Zaterdag 18/01/2020

De datumdans rond Agusta

Het Agusta-proces stond gisteren helemaal in het teken van de storting van 51 miljoen aan het adres van de SP. Luc Wallyn richtte zijn pijlen op Willy Claes, Louis Tobback en vooral Karel Van Miert, de grote afwezige op dit proces.

BRUSSEL.

VAN ONZE MEDEWERKER

De personages die de scène van het Hof van Cassatie bevolken, lijken zo weggeplukt uit een Amerikaanse B-film. Fons Puelinckx, de grote zakenadvocaat die met zijn ontnuchterende beschuldigingen niemand spaart. Luc Wallyn, ooit adjunct-secretaris-generaal van de SP, die zich aandient als de boeteling die het hele netwerk blootlegt, maar wel de namen van de hoofdverantwoordelijken inslikt. Etienne Mangé, de ex-penningmeester en de sleutelfiguur die de praters niet helemaal ongelijk kan geven, maar ook zijn partij en haar leiders in bescherming neemt. Johan Delanghe, de ex-kabinetschef van Economische Zaken die de rol vertolkt van bevlogen ambtenaar en de SP-rangen sluit. Willy Claes is de minister van Staat die verontwaardigd is om de beschuldigingen. Hij had zich in 1989 nog hevig verzet tegen een schenking van Agusta. Net zoals Louis Tobback en Frank Vandenbroucke, die net Karel Van Miert als voorzitter van de SP had opgevolgd.

Maar zo eenvoudig liggen de zaken allerminst. Volgens Wallyn en Puelinckx kwam het initiatief om 51 miljoen aan steekpenningen te storten van Agusta zelf. Zoals bekend belandden die bedragen op rekeningen in Zürich, die Puelinckx had geopend met de handtekening van Wallyn. Inmiddels ontkennen beiden niet langer dat ze elkaar al 25 jaar kennen.

"Toen Puelinckx me vertelde dat de Italianen de verantwoordelijken van de SP wilden ontmoeten, leek hij te vergeten dat ik net was afgetreden als adjunct-secretaris-generaal", verklaarde Wallyn. "Ik heb toen contact genomen met de partijleiding en kreeg het licht op groen." Tot viermaal toe vroeg Marc Lahousse, voorzitter van het Hof van Cassatie, wie nu precies deel uitmaakte van die partijleiding. Wallyn antwoordde in eerste instantie nog ontwijkend en wees Etienne Mangé aan als de man die volgens hem over het geld ging. Bij het vierde antwoord, na het blijvende aandringen van Lahousse, richtte Wallyn dan toch een beschuldigende vinger in de richting van de top. "En die top, dat was de voorzitter. Dat was Willy Claes en Louis Tobback."

Voorzitter Marc Lahousse ergerde zich aan Wallyns weigering om de naam van de voorzitter te laten vallen. De periode tussen eind '88 en begin '89 was net het moment van de machtswissel tussen Karel Van Miert en Frank Vandenbroucke. Op de vraag wie op dat moment voorzitter was, antwoordde Wallyn dat hij het niet meer weet. Ook het exacte moment waarop hij van de partijleiding groen licht kreeg, herinnert Wallyn zich slechts vaag. "Ik denk dat ik op 13 oktober 1988 met Enrico Guerra, tweede man van Agusta, getelefoneerd heb. Het moet enkele weken daarvoor geweest zijn dat ik daarvoor toestemming had gekregen. Augustus 1988 wellicht." Op dat moment had Karel Van Miert nog steeds de touwtjes in handen bij de SP, terwijl het contract voor de 46 Italiaanse helikopters op 19 december werd ondertekend.

Andere beschuldigden in dit proces proberen met alle mogelijke middelen Wallyns relaas van de feiten te weerleggen. Willy Claes zegt dat hij zich maar één ding herinnert: dat tijdens een vergadering op 19 januari 1989 de kersverse voorzitter Frank Vandenbroucke hem en Louis Tobback op de hoogte bracht van een gift aan de SP. "En alle drie stonden we er extreem negatief tegenover. Geen sprake van dat we iets aannemen uit handen van wapenhandelaars, zei Tobback nog." Etienne Mangé bevestigt deze versie.

Jean Du Jardin, eerste advocaat-generaal en adjunct van Eliane Liekendael, probeerde de verhalen te ontkrachten aan de hand van een onderzoek door het Hoog Comité van Toezicht. "Het Comité denkt dat de vergadering van de SP-top op 2 december was en niet op 19 december. Dat betekent dat de verklaringen van Van Miert, Tobback, Claes en Vandenbroucke niet kloppen." Mangé gaf geen krimp. In tegenstelling tot een eerdere verklaring herhaalde hij nogmaals dat dit wel degelijk op 19 januari gebeurde, tijdens het voorzitterschap van Frank Vandenbroucke.

Willy Claes, die zich de omvang van het bedrag niet meer herinnert. "Na ons gezamenlijke njet hebben we het er verder niet meer over gehad. Voor mij was het incident gesloten. Zoals in elk dossier van economische compensatie heb ik de normale procedure gevolgd. Het was pas later dat ik heb horen praten over de gift."

Luc Wallyn stelt nochtans dat hij op 24 november 1988 werd opgenomen in het UZ van Jette en daar verbleef tot eind van januari van het volgend jaar. Tijdens die hele periode trad hij niet meer op in het dossier. Enig mogelijke conclusie: Agusta moet nog vóór 24 november het licht op groen hebben gekregen.

Jean-Pierre De Staercke

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234