Maandag 21/10/2019

GRAAFWERKEN CAMPS

"De bond ontbeert een sterke leider"

Beeld © ERIC DE MILDT

Al een kwart eeuw zet Michel Louwagie (59) zich met ziel en zaligheid in om van AA Gent een gezonde topclub te maken. Dat lijkt hem nu gelukt. Prachtig stadion, de landstitel komt er zeker ook. En: "AA Gent is niet te koop. In geen vijftig jaar."

"Door het voetbal ben ik primitiever gaan leven dan ik van nature ben. Buiten het management is er alleen nog de zwembond. Aan cultuur en vakanties kom ik nauwelijks toe. Een boek lezen? Zelden. Ik moet me dagelijks door een hoop kranten worstelen. Denk nu niet dat dit een klaagzang is. Ik ben al 25 jaar met passie en overtuiging manager van AA Gent. Ook in periodes van zwarte sneeuw. Al die jaren heb ik gedroomd dat ik de facturen ook eens op tijd kon betalen. Nu is het zover. Dat heb ik beleefd als een intieme triomf."

Michel Louwagie is atypisch voor de voetbalwereld. Hondstrouw aan één club. Vijfentwintig jaar in de branding van media en supporters en nog steeds gerespecteerd. Ethicus zonder het te willen zijn. "Ik werk niet met dubieuze makelaars." Een manager die niet over zijn schaduw heen springt. "Eerbied voor hiërarchie is mij ingebakken." Gewend ook aan de mannenhumor van het voetbal, maar echt vrolijk en vertederd wordt hij als zijn dochtertje van vier bij thuiswedstrijden op de tribune zit. Michel Louwagie: hamer en aambeeld van de Buffalo's.

Daarnaast: een keurige burger.

We spreken elkaar nog voor het ontslag van de CEO van de Belgische voetbalbond, Steven Martens. Een paar keer praat hij vrijuit, maar wel off the record. "Ik ben geen man van persoonlijke aanvallen en afrekeningen. Dat is geen lafheid, dat is zin voor realisme en een klein beetje fatsoen. Als je in de vuurlinie van een voetbalclub staat, kun je niet altijd zonder mening zijn, maar dat wil nog niet zeggen dat je ze dagelijks aan een toeter moet leggen. Bij AA Gent voert voorzitter Ivan De Witte het politiek gekleurde discours. Ik heb hem altijd gesteund in zijn hervormingsplannen en zal dat blijven doen. Wij zijn complementair: hij wat zachter, ik wat harder en zakelijker. Maar in de analyse van de - ook morele - crisis van het voetbal staan we geheel in elkaars verlengde.

"Neem een figuur als Sepp Blatter: onbegrijpelijk dat dat in 2015 nog kan. Ik mis in het internationale voetbal al langer een integer leider als Jacques Rogge. Soms vraag ik me af of wij in België wel genoeg beseft hebben wat de onkreukbaarheid van Jacques heeft betekend in een tijdsgewricht dat er ook in olympische kringen schandalen losbarstten. Ik zeg je: Rogge is een man om fier op te zijn, als Belg."

Beeld © ERIC DE MILDT

Niet te snel gaan

Aan trots ontbreekt het de manager van Gent zelf ook niet. Louwagie is een character. Maar hij loopt er niet mee te showen. In zijn 25-jarig leiderschap heb ik hem niet één keer horen schreeuwen, ook uitzonderlijk tussen kakelnichten van sportbonzen. Zelfs niet als hij driftig en boos is, zoals nu op de Belgische voetbalbond.

"Wat Steven Martens betreft, wil ik het graag op een algemene vaststelling houden: hij heeft zijn hand overspeeld. De voorbije jaren was er geen spoor te bekennen van een normale bedrijfsleiding bij de voetbalbond. Ik heb met eigen ogen gezien dat de interne audit van geen kanten klopte. Qua bedrijfsvoering bivakkeert de KBVB nog in de prehistorie van goed bestuur.

"Van voorzitter François De Keersmaecker kan ik alleen zeggen dat hij geen leider is. Hij zal alles van het reglement en van protocollaire massage weten, maar als topmanager heeft hij zich niet getoond. Ik ben ervan overtuigd dat de toets van leiderschap bij de volgende voorzitterverkiezingen het cruciale criterium zal zijn. Zeker met figuren als Bart Verhaeghe en Marc Coucke in het bestuurlijke harnas.

"Mijn motto is: je moet nooit te snel willen gaan, niet in je persoonlijke en niet in je professionele leven. Martens is als CEO te snel gegaan en de leiding heeft hem daarin niet gecorrigeerd. Haast onverdraaglijk is dat de bond het voetbal heeft gereduceerd tot een hype rond de Rode Duivels. De verantwoordelijkheid voor het drama dat zich afspeelt in tweede klasse is onberoerd gebleven, om maar eens een omissie te noemen. Schuldig verzuim."

Verwoed jogger

Michel Louwagie is een aangespoelde voetbalman. Zijn eerste liefde was zwemmen. Honderd meter rugslag. De zwemsport heeft hem gevormd, zegt hij. Urenlang alleen met jezelf in het water liggen, nauwelijks sociaal contact.

"Het heeft me geleerd dat je altijd door moet gaan om een doel te bereiken. De zwemsport heeft mijn persoonlijkheid fundamenteel gemarkeerd. Doordat ik zo gefocust was op het zwemmen, heb ik een jeugd zonder rock-'n-roll gekend. Ook geen meisjes. Ik wou de beste zijn in mijn sport en daarbij hoorde naar mijn beleving een spartaans regime.

"De olympische hoogte heb ik helaas niet gehaald. Als licentiaat lichamelijke opvoeding ben ik nog een tijdlang assistent geweest aan de universiteit van Gent, ook voor het zwemmen. Ik had wetenschappelijk onderzoek verricht naar lactaat.

"In 1989 werd ik benaderd om mee te draaien in het management van AA Gent. Eerst als stagiair. Er waren wel tien rechters die moesten oordelen of ik geschikt was voor het voetbal. Uiteindelijk werd ik aanvaard. Toen ik begon, had ik welgeteld twee gepensioneerde onderwijzers die mij bijstonden. Vandaag is AA Gent een kmo.

"Ik mis het zwemmen niet. Ik ben een verwoed jogger geworden, drie keer per week door weer en wind. En op vakantie altijd de loopschoenen mee. Joggen geeft me evenwicht. Na een turbulente vergadering of een nederlaag kan alleen een uurtje joggen mij weer tot rust brengen.

Dat wil niet zeggen dat ik als een asceet leef, maar ik streef wel naar gesoigneerde lichamelijkheid in de zin van gezond zijn."

Meer openheid

Toen hij zijn werkzaamheden als manager van Gent aanvatte, leek het of hij in een sterfhuis terecht was gekomen. Schulden stapelden zich op, een faillissement dreigde. Het Ottenstadion draaide volledig op het inkomen van de club, zonder gemeentelijke faciliteiten of andere vormen van subsidiëring waar andere clubs in België wel van konden genieten.

Uiteindelijk is de financiële hel een hemel geworden met de schitterende Ghelamco Arena en een bescheiden winst in het afgelopen boekjaar. Handwerk van Louwagie die zich opwierp als een sluwe onderhandelaar met spelers en sponsors. Tientallen makelaars kregen de wind van voren. Hij mag dan sportief bezeten zijn, zijn reputatie als orthodoxe financier is hem zo mogelijk nog meer waard. Samen met voorzitter De Witte heeft de manager AA Gent voor de poorten van de hel weggesleept. Hij kan er nu zonder al te veel emotie over vertellen - een decoratie hoeft niet.

"Ik heb in die 25 jaar vooral het zakelijke benadrukt. Dat was mij ook gevraagd. Gaandeweg werd ik mede het sportief gezicht van AA Gent, naast Ivan De Witte. Maar toch met mate. Voetbal heeft te lang aan inteelt gedaan. Ik wou me niet laten insluiten door een getraliede wereld van sport en commercie. Vandaar ook mijn aangehouden voorzitterschap bij de zwembond en mijn betrokkenheid bij het BOIC. De culturele revolutie van het voetbal is nog niet voltooid, maar we evolueren snel naar meer openheid. Het wegwerpgebaar van Anderlechtvoorzitter Vanden Stock op Standard na de uitsluiting van Steven Defour was vroeger niet denkbaar. De dominantie van Anderlecht is minder vanzelfsprekend geworden, vooral cultureel dan.

"Ik heb me geschaamd voor het spandoek van een onthoofde Defour op Sclessin. Die wedstrijd had nooit gespeeld mogen worden zolang die walgelijke beeltenis daar hing. In Gent zou het niet gebeurd zijn. Standard trekt zich weinig aan van sancties. En de bondsinstanties zien zowat alles door de vingers van de Luikse club. Het antwoord zal van de profclubs moeten komen. Ik garandeer u dat er een einde komt aan de straffeloosheid van de vulgariteiten op en naast een voetbalveld."

Een gevecht

Hij is een voorzichtig man, zegt hij. "Een echte West-Vlaming. Mijn ouders wonen nog steeds in Brugge. Ik ben enig kind en dat stempelt je jeugd. Gelukkig is het geheugen een spons. Mijn vader was ambtenaar bij justitie. Een introverte, stille man. Hij kon razend kwaad zijn zonder iets te zeggen. Dan had ik enkele dagen alleen contact met mijn ma, inclusief de nodige botsingen. Tegenover haar durfde ik wel te rebelleren, ging ik na een ruzie gewoon op straat voetballen. Ik was wel een kind van de straat, ja.

"Met het ouder worden, heb ik de stilte van mijn vader leren doorbreken. Hij wou dat ik uit veiligheid voor de universiteit eerst de normaalschool deed, maar dat verzoek heb ik naast me neergelegd.

"Op mijn 33ste vertelde ik hem dat ik voor AA Gent ging werken. Dat begreep hij niet. Een vaste job laten vallen voor een avontuur in het voetbal, was erger dan vloeken in de kerk. Er was in die dagen nog weinig professioneel management in de sport. Ik dacht: ik ga niet meer luisteren naar mijn pa, volg mijn eigen weg, heb me lang genoeg laten leiden. Ik denk dat het voor hem een schok moet zijn geweest.

"Aan de universiteit, in de zwemsport, altijd wou ik de beste worden. Mijn helden kwamen uit de sport. Ik was 11 toen Eddy Merckx voor de eerste keer Milaan-Sanremo won. Tranen in de ogen. Dat moment kan en wil ik niet vergeten. Finaal ben ik tevreden dat ik met topsport mijn boterham heb kunnen verdienen. Maar als ik uit een middenstandsmilieu was gekomen, had ik nu mijn eigen bedrijf gerund. Het zakendoen heeft me altijd getrokken. Iedere keer als ik bij onderhandelingen er een paar procentjes kon afknijpen, was ik intens gelukkig. Onderhandelen is een gevecht."

Michel Louwagie is een sportmanager zonder franje. Hij spreekt niet in chocoladeletters, denkt niet in clichés, is nooit een handpop van de media geweest. Ook niet toen het water AA Gent aan de lippen stond met 23 miljoen eisbare schuld en vijf miljoen inkomsten. In tegenstelling tot voorzitter De Witte heeft hij na een verloren wedstrijd geen nood om lang na te kaarten. Een uurtje joggen is efficiënter.

Geen Chinezen

Louwagie weet dat sport hard is en dat de media genadeloos kunnen zijn. Het sportieve debacle van de Buffalo's in de jaren dat het nieuwe stadion te veel aandacht opslorpte, heeft hem geleerd met twee woorden te spreken als het over succes gaat. Toch is er weinig dat hem meer kan ontroeren dan sport,

"Vooral het onverwachte in de sport raakt me. Als ik Wout Van Aert op televisie wereldkampioen veldrijden had zien worden, zou ik het niet drooghouden. De olympische sprong van Tia Hellebaut: rillingen! Onverwachte prestaties zijn het mooist. Dan kom je vooral uit bij individuele sporten. Voetbal is mijn vak geworden, en dan gaan andere dingen spelen dan puur sentiment.

"Voetbal is ook overlevingskunst. In mijn eerste jaar bij Gent waren de inkomsten 30 miljoen Belgische frank en de uitgaven 60 miljoen. Het tweede jaar idem dito. Het was de tijd dat clubs aan het seizoen begonnen met de frivole gedachte: we zien wel waar we uitkomen met het exploitatietekort. Gelukkig heeft het licentieverhaal talloze faillissementen kunnen voorkomen.

"Het nieuwe stadion is een voltreffer. Maar er zit ook een soort rebellie achter. Zo van: zie je wel, Gent heeft Brussel niet nodig.

"Het stadion is er gekomen omdat we ons politiek neutraal hadden opgesteld. Meerderheid en oppositie waren akkoord met de bouw. De club heeft de liefde van lokale politici, maar de heren uit Brussel zien we hier vrijwel nooit. Staatsmannen komen niet naar AA Gent. Anderlecht heeft Herman Van Rompuy en Guy Vanhengel als trouwe fans en Didier Reynders is een vaste bezoeker van Standard. Wij hebben alleen de gunst van Gentse mandaathouders, maar wees gerust: wij malen niet om grote namen. Dat de stad participeert in de financiering van de club is de beste vorm van verankering.

"Sommigen proberen onrust te stoken met speculaties over de vraag wanneer de club zal worden overgenomen door durfkapitaal. Ik zeg je: binnen de vijftig jaar gebeurt dat niet. De stad is mede waakhond. Vreemde investeerders zijn vakkundig afgeblokt. Daar zorg ik mede voor door de financiën scrupuleus op orde te houden. Zeker, er lopen dagdromers rond die denken dat ze een hold-up op de Gantoise kunnen plegen. Vergeefse moeite. AA Gent is niet te koop, niet door sponsors en projectontwikkelaars, niet door Chinezen. Een zonnekoning kan het al helemaal schudden."

Absurde salarissen

Louwagie wil nog een vijftal jaren actief blijven als manager. Samen met Ivan De Witte. Met nog één grote verwachting: de titel. "Kampioen worden is zelfs een strategisch doel. Omdat een titel de club voor jaren zuurstof geeft.

"De ambitie leeft bij het bestuur en bij de supporters, en die titel komt er, maar we laten we ons niet verleiden tot gekke aankopen van spelers voor enorme salarissen. Wel hebben we het beleid bijgesteld. De spelers die we nu nog kopen moeten ook bij Anderlecht of Club Brugge meekunnen. Zij het aan redelijke salarissen. In het algemeen wordt er te veel betaald in het voetbal. Een beperkte speler van Westerlo zit in de Premier League al gauw aan een jaarsalaris van 1 miljoen bruto. Ik vind dat een aberratie."

Belgische voetballers vragen ook te veel. "We zijn verplicht de buitenlandse transfermarkt af te schuimen. Soms heb je daarbij geluk, denk aan Moses Simon die spectaculair aan het doorbreken is. Soms is er een miskoop. Voetbal is geen exacte wetenschap.

"Ons hoogste salaris is 800.000 euro. De nummer 2 zakt al naar 650.000. We zitten aan een gemiddeld salaris van 350.000 euro. De boodschap is: investeren in kwaliteitsvolle jonge spelers. Het salarisplafond bij Anderlecht en Brugge ligt hoger. De Anderlechtkern komt gemiddeld aan 850.0000 euro. Dat betekent dat wij voortdurend aan het vechten zijn met zaakwaarnemers. Gent werkt met een zestal makelaars. Mannen van mijn leeftijd, met jonge gasten is het moeilijker sluitende afspraken te maken.

"De voetbalmarkt is verziekt en dat is in niet geringe mate te wijten aan de zaakwaarnemers. Vandaag kan een hond met een hoedje makelaar zijn. De FIFA heeft alle regels afgeschaft. De makelaars zijn een bedreiging voor de hele voetbalindustrie. Ze vragen wat ze willen. Ik probeer me te houden aan de 7 procent van het transferbedrag. En ja, dan loop je wel eens een speler mis. Maar 15 procent van een transactie weiger ik te betalen aan een makelaar. Het is buiten alle proporties dat de zaakwaarnemer van Kevin De Bruyne voor de simpele transfer van Chelsea naar Wolfsburg een paar miljoen euro op zak steekt."

Moeilijke fans

Louwagie gaat de ontevredenheid van de supporters niet uit de weg. Hij is altijd bereid tot confrontatie, tot een verhelderend gesprek op niveau. De Buffalo's zijn niet de makkelijkste voetbalfans. "Ze zijn alleen tevreden met het allerbeste. Hun trouw is altijd voorwaardelijk, anders dan bijvoorbeeld Brugse supporters. Dat is een rem geweest op de uitbouw van de club. Als het wat minder gaat, blijven Gentenaars thuis. We spelen beter dan vorig jaar en hebben toch minder supporters."

De indruk dat Gent jarenlang een handelshuis voor spelers en coaches was, wil hij toch even nuanceren. "Door de bouw van het stadion is het de laatste jaren een beetje verkeerd gelopen - te weinig tijd om met voetbal bezig te zijn. Maar daarvoor was er best continuïteit in het aanwerven van coaches. Met Trond Sollied is het de laatste keer mis gegaan wegens privéomstandigheden. Ik heb uren met hem gepraat in een restaurant, maar kwam er niet meer doorheen. Bob Peeters was te jong en de Spanjaard Victor Fernandez was het eerste half jaar absolute top. Zijn vrouw was in Spanje gebleven en ineens herkenden we Victor niet meer. Hij had het nachtleven van Knokke leren kennen. Einde verhaal.

"Er was altijd een reden om afscheid te nemen van coaches. Mijn relatie met Michel Preud'homme is nog steeds uitstekend. Michel is de enige van het gild die zelf eens trakteert met een etentje. Het verraad van Francky Dury was zeker een dieptepunt. Hij had bij ons een contract voor drie jaar en ging toch in de slag met Club Brugge. Ik had hem hoger ingeschat, meer integer."

Over Hein Vanhaezebrouck is hij voorzichtig. "Hij spreekt veel, jongleert vaak met een boodschap. Daar praten we soms over. Hein heeft een brede belangstelling, is een methodist en zoekt zijn weg. "

Louwagie is politiek geïnteresseerd, maar een oordeel over Vlaamse politici geeft hij niet. 'Te delicaat. Wat ik je wel kan zeggen, is dat Elio Di Rupo mijn grootste respect heeft. Een meneer, een klasbak. Ik ben een Belgicist, ja. Het doet me pijn als ik door de Borinage rijd en de verkrotting van het industriële landschap zie voorbijkomen, terwijl we het in België zo goed hebben.

"Na het voetbal zou ik nog graag een paar mooie reizen maken. Ik ben de wereld wel rondgegaan, maar heb eigenlijk niets gezien. Er bestaat ook zoiets als de dictatuur van voetbal, zeker voor een manager."

Sadder and wiser is West-Vlaming zijn nog steeds zijn diepste kern, zegt hij. "Nu dan met alle luiken open. Toen ik aan de universiteit voor het eerst kennismaakte met Antwerpenaren, was ik compleet geïntimideerd. Die flair, die welbespraaktheid, dat zelfvertrouwen... Dat had ik als jongeling uit Brugge allemaal niet. Maar in het eerste jaar waren er van de 110 amper zestien geslaagd. Zo verstandig waren die Antwerpenaren dus ook weer niet. Zij hebben mijn eerste minderwaardigheidscomplex opgeruimd."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234