Maandag 30/03/2020

'De Belgische censuur is het ergst'

Vandaag verschijnt de dikste monografie die ooit aan een Belgische stripauteur werd gewijd. Grzegorz Rosinski vertelt daarin over zijn moeilijke leven en jeugd in Polen, zijn omzwervingen in Brussel en de censuur. Een gesprek met de geestelijke vader van Thorgal.

Brussel, ten kantore van uitgeverij Le Lombard en Dargaud. De 72-jarige Grzegorz Rosinski neemt zijn kersverse lijvige monografie ter hand, ruikt aan het papier en grijnst breed. "Alles erop en eraan. Mooi. En zwaar", grinnikt hij.

"Dit hier", begint hij, plots ernstig, "is mijn hele leven." Dat dat niet altijd even makkelijk is geweest, benadrukt hij. "Ik moet acht jaar geweest zijn toen ik voor het eerst een strip in handen kreeg. Ik was er meteen weg van. Ik voelde me als Obelix die in de toverdrank was gevallen. Ik werd net zo sterk in tekenen. Daar begon mijn leven als beeldend kunstenaar. Het was als een ziekte, ik werd zelfs een beetje autistisch. Mijn ouders maakten zich zorgen over mijn gedrag omdat ze me voortdurend in een hoekje met potlood en papier aantroffen. Maar ik kon er mijn universum creëren."

Anno 2013 kan Rosinski terugkijken op een indrukwekkende carrière van zo'n vijfendertig jaar. Hij dankt zijn succes vooral aan Jean Van Hamme, zowat Europa's bekendste stripscenarist. "Ik ben in 1972 in Brussel beland. Mijn eerste buitenlandse reis. Ik raakte betoverd door de stad en nam me voor er ooit terug te keren. Dat gebeurde ook. Bij mijn tweede reis ontmoette ik via via Van Hamme. Hij zocht een tekenaar, ik een scenarist. Uitzonderlijk dat hij met mij in zee wilde, want eigenlijk was ik grafisch vormgever van boeken. Strips waren in Polen nog totaal onbekend."

Rosinski had wel restricties. "Ik kende niets van auto's of mode, noch wilde ik foto's natekenen. Ik wilde enkel werken rond datgene dat ik kende: psychologie. Universele, menselijke kenmerken. Tragiek, eergevoel, liefde, haat, de dood, jaloezie,... Uit die ingrediënten ontstond Thorgal, een fictieve saga met fictieve personages. Maar de onderlinge relaties tussen de hoofdrolspelers zijn daarin wel echt. Dat sloeg meteen aan."

In 1977 verscheen de reeks voor het eerst in het Belgische stripblad Tintin/Kuifje. De rest is geschiedenis. Van Thorgal verschijnen nu van elk verhaal meer dan een half miljoen albums.

Geen blote borsten

Opmerkelijk in de monografie is Rosinski's visie op censuur. In vergelijking met Polen was de Belgische censuur het ergst, liet hij weten. "Kijk, ik werkte in Polen onder een regime met veel censuur. Ik werd er twee keer erg gecensureerd. Maar de Belgische censuur? (Schudt het hoofd) Ik tekende in een Thorgal-album ooit een sneeuwhaas die een steen tegen zijn kop kreeg, waarop het werd verorberd door twee uitgehongerde kinderen. Die scène zou van een ondraaglijke wreedheid getuigen, vond men. Dat heb ik nooit begrepen. Er zijn zoveel tekenfilms met geweld. Het lijkt wel een compositie van verbrijzelde hersenen met overal lijken."

"Ik doe al genoeg aan zelfcensuur. Ik weet heel goed dat in de Amerikaanse edities geen blote borsten mogen zitten. Dat geraakt er niet door de censuur. We hebben zo ooit de borsten van Thorgals vijandin Kriss van Valnor moeten bedekken. En de haren van de sleutelbewaarster wapperen om die reden voor haar borsten. Goed, dat probeer ik dus te vermijden. Waarom zou ik er ruzie over maken? Dat is het niet waard. Maar hier? In België? Een doodbrave scène met een konijn? Kom, zeg."

Stijlbreuk

Heel even zag het ernaar uit dat Rosinski de reeks Thorgal zou opdoeken. Dat was tot hij in 2004 het scenario kreeg van het tweeluik Graaf Skarbek (van scenarist Yves Sente) en hij als tekenaar een opgemerkte stijlbreuk onderging.

Doelbewust, zegt hij nu, want anders was hij sowieso gestopt met strips. "Het ergste wat me kan overkomen is om mezelf te kopiëren. Ik heb geprobeerd te werken met andere veren en penselen, maar elke keer als ik iets veranderde, wees het publiek me terecht. Nog steeds vinden ze mijn allereerste Thorgal-album het beste (minzaam lachje). Met dat album hebben ze namelijk dat universum leren kennen en ze willen dat ik zo blijf tekenen. Nu, het spijt me, maar zo zit ik niet in mekaar. Ik ben iemand die zichzelf steeds wil vernieuwen. Bij een langlopende reeks als Thorgal kan ik dat niet. Ik moest daarnaast dus eenmalige dingen kunnen brengen als De Chninkel, Graaf Skarbek, Western, De klaagzang van de verloren gewesten. Anders was ik al veel eerder met Thorgal gestopt. Nu kan ik me telkens in een andere wereld storten, en na zo'n intermezzo's kan ik weer met opgeladen batterijen aan Thorgal beginnen."

Ondertussen heeft hij opnieuw plezier van het tekenen van Thorgal. Niet alleen tekent hij de oorspronkelijke moederreeks, hij neemt ook de supervisie voor zijn rekening betreffende de talloze spin-offs die ondertussen op de markt kwamen rond enkele belangrijke hoofdpersonages uit die reeks - Kriss Van Valnor of Thorgals zoon. Tevens schildert hij de covers van al die albums. Ze zelf tekenen wil hij niet. "Daar heb ik geen tijd voor, en zoals gezegd: ik heb soms behoorlijk veel behoefte aan andere decors, personages en verhalen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234