Vrijdag 21/01/2022

De blijde terugkeer van 'l'état gendarme'?

Johan Ackaert, politicoloog aan de Universiteit Hasselt, ziet de invloed van lokale besturen op politiekorpsen krimpen.

OPINIE

Zou het nu echt louter toevallig zijn dat de berichtgeving van de voorbije week in het teken stond van de meest uiteenlopende verbodsbepalingen? In Gent sneuvelde het verbod op het dragen van hoofddoeken voor stadsambtenaren. Kortrijk haalde het nieuws met een schepen die de elleboog van een handelaar omwrong om de Franse benaming van zijn handelszaak te schrappen. En donderdag stemde de Kamer van Volksvertegenwoordigers in met een uitbreiding van de wet op de Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS).

Het lijkt er heel even op dat l'état gendarme terug van weggeweest is. Naarmate fundamentele beleidsvraagstukken in alle stilte wegsluipen uit onze parlementaire halfronden naar hogere echelons (zoals Europa) lijken politici zich terug te plooien op wat in de 19de eeuw de essentie van politiek was: het uitvaardigen van reglementen in de illusie dat deze samenlevingen vormgeven.

Wie beslist hier?
Toch sloot de stemming in de federale Kamer het GAS-debat niet af. Integendeel, tussenkomsten van verschillende parlementsleden suggereren dat de hete aardappel naar onze gemeenteraden wordt doorgeschoven (al was het maar om sommige Kamerleden een uitweg te bieden om met zichzelf over deze heikele materie in het reine te komen). Een van de meer zinvolle suggesties kwam erop neer om gemeenteraden op te roepen om hun politiereglementen te screenen op klaarblijkelijke onzin of anachronismen. Zo zijn er gemeenten die vanaf het midden van de vorige eeuw inwoners verboden om op zondag de was uit te hangen, kwestie van het 'vallen' van de duiven door duivenmelkers niet te verstoren.

De relevantie van dit genre bepalingen in het licht van het krimpend aantal duiventillen is vandaag alvast minder aanwijsbaar. Niet weinig burgemeesters geven toe dat nogal wat finesses van de eigen politiereglementen hen ontgaan. Met de loop der jaren worden die reglementen aangevuld in functie van nieuwe noden (maar helaas ook als antwoord op de waan van de dag). Slechts zelden wordt een fundamenteel debat gevoerd over het geheel, de beoogde doelstellingen, laat staan de doeltreffendheid en (neven)effecten van die bepalingen.

En toch is die oefening minder evident dan ze op het eerste gezicht lijkt. Al was het maar omdat het gros van de gemeenten vandaag deel uitmaakt van (meergemeenten-)politiezones. Omwille van efficiëntieredenen groeit de druk vanuit die politiezones op de deelnemende gemeenten om politiereglementen te stroomlijnen. Daar valt iets voor te zeggen. Het is niet evident om van elke politiepatrouille te verwachten dat ze perfect weet welke gemeente in de zone een vuurtje stoken in openlucht nog toelaat en waar dit gesanctioneerd dient te worden met een GAS-boete.

Wel rijst daarbij de vraag naar de weerslag van dit uniformiseren van politiereglementen op zonaal niveau voor de positie van de gemeenteraden. Het behoort nu eenmaal tot het wezen van de democratie dat het de rechtstreeks verkozen organen toekomt om afdwingbare regels in het maatschappelijk verkeer vast te leggen. Over hoe gemeenteraden dit beginsel in de praktijk huldigen dan wel slaafs de 'suggesties' uit de politiezone volgen, zou een mooi onderwerp voor een scriptie van een masterstudent zijn. Kortom, wie het lokaal veiligheidsbeleid bestudeert, botst vroeg of laat op de vraag of de burgemeesters en gemeenteraadsleden nog wel echt de spilfiguren zijn in het concipiëren van dit beleid.

Verschillende rapporten geven aan dat de efficiëntie van de lokale politie door de politiehervorming toenam. Door de grotere schaal waarop die korpsen functioneren namen professionalisme en taakspecialisatie ongetwijfeld toe. Maar anderzijds groeide de vraag naar de greep van democratisch verkozenen op de sturing van de politie en het veiligheidsbeleid.

Een burgemeester van een centrumstad verhaalde het mij ooit moedeloos als volgt: "Hoe kan het ook anders, met aan de ene kant de politie die opklimt naar een bovenlokale bestuursvorm en een zonechef die in de nieuwe structuur eigenlijk een gelijke wordt van de burgemeesters, en niet langer een ondergeschikte."

Dit was dan nog de klacht van een burgemeester uit een centrumstad. Een meting die ik tien jaar geleden uitvoerde gaf daarnaast aan dat vooral burgemeesters van kleine gemeenten de politieke controle op de politiezones als uitermate beperkt inschatten. Als burgemeesters dit al als een probleem ervaren, hoe zou het dan zijn met onze gemeenteraadsleden, van wie we verwachten dat ze de politiereglementen nauwgezet evalueren?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234