Dinsdag 15/10/2019

Rode Duivels

De cijfers bewijzen: de Rode Duivels waren minder goed dan Engeland in openingswedstrijd

Romelu Lukaku stormt af op Fidel Escobar van Panama. Beeld BELGA

De statistieken tonen dat Engeland tegen het sterkere Tunesië doelgerichter speelde dan België tegen het erg zwakke Panama. "Cijfers zeggen niet alles", nuanceert bondscoach Roberto Martínez.

De vaderlandse media zaten met vragen na de 3-0 tegen Panama. Met die prestatie kwam je aan de leiding van groep G, maar verder konden er geen conclusies aan worden verbonden. De buitenlandse pers was positiever: gelukte start voor de Belgen, al waren de Engelsen net iets minder enthousiast dan L’Equipe, dat titelde ‘Chapeau, les Belges’. De inleiding loog er niet om: “Tegen Panama hebben de Rode Duivels een tactiek gevonden om een stevig blok te ontwrichten, drie keer te scoren en het doel van Courtois te vrijwaren. Een gelukte start.”

The Daily Telegraph focuste op Romelu Lukaku, die de zenuwen van de Belgen onder controle hield. “Het goede nieuws is dat België ook niet bepaald imponeerde en dat Roberto Martínez nog een aantal plooien moet zien glad te strijken.” Is het glas nu halfvol dan wel halfleeg? Drie doelpunten gescoord, geen enkele tegen, dan ga je toch niet op zijn Hollands beginnen zeiken, aldus de Nederlandse collega’s.

Misschien niet, maar er zijn veel parallellen tussen Engeland en België: de hoop op een goed toernooi door een gouden generatie en als gevolg daarvan de ontgoocheling toen het team minder bleek dan de som der delen. Zowel België als Engeland speelde lange tijd een systeem dat op hun sterke punten focuste maar de zwakheden vergat, met alle gevolgen. Zowel Gareth Southgate als Roberto Martínez, die elkaar kennen van in de studio als analist bij het EK van 2012, zouden hun teams naar het volgende level hebben getild. Deze worldcup moet het bewijs van hun vakmanschap leveren.

Alderweireld-Boyata en terug

De eerste wedstrijden maandag van België en Engeland hadden een identieke insteek: een schaduwfavoriet die het opneemt in de openingswedstrijd tegen een op papier veel minder getalenteerde tegenstander. De enige cijfers die tellen, zijn de punten en de doelpunten. Engeland en België gaan samen aan de leiding in de groep, Engeland scoorde twee goals, België drie. De Rode Duivels staan eerste, maar als dit boksen was, dan lijkt het erop alsof Engeland de eerste ronde op punten heeft gewonnen. Martínez wil die vergelijking niet maken. “Wij speelden tegen Panama, de Engelsen tegen Tunesië. Zaterdag is weer een heel ander verhaal.”

Harry Kane viert zijn winning goal tegen Tunesië. Beeld Photo News

De wereldvoetbalbond FIFA biedt een uitgebreide statistische service aan en die geeft interessante inzichten. Op het eerste gezicht ontlopen beide teams elkaar niet te veel. Engeland liep dan wel iets meer, omdat Tunesië er meer uitkwam dan Panama, maar liep niet harder: respectievelijk 94 (België) en 93 (Engeland) procent van de inspanningen werden gelopen onder de 15 kilometer per uur.

Toch was Tunesië-Engeland een snellere wedstrijd dan België-Panama en dat had dan weer te maken met de passing. Engeland speelde directer. Het had minder passes nodig om iets meer balbezit af te dwingen en het speelde ook verticaler: Engeland verstuurde 21 diepe ballen meer dan België. Dat was ook het gevoel bij de Belgische volgers en dat wordt bewezen door de cijfers: de Belgische opbouw was te traag.

De centrale verdedigers bij de Engelsen – John Stones en Kyle Walker, ook geen wereldvoetballers – speelden de ballen 44 keer naar elkaar. Bij België gaven Toby Alderweireld en Dedryck Boyata elkaar 68 keer de bal, meestal balletjes breed van hooguit tien, vijftien meter. Alderweireld leverde één op de twee ballen (40!) in bij zijn buur Boyata, die allesbehalve comfortabel is in de opbouw. Zo moest Kevin De Bruyne inzakken om de opbouw mee te verzorgen, waardoor hij bijna een halve wedstrijd op zijn eigen helft doorbracht.

Aan de andere kant van het veld had Engeland vijf spelers die meer dan 15 procent van hun tijd in de strafschopgebied van Tunesië doorbrachten. België had er maar één, Romelu Lukaku met 19 procent, en die kreeg dan nog onder zijn voeten van Eden Hazard dat hij niet genoeg afhaakte.

Martínez countert

Roberto Martínez geeft tegengas aan de telefoon, nadat we onze vraag op de persconferentie door een misverstand niet konden stellen. “Panama viel zo laag terug dat je geen afspeelmogelijkheden meer had. Dat verklaart die cijfers. Tegen Tunesië zal dat anders zijn, want die verdedigen hoger. En van De Bruyne onthoud ik vooral, net als de buitenlandse pers, zijn magic moment met die assist op Lukaku. Toen was hij waar hij moest zijn.”

De cijfers zouden er kunnen op wijzen dat het Belgisch spel positioneel nog niet helemaal af is, zeker in het verdedigende werk. Engeland beging minder dan de helft van de Belgische overtredingen en dat tegen een betere tegenstander. Conclusie: er is nog werk aan de winkel.

Martínez krijgt het laatste woord. “Er is altijd ruimte voor beterschap en ik geloof ook in statistiek, maar pas als er zich een trend aftekent. Niet na één heel aparte wedstrijd. Tot dan focus ik op wat goed was: drie open goals en niks binnen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234