Donderdag 19/09/2019

De burger grijpt de macht

De toekomst van onze energievoorziening is in Duitsland al begonnen. Na het Wirtschaftswunder eind jaren veertig en de hereniging van de twee Duitslanden in 1989 wil het land de wereld nu verbluffen met zijn Energiewende. Een snelle, grootschalige overschakeling op hernieuwbare energie moet van de grootste economie van Europa straks ook de groenste maken.

Het is een stille revolutie. Maar wel een zeer zichtbare. Steek de Duitse grens over, en windmolens bepalen het landschap. Windmolens en zonnepanelen. Zonnepanelen liggen hier niet alleen op daken, je ziet ze in groten getale op heuvelruggen, oude fabrieksterreinen en op het dak van grote voetbaltempels.

Fabrikanten van zonnepanelen zijn dankzij de Duitse Energiewende multinationals geworden. Kapitaalkrachtige bedrijven, die zijn doorgedrongen tot op het speelterrein van de grote jongens, de Bundesliga.

Zo is de Chinese zonnepanelenproducent Yingli Solar shirtsponsor van Bayern München. Een andere eersteklasser, 1899 Hoffenheim, speelt sinds kort in een nieuw stadion dat Wirsol Rhein-Neckar-Arena werd gedoopt. Naar zijn belangrijkste sponsor Wirsol, een internationale speler die vorig jaar tekende voor het Solarpark Mixdorf, dat meer dan 20.000 gezinnen van stroom kan voorzien.

De revolutie is ook in cijfers uit te drukken. In 2011 werd 20 procent van de Duitse elektriciteit opgewekt door zon, wind, water en aardwarmte. Volgens de meest recente cijfers is de kaap van de 25 procent inmiddels gerond. De Duitse energiewet - het Erneuerbare Energien Gesetz of kortweg EEG - dicteert dat in 2030 minstens de helft van de stroom van hernieuwbare bronnen moet komen. Voorspeld wordt dat die ambitie minstens vijf jaar eerder wordt gehaald. Om maar te zeggen: het gaat hard met de Energiewende. Te hard, volgens sommigen.

Duitsland had al sinds de eeuwwisseling relatief grote ambities op het vlak van propere energie. Toch schakelde het land vorig jaar in een nog hogere versnelling. Aanleiding was de kernramp in Fukushima. Het maatschappelijk draagvlak voor kernenergie, dat in Duitsland al niet erg groot was, was plots helemaal weg. Tot verbazing van velen besloot Merkel tot onmiddellijke actie. De acht oudste reactoren werden gesloten, voor negen andere werd een afbouwscenario uitgetekend. Tegelijk werd besloten om niet te morrelen aan de bestaande groene ambities. Met andere woorden: de energie die niet langer werd opgewekt door de kernreactoren, moest voortaan in hoofdzaak van de wind en de zon komen. "Een herculeswerk", zo noemde bondskanselier Angela Merkel de opdracht. Haar milieuminister Peter Altmaier formuleerde het onlangs nog dramatischer. De transitie is volgens hem "de grootste economische uitdaging sinds de hereniging van Oost- en West-Duitsland".

Merkels Energiewende oogst bewondering en respect. Maar er is ook veel scepsis. Met name de kostprijs zorgt in Duitsland voor niet aflatende discussies. Het eerbiedwaardige Karlsruher Institut für Technologie rekende voor dat de sowieso al gepeperde energiefactuur als gevolg van deze Wende nog 70 procent duurder zal worden. Het prijsargument wordt ook gebruikt door politieke partijen als de liberale FPD, die pleiten voor een temporisering van het hele proces.

Dat de Energiewende zich niet zonder slag of stoot voltrekt, is geen mening maar een feit. De Duitse energiewet heeft investeren in hernieuwbare energie zo interessant gemaakt dat er in ijltempo wind- en zonneparken bijkomen. Probleem is dat die parken ook nog aangesloten moeten worden op het hoogspanningsnet. Een dure, delicate operatie, die meer tijd blijkt te vergen dan voorzien. Zo is de elektriciteitstransporteur Tennet er voorlopig nog niet in geslaagd om een verbinding te leggen met alle nieuwe, gigantische offshore windparken in de Duitse Noordzee. Omdat het stroomnet ook elders in Duitsland nog niet aangepast is aan de nieuwe vormen van energievoorziening, blijft veel capaciteit voorlopig onbenut.

Bitse discussies

'Wer soll das bezahlen? Wer hat soviel Geld?' Het is de titel van een oud liedje van de Duitse schlagerzanger Jupp Schmitz, maar vandaag vooral een populaire krantenkop boven artikels met de Energiewende als onderwerp.

Het antwoord op de vraag laat zich trouwens raden. De omslag wordt voor het belangrijkste deel betaald door de Duitse gezinnen. Anders dan de grote bedrijven betalen die via hun energiefactuur maandelijks een soort groenestroomtaks. Een geplande verhoging van die taks is het onderwerp van bitse discussies, niet het minst omdat de grote energieleveranciers maar in zeer beperkte mate aan de Wende blijken bij te dragen.

Volgens een onderzoek van het bureau trend:research hebben de vier grote leveranciers nauwelijks 7 procent van de groene-energiemarkt in handen. De door hen geleverde elektriciteit wordt dus nog altijd in hoofdzaak opgewekt met kolen, gas en aardolie. De overgang naar wind- en zonne-energie is dan ook in de eerste plaats het werk van burgers die zich lieten en laten verleiden door de zogeheten Einspeisungsvergütung, een vorm van overheidssubsidie. Groene stroom is in Duitsland een verhaal van landbouwers die hun velden omtoverden tot wind- of zonneparken, particulieren met zonnepanelen op hun dak, kleine gemeenschappen die energiecoöperaties smeden of zelfs volledig off the grid gaan.

Burgers zijn vandaag goed voor meer dan 50 procent van de opgewekte groene energie. Het maakt van de Energiewende meer dan alleen maar een groene revolutie. Wellicht onbedoeld is het ook een burgerrevolutie geworden.

Tegenwerking

De verschuiving van een centrale naar een gedecentraliseerde energiemarkt is hét thema van Leben mit der Energiewende, een zopas uitgebrachte documentairefilm van de journalist Frank Farenski. Eerder dit jaar was al een verkorte versie te zien op de Duitse zender ZDF.

In een Michael Mooreachtige stijl toont Farenski hoe de grote traditionele spelers, geholpen door sommige politieke partijen en respectabele media als de Frankfurter Allgemeine, er alles aan doen om de grootschalige transitie naar groene stroom tegen te houden of te vertragen. Volgens Farenski is de traditionele energielobby erin geslaagd om de publieke opinie te laten geloven dat de Energiewende veel te duur is.

En dat is pertinent onjuist, beweert Farenski. In een telefoongesprek legt hij uit hoe de stijging van de Duitse energiefactuur in werkelijkheid het gevolg is van almaar duurder wordende conventionele energiebronnen als kolen, aardolie en gas. "Vandaag bedraagt de Duitse stroomprijs 25,5 cent per kWh", zegt Farenski. "De wettelijke bijdrage voor groene energie is 3,6 cent." Niet onoverkomelijk, vindt hij, al komt er volgend jaar nog eens 1,6 cent bij. "Terwijl de bijdrage eigenlijk zou moeten zakken. Elke expert zal u kunnen bevestigen dat de toenemende capaciteit van zonne-energie de prijs op de energiebeurzen heeft doen dalen. Het zijn de grote leveranciers die daarvan profiteren. De kleine verbruiker krijgt niks. In tegendeel, die zal nog meer moeten bijdragen."

Hoewel ze volgens hem onrechtvaardig is georganiseerd, is Farenski een grote voorstander van de Energiewende. Omdat het een groene revolutie is, en tegelijk een democratische. "Hernieuwbare energie is fundamenteel decentralistisch en democratisch. Ongewild heeft de overheid de burger met deze Energiewende veel meer macht gegeven."

In deel twee van zijn documentaire laat Farenski zien hoe steeds meer Duitsers die macht gebruiken. Hij gaat langs bij kleine bedrijfjes en gezinnen die zich van de grote leveranciers hebben afgekeerd en bijvoorbeeld via coöperaties een zo groot mogelijke onafhankelijkheid nastreven.

Ineenstorting

Een grote revolutie is op til, suggereert Farenski, al wordt die voorlopig nog even tegengehouden door de technologie. Omdat zon en wind geen constante energie leveren, moet de opgewekte stroom opgeslagen kunnen worden.

Opslagtechnieken zijn vooralsnog niet goedkoop, maar ook op dit vlak valt een democratisering te verwachten. Een pionier inzake opslagtechnieken is Younicos, een Berlijns bedrijf dat onder het motto 'Let the fossils rest in peace' innovatieve oplossingen ontwikkelt, bijvoorbeeld in de vorm van lithiumbatterijen. Younicos' paradepaardje is het Graciosa-project, een Portugees eiland dat binnenkort volledig op hernieuwbare energie moet draaien (zie kader).

Op de lange duur, zegt Farenski, zou de Energiewende wel eens kunnen leiden tot een volledige ineenstorting van het oude systeem. "Wie zijn stroom zelf opwekt, betaalt geen belastingen, geen netvergoeding en geen groenestroomheffing. Hoe meer mensen hun energie zelf zullen opwekken, hoe duurder het traditionele systeem zal worden. De klassieke leveranciers zullen genoodzaakt zijn om de meerkost door te rekenen aan de klant, met als gevolg dat die nog massaler zijn toevlucht zal nemen tot de alternatieven."

Het klassieke systeem wordt volgens Farenski helemaal onhoudbaar als burgers hun zelf opgewekte stroom op een goedkope manier zullen kunnen opslaan. "Als dat mogelijk wordt, kun je zelf een leverancier worden, en je overschotten onder de prijs van de klassieke leveranciers verkopen aan pakweg je buurman."

Maar zover is het zelfs in het toonaangevende Duitsland nog niet gekomen. Hoe zal de groeneWende verder evolueren? Het antwoord hangt in grote mate af van de verkiezingen volgend jaar, zegt Farenski. "Wordt het een rood-groene regering, dan gaat de Wende onverminderd voort. Wordt het geel-zwart(een coalitie van de liberale FPD en CDU, JdP), dan verwacht ik grote vertragingen.

"Over de toekomst durf ik dus niet zoveel uitspraken te doen. Tenzij deze: er komt een dag - laat ik zeggen over een jaar of tien - dat niet-hernieuwbare energie onbetaalbaar zal zijn. Of de Duitse economie dat moment overleeft, zal afhangen van de mate waarin we overgeschakeld zijn op hernieuwbare energie."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234