Donderdag 17/06/2021

ReconstructieDe 22 maart files

De Brusselse aanslagen volgens de overlevende terroristen: ‘Ik wist niet waar ik mezelf moest opblazen’

null Beeld RV
Beeld RV

Op 22 maart 2016 bliezen drie terroristen zich op in Brussel en Zaventem. Twee beslisten het niet te doen. Op basis van hun verhoren kon De Morgen de fatale dag, met 35 doden en 700 gewonden, reconstrueren. ‘Ik wist niet waar ik mezelf moest opblazen.’

“Als ik deze foto zie, is dat toch wel waanzinnig”, zegt Osama Krayem tijdens een verhoor op 15 mei 2018. “Om met zo’n bom rond te lopen.”

Achter hem, op de muurstrip langs de Waversesteenweg in Etterbeek, vertelt Le Chat in drie talen welke uitdrukking een nieuwe Brusselaar als eerste aanleert: ‘Amai, ’t regent!’

Het is dinsdagochtend 22 maart 2016. Sirenes gieren door de stad. Er zijn twee bommen ontploft op de luchthaven van Zaventem. Enkele minuten voor de politiecamera op de hoek met de Kommandant Ponthierstraat het beeld oppikt van de Zweeds-Syrische IS-strijder Krayem, heeft Khalid El Bakraoui zich met een identiek bompakket opgeblazen in metrostation Maalbeek.

Verantwoording

De Morgen reconstrueerde de voorgeschiedenis, uitvoering en nasleep van de aanslagen van 22 maart 2016. Dat doen we aan de hand van verhoren van de overlevende terroristen: Mohamed Abrini en Osama Krayem. Deze krant kwam in het bezit van hun verhoren uit het gerechtelijk onderzoek. Het gaat om tientallen sessies, die vaak van ’s ochtends tot ’s avonds duurden. Samen met andere geverifieerde elementen uit het onderzoeksdossier bieden ze een inzicht in de drijfveren van de verdachten. Gezien de grote maatschappelijke impact van de aanslagen en rekening houdend met het feit dat het onderzoek is afgerond, besloot De Morgen tot publicatie van deze reconstructie, in drie delen.

Osama Krayem, in een verhoor op 8 april, de dag van zijn arrestatie: “Ik wist niet waar ik mezelf moest opblazen. Voor zover ik begreep, wilde hij (Khalid El Bakraoui, DDC) dat we aan weerszijden van de metro zouden staan, bijvoorbeeld hij in de eerste wagon en ik in de laatste. Hij zei me dat van zodra ik de eerste explosie hoorde, ik op de knop moest drukken. Toen we onze tickets kochten, heb ik hem gezegd dat ik het niet wou doen. Hij heeft zijn ticket gekocht en is de metro in gegaan. Toen ik wegliep, zei hij me dat hij het ging doen en dat het hem niks kon schelen of ik meekwam of niet.”

Osama Krayem: ‘Toen we onze [metro]-tickets kochten, heb ik hem [Khalid El Bakraoui] gezegd dat ik het niet wou doen.’  Beeld RV
Osama Krayem: ‘Toen we onze [metro]-tickets kochten, heb ik hem [Khalid El Bakraoui] gezegd dat ik het niet wou doen.’Beeld RV

Waarom, vraagt een verhoorder, is hij niet naar de politie gegaan?

Krayem: “Een man met een rugzak vol explosieven gaat niet naar de politie.”

Of hij vooraf op de hoogte was van de aanslag in Zaventem?

“Ik wist niet wat er oorspronkelijk was gepland. Khalid zat op internet.

“Na de explosies in Zaventem liet hij me zijn telefoon zien en zei dat de anderen hadden gedaan wat hij zou gaan doen. Ik heb hem toen doen geloven dat ik het ook zou doen. Ik heb hem gezegd dat ik mee zou gaan.”

Robotfoto

De Rwandese taxichauffeur M. heeft zich in de namiddag van 22 maart spontaan bij de politie gemeld. Hij heeft de drie mannen vanuit het safehouse in de Max Roosstraat in Schaarbeek naar de luchthaven gebracht. Hij zal in de dagen die volgen onophoudelijk worden ondervraagd. Hij kan de speurders het adres van het bommenatelier aanwijzen. En ook een briefje van 20 euro bezorgen, en eentje van 10. Daarmee heeft de luidst pratende terrorist betaald. Er zou dader-DNA op moeten zitten. M. krijgt die avond 42 foto’s toegeschoven van potentiële verdachten. Foto 3 is er een van Mohamed Abrini, nummer 32 is Najim Laachraoui, nummer 33 is Ibrahim El Bakraoui. De drie mannen in zijn taxi.

M., in zijn verhoor: “Ik herken niemand op deze foto’s. Ik twijfel over foto nummer vijf (een foto van Salah Abdeslam, die dan al vier dagen in de gevangenis zit, DDC). Hij zou de klant kunnen zijn die veel heeft gepraat en van wie we daarstraks een robotfoto hebben gemaakt.”

In het safehouse aan de Max Roosstraat staan de wapens onder een IS-vlag uitgestald. Beeld rv
In het safehouse aan de Max Roosstraat staan de wapens onder een IS-vlag uitgestald.Beeld rv

De op aanwijzing van M. gemaakte robotfoto lijkt maar heel matig – om niet te zeggen helemaal niet – op de persoon die hij moet helpen opsporen, Ibrahim El Bakraoui.

Als de speurders de taxichauffeur drie dagen later achter glas laten kijken naar de per abuis opgepakte activist Fayçal Cheffou zal hij zeggen dat hij – vrij zeker – de man met het hoedje was, de stilste van de drie. Hoe vaak M. daar ook aan blijft toevoegen dat hij op een dag ontzettend veel mensen zijn taxi ziet in- en uitstappen en niet zo goed is in gezichten, de speurders blijven hem bestoken met vragen. Hij bevestigt ‘de stille’ te herkennen, de man met een hoedje en een wit jasje. “Hij zat op de stoel net achter de mijne”, zegt M. “Hij zat ineengedoken en zei niks.”

In werkelijkheid ging het om Mohamed Abrini.

In een verhoor op 22 november 2018 vertelt die over de laatste avond, maandag 21 maart, in de Max Roosstraat in Schaarbeek. Het is de terreurcel gelukt om zonder verdere ongelukken op drie dagen tijd 120 kilo TATP-poeder te fabriceren. De explosieven zijn klaar. De rugzakken zijn door Khalid El Bakraoui en Osama Krayem naar het safehouse in de Kazernelaan in Etterbeek overgebracht. De testamenten zijn gemaakt, afscheidswoorden aan familieleden zijn ingelezen op de pc.

Mohamed Abrini: “Ik herinner me dat ik een broodje heb gegeten uit de snackbar tegenover het appartement. Ik heb niet geslapen. Ja, hoe kan ik slapen als ik weet dat we een taxi gaan nemen met een bom van 90 kilo?”

Op de in de verpakking van een Brabantia-afval­emmer in de Max Roosstraat achtergelaten pc zal de politie foto’s terugvinden van wapens. Ze zijn onder een IS-vlag tegen een muur neergezet.

V.l.n.r. Najim Laachraoui, Ibrahim El Bakraoui en Mohamed Abrini duwen de explosieven door de vertrekhal in Zaventem. Beeld rv
V.l.n.r. Najim Laachraoui, Ibrahim El Bakraoui en Mohamed Abrini duwen de explosieven door de vertrekhal in Zaventem.Beeld rv

Mohamed Abrini, 10 april 2016: “De wapens zijn een of twee dagen voor de aanslagen uit het appartement weggehaald. Khalid heeft dat gedaan. Ik weet dat hij een garagebox had waar hij zaken verborg, maar ik weet niet waar die zich bevindt en wat die bevat. Er waren drie of vier kalasjnikovs, een jachtgeweer, enkele explosieven. Hij heeft alles in een zak gedaan. Ik weet niet aan wie hij die heeft gegeven.”

Ook aan Abrini wordt gevraagd waarom hij niet gewoon naar de politie is gegaan. “Ik ben zelf niet in staat om op mensen te schieten of me op te blazen, maar ik erken deze mensen te hebben geholpen. Ik heb niets gezegd omdat ze een kogel in mijn hoofd hadden kunnen schieten. Ze gingen zeker niet het risico lopen om iemand achter te laten.”

Gate 11

Er wordt hem op 18 oktober 2016 gevraagd te kijken naar camerabeelden. Om 7u32 stopt de taxi aan de Kiss & Fly van de luchthaven. Hij stapt als eerste uit, en opent de kofferbak. Hij wordt gevolgd door Laachraoui en de taxichauffeur. Ze plaatsen alledrie de met TATP gevulde koffers op bagagekarretjes.

Enkele uren na de aanslagen komt Osama Krayem bij het safehouse in Etterbeek aan. Beeld rv
Enkele uren na de aanslagen komt Osama Krayem bij het safehouse in Etterbeek aan.Beeld rv

Abrini: “Eigenlijk wilde ik er daar al mee ophouden. Ik wilde daar weg. Ik wist dat er van El Bakraoui en Laachraoui niets zou overblijven. Het is moeilijk om het zo te zeggen, maar ik wachtte op één ding. Dat ze het zouden doen, dat het zou eindigen.”

Op de beelden is te zien hoe de drie tijdens het binnenrijden van de vertrekhal met elkaar praten. Waarover, vraagt een ondervrager.

Abrini: “Ik denk dat het erom ging een ​​plek te zoeken om koffie te drinken. Ik denk dat het Najim was die aanbood om koffie te drinken.”

Ondervrager: “Laachraoui houdt iets vast in zijn rechterhand. Het is ons niet duidelijk wat.”

“Ik zie het ook, maar ik weet het niet. Is dat geen pet? U zegt me dat het geen pet kan zijn. Dan weet ik het niet, misschien is het een wapen. Bij dit soort zaken is het normaal dat men een wapen bij zich heeft.”

Tussen het puin in de vertrekhal zullen achteraf een nepgranaat, een pistool van het merk Crvena Zastava en een .22 revolver worden teruggevonden.

Zowel Laachraoui als El Bakraoui waren gewapend. “In geval van een controle zouden ze in de tassen schieten”, zegt Abrini. “Ze hebben het mij niet verteld, maar ik kan het mij voorstellen. Nu ik naar de beelden kijk, herinner ik me dat er politieagenten bij het standbeeld stonden. Voor de bocht passeren we de Starbucks en zien we dat er daar veel mensen zijn. Het teken dat ik doe is om aan te geven waar de Delifrance is.”

Osama Krayem loopt met de bom in zijn rugzak over de Waversesteenweg. ‘Daar ga je niet mee naar de politie.’
 Beeld rv
Osama Krayem loopt met de bom in zijn rugzak over de Waversesteenweg. ‘Daar ga je niet mee naar de politie.’Beeld rv

Laachraoui en El Bakraoui gaan er aan een tafeltje zitten. Abrini brengt drie kartonnen bekertjes. Om 7u44 staat Laachraoui op en doet iets met elk van de drie reistassen.

Abrini beschrijft de beelden: “Hij opent een ritssluiting aan één kant van de tassen. Hij steekt zijn hand erin. Hij stopt de batterijen erin en sluit. Hij had de batterijen van ons allemaal bij zich. Ik was nog altijd gestresseerd. Ik wist dat het nu zou gaan gebeuren.”

Het drietal blijft nog vier minuten lang aan koffies nippen. Op de beelden is te zien hoe ze met elkaar praten.

Abrini: “Op dat moment heb ik het nummer van een gate gekregen. Ik denk dat El Bakraoui me het nummer gaf. Ik moest als eerste gaan. Ik moest mezelf als eerste opblazen.”

Tussen het puin in de vertrekhal worden achteraf een nepgranaat, een pistool  
en een .22 revolver gevonden. Beeld rv
Tussen het puin in de vertrekhal worden achteraf een nepgranaat, een pistool en een .22 revolver gevonden.Beeld rv

Abrini is gate 11 toegewezen, waar mensen staan in te checken voor een vlucht naar New York.

Poeder in de wc

Terug naar de metro. In een verhoor op 11 april 2016 zegt Osama Krayem: “Ik had de batterijen niet aangebracht. Ik hield ze in mijn zakken omdat het te riskant was om ze vooraf te plaatsen. In de drukte kon de bom elk moment ontploffen. Het was Khalid die me zei dat ik ze pas op het laatste moment moest inbrengen. Khalid had zijn batterijen er zelf wel al ingestopt, hij vroeg me om te controleren of ze goed zaten.”

Wanneer, vraagt een ondervrager, besloot Krayem te deserteren?

Krayem: “Na de aanslagen in Parijs (op 13 november 2015, DDC). Mijn bedoeling was terug te keren naar Zweden om mijn familie te zien, en me daarna aan te geven. Ik heb verschillende keren de mogelijkheid gehad te vertrekken, maar waar naartoe? Het was ingewikkeld.”

Krayem heeft volgens zijn eigen schatting meer dan een uur door de straten van Etterbeek gedoold met de bom op zijn rug. “In het gaan was het een kwartier stappen”, zegt hij in een verhoor op 8 april 2016. “Ik dacht dat ik de weg wel zou terugvinden.”

Niet dus.

In het safehouse waar hij die ochtend samen met Khalid El Bakraoui is vertrokken, een studio in de Kazernelaan in Etterbeek, loopt hij iets na twaalven langs de bewakingscamera in de hall op het gelijkvloers. Hij neemt de lift naar boven, terug naar de studio.

Osama Krayem, in een verhoor op 11 april 2016: “Ik haalde de bom uit de rugzak.

“Ik gebruikte een ovalen plastic schaal om het poeder naar de wc-pot te brengen. Ik schepte het poeder in de schaal en ging naar het toilet. Het kostte me twintig minuten omdat ik telkens moest wachten tot de waterbak van het toilet terug vol was gelopen. De rugzak liet ik achter in het appartement. De elektrische kabels en de cilinder heb ik weggegooid toen ik het appartement verliet. Ik liep, en op een gegeven moment kwam ik op een plaats waar taxi’s waren. Ik nam een ​​taxi en vroeg de chauffeur om me af te zetten in Schaarbeek. In Schaarbeek zocht ik een kapper. Ik liet mijn haar knippen.”

Om 12u45 neemt Osama Krayem in een telefoonwinkeltje op de hoek van de Metsysstraat en de Voltairelaan plaats achter een computerscherm. Onder de alias ‘Ozz Ozz’ creëert hij een nieuwe Facebook-account en stuurt hij een berichtje naar zijn broer in Malmö. Hij vraagt hem of die eventueel kans ziet om hem te komen ophalen in Brussel.

High five

Op een camerabeeld in Zaventem is te zien hoe Najim Laachraoui om 7u49 iemand probeert te bellen. Het is Khalid El Bakraoui, die blijkbaar is verondersteld om voor achten al in de metro te zijn zodat de explosies simultaan plaatsvinden. Maar de explosie in Maalbeek zal pas om 9.11u volgen. Waarom, vraagt de ondervrager, probeert Laachraoui nog in contact te komen met de metrocel?

Mohamed Abrini, in de gevangenis van Aarlen. ‘Ik denk dat het Najim was die [op de luchthaven] aanbood eerst koffie te drinken.’  Beeld rv
Mohamed Abrini, in de gevangenis van Aarlen. ‘Ik denk dat het Najim was die [op de luchthaven] aanbood eerst koffie te drinken.’Beeld rv

Mohamed Abrini: “Ik wist niet eens dat er een aanslag op de metro zou komen. Ik wist wel dat er nog iets zou komen, maar niet dat het dezelfde dag was, laat staan dat het ​​de metro was.”

– “Laachraoui neemt de richting van het oude gedeelte van de vertrekhal, gevolgd door El Bakraoui. Hij roept u terug en u draait zich om om u bij hen te voegen.”

“Ik ben bang op dat moment. Ik weet niet wat zij tegen elkaar zeggen.”

– “Dit beeld, 7u52, is het beeld dat in de pers is verschenen. Op deze afbeelding kunnen we zien dat El Bakraoui een ​​schoudertas draagt en ook een zwarte rugzak op zijn kar heeft. Wat zit er in die tassen?”

“In de schoudertas heeft hij zijn pistool. In de rugzak zit de snelkookpot. Dat is een tweede TATP-bom.”

– “Jullie gaan rechtdoor richting gate 12, maar Laachraoui en El Bakraoui maken een bocht tussen de twee rijen, terwijl u verder gaat.”

“Ik herinner me deze scène niet.”

- “Het feit dat u hen niet volgt lijkt Laachraoui en El Bakraoui te irriteren. Wat zegt Laachraoui tegen u als u zich niet bij hem voegt?”

“Ik weet het niet. Een van hen zegt dat ik in de rij moet gaan staan.”

– “Aan het einde van de discussie geeft El Bakraoui u een high five voordat hij zich weer bij zijn rolwagen voegt. Wat zegt hij?”

“Ik herinner me deze passage niet.”

– “Ter hoogte van gate 11 zegt Laachraoui u iets. Weet u nog wat?”

“Hij zegt me dat ik moet gaan. Dat ik die rij in moet.”

– “U gaat de wachtrij aan gate 11 een paar meter in, dan draait u uw hoofd heel scherp, alsof iets uw aandacht heeft getrokken.”

“Ik herinner me enkel dat ik mensen zie. Ik ben daar, en ik wacht. Ik zeg tegen mezelf dat ik liever naar hen wil gaan om hen te zeggen dat ik het niet wil doen.”

– “U draait zich om en gaat naar de andere twee. Waarom?”

“Ik wil ze vertellen dat ik het niet wil doen. Ik wenk ze door te fluiten.”

– “U praat een kleine minuut lang. U zegt dat dit het moment is waarop u de anderen het signaal geeft dat u het niet kan. El Bakraoui wordt kwaad, en uiteindelijk zegt hij dat hij het zelf gaat doen. Hij geeft u een knuffel, en wenst u een fijne vakantie.”

“Ja, en als ik naar de foto’s kijk, herinner ik me de politieagent met zijn hond. Hij komt precies vanwaar wij vandaan komen.”

– “Doet hij hetzelfde bij Laachraoui, zo’n knuffel?”

“Ik denk van wel.”

De ravage in het metrostation van Maalbeek. Beeld rv
De ravage in het metrostation van Maalbeek.Beeld rv

Meisje

In de verhoorkamer tikt het klokje op het scherm genadeloos verder richting 7u58. De grootste van de drie bommen is die op het karretje van Mohamed Abrini.

– “Laachraoui probeert u nog te overtuigen.”

“Ze zeggen me dat ik levenslang in de gevangenis ga moeten zitten als ik het niet doe. Dit gesprek begint bij de knuffel en gaat verder met Najim bij het informatiebord.”

– “Net voor de eerste explosie draait u een halve slag.”

“Ik doe honderd stappen, ik wacht op wat er gaat gebeuren.”

– “Op het moment van de explosie stapt u achteruit, weg van het karretje en legt u uw handen op uw oren. Wat denkt u?”

“Ik ben geschokt, net als alle mensen. Het maakt een ongelooflijk geluid. Ik voel een hitte, een schokgolf. Ik ben echt bang, zelfs meer dan die mensen, omdat ik weet dat er een tweede gaat komen. Ik weet dat er spijkers in die bommen zitten. Ik ben in paniek omdat ik bang ben dat er spijkers in mijn reistas gaan komen en dat die ook zal ontploffen.”

– “Bent u zich bewust van het gevaar als u uw kar met de geladen bom daar achterlaat?”

“Ja, dat ben ik, maar ik zet de kar tegen een paal. Ik duw ‘m.”

– “Waarom hebt u de bom daar laten liggen zonder de batterij te verwijderen?”

“Op het moment dat de twee bommen zijn ontploft, dacht ik enkel nog aan vertrekken.”

– “U zei in een vorig verhoor dat toen u de luchthaven verliet, u een klein meisje vol bloed zag. Ze stond naast u, ze was ongeveer acht jaar.”

“Ik zag haar bij de uitgang. In mijn herinneringen dacht ik dat er niemand meer om me heen was.”

– “Heeft iemand voor dit meisje gezorgd?

“Nee.”

Hervé

Osama Krayem kent nauwelijks de weg in Brussel. Hij weet hoe hij vanuit Schaarbeek met de tram tot in de City 2 moet geraken, en hij meent ook te weten waar ‘Amine’ woont, en dat is het zo ongeveer. Amine is de hem opgegeven alias van Hervé Bayingana Muhirwa, een 30-jarige Rwandees die zich niet zo lang geleden tot de islam heeft bekeerd. Nadat de El Bakraoui’s en Laachraoui op 15 maart hoorden over de schietpartij in het safehouse in de Driesstraat in Vorst, besloten ze dat Abrini en Krayem tijdelijk ergens anders ondergebracht moesten worden.

Die avond om 22u17 krijgt Bayingana Muhirwa telefoon van Bilal El Makhoukhi, een 27-jarige ex-IS-strijder die in Raqqa een voet heeft verloren. El Makhoukhi is eind 2013 naar België teruggekeerd. Hij is op de luchthaven meteen gearresteerd. Halfweg maart 2016 is hij nog maar net verlost van zijn elektronische enkelband als gevolg van een een veroordeling op het proces rond Sharia4Belgium. Hij woont weer bij zijn ouders.

De bom die Mohamed Abrini op Zaventem achterliet. ‘Ik dacht enkel nog aan vertrekken.’ Beeld rv
De bom die Mohamed Abrini op Zaventem achterliet. ‘Ik dacht enkel nog aan vertrekken.’Beeld rv

Vader Ahmed El Makhoukhi, 9 mei 2016: “We troffen hem meerdere keren huilend aan in zijn kamer. Hij zei dat hij iets stoms had gedaan, en nu was hij levenslang gehandicapt.​ Hij zoekt werk. Met het verlies van zijn voet heeft hij een deel van zichzelf verloren, hij probeert terug zin in het leven te krijgen.”

Volgens het federaal parket is El Makhoukhi in de avond van 15 maart door de El Bakraoui’s gevraagd een opvangplek te vinden voor Abrini en Krayem. Hij had de politie kunnen bellen in plaats van Hervé Bayingana Muhirwa, zo redeneert het federaal parket. El Makhoukhi en Bayingana Muhirwa zitten nu al vijf jaar in voorarrest en behoren tot de tien verdachten die onlangs door de raadkamer zijn doorverwezen naar het mega-assisenproces dat in 2022 moet beginnen. Omdat ze Abrini en Krayem onderdak bezorgden, en beter hadden moeten weten.

Mohamed Abrini, 18 oktober 2016: “Hervé heeft er niks mee te maken. Hij heeft me enkel geholpen door me twee dagen te huisvesten. Hij is een bekeerling. Als iemand hem een ​​dienst vraagt, moet hij dat doen, aangezien hij zich moet bewijzen in zijn bekering. Hij is een aardige jongen en is jammerlijk in dit verhaal terechtgekomen. Ik hoop dat hij snel vrijkomt.”

Kon Hervé Bayingana Muhirwa achteraf nog aanvoeren dat hij op dinsdag 15 maart niet kon weten dat hij een terreurcel logistiek ondersteunde, dan ligt dat natuurlijk anders voor 22 maart, als Abrini voor de deur staat in de Tivolistraat 33 in Laken. Het beeldfragment van Abrini en de twee anderen, om 7u52 in Zaventem, is later die dag de wereld al rondgegaan.

Mohamed Abrini, op 22 november 2018: “Ik heb heel lang gelopen. Van de luchthaven naar Brussel, ik was moe. Ik was in een onmogelijke staat. De enige plek waar ik heen kon, was bij Hervé. Twee uur na mij belde Osama Krayem aan. Ik weet niet hoe Osama de weg terug heeft weten te vinden. Hij vroeg Hervé of hij kon blijven tot zijn broer hem kwam ophalen. Ik zag dat Hervé zich ongemakkelijk voelde. Toen ik daar aankwam, nam ik een douche, ik deed mijn schoenen uit. Mijn voeten bloedden. Toen ik hersteld was, twee dagen later, vertrok ik.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234