentiële problematiek."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234