Vrijdag 30/10/2020

Brexit

De belangen zijn groot en de strijd keihard: de Britten willen laten zien dat het menens is, met alle risico’s van dien

Boris Johnson.Beeld AFP

Gesteund door een meerderheid in het parlement durft Boris Johnson flink te bluffen in de onderhandelingen met de EU. ‘Als het niet opschiet, stoppen we met praten.’

Het was te verwachten. Na bijna vier jaar brexit-gesteggel zou het een wonder zijn geweest als de volgende fase, de onderhandelingen over de toekomstige handelsrelatie, in serene stilte en harmonie zou verlopen. Maar de Britten zetten hun hakken wel heel erg stevig in het zand. “Als in juni blijkt dat we niet opschieten, dan zullen we stoppen met praten”, klonk het in Downing Street. Dan maar helemaal geen afspraken.

Dat geluid uit Londen is niet nieuw. Ook onder premier May klonk regelmatig stoere en dreigende taal over het weglopen van de onderhandelingstafel als de Britten hun zin niet zouden krijgen. Maar als puntje bij paaltje kwam, bond May altijd in. En daarnaast is dit pas het begin van de gesprekken – logisch dat Londen niet direct toenadering zoekt en al compromissen uittekent.

Oerkreet uit de oppositiebankjes

Maar toch is deze situatie fundamenteel anders. De regering van Boris Johnson zit sinds de verkiezingen van december gebeiteld. Met zijn meerderheid van 80 zetels kan hij elke woeste oerkreet uit de oppositiebankjes voorlopig weglachen en negeren. In eigen land is hij met zijn Conservatieve partij zo dominant dat hij, als hij dat wil, zonder problemen kan aansturen op de meest harde vorm van brexit: zonder afspraken.

Nog altijd zegt hij dat niet te willen. Ook donderdag maakte hij duidelijk dat hij een akkoord wil met “mijn Europese vrienden en partners”. Maar wel een akkoord waarbij de Britten volledige vrijheid en controle hebben over regels en standaarden. Johnson wijst nadrukkelijk naar het Ceta-verdrag dat Canada met de EU sloot. Wél vrijhandel, maar géén zogenaamd level playing field – het verplicht volgen van de EU-regels en daarmee een gelijk speelveld creëren. Maar als dat niet mogelijk is, dan lopen de Britten weg van tafel.

Voor de EU is zo’n gelijk speelveld echter cruciaal: anders zit handel drijven zonder barrières er niet in, stelde hoofdonderhandelaar Barnier eerder deze week. Daarvoor is het Verenigd Koninkrijk geografisch te veel ingekapseld in Europa en door ruim 40 jaar lidmaatschap van de Unie te verweven met de Europese interne markt. Daarnaast is het wantrouwen tussen Brussel en Londen zo groot, dat de EU de Britten nooit op hun blauwe ogen zal geloven als Boris Johnson zegt “hoe dan ook de allerhoogste standaarden te zullen blijven volgen”.

Fikse ruzie

Daarmee dreigt al in een heel vroeg stadium een fikse ruzie aan de onderhandelingstafel, nog voordat de gesprekken goed en wel onderweg zijn. Als beide partijen op dit fundamentele punt weigeren om dichter tot elkaar te komen, lijkt een deal verder weg dan ooit. Daar komt nog bij dat het dossier Noord-Ierland deze week al voor botsingen tussen Londen en Brussel zorgde en dat ook het visserijdossier een potentiële bom onder de gesprekken vormt.

Zelfs de grootste optimisten durven daarom niet te voorspellen dat er met deze verschillen wel echt een deal mogelijk is. Zeker omdat er zo weinig tijd is om eruit te komen. 1 januari 2021 moet de nieuwe relatie uitonderhandeld en geratificeerd zijn, een monsterklus in zo’n korte tijd.

Wellicht dat in Brussel de overtuiging leeft dat Johnson bluft, zoals hij al wel vaker deed, en uiteindelijk toch toegeeft, in de wetenschap dat de premier nooit het risico durft te lopen op de zware economische klappen die een brexit zonder afspraken met zich meebrengt. De plotselinge lange files in Dover en Calais, de problematische toevoer van medicijnen en voedsel, de misschien wel lege schappen in supermarkten die dat scenario tot gevolg kan hebben, zullen hem in grote problemen brengen.

No-dealscenario

Maar tegelijk zal Johnson de hoop koesteren dat zulke problemen tijdelijk zijn, als het al zover komt. En zo’n no-dealscenario zal ook flinke gevolgen hebben voor EU-landen die veel handel drijven met de Britten. Johnson hoeft zich pas in 2024 weer te verantwoorden voor de kiezer. In Nederland en Duitsland zijn volgend jaar al verkiezingen. Iets wat de betreffende regeringsleiders dan direct in hun campagne moeten verantwoorden. Dus voor wie is zo’n chaotische brexit op korte termijn vervelender, zou Downing Street in die onderhandelingen kunnen zeggen.

De belangen zijn groot en de strijd keihard. De Britten willen laten zien dat het menens is, met alle risico’s van dien. Want zo’n chaotisch einde van dit ingrijpende brexitproces zou alleen maar verliezers betekenen.

Onderhandelingen maandag van start

Maandag treffen de Britse en Europese onderhandelaars elkaar voor de eerste keer in Brussel. Na een week onderhandelingen zal later in maart nog een week van gesprekken volgen.

Namens de Britten voert David Frost het woord, de door de regering van Johnson aangewezen hoofdonderhandelaar. Hij fungeerde eerder als belangrijk adviseur van Johnson in Downing Street en werkte ook al voor Johnson toen hij in het kabinet-May nog minister van Buitenlandse Zaken was.

Voor de EU is net als de afgelopen jaren Michel Barnier de belangrijkste onderhandelaar.

Als het lukt om het het komende jaar eens te worden over de nieuwe relatie, zal die op 1 januari 2021 ingaan. Lukt dat niet, dan is er op 1 januari alsnog sprake van een chaotische brexit zonder afspraken.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234