Zondag 25/10/2020

De buiksprekers van de Hertogstraat

Roger Raveel, die heeft er een tijdelijke stek gevonden. Jan Fabre ook, met zijn kevers. En die met zijn curieus oranje staketsel op de Leuvenseweg. Arne Quinze, juist. Op cultureel vlak heeft het Vlaams Parlement een zekere renommee verworven, als politiek schouwtoneel zweeft het nog altijd ergens tussen bleke middelmaat en volstrekte betekenisloosheid.

Door Gorik Van Holen

Het pakket met beleidsdomeinen mag dan gevoelig uitgebreid zijn, en het vragenuurtje heeft misschien wat meer pit gekregen, de tempel van de Vlaamse democratie aan de Hertogstraat blijft, om het met een van haar leden te zeggen, een lilliputtersparlement.

Ze geloven het zelf nog altijd niet helemaal, Jan Peumans (N-VA), Rudi Daems (Groen!) en Carl Decaluwé (CD&V). De Lange Wapper en de hele Oosterweelverbinding staan weer ter discussie en dat is voor een groot stuk hun verdienste. Door zich jarenlang vast te bijten in het dossier en pertinente vragen te blijven stellen, onder meer over de financiering en het beheer van de BAM, hebben ze de regering in verlegenheid gebracht. Aan het ruziën. En aan het twijfelen.

Natuurlijk zijn de Vlaamse volksvertegenwoordigers niet de enigen die zich geroerd hebben, maar het doet weinig af van hun verdienste. Als Vlaams Parlementslid maak je het niet alle dagen mee dat je kunt wegen op het maatschappelijk debat. Niet toevallig wordt de assemblée door haar eigen leden afgedaan als - al naargelang van de insteek - "een vragenmachine zonder power", "een subsidiejackpot voor de burgemeesters en schepenen die er zitten" of een "stemcomputer".

In de pers

Aan Marleen Vanderpoorten zal het niet gelegen hebben. Toen ze de in lethargie verzonken Norbert De Batselier drie jaar geleden uit zijn lijden verloste, voerde ze meteen een resem nieuwigheden in om meer leven in het parlement te brengen. Technische ingrepen vaak, zoals een inperking van de spreektijd en een uitbreiding van het aantal sprekers tijdens het vragenuurtje. En zelfs al zinde dat de regering niet altijd, ze organiseerde al eens vaker een 'actualiteitsdebat'. Tussen aanhalingstekens, want eer een prangende kwestie het parlement bereikt, is ze in regel al uitgebeend in de kranten. Maar goed, het hielp toch een beetje. Want, zo meldt Vanderpoorten trots, "de plenaire vergaderingen leveren meer debat en meer aanwezigheid op, meer vragen ook", maar vooral: "Ze komen ook meer aan bod in de pers."

Ook aan Kris Peeters zal het niet gelegen hebben. Sinds die inmiddels ex-premier Yves Leterme opvolgde als minister-president legt hij een vergelijkbaar parcours af als zijn voorganger. Dat wil zeggen: populariteit vergaren door alomtegenwoordig te zijn in het Vlaamse land, aldoor herhalend dat zijn regering krachtig bestuurt, en woensdagmiddag een verplicht ommetje maken langs het Vlaams Parlement. Al zorgt hij daar doorgaans wel voor iets meer schwung. Leterme kroop bij de minste kritische noot mompelend in zijn bank, Peeters schuwt het debat niet, polariseert zelfs, maar blijft dankzij een kwinkslag op tijd en stond wel de sympathiekste van de hoop.

En dan heb je nog een handvol parlementsleden die hun geld waard zijn. Peumans en Decaluwé zijn al genoemd als dossiervreters, maar ze hebben allebei ook het talent om met een dwarse tussenkomst voor een beetje ophef te zorgen. En al is dat in het geval van Decaluwé niet zelden de enige bedoeling, het brengt leven in de brouwerij. Ook Mieke Vogels kan dat, net als Eric Van Rompuy, die zijn ontgoocheling over een gemist ministerschap gaandeweg heeft verbeten en er dan maar een erezaak van heeft gemaakt om in elke discussie minstens één keer tussenbeide te komen, relevant of niet.

Cafésfeer

Daarmee is het goede zo ongeveer gezegd. Onderwijs, kinderopvang, leefmilieu of mobiliteit, het zijn bevoegdheden met een grote impact op het dagelijkse leven en dus potentieel boeiend. Maar het Vlaams Parlement blijft steken in een litanie van subregionale problemen (wanneer wordt gewestweg x of y heraangelegd? wanneer krijgen we in gemeente z nieuwe riolen?) en, als de vijf resoluties nog eens ter sprake komen, niet ter zake doende communautaire vendelzwaaierij. "Het is niet meer dan een veredelde provincieraad", stelt de immer zelfkritische Jaak Gabriëls (Open Vld) zuchtend vast.

Maar hoe komt dat toch? Is het de afwezigheid van Franstaligen die het saaier maakt, zoals men weleens zegt als de vergelijking met de Kamer wordt gemaakt. "Daar zorgt de Latijnse sfeer voor meer animo", bevestigt N-VA-voorzitter Bart De Wever, die het Vlaamse niveau in 2007 verruilde voor het federale. "Je zit er precies aan de toog van een café. De permanente diplomatieke strijd tussen twee verschillende democratieën maakt het levendiger. Als Didier Reynders moet antwoorden op de vraag van een Vlaming maakt hij zich er met wat spektakel en vooral veel dedain vanaf. Het haalt de Franstalige kranten toch niet. In Vlaanderen moet er ernstig worden geantwoord op elke parlementaire vraag. Dat maakt het misschien saaier, maar ik heb me al vaak gestoord aan het operettegehalte van de Kamer. Ik weet wel door welk parlement ik het liefste wil bestuurd worden."

Van De Wever zou het tegendeel natuurlijk verbazen. Nee, zeggen anderen, het zijn voor een keer niet de Franstaligen. Het is de partijtucht die verlammend werkt. "Wie zich onthoudt als er gestemd wordt over een decreet van de meerderheid pleegt een halve moord", zegt Bart Caron, sinds het uiteenspatten van Vl.Pro onderdak bij Groen!. Decaluwé, notoir losgeslagen projectiel, beaamt dat. "Als je een scherpe vraag stelt, voelen de ministers zich al aangevallen. Je zou denken dat ze daartegen kunnen, maar nee."

In een parlement dat grotendeels bestaat uit opvolgers en backbenchers die leven bij gratie van de partijhoofdkwartieren is de drang om ministers tegen de schenen te stampen bijzonder klein. "En bij andere is het ongeduld om minister te worden te groot", zegt Gabriëls. "Van hen hoef je ook al geen spektakel te verwachten."

Ontsnapte oudjes

Het zwijgakkoord dat de meerderheidspartijen in het begin van de legislatuur sloten, heeft het parlement helemaal monddood gemaakt. De vijf partijen die aan de rit begonnen, spraken af dat niemand van de coalitie een voorstel zou indienen zonder het akkoord van de vier andere. Voor enig parlementair initiatief was van bij het begin geen plaats voorzien, en niemand die daar de voorbije vijf jaar aan getornd heeft. "Zo'n moeilijke meerderheid vraagt om afspraken", vergoelijkt Bruno Tobback (sp.a), die voor hij federaal ging jarenlang fractieleider was in het Vlaams Parlement. "Dan sluit je de deals het best in de ministerraad en niet in het parlement."

Bijkomend probleem was de bijna totale afwezigheid van enige oppositie. Dat maakt het publieke debat over die deals niet bepaald pittiger. Op Groen! en het Vlaams Belang na zaten alle partijen in de meerderheid. De groenen probeerden het wel, en hadden met drie ex-ministers (Vogels, Vera Dua en Jef Tavernier) naast een ex-kabinetschef (Daems) behoorlijk wat kwaliteit in de rangen, maar met zes man opboksen tegen een bijna kamerbrede meerderheid was te veel gevraagd. En het VB blijft door het cordon sanitaire een dood gewicht in de politieke arena. Dat maakte niet alleen dat een alternatief voor de meerderheid onbestaande was en zelfs een occasionele wisselmeerderheid in een specifiek dossier totaal onmogelijk, het maakte alle weerwerk uit die hoek ook volslagen irrelevant. En had een Philip Dewinter tot voor enkele jaren nog de gave om tenminste eens de aandacht te trekken, sinds hij bij de gemeenteraadsverkiezingen in Antwerpen knock-out ging, is het scherpe randje eraf. Dewinter gelooft er zelf niet meer in, zijn tussenkomsten zijn tegenwoordig niet meer dan verplichte nummertjes van een uitgebluste fractieleider.

"De coalitie heeft het debat noodgedwongen moeten afblokken", zegt Tobback. "Maar ook in de Kamer is de partijtucht absoluut. Ondanks de interessante reputatie heb ik hier nog nooit een commissie één amendement weten goedkeuren. De ministers maken elkaar af op de stoep van de 16, maar vervolgens sluiten ze een akkoord en dat wordt door het parlement netjes goedgekeurd. (schamper) Tenzij er fouten in zitten, natuurlijk. Het is dus deels een legende dat de partijdiscipline het Vlaams Parlement saaier zou maken."

Nee, zegt hij, het ligt vooral aan de aard van de dossiers die er behandeld worden. "Natuur, openbare werken of scholen, dat zijn gemeenteraadsonderwerpen waarover au fond weinig ideologische discussie bestaat. Bovendien zijn het technische materies, die enige kennis vergen om te zien waar het spanningsveld precies zit. Voor journalisten is het makkelijker om een sappig verhaal te vinden in de Kamer." "Klopt", zegt De Wever. "Als er 26 gevangenen ontsnappen uit een gevangenis geeft dat gegarandeerd vuurwerk in de Kamer. Ik heb in het Vlaams Parlement nooit een debat meegemaakt over 26 oudjes die uit een rusthuis ontsnapt zijn."

"Bovendien", zegt Eric Van Rompuy, "sinds al die bevoegdheidsdomeinen naar Vlaanderen zijn verhuisd, zijn ze tot in de kleinste details omgezet in decreten. Alles ligt vast, de grote keuzes zijn gemaakt. Die keizer-kostermentaliteit laat nog weinig ruimte voor discussie. Federale beleidsdomeinen als justitie, defensie of sociale zekerheid blijven enorm in beweging."

Stemvee zonder kloten

Is het daarmee gezegd? Franstaligen, partijtucht en onsexy dossiers? Nee. Helaas niet. Want de grootste zwakte van het Vlaams Parlement is, hoe hard het ook klinkt, het schrijnende gebrek aan bekwaam politiek personeel. Laat twintig, dertig politieke beesten los in het halfrond en al het bovenstaande wordt compleet irrelevant. "Dit parlement heeft geen kloten aan zijn lijf", zo vat Peumans het bondig samen.

Dat heeft verschillende oorzaken. Zo zit het parlement vol met lokale politici, burgemeesters en schepenen voor wie Brussel een noodzakelijk verlengstuk is van hun gemeentelijk mandaat. "Zij dienen als stemvee voor hun partijen", zegt Caron. "En als ze daar dan zitten, houden ze zich zeer koest, want het is van de Vlaamse overheid dat ze geld moeten krijgen voor hun gemeenten. Van diezelfde ministers die ze geacht worden te controleren. Stefaan De Clerck (CD&V) heeft in Kortrijk zijn coalitie gemaakt op basis van de vraag wie van de twee andere partijen, sp.a of Open Vld, in Brussel het best geplaatst was om subsidies los te weken."

Komt daarbij het enorme verloop in het parlement. Bij de vorige verkiezingen werd ongeveer de helft vervangen, op 8 juni gebeurt onherroepelijk hetzelfde. "Er zitten geen persoonlijkheden meer in het parlement", zegt oud-minister Johan Sauwens. "Door de provinciale kieskringen ben je volledig afhankelijk van de partij om een zetel te verwerven, vroeger kon je die als sterkhouder in een arrondissement afdwingen. Dat zorgt voor een enorme onderhorigheid aan de partijhoofdkwarteiren."

Ook Van Rompuy ziet die evolutie met lede ogen aan. "Het is geen kwestie van talent, wel van ervaring. Het gemiddelde parlementslid zit hier acht jaar, terwijl je eigenlijk twee termijnen nodig hebt om volledig uit de verf te komen als parlementslid. De partijen geven hun politici de tijd niet meer om te groeien, en dat gebrek aan professionals is dodelijk voor het Vlaams Parlement. Om goed te scoren bij de eindafrekening zorgen de parlementsleden er dan wel voor dat ze veel vragen stellen, om hun 'teller' omhoog te krijgen. Daardoor verwordt dit huis tot een vragenmachine zonder politieke power."

Gabriëls ziet het net zo. "De constante vernieuwing zorgt ervoor dat de historische dimensie verdwijnt, waardoor nog weinig jonge parlementsleden zich kunnen verdiepen in een dossier. Ze praten de pers na en laten het inhoudelijke werk over aan het personeel. Zo ontstaat er een generatie politici die de woordvoerders zijn van hun medewerkers."

Jaak Gabriels (Open Vld):

Het Vlaams Parlement is niet meer dan een veredelde provincieraad

n Het Vlaams Parlement wordt door zijn eigen leden afgedaan als 'een vragenmachine zonder power', 'een subsidiejackpot voor de burgemeesters en schepenen die er zitten' of een 'stemcomputer'.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234