Maandag 17/06/2019

Eandis

De Chinezen komen. Met cash in hun hand

De Vlaamse energiedistributeur Eandis wil een avontuur beginnen met het op twee na grootste Chinese staatsbedrijf: State Grid Corporation. De Chinezen komen. Met cash in hun hand. Moeten we hen wel binnenlaten?

De hoofdzetel van Eandis in Melle. Beeld Bas Bogaerts

Het mag duidelijk zijn dat de State Grid Corporation niet om het even welke buitenlandse investeerder is. Het bedrijf met anderhalf miljoen werknemers draait een jaarlijkse omzet van 300 miljard euro. Het is de Chinese communistische partij die de leiding in handen heeft via een secretaris-generaal. Die moet ervoor zorgen dat State Grid Corporation zijn strategische doelstellingen haalt. Het gaat dan niet alleen om winst maken.

De Chinese staatsbedrijven moeten in de eerste plaats de nationale belangen dienen. Voor State Grid Corporation betekent dit het monumentale Chinese stroomnetwerk onderhouden, de bouw van hoogspanningslijnen over het hele Aziatische continent overzien en de Chinese invloed waar het kan verder vergroten. Zo komt een – in verhouding – microscopisch klein bedrijf als Eandis in het vizier van een Chinese mogol.

Eandis is allicht het best gekend van de mensen in overall die uw meterstand opmeten. De Vlaamse energiedistributeur is verantwoordelijk voor 80 procent van het stroom- en gastransport naar gezinnen. Begin oktober moeten de aandeelhouders van het bedrijf, de 230 gemeenten, hun fiat geven voor de Chinese toetreding. State Grid Corporation zou 14 procent van het bedrijf overnemen voor 830 miljoen euro.

Geldnood

Dat Eandis de deur openzet heeft alles te maken met het recente vertrek van Electrabel in 2014. Tot dan heeft het energiebedrijf 20 procent van de aandelen van Eandis – nog een overblijfsel uit de tijd dat Electrabel een overheidsbedrijf is. Maar die verstrengeling moet stoppen van Europa. Alleen: het financiële gat dat Electrabel achterlaat moet wel door iemand weer gedicht worden. Aangezien de meeste burgemeesters zelf geen cent op overschot hebben, wordt snel duidelijk dat er naar een nieuwe, externe partner moet bijkomen. En snel.

Enkele maanden later blijkt geen enkele valabele Belgische speler geïnteresseerd. Wel op de afspraak: een Nederlands pensioenfonds, een Australisch fonds en State Grid Corporation. Zodra duidelijk wordt dat de Chinezen de beste enveloppe voorleggen, borrelen echter de twijfels op. Is het wel zo slim om een Chinees staatsconcern zeggenschap te geven over onze stroom- en gasnetwerken? Krijgt het bedrijf niet bijzonder veel macht, aangezien ze naast 14 procent van Eandis ook drie zetels in de raad van bestuur opeisen. Zullen ze hun positie niet misbruiken op termijn? Kortom: dreigt het ‘Grote Gele Gevaar’ Vlaanderen over te nemen?

Jonathan Holslag, opiniemaker en professor Internationale Politiek (VU Brussel) is formeel: Eandis mag niet samenwerken met State Grid Corporation. “De energiedistributie is te gevoelig om mee in handen te geven van een Chinees staatsbedrijf. De deal gaat in tegen elk gezond verstand. State Grid Corporation blijkt door en door corrupt. Het is al op de vingers getikt door de Chinese regulator voor gefoefel met de boekhouding. Het staatsbedrijf krijgt ook excessieve steun van het Chinese staatsapparaat. Dat is totaal in tegenspraak met ons geloof in de vrije markt. Bovendien wordt het principe van de wederkerigheid geschonden. Wij moeten de Chinezen wel binnenlaten, maar de energiemarkt in China blijft volledig afgesloten voor Eandis. Zo werkt het niet.”

Holslag eist dat de gemeenten zelf het nodige geld mobiliseren. Econoom Geert Noels steunt hem daarin. “Dit is ‘nuts’”, waarschuwt hij op Twitter.

Piet Buyse, de burgemeester van Dendermonde en de voorzitter van Eandis, begrijpt naar eigen zeggen de gevoeligheid. “Tegelijk lees ik veel stemmingmakerij. Dit akkoord is niet bedisseld in achterkamertjes. Ook ik was toch verwonderd dat er geen Belgische kandidaten opdoken. En de oproep van Holslag hoor ik graag, maar de waarheid is dat niemand zomaar 800 miljoen euro mobiliseert. Er staan misschien wel miljarden op onze spaarboekjes, maar dat beweegt niet.” Of een beursgang dan niet kan? “Een intercommunale als Eandis mag dat niet.”

In een tijd waarin we voor de energierevolutie staan – met de komst van slimme stroommeters, netwerken van oplaadpalen voor elektrische auto’s en batterijen – heeft Vlaanderen nood aan een partner met genoeg financiële reserves en kennis, vervolgt Buyse. “State Grid Corporation is actief in Brazilië, Italië, Portugal. Ze hebben heel wat knowhow. En het is niet zo dat we een Chinees bedrijf worden. De voertaal blijft gewoon Nederlands. De bestuursleden van State Grid Corporation worden normaal gezien Belgisch of Nederlandse Chinezen.” Dat State Grid Corporation drie bestuursleden krijgt, op een totaal van vijftig, noemt “zeker geen overrompeling”.

Gele golf

De toenemende invloed van China mag geen verrassing zijn. Als een land met 1,3 miljard inwoners in de mondiale economie stapt, komen ze vroeg of laat ook bij ons aankloppen. Maar wat mogen we dan verwachten?

De buitenlandse investeringen van China worden ondersteund door de immense geld­reserve die het land heeft verzameld dankzij zijn sterke exportindustrie. De voorkeur gaat uit naar infrastructuurprojecten zoals wegen, havens en energiecentrales. Maar ook tijdloze (luxe)merken zijn in trek. Hierlangs kan China immers nog decennia invloed uitoefenen op het betrokken land. Het gaat dan over landen in Afrika, Latijns-Amerika maar ook hier. Gedurende de eerste helft van dit jaar hebben Chinese bedrijven 60 miljard euro geïnvesteerd in een resem Europese ondernemingen. Dat is niet alleen een record, het is meer dan de voorbije tien jaar samen.

De voorbeelden zijn legio. In het Verenigd Koninkrijk zijn de Chinezen het meest thuis. Het vlaggenschip van de Brits-Chinese relatie is de nieuwe kerncentrale van Hinkley Point C aan de Britse zuidwestkust. De moderne kernreactor moet aan de wereld tonen dat nucleaire energie nog een toekomst heeft na de ramp in Fukushima. In Polen heeft een Chinees bouwbedrijf in 2009 de aanbesteding gewonnen voor de aanleg van de nieuwe autostrade tussen de hoofdstad Warschau en Duitsland. Die weg zal de economische slagader van het land worden. Even verderop, in de Balkan, jaagt China ook op koopjes. De nieuwe hogesnelheidslijn die de Servische hoofdstad Belgrado verbindt met de Hongaarse hoofdstad Boedapest is bijvoorbeeld van Chinese makelij.

Deze spoorlijn toont hoe de Chinese staatsbedrijven altijd met voorbedachten rade werken. In 2010 heeft de grootste Chinese rederij Cosco de haven van Piraeus overgenomen van de noodlijdende Griekse regering. De haven heeft het bedrijf sindsdien getransformeerd in een handelscentrum voor Chinese importproducten. Van Piraeus gaan de waren naar Belgrado en dan verder tot Boedapest en richting de rest van de Europese markt.

Tegelijk bewijzen de buitenlandse voorbeelden dat voor een goede samenwerking wel wat meer nodig is dan een boekje ‘Chinese manieren voor dummies’. In het Verenigd Koninkrijk is de bouw van kerncentrale Hinkley Point C op het allerlaatste nippertje gestopt. De Britten vrezen dat ze een Chinees paard van Troje binnenhalen. Als de centrale er straks komt, zou de Chinese communistische partij het licht uit kunnen doen in Londen, klinkt het. Een ander probleem dat China achtervolgt is de strengere Europese wetgeving. De autosnelweg tussen Warschau en Duitsland zal finaal niet door een Chinees bedrijf aangelegd worden omdat hun Poolse contracteurs dwarsliggen. Ze weigeren mensen te leveren. De werkomstandigheden zijn te slecht, zeker voor het hongerloon dat ze ontvangen.

En hoe zit het dan in België en in Vlaanderen? Volgens de meest recente cijfers (uit 2014) krijgt ons land 2 procent van het geld dat China investeert in Europa. Dat lijkt niet veel, maar België staat daarmee wel op de tiende plek binnen Europa. In de havens zijn de Chinezen welkom. Zo heeft de rederij Cosco een aandeel in de containerterminal van het Deurganckdok. Al blijven de havens van Rotterdam en Hamburg de belangrijkste Chinese uitvalsbases. In de luxesector is het Brusselse handtassenbedrijf Delvaux in 2011 gered van de ondergang door Fung Brands Limited uit Hongkong. Intussen is het bedrijf wereldwijd opnieuw in opmars.

Uitverkoop

Valt er dan toch iets te zeggen voor Chinese investeerders? Een totale uitverkoop van onze industriële kroonjuwelen moeten we alvast niet vrezen. Die zijn immers al lang van de hand gedaan. En dan niet aan de verre Chinese neven maar aan de Franse buren. Vooral onder impuls van rijkste Belg Albert Frère zijn door de jaren heen Electrabel verkocht aan GDF Suez, GB aan Carrefour en Fina aan Total verkocht.

“Reden te meer om nu te stoppen met de solden”, benadrukt Holslag. “België is de melkkoe van de wereld. Nergens is men zo afhankelijk van het buitenland voor grote infrastructuurprojecten en tewerkstelling. Dat terwijl alle inkomsten terugvloeien naar het moederland van onze bedrijven. Dit is niet langer houdbaar. Het is toch niet dat we te arm zijn om dit zelf te doen.”

Toch. De gele golf zal de volgende jaren alleen maar groeien. De Chinese communistische partij zit op een spaarpot van meer dan 3.000 miljard euro (!). De Chinese premier Li Keqiang kondigde in maart aan dat het de komende vijf jaar meer dan 1.000 miljard euro wil investeren over de hele wereld. De kans dat een fractie van dit fortuin in Eandis belandt, lijkt groot. De nood aan een nieuwe geldbron is hoog en State Grid Corporation ziet een buitenkans. Een Chinees spreekwoord zegt niet voor niets: je moet de vogels vangen wanneer ze laag vliegen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden