Vrijdag 23/10/2020

De Bijbel in de verf gezet

De Bijbel heeft niet alleen honderden miljoenen christenen bezield, maar zorgde ook voor inspiratie bij de grote schilders uit de historie. Aan de hand van 50 bekende werken loodst de Franse kunsthistoricus Gérard Denizeau ons door het best verkochte boek aller tijden.

Hebt u genoten van uw citytrip naar Firenze, Parijs of Wenen? Genoten ook van uw bezoek aan het Uffizi, het Louvre of het Kunsthistorisches Museum? Als u een naoorlogse babyboomer bent en godsdienstlessen in het katholiek onderwijs hebt gekregen, stond u ongetwijfeld in bewondering voor al die schilders die een gebeurtenis uit de Bijbel op sublieme wijze tot leven hebben gewekt.

Bovendien kon u aan uw kinderen precies uitleggen wat op die doeken zoal te zien viel. Adam en Eva? De toren van Babel? Sodom en Gomorra? De dans om het Gouden Kalf? David en Goliath? Judith die Holofernes onthoofdt? De barmhartige Samaritaan? Jezus die water in wijn verandert? Het Laatste Oordeel? Kinderspel voor wie op school de verhalen uit het Oude en Nieuwe Testament als een spons heeft opgezogen, of heeft moeten opzuigen.

De wereld van uw nazaten is intussen grondig veranderd. Gérard Denizeau (1953) neemt in zijn voorwoord van De Bijbel in schilderijen geen blad voor de mond. Religie is voor vele mensen bijzaak geworden, aldus de Franse kunsthistoricus. Het resultaat laat zich raden: de kennis van de Bijbel is verschraald of zelfs helemaal verdwenen.

Is dat erg? Het is een retorische vraag. De westerse beschaving put immers uit een joods-christelijke bron. De draad met dat erfgoed doorknippen, vernauwt onze blik en verarmt zowel onze zelfkennis als mensenkennis.

Er gloort echter hoop, meent Denizeau. De belangstelling voor kunst neemt vooral dankzij het cultuurtoerisme gestaag toe. Museumbezoek overtreft alle verwachtingen. Een museumbezoeker wil dan ook meer dan stompzinnig staren naar een schilderij zoals een koe naar een trein staart. En aangezien Bijbelse verhalen een culturele én spirituele schat vormen, is het ogenblik aangebroken om de inhoud van die schat grondig te bestuderen.

Uit de overvloed van meesterstukken met een Bijbels thema heeft Denizeau er vijftig uitgekozen, van het 12de-eeuws Romaanse fresco Ark van Noach in de abdijkerk in Saint-Savin-sur Gartempe in Frankrijk tot Doortocht door de Rode Zee, een werk uit 1955 van Marc Chagall (1887-1985) in het Musée National Marc Chagall in Nice. Een behoorlijk aantal hangt in het Louvre, een nog flinker aantal is het werk van Italiaanse kunstenaars zoals Michelangelo, Rafael, Caravaggio en Giotto. Een keuze die allerminst ergernis oproept, aangezien elk doek en elk fresco van een weergaloze schoonheid is en van een intrigerende diepgang getuigt.

Conventies doorbreken

De aanpak van Denizeau om de toeschouwer bij het werk te betrekken, is doeltreffend: eerst de weergave van het werk in zijn volle glanspapieren glorie, daarnaast de Bijbelse context in de Willibrordvertaling (de standaardvertaling van de rooms-katholieke geloofsgemeenschap in het Nederlands taalgebied), vervolgens verklarende commentaar en ten slotte de analyse van enkele details: een oogopslag, een subtiele kleurverandering in de lucht, de gestrekte arm van een vrouw, een opengesperde mond waaruit een kreet lijkt te ontsnappen - op het eerste gezicht allemaal bijkomstigheden die de kijker o zo gemakkelijk over het hoofd ziet, maar die cruciaal zijn voor wie zowel de bedoeling van de schilder als de originaliteit en genialiteit van het werk wil doorgronden.

Een van de tegelijk ontroerendste en meest bloedstollende details is te zien in De zondvloed van Nicolas Poussin (1594-1665). Terwijl Noach met zijn gevolg rustig in zijn ark ronddobbert, zijn alle andere mensen bezig te verdrinken. Helemaal rechts tilt een moeder in een bootje haar kind op naar een man op een rots. De man strekt zijn arm uit naar het kind, hij zal het op het droge trekken en redden. Maar omdat we weten dat God iedereen behalve de vaarders van de ark tot de dood heeft veroordeeld, weten we ook dat het kind toch zal omkomen. Wat voor een wrede en onvermurwbare God is dat toch?

Denizeau komt in de discussie die op die laatste vraag zou kunnen losbarsten niet tussenbeide. Dat is het voordeel van een schilderij, betoogt hij. 'De taal der beelden ontsnapt aan het probleem van de 'correcte interpretatie'.'

Maar hoe zal de toeschouwer de straffende of dreigende God, of de God van liefde en vergeving interpreteren? Zal hij bijvoorbeeld beseffen dat God een schepping van de mens is en dat daarom die mens als enige verantwoordelijk is voor het Goede en het Kwaad in de wereld?

Af en toe veroorlooft Denizeau zich toch een persoonlijke bedenking. In het weergaloos barokke Christus verdrijft de kooplui uit de tempel van Jacob Jordaens (1593-1678) geselt Jezus met een bedroefd gelaat iedereen naar buiten die van het huis van God een markthal heeft gemaakt. 'Het is misschien een wijze les', zo betoogt Denizeau, 'die de beheerders van bepaalde heilige plekken ook vandaag nog maar eens ter harte moeten nemen.'

Een nauwkeurige beschrijving van de voorstelling, daar is het hem in de eerste plaats om te doen. Filosofische of theologische overwegingen hoef je bijgevolg nooit te zoeken. Wél gaat hij in op de evolutie van de schildertechnieken en vermeldt hij de kunstgrepen en de veranderende smaken. Een geniale schilder durft de conventies natuurlijk te doorbreken en zo zijn creativiteit en eigenzinnigheid tentoon te spreiden.

In De verzoening van Jacob en Esau van Peter Paul Rubens (1577-1640) in de Staatsgalerie Oberschleissheim in Duitsland, besteedt de Vlaamse barokschilder grote zorg aan de natuurlijke weergave van de schapen en runderen die Jacob heeft meegebracht. Volgens Denizeau getuigt die zorg van 'een zelfstandige houding tegenover de geijkte modellen die de traditie oplegt'. Allemaal goed en wel. Maar wat eiste die traditie dan?

Klare wijn

Denizeau doet overigens zijn best om klare wijn te schenken. Zo is de begrippenlijst achterin zeer welkom, al hadden termen als neoplatonisme, kerubs, kosmogonie en vluchtlijnen ook een plaats in de lijst verdiend. Waarom een kaart van het land der Israëlieten en een historisch overzicht (vanaf de val van het Romeinse Rijk in 476 tot en met het aantreden van Donald Trump als president van de Verenigde Staten) nodig zijn, is minder duidelijk. Ten slotte wikkelt Denizeau zijn commentaar in een voor kunstleken begrijpelijke taal.

Eén keer vergeet hij die absoluut noodzakelijke toegankelijkheid wanneer hij Susanna en de ouderlingen van Jacopo Bassano (ca.1515-1592) in het Musée des Beaux Arts in Nîmes onder de loep neemt. Op het doek wordt de kuise Susanna door twee geile grijsaards belaagd. 'Alles voltrekt zich alsof deze funeste wending gebeurt in het nu van het bewustzijn, een 'nu' dat volgens psychologen nog geen twintigste van een seconde duurt. Het door Bassano geschilderde tafereel bevindt zich buiten de tijd en buiten de ruimte, om continu te vervluchtigen en zich te vernieuwen in onze blik.' Nou, nou, nou.

Het zou zonde zijn om De Bijbel in schilderijen ongeopend op de koffietafel te laten liggen. Het boek nodigt je immers uit om je door goddelijke werken van de allergrootste schilders te laten betoveren. Daarbovenop word je in je ziel getroffen door nu eens hartverscheurende, en dan weer hartveroverende Bijbelse verhalen.

► Een voorbeeld van hoe in De Bijbel in schilderijen de doeken worden ontleed. In dit geval Het visioen na de preek van Paul Gauguin.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234