Vrijdag 28/02/2020

De bedevaart naar Memphis

Het hoeft niet altijd Scherpenheuvel te zijn. Maar stel dat u binnenkort in uw kriebelenbuik weer eens de onweerstaanbare drang voelt opwellen om de hort op te gaan, gedreven door parareligieuze gevoelens, dan kan ik u ten stelligste aanraden om eens naar Memphis te gaan. Nee, ik bedoel niet een georganiseerde vlucht naar Egypte, maar een kort maar krachtig bezoek aan de VS, via het Vlaams-Brabantse dorp Zaventem.

Vandaar zal een grote ijzeren vogel u, na lichte betaling en tijdens het nuttigen van twee à drie slechte maaltijden, vlotjes naar de Amerikaanse landbouwstaat Tennessee vervoeren, waarvan de hoofdstad Nashville genaamd is.

Slechts op een boogscheut daarvan verwijderd ligt Memphis, van oudsher al een wat gore plek waarvan gezegd werd dat het bier er altijd koud was en de vrouwen altijd warm.

En dat je er echt, zodra je van de Greyhound-bus gestapt was, meteen fysiek aanvoelde dat het Zuiden daar begon.

Het weer is er altijd wat klam, dat is zo. De straten zijn lang en leeg en als je vraagt wat er die dag te doen is, antwoorden de inwoners, vaak met een trage en vettige tongslag: "Niets. Zoals altijd!"

Of je zou toevallig 's morgens vroeg in het Peabody Hotel aanwezig moeten zijn, waar dan onder luid klaroengeschal een familie eenden uit de lift komt gewandeld, over een rode loper naar een fonteintje wordt geleid en daar in omgekeerde richting rond 17 uur 's namiddags weer wegkwakkelt.

Het is dan wachten tot het donker wordt en de neonlichten van Beale Street aanfloepen om je binnen te lokken in de talloze bars en clubs waar jaar na jaar en avond na avond telkens tot een zwaar stuk in de nacht op levende wijze hulde wordt gebracht aan de twee kostbaarste grondstoffen waarop de mensen van Memphis ooit gestoten zijn: blues en rock-'n-roll.

Ik heb er zelf voor het eerst van gehoord toen een ver familielid mij halverwege de jaren vijftig een 78 toerenplaat liet horen met daarop Louis Armstrongs geweldige versie van W.C. Handy's 'Beale Street Blues'.

Maar mijn vreemde fascinatie voor de stad Memphis ging toch pas echt bloeien toen ik ooit in het muziekblad Juke Box las dat mijn witte ridder Elvis Presley net daar zijn kasteel had neergezet.

Ja, hij was technisch gesproken wel wat verderop geboren, in Tupelo, Mississippi, maar zijn jonge leven had hij toch helemaal in Memphis beleefd: eerste liefdes, eerste verdriet, eerste rotjobs, eerste optredens, eerste plaatjes opgenomen ook, in de veel meer dan legendarische Sun Studio, die nog steeds te bezichtigen is - ook al zul je er Elvis, net zomin als zijn vrienden Jerry Lee Lewis, Carl Perkins en Johnny Cash, nog zelden tegenkomen.

Maar er hangt nog wel een geest van iets of iemand in die Sun Studio, net als in de hele Beale Street, ook al is die nu toch vrijwel helemaal aan toerisme en bijbehorend geldgewin overgeleverd.

Dat is natuurlijk ook zo bij het bedevaartsoord Graceland, waar ik bij een eerste bezoek, aan het eind van de vorige eeuw, toch schaamteloos gepakt werd door die gevreesde krop in mijn niet onaanzienlijke keel.

U begrijpt wat ik bedoel. Of u begrijpt het niet. En in dat laatste geval behoort u waarschijnlijk tot het soort mensen waarvoor John Sebastian van The Lovin' Spoonful destijds zijn liedje 'Do You Believe In Magic?' geschreven heeft en waarin hij het heeft over dat niets zo moeilijk is als "tryin' to tell a stranger about rock-'n-roll".

Nu, indien u niet zo geporteerd bent voor negergeluiden en wilde dans, kunt u nog altijd naar het Memphis Brooks Museum of The Arts trekken, waar behalve veel spannend werk van onderschatte Amerikaanse kunstenaars ons oude werelddeel ook goed vertegenwoordigd is door Canaletto, Van Dyck, Renoir, Gainsborough, stuk voor stuk mensen die geen leden waren van het ensemble De Prutsers.

Maar ga eens één keer in uw leven naar Graceland. En zing ondertussen tenminste in uw hoofd het geweldige gelijknamige lied van Paul Simon, dat natuurlijk niet over Graceland gaat.

Net zoals Chuck Berry's 'Memphis, Tennessee' niet over Memphis, Tennessee gaat maar over een tegen zijn zin gescheiden jonge vader die een telefonische oproep van zijn zesjarige dochter Marie probeert te beantwoorden.

Memphis is overigens een van de meest bezongen steden ter wereld, iets wat van Scherpenheuvel bezwaarlijk kan worden gezegd.

Ergens in mijn hoofd begin ik nu spontaan een aardige compilatie samen te stellen van Memphis-songs, gesteld dat daar behoefte aan zou zijn. Behalve wat hierboven al genoemd is (Louis Armstrong, W.C. Handy, Paul Simon en Ome Chuck) zou ik daar ook nog graag Mott The Hooples fabeltastische 'All the Way From Memphis' op onderbrengen, alsook 'Back To Memphis' van The Band, 'Memphis In the Meantime' van John Hiatt en 'I've Been To Memphis' van de grote Lyle Lovett.

Maar natuurlijk zou daar zeker en vast ook de hellerit 'Stuck Inside Of Mobile With the Memphis Blues Again' van Bob Dylan bij horen en in ieder geval eveneens 'The Brand New Tennessee Waltz' van de vergeten meester Jesse Winchester.

Tot zover mijn parate kennis.

Op het internet ontdek ik algauw dat er werkelijk nog honderden andere songs bestaan met het woordje Memphis in de titel of ergens al dan niet goed verstopt in de tekst. Ik kom snel uit bij het door mij wel gesmaakte maar door sommigen verguisde 'Walking In Memphis' van Marc Cohn (of indien u homoseksueel getint bent: van Cher), bij 'Honky Tonk Women' van de Rolling Stones, bij Creedence Clearwater Revivals 'Proud Mary' (of als u nog steeds homoseksueel getint bent: van Tina Turner), bij Steve Earles 'Guitar Town' en bij het weergaloze 'Guitar Man' van Elvis en Jerry Reed.

Maar wat ik u eigenlijk wilde zeggen: Boz Scaggs heeft een nieuwe plaat gemaakt. Hij zingt er onder andere 'Mixed Up, Shook Up Girl' van Willy DeVille op. En 'Cadillac Walk' van Moon Martin. En de folk-traditional 'Corrina, Corrina'.

De plaat heet kortweg Memphis. En zo klinkt ze ook.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234