Woensdag 25/05/2022

De Derde Weg blijft de enige juiste

'Het fundamentalisme van de vrije markt is even dood als de oude structuren van de verzorgingsstaat'

De Duitse sociaal-democraten van bondskanselier Schröder hebben het de laatste tijd in het stemhokje zwaar te verduren gehad. Maar dat betekent geenszins dat de kiezer ook genoeg heeft van de 'Derde Weg' die Schröder en Blair voor Europa hebben uitgestippeld.

Anthony Giddens

De SDP van Gerhard Schröder heeft de voorbije weken een hele reeks verkiezingsnederlagen te slikken gekregen. Die nederlagen zijn door sommigen geïnterpreteerd als een afwijzing van het idee van de 'Derde Weg' of het 'Nieuwe Midden' voor Europa, zoals Schröder en de Britse premier Tony Blair dat deze zomer gezamenlijk voorstelden. Naar mijn mening is dat een foute opvatting.

Om te beginnen kent Duitsland een conservatief politiek systeem met machtige en diepgewortelde belangengroepen. Het land is bovendien opgedeeld in machtige Länder (deelstaten), die elk hun sterk geprofileerde leiders en hun eigen kiezerskorps hebben. In zo'n systeem is het moeilijker veranderingen door te voeren dan in meer eengemaakte staatsstructuren. Daarnaast heeft ongetwijfeld ook het gekrakeel tussen Schröders nieuwe sociaal-democraten en het 'oude links' van Oskar Lafontaine) bijgedragen tot de verkiezingsnederlagen.

Maar het is niet zo dat de Derde Weg het pleit aan het verliezen is in Europa; hij wint juist aan aanhang, maar die vooruitgang uit zich in elk land op een andere manier. De middelen en de terminologie verschillen, maar de motivatie is dezelfde. Het is duidelijk dat de Derde Weg algemeen gezien wordt als de enige weg voorwaarts voor de sociaal-democratie, die zich geconfronteerd weet met de realiteit van de voortschrijdende mondialisering. Het fundamentalisme van de vrije markt is even dood als de oude structuren van de verzorgingsstaat. Naar geen van beide is er nog een weg terug, omdat geen van beide een antwoord biedt op de veranderende realiteit.

De Derde Weg is geen passe-partoutmodel dat overal op dezelfde manier kan worden toegepast. Het is niet zomaar een poging om het Blairisme in het hart van het Rijnland-kapitalisme te importeren. Het is een poging van de sociaal-democratie om zichzelf te vernieuwen en aan te passen aan de nieuwe dominante krachten in onze samenleving: de mondialisering en de informatierevolutie.

Die mondialisering is niet zomaar een verheviging van de wereldwijde concurrentie, het is een ingrijpende verandering van onze manier van leven. We leren allemaal om ons aan te passen aan de wereldwijde, kosmopolitische samenleving, een samenleving die aardschokken veroorzaakt die voelbaar zijn in de vertrouwde instellingen van het huwelijk, het gezin en de werkplek, maar ook in de natie-staat als geheel en nog veel verder.

Dat geldt in Duitsland evenzeer als overal elders. De Derde Weg roept op tot een verregaande modernisering van de belangrijkste staatsinstellingen. Dat is de reden waarom Blair en Schröder in hun verklaring zoveel nadruk legden op ideeën als decentralisatie, persoonlijke verantwoordelijkheid en ook gemeenschapszin, nieuwe werkgelegenheidsprogramma's, investeringen in onderwijs en het aanmoedigen van de vernieuwings- en ondernemingszin via "een vermindering van de belastingdruk op arbeid en ondernemingen".

Beide leiders stelden in hun verklaring ook dat in economisch opzicht "de staat niet moet roeien, maar sturen". Ze benadrukten verder dat deugdelijke openbare diensten de sociaal-democraten weliswaar na aan het hart lagen, maar dat het sociaal geweten van een beleid "niet afgemeten kan worden aan de omvang van de overheidsuitgaven", maar wel aan de doeltreffendheid van die uitgaven.

Het is - om Oskar Lafontaines nieuwe boek te parafraseren - allemaal goed en wel om "het hart aan de linkerkant te voelen kloppen", maar als de institutionele aders zodanig verstopt zitten dat ze de doeltreffendheid van sociale programma's doen afnemen, dan is het niet meer dan logisch dat die aders weer vrijgemaakt moeten worden. Tegen de achtergrond van de wereldwijde concurrentie kunnen we ons geen verspilling veroorloven, vooral omdat in heel Europa het deel van het nationale inkomen dat aan overheidsuitgaven besteed wordt, nu al de limiet van het aanvaardbare heeft bereikt.

Over het hele Europese continent monden een aantal stromen uit in de pogingen van de Derde Weg om zich aan te passen aan de economische mondialisering. Ik denk bijvoorbeeld aan de Deense tewerkstellingsprogramma's (die sterke parallellen vertonen met de Britse en de Amerikaanse) of aan de Nederlandse programma's om bijvoorbeeld loonmatiging te koppelen aan het scheppen van nieuwe banen. Zelfs in Frankrijk is premier Jospin aan een omvangrijk privatiseringsproject begonnen. De invoering van de 35-urige werkweek daar is in wezen uitgegroeid tot de Franse versie van arbeidsflexibiliteit: een mechanisme voor onderhandelingen tussen werkgevers en werknemers om samen een minder starre arbeidsmarkt tot stand te brengen. Alle centrum-linkse regeringen in Europa hebben hun traditionele vijandschap jegens de markt laten varen, maar huldigen ook de gedachte dat er nieuwe regels moeten komen voor de internationale geldstromen en voor de mondiale bedrijven. De sociaal-democratische leiders in Europa weten dat er geen alternatief is voor de wereldwijde markteconomie. Dat geldt ook op het niveau van de Europese Commissie. Romano Prodi, de nieuwe commissievoorzitter, was duidelijk in zijn afwijzing van het idee van een 'Keynesiaans Fort Europa', waar Oskar Lafontaine voor pleit en dat ook Jacques Delors onderschreef toen hij de commissie leidde. Prodi gaat een andere richting uit, op weg naar een meer open, democratischer en concurrentiëler Europa. Prodi deelt ook persoonlijk veel van de opvattingen van de Derde Weg. Dat hij hierover een dialoog nastreeft met de verschillende Europese regeringen zal een belangrijke invloed hebben op de verdere ontwikkeling van die Derde Weg, ook in Duitsland.

De belangrijkste taak die de Duitse linkerzijde nu wacht is ervoor te zorgen dat sociale rechtvaardigheid en gelijkheid stevig verankerd en uitgebouwd worden in het beleid van de Derde Weg. Zo moet in Duitsland, net als elders, ingezien worden dat de oude mechanismen van de verzorgingsstaat een grotere gelijkheid vaak niet bevorderen maar juist verhinderen, omdat de oorzaken van ongelijkheid nu anders zijn dan in het verleden: ze heeft nu veel meer te maken met vaardigheden en kennis van werknemers dan met 'uitbuiting door het kapitaal'.

Het zal een moeilijke weg worden, maar het project om 'traditioneel links' te verzoenen met 'vernieuwingsgezind links' is in heel Europa volop aan de gang. Ondanks de verkiezingsnederlagen moet Schröder doorzetten, en zijn vertrouwen in het beleid van 'het Nieuwe Midden' behouden. Het is niet door het beleid over te laten aan de inertie van bepaalde belangengroepen die hopen dat de mondialisering en de informatierevolutie wel vanzelf weer zullen verdwijnen, dat Duitsland of de rest van Europa zich terdege zullen voorbereiden op het nieuwe tijdperk dat voor de deur staat.

(c) Anthony Giddens 1999

Vertaling: Wim Coessens

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234