Vrijdag 03/02/2023

De cracks van

Castilla y Léon is het paradijs zowel innovatieve als klassieke crus, betaalbare als exclusieve flessen. Hier klopt het moderne hart van de Spaanse wijnindustrie. Maar wat is er precies gaande in de wijnregio's die deze appellatiecluster vormen? We zoomen in op de regio, ook op de bij het grote publiek nog onbekende streken Bierzo en Cigales.

Castilla y León is op de kaart van Spanje absoluut geen doetje. Geografisch is het een van de grootste van de 17 autonome regio's die Spanje telt, gesitueerd op het noordelijke deel van het centrale plateau, omcirkeld door bergen en met de rivier Duero (die de Douro wordt in Portugal) als blauwe lintmeter. Een serieuze lap grond, want qua oppervlakte goed voor maar liefst een vijfde van Spanje.

Leuke statistiek, maar als wijnliefhebber weten we gelukkig dat er hier ook méér aan de hand is, vooral de laatste 5 à 10 jaar: hier worden steeds meer kwaliteitsdruiven gecultiveerd. Druiven die in toenemend aantal bestemd zijn voor fruitgedreven wijnen en stilaan dé trendsetters zijn geworden voor de Spaanse wijneconomie.

De commerciële doorbraak begon er met de Denominación de Origen (D.O. = officieel erkende en beschermde herkomstbenaming in Spanje) Ribera del Duero (in rood) en Rueda (in wit), al snel gevolgd door het almaar populairdere Toro (rood), met Bierzo (vooral rood) en Cigales (vaak rosé) nog op een zekere afstand.

Dit gebied behoort administratief tot Castilla y León, maar eigenlijk vormt het al de fysieke toegangspoort tot Galicia. Hier vinden we nog veel ongerepte natuur, met als blikvangers de ravijnen van de rivier de Sil en in zuidelijke richting de bergen van de Sierra de la Cabrera. De wijngaarden situeren zich hier meestal een hoogte tussen 450 en 1100 m en deze serieuze hoogteverschillen verklaren meteen ook de aanwezigheid van veel terorirs en microklimaten, dus ook van diverse wijnstijlen die onder deze noemer gebotteld worden.

Bierzo bezit een grote troef: de originele druivensoort Mencia. Naar verluidt een erfenis van de pelgrims die richting Santiago de Compostela strompelden. De appellatie kreeg vooral sinds medio de jaren '90 een push inzake vinificatietechnieken en kwaliteitszorg, onder andere door pioniers als Alvaro Palacios. Samen met zijn neef Ricardo Pérez Palacios bracht hij oude wingerds op de schisterijke hellingen terug in bedrijf, waarvan de eindproducten geen bal uitstaans hadden met de lichtgewichtwijntjes die in de (te) vruchtbare vallei werden geproduceerd. Op zijn best levert de autochtone mencia-druif - die hier 2/3 van de aanplant voor haar rekening neemt- een fuitvlezige, geconcentreerde en evenwichtige wijn.

Er zijn zoveel stijlverschillen, dat de consument er moeilijk wijs uitraakt. Soms neigt het eindproduct naar pinot noir, soms naar syrah en soms eerder richting cabernet franc.

Het stadje Cigales ligt tussen Burgos en Valladolid, maar de gelijknamige D.O. telt nog 11 andere gemeenten, die samen zo'n 2.600 ha wingerd overspannen. De wijngaarden - er zijn zo'n 34 bodegas actief - situeren zich hier op een hoogte van 700 tot 800 meter, met de rivier Pisuerga als blauwe draad. Deze ligging is belangrijk, want Cigales kent een landklimaat, wat soms stoofhete zomers en ijskoude winters impliceert. Op de grotere hoogte kunnen de trossen trager en optimaler rijpen, want ze krijgen geregeld verkoeling van de wind.

Sedert in de jaren '90 een generatie jonge oenologen aan de slag ging en vooral investeerde in modernere vinifcatieapparatuur (o.a. Inox-gistkuipen; temperatuurcontrole) , is met name de rosé met sprongen vooruitgegaan. Cigales produceert momenteel inderdaad mee van de lekkerste rosado's in Spanje - gedomineerd door de tinto del país en de garnacha tinta - en dat vaak tegen voortreffelijke prijskaartjes. Wat in een wereldmarkt die steeds massaler voor dit wijntype 'rosé' valt, een dikke troef kan worden. En wat weinigen weten is dat recent de uitvoer van rode Cigales ook klimt. Deze Cigales Tinto moet voor 85% bestaan uit tinto del país (de lokale naam voor tempranillo), meestal aangevuld met een dosis garnacha of cabernet sauvignon. Ook deze flessen staan vaak interessant geprijsd, zeker als je het met de buren vergelijkt.

Cigales is nog geen 'begrip' bij veel wijnliefhebbers en wordt - niet alleen geografisch, maar vooral commercieel - weggedrukt door Ribera del Duero in het oosten en Rueda in het zuiden, die over een veel betere reputatie én marketing beschikken. Marketingmachine die vooral ook het prijsgunstige karakter van Cigales méér zal moeten uitspelen. Want Cigales blijft, ondanks er door de controlerende raad gesleuteld wordt aan de toegelaten druivenrassen (= ruimte voor internationale variëteiten als merlot of sauvignon blanc), toch de meest traditionele D.O. in Castilla y Léon. De meeste bodegas en druiventelers hebben er nog een familiaal karakter. De hoop is dat, samen met het stijgende succes, ook meer private - en overheidsinvesteringen binnenstromen in deze kleine appellatie. Want dààr is grote behoefte aan.

En wat met de drie andere herkomstbenamingen ? Gebeurt daar dan niets nieuw? Uiteraard. Neem nu de D.O. Rueda, die zich ontpopt heeft tot dé habitat voor raszuivere, minerale, zestefrisse én vaak nog heel betaalbare witte wijnen, vooral met de autochtone verdejo-druif als turbo. Deze geografische buur van Ribera del Duero, gelegen in de provincie Valladolid in het westen van Castilla y León, is momenteel qua prijs-kwaliteit misschien wel de beste witte appellatie in heel Europa.

Recent zijn er ook rode Rueda's op de markt. Op kwalitatief vlak zit het met de eerste oogsten rode Rueda alvast snor: ze blijken vaak sexy, rijp en vlezig, zonder al te zware eikvuist. Probleem is alleen dat ze, door hun relatieve schaarste, vaak een stuk duurder uitvallen dan hun witte soortgenoten. En dat het voorlopig nog ontbreekt aan een 'normwijn', een standaard.

In wit dreigt er ondertussen maar één risico: de voortdurende prijsklim van de populaire verdejo-druiven, waardoor sommige bodegas teruggrijpen naar de viura als assistente. Hoe fruitleuk die fifty-fifty combinaties ook smaken, tegen een raszuivere verdejo kunnen ze zelden opboksen.

De D.O. Ribera del Duero van zijn kant is en blijft misschien wel dé rode sterappellatie van Spanje, wat zich helaas ook vertaalt in continu klimmende prijskaartjes. De 'boom' van de wijnindustrie was hier dan ook spectaculair: waar de appellatie in 1982 amper 5 private domeinen telde, werken er vandaag reeds een 200-tal. Met als gevolg dat er ook massaal werd aangeplant, zodat veel Ribera slechts gebruik kan maken van vrij jong druivenmateriaal. Ook al zien we de laatste tijd vaker 'goedkopere' versies met een kortere crianza-periode opduiken, toch blijft de gemiddelde Ribera del Duero zich nestelen in het duurste marktsegment.

De prijs van de Ribera del Duero is precies de reden waarom de nog relatief jonge D.O. Toro zich steeds vaker opwerpt als dé new kid on the block. Dit gebied in het uiterste westen van Castilla y León, in spreidstand tussen de provincies Valladolid en Zamora, kent wel een extremer klimaat dan Riberda del Duero, want het ligt tussen 700 en 1100 meter.

Ook al zien we tegenwoordig uit Toro eveneens exclusieve cuvées komen, toch ligt het prijsniveau hier een stuk lager dan in Ribera. Een extra troef van Toro is dat het de laatste jaren een tsnunami van binnen- en buitenlandse investeerders over zich heen zag rollen, die bovendien vaak ook kersverse knowhow injecteerden in de regio: de Franse topoenologen Michel Rolland (met Campo Elíseo) en het broederkoppel Jacques & François Lurton (met hun El Albar) of de Spanjaarden van Vega sicilia (met Pintia), San Román (gelieerd met Mauro), de 'Numanthia Termes bodega' (gelieerd met de Sierra Cantabria uit Rioja), Telmo Rodríguez (met Pago La Jara) of Dos Victorias. Tegenwoordig zijn er trouwens al een veertigtal bodegas actief en hun aantal zal vermoedelijk alleen nog aandikken. Toro heeft dus absoluut een mooie toekomst voor de boeg, op voorwaarde dat producenten er a) de prijsstijgingen in de hand houden en b) ook de van nature hoge alcoholpercentages (14 à 15%) meester blijven.

Een slotbedenking: wanneer gaan Ribera del Duero en Toro, deze beide 'rode rakkers' van Castilla y León , ook serieus werk maken van witte wijnen? Met de huidige wereldwijde dorst en hun beresterk imago, ligt er wat dat betreft nog een hele niche open. Als de Spaanse wijnwetgever zich tenminste soepel opstelt. n

Hier worden steeds meer kwaliteitsdruiven geproduceerd, voor wijnen die stilaan trendsetters worden

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234