Zaterdag 26/11/2022

De dictatuur van de boulevard

De EU-sancties vormen een smetje, maar voor de rest lijkt de onmiddellijke toekomst de politiek onbewuste Oostenrijkers vriendelijk toe te lachen. Dat mag natuurlijk niet zo blijven. Om het Alpenland weer op het rechte pad te krijgen, blijft maar één remedie over: een radicale zelfvernieuwing.

Clemens Ruthner

Clemens Ruthner is cultuurwetenschapper en directeur van OCTANT, het Oostenrijk-centrum van de Universiteit Antwerpen. Hij staat als onafhankelijk kandidaat op de Agalev-lijst voor de Antwerpse gemeenteraad.

Op een Oostenrijkse karikatuur staat bondskanselier Wolfgang Schüssel (ÖVP) als een verwarde jongen afgebeeld. De kleine Wolfgang begrijpt namelijk maar niet waarom alle mensen om hem heen plots met een sticker rondlopen waarop een doorgehaald strikje, ooit zijn lievelingskledingstuk, te zien is. Intussen is de met meewarige blikken bejegende politicus groot geworden en draagt hij vrijwel alleen nog dassen - het liefst zwarte.

De conservatieve politicus die in februari nog de kanselier van de schande werd genoemd is honderd dagen na zijn ambtsaanvaarding populairder dan ooit. Aan de andere kant is zijn stille bondgenoot Jörg Haider niet meer dan een 'gewoon lid' van de Vrijheidspartij (FPÖ) en heeft hij zich in de provincie Karinthië teruggetrokken, waar hij minister-president is. Wenen is inmiddels aan de donderdagavondbetogingen gewend geraakt, in het Prater staan de bomen in bloei, dit jaar zelfs iets vroeger dan anders, en de regering maakt zich op voor een light-variant van het neoliberalisme. "Thatcher in plaats van Hitler." Dat is het devies van deze ruk naar rechts.

Is het conservatieve experiment om het cordon sanitaire op te rollen geslaagd? Behalve minister van Financiën Grasser munten de FPÖ-excellenties uit in amateurisme. Dan slaat de conservatieve minister van Binnenlandse Zaken Strasser, althans voor wat zijn public relations betreft, een betere figuur, beter zelfs dan die van zijn voorganger, die Haider zoals bekend tot zijn "beste man in de regering" had uitverkoren. Die beste man was een zekere Karl Schlögl, degene die de echte verantwoordelijkheid draagt voor de mooie asiel- en immigratiewetten die de Alpenrepubliek rijk is. En wat de represailles tegen de Vijanden van de Regering aangaat (die zichzelf het Andere Oostenrijk noemen): als ze al bestaan, dan zijn ze erg subtiel, indien niet onzichtbaar. Een beetje zoals wanneer staatssecretaris van cultuur Morak op een vingerknip van zijn kabinet de subsidieaanvraag van deze of gene kritische kunstenaar weigert - ook al pleiten zijn ambtenaren dan vóór.

Maar afgezien daarvan is Oostenrijk weer happy und bunt. Alleen de EU-sancties bederven het plaatje en scheppen een klimaat van nu eens grienerige Weltschmerz, dan weer koppig turbopatriottisme. En je hebt natuurlijk de onverbeterlijke kritikasters die een somber einde voorspellen: de begrotingsronde voor 2001, het moment waarop de regeringspartijen hun zo uiteenlopend cliënteel niet langer kunnen bedienen en de precaire rechtse alliantie van proletarische Modernisierungsverlierer, neorechtse yuppies en een sinds jaar en dag reactionair stuk burgerij zal barsten. Voor Schüssel zou dat een vreselijke politieke dood betekenen, zoals Sisyphus die de steen bijna de berg heeft opgerold maar er uiteindelijk toch nog door vermorzeld wordt. Niet voor niets is Felix Austria ('Gelukkig Oostenrijk') bij ons een ketchupmerk, dat zich overigens uitstekend als theaterbloed leent.

Wie de Oostenrijkse ziel in al haar huidige roerselen wil begrijpen, moet overgaan tot een consequente analyse van het discours, anders gezegd, een onderzoek van de heersende gespreksvormen en nationale vertelsels ('Wir sind Wir'), taalkritiek zoals Karl Kraus, Wittgenstein of Foucault die ooit geformuleerd hebben.

Haider is namelijk niet meer dan de verwoording, de vertaling van het politiek onbewuste Oostenrijk, van alle slechte dingen die, als men moet denken, niet mogen worden uitgesproken. Haider en zijn Vrijheidspartij, die absurde naam alleen al, dat is zin voor borrelpraat, dat is de top van een ijsberg van verloederde taal, waar de soms kromme debatten in het Duitse parlement klein bier bij zijn. Haider en de Vrijheidspartij, dat betekent woedende anti-Europese rancune in tijden van turbokapitalisme. In tijden ook, absurd genoeg, van een economische bloei die door de vorige regering tot stand is gebracht.

Haider staat ook voor de mislukte Entnazifizierung van Oostenrijk na 1945, voor de officiële leugen van de Tweede Republiek dat we zowel dader als, vooral, slachtoffer van het naziregime waren, voor een gebrek aan inzicht in de eigen schuld, voor het geheugenverlies dat ook vijftien jaar na de zaak-Waldheim in gebruik blijft. Zo kreeg bijvoorbeeld de Oostenrijkse minister van Sociale Zaken Maria Sickl (FPÖ) het op een werkvergadering in Griekenland voor elkaar zich af te vragen waarom er van de tweeduizend joden op het eiland Rhodos na 1945 maar een handvol overbleven.

Haider staat niet alleen symbool voor de slonzige omgang met ons verleden, maar net zo goed voor de deregulering van de omgangstaal, voor de dictatuur van de boulevard. Toonaangevend op dat vlak is de Kronenzeitung, onder de massamedia de krant met het grootste bereik per aantal inwoners ter wereld. Nergens anders leest zo'n hoog percentage van de bevolking (35 à 60 procent) hetzelfde dagblad. Het probleem is hier niet de persvrijheid (die wordt sowieso bedreigd door de nieuwe posttarieven voor de periodieke pers), maar de concentratie van de berichtgeving. De bewuste krant zet de democratie op de helling omdat ze expliciet xenofoob is. Een bedreiging voor de democratie is voorts het feit dat de Kronenzeitung ook de grootste drukkerij en de grootste expeditieafdeling van het land bezit. Zelfs de concurrentie moet op haar diensten een beroep doen.

Een wezenlijk onderdeel van de verkeerd begrepen basisretoriek van de Kronenzeitung spruit voort uit de Oostenrijkse sociaal-democratie en vakbondsbeweging. In die zin zijn Haider en zijn aanhangers de bastaardkinderen van de rode Zonnekoning Bruno Kreisky. De legendarische socialistische kanselier (1970-1983) heeft namelijk niet alleen een omvattende maatschappelijke modernisering doorgevoerd, hij heeft die onderweg ook met populisme en economisch succes verwisseld. In 1970 al werd de FPÖ een noodzakelijk kwaad, toen het minderheidskabinet-Kreisky I in het parlement de steun van deze partij nodig had en op die manier de toenmalige FPÖ-voorzitter Friedrich Peter, een voormalige SS'er, salonfähig maakte.

Haider en zijn absurde partij zijn echter in de eerste plaats het resultaat van een gebrekkige discussiecultuur. Wie in Oostenrijk kritiek uit, moet zich daar eerst voor legitimeren. In een land dat historisch maar één revolutie (1848) gekend heeft, moet iemand die zich kritisch uitlaat zich nog steeds die ene vraag laten gevallen die de opstandelingen ooit van keizer Ferdinand te horen kregen. "Ja, dürfen's denn das?" 'Mag dat eigenlijk wel?'

Hoe dan ook mogen we de elkaar tegensprekende argumenten over het ontstaan van het rechtse populisme niet klakkeloos voor waar nemen. Hier is kritisch denken nodig dat niet alleen op defensieve wijze de FPÖ-argumenten over de hekel haalt, maar hun met offensieve antwoorden het initiatief uit handen neemt. Want het enige talent van de provinciale Haider bestaat erin op een verkeerde, eigengebakken manier de juiste vragen te stellen. A la longue blijft er in Oostenrijk - en in België? - maar één weg open: die van een radicale zelfvernieuwing die door alle democratische politieke krachten gedragen wordt en geen enkel thema uit de weg gaat, als het maar niet op grond van een kinderachtig en anti-Europees patriottisme gebeurt. Een moderniseringsgolf als tegenwicht voor de neoliberale globalisering, een millenniumproject dat de bevolking tot positief antwoord op haar angsten moet dienen. Een nieuwe politieke retoriek die niet langer aan de duisterste gevoelens van de mensen appelleert maar hen creatief maakt en daardoor een kritische massa schept. Een soort fluwelen revolutie die Oostenrijk definitief met Europa verbindt en het land van zijn eigen onzalige geschiedenis afbrengt. Anders bestaat het gevaar dat op een of andere dag pre-emeritus Jörg Haider uit het Bärental naar Wenen terugkeert. En als bondskanselier zíjn visie op vernieuwing afkondigt.

'Niet voor niets is Felix Austria ('Gelukkig Oostenrijk') bij ons een ketchupmerk'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234