Zondag 29/11/2020

De bommen kunnen het dorp niet bommen

In het dorp wisten ze het al lang. Ze hadden jaren geleden de wegblokkades meegemaakt, de geheimzinnige sfeer gevoeld en de grimmige gezichten van de militairen gezien. Even hadden de dorpelingen vreemd opgekeken, maar daarna gingen ze rustig weer over tot de orde van de dag. Dat er Amerikaanse kernwapens in hun achtertuin liggen, laat de inwoners van Kleine Brogel Siberisch. 'Als er iets misloopt, zijn wij tenminste op slag dood. In Brussel zullen ze sterven aan de straling, en veel meer lijden.'

De keer dat drie actievoerders over de haag achter Hilde Daniëls' huis kropen, werden er twee onmiddellijk opgepakt. De patrouille zocht overal, maar kon de derde man niet vinden. Hilde Daniëls bekeek het tafereel en grinnikte. Haar tuin grenst aan het militaire domein. 'Koud', riep ze, telkens als de militairen een stap verzetten. 'Koud, lauw, warmer, waaaarrrrmmm.' Ze geniet nog na terwijl ze het vertelt. "Die soldaten", proest ze uit. "Ze zagen de man gewoon niet liggen."

Het is feest in Kleine Brogel telkens als er een protestactie is aan de luchtmachtbasis van de Navo. Bij mooi weer nestelen de dorpelingen zich buiten in hun tuinstoelen, en laten bier en frisdrank aanrukken. Het spektakel kan beginnen. Ze zien politici, vredesactivisten en journalisten over de haag klimmen Ze kijken verwonderd toe hoe in een mum van tijd een groot aantal ordehandhavers opdaagt. Nog prettiger wordt het als het waterkanon verschijnt. Ze lachen smakelijk, soms spottend om de capriolen van de vluchtende actievoerders. En ze weten zeker dat er ook die dag geen bommen zullen worden gevonden. "De kernkoppen liggen drie kilometer verder", zegt Hilde Daniëls. "Maar het is vaak hier dat ze over de haag van het militaire domein klimmen. Doen ze het omdat hier de bewaking veel minder streng is? Of weten ze echt niet waar de bommen liggen?"

Het zouden er in totaal elf zijn, van het soort B61-11; hoogtechnologische wapens met een zeer grote precisiegraad. Zouden, want in ons land is de aanwezigheid van deze kernkoppen nooit officieel bevestigd, noch ontkend. Dat gebeurde ook afgelopen donderdag niet, toen premier Verhofstadt in de Kamer meedeelde dat hij aan een beperkte groep parlementsleden vertrouwelijke informatie zal geven over de eventuele aanwezigheid van kernbommen in België. Maar eerst moest hij daarvoor met de voorzitters van Kamer en Senaat een procedure afspreken. Uit een rapport van het Pentagon van 1978 bleek al eerder dat er in België zeker kernwapens werden opgeslagen, al van in 1963. Volgens The Bulletin of Atomic Scientists, dat het rapport publiceerde, zouden die hier nog steeds liggen.

Een officiële bevestiging of ontkenning hoeft voor de Kleine Brogelaars niet. Niemand in het dorp ligt wakker van het gevaarlijke oorlogstuig, verborgen in hun verre achtertuin. "Actievoerders? Bij ons?" Schaterlach. Ze kijken verbaasd, zelfs meewarig als je hen vraagt of ze zich wel veilig voelen. De meesten herinneren zich nog hoe op een dag plots de weg werd afgezet door Amerikaanse soldaten. "Iedereen moest een grote omweg maken, de boeren op het veld moesten zich omdraaien." De 63-jarige Mathieu Daniëls, vader van Hilde, woont sinds zijn elfde in Kleine Brogel. Alles werd toen streng bewaakt. "Maar niemand stelde die hele vertoning in vraag. We waren een beetje nieuwsgierig, ja. Maar om daarvoor over hekken te klimmen en geweerlopen te trotseren? Begin jaren tachtig hebben we eens meegelopen. Meer om op tv te komen dan uit protest."

Het pragmatisme is kenmerkend voor Kleine Brogel. "Als er iets gebeurt, zijn wij tenminste op slag dood", zegt Hilde Daniëls. Ze lacht, maar ze meent het. "In Brussel moeten ze van de straling overlijden. Hun doodstrijd zal veel erger zijn." De no nonsense-attitude overheerst. Het kleine dorp bij het Limburgse Peer is niets bijzonders, zeggen de inwoners, maar misschien is dat juist de aantrekkingskracht. Er is rust, zonder toeters en bellen.

Op sommige deurbellen in Kleine Brogel hangen briefjes als 'Postbode, niet bellen a.u.b. Kom maar achterlangs. Dank.' In de keurige straten van het Kempense plattelandsdorp wonen keurige gezinnen in keurige huizen met een keurige tuin. Een dorp met zo'n vijftienhonderd zielen, die inwijkelingen nieuwsgierig bekijken en pas na lange tijd echt aanvaarden. Met een sociale controle zo groot dat de gordijntjes voor de ramen voortdurend in beweging lijken. De roddels worden opgespaard, voor aan de poort van de lagere school.

Een dorp waar de gotische kerk, immens voor deze kleine plaats, alles overschaduwt. "Ma petite cathédrale", sprak de notoire burgemeester Joseph Voets liefkozend over het gebouw. Jef Cuyvers, krasse zeventiger en gepensioneerd leraar, heeft de burgervader goed gekend. Meer nog, hij heeft alle krantenknipsels die Joseph Voets ooit uitknipte, zorgvuldig gekopieerd en ingebonden. Bundels vol nieuwtjes uit Kleine Brogel, van de inzegening van een nieuwe pastoor tot het 'IJselijk stroopersdrama' in 1931, waarbij een wrede stroper de brave jachtwachter Janneke Vangeneugden, vader van acht kinderen, doodschoot. De moord is nog steeds een van de misdaadtoppers in het dorp, waar diefstal bijna grote criminaliteit is. Het drama verwees berichtjes over schuurbranden, teruggekeerde missionarissen en goochelavonden wekenlang naar het achterplan.

De katholieke Joseph Voets kreeg in 1919 de burgemeesterssjerp omgegord. "Iedereen kende hem door zijn grote wijnfeesten." Jef Cuyvers knipoogt ondeugend als hij over die bijna-bacchanalen vertelt. "Burgemeesters uit de wijde omgeving waren graag van de partij. Sommigen plasten van pure zattigheid in de hoek van de zaal. 'Wiens wijn men drinkt, diens woord men spreekt', riepen ze." Voets sleept Kleine Brogel door de Tweede Wereldoorlog. Over zijn gezindheid staat niets geschreven in het archief van Cuyvers. Des te meer is er te vinden over de dorpelingen die grondig fout waren in de oorlog. Kleine stukjes waarin Maria of Theodore veroordeeld werden door de Krijgsraad. De SS, de VNV en De Vlag hadden tientallen leden in dit kleine dorp, dat toen nog geen vijfhonderd inwoners telde. Onderwijzer, schepen, dokter en gewone werkman hadden gecollaboreerd met de Duitsers.

'Vanaf nu moet alles beter worden', besluit de populaire burgervader na de oorlog. Kleine Brogel is enkel het allerbeste waard. Een beroemde schilder bijvoorbeeld. Pieter Breughel is volgens Voets in zìjn gemeente geboren, en niet in Grote Brogel, dat dat toen claimde. Om dat te 'bewijzen' zet hij, geheel naar zijn aard, een grote wedstrijd op tussen beide gemeenten. De Elzasser, Riesling en Traminer vloeien rijkelijk bij de aanwezigen, onder wie een gouverneur, een monseigneur, een aantal burgemeesters, een volksvertegenwoordiger en een aantal pastoors. Een krantenartikel van die tijd vat het samen: "En toen diezelfde onsterfelijke burgemeester de begroeting uitsprak met de slotzin 'drinkt eens uit', was alles reeds in kannen en kruiken..." Veel belangrijker om te onthouden is dat Jef Voets als gastheer zijn gelijke nog niet gevonden heeft. In Grote Brogel roepen ze "lang leve de gesneuvelden", in Kleine Brogel roepen ze "lang leve Jef Voets". Wie precies won, kon de journalist in kwestie net niet verstaan door het dronkemansgejuich dat opsteeg uit de menigte.

Voets heeft veel vrienden, maar niet iedereen vindt zijn braspartijen vermakelijk. Wat velen hem echter nooit zullen vergeven, is de fusie in 1971. "Ik zal de laatste burgemeester zijn van Kleine Brogel", had Voets altijd voorspeld. En zo geschiedde ook. Na een regeerperiode van 53 jaar wordt zijn gemeente deel van Peer. De fusie ligt nog zwaar op de maag in het dorp. Want hoe nuchter de dorpelingen ook zijn, hun trots is groter. "Op formulieren weiger ik Peer in te vullen als woonplaats", zegt Mariette (64), die de scepter zwaait in de voetbalkantine van SV Breugel. "Waarom zou ik? Ik ben van Kleine Brogel."

Had het aan de Kleine Brogelaars gelegen, dan hadden ze voor Overpelt gekozen. "Wat cultuur en geschiedenis betreft horen wij bij Overpelt", meent Mathieu Daniëls, ooit gemeenteraadslid voor de VU in Peer."En ook onze dialecten zijn dezelfde."

Ze praten luid in Kleine Brogel, luider dan elders. Zelf merken ze niet eens meer dat ze op die manier het lawaai van de F16's proberen te overtreffen. Soms stoppen ze plots, wachten tot de herrie voorbij is en vervolledigen dan de zin. Automatisch. "Weet je, iedereen spreekt over de kernkoppen", zegt (roept) Hilde Daniëls. "Maar die liggen daar te liggen. Het zijn de legervliegtuigen die ons leven hier tot een hel maken."

De aanleg van de militaire luchtmachtbasis kostte Kleine Brogel in 1951 dennenbossen, boerderijen en heidegronden. "Er was bijna geen protest", herinnert Jef Cuyvers zich. "Hoewel ons dorp de grootste oppervlakte in de omgeving heeft moeten inleveren." Een deel van de bevolking kon aan de slag bij de aanleg van de nieuwe luchthaven. Anderen deden er onderhoudswerk of zagen plots heil in een carrière als beroepsmilitair. Rondom het militaire terrein werd na een tijdje een omheining opgetrokken. Militair en dorpeling waren voortaan strikt gescheiden.

Toen de eerste groep Amerikaanse soldaten Kleine Brogel voorzichtig binnensijpelde, stond de bevolking even perplex. "Wat krijgen we nu over de vloer, dachten we." Mariette knikt heftig en duwt de dikke bril omhoog. Ze wrijft met haar vod nog eens krachtig over de toog. "Dat is later wel bijgedraaid, maar het was even wennen." De grootste verandering voor het dorp en de omgeving was de stijging van de huurprijzen. Er was woningnood en Amerikanen kon veel hoger bieden dan de autochtonen.

Maar voor een dorp dat een Amerikaanse militaire basis heeft, zijn er opvallend weinig Amerikanen in het straatbeeld. De barbecue en de kermissen in het dorp zijn niet aan hen besteed. "We hebben er bijna geen contact mee", geeft Hilde Daniëls toe. "Ze eten en drinken waarschijnlijk op de basis. Hun kinderen gaan naar de internationale school in Meeuwen. Misschien willen ze zelfs geen contact, omdat de meesten toch maar enkele jaren hier blijven."

Kleine Brogelaars zijn de Amerikanen nog lang niet, maar het wantrouwen van weleer lijkt verdwenen. Hier en daar wordt zelfs iets speciaal voor hen gedaan. Sonja (25) zag de heimwee in de ogen van de yankees en zet daarom iedere Halloween een verlichte pompoen in de etalage van haar avondwinkel. In de zomer slaat ze grote zakken marshmallows in. De Amerikanen barbecuen graag en vragen dan in de winkel voortdurend om die witte spekjes. 'We accept US dollars' staat op het etalageraam. Sonja had het drie jaar geleden slim aangepakt, toen ze naar Kleine Brogel verhuisde en de winkel begon. "Hier weten de Amerikanen dat ze met dollars kunnen betalen. Ik volg ook de koers van hun munt voor hen. En je ziet, ze komen."

De echte plattelandsrust is niet meer in Kleine Brogel, waar soms oorverdovend geraas overheerst. Veel meer dan de vredesactivisten, die als ludiek worden beschouwd, is de jaarlijkse vliegshow een bron van irritatie. "Een ware bezetting", zucht Hilde en heft haar handen in de lucht. Iedereen loopt in onze tuinen, overal blikjes en vuilnis achterlatend. Ik word daar woedend om." De Nederlander die vorig jaar doodernstig een picknicktafel ontvouwde in de voortuin van Daniëls, zal zeker geen tweede poging wagen. Hilde denkt na. "Maar misschien zou ik daar profijt uit kunnen halen. Een kraampje opzetten of zo. Je weet wel, zoals ze dat in Werchter doen."

'De kernkoppen liggen drie kilometer verder, maar ze klimmen hier over de haag.

Weten ze dan echt niet waar die dingen liggen?'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234