Woensdag 12/08/2020

De assistente van de goochelaar

Het werkelijke leven van Vera Nabokov

door August Thiry

Stacy Schiff

Uit het Engels vertaald door Jan Pieter van der Sterre en Walter van der Star , Anthos, Amsterdam, 615 p., 1.990 frank.

Terwijl in de donkere zaal het publiek ademloos toekijkt hoe de goochelaar met het grootste gemak kleurige linten uit zijn mouw schudt en ze laat rondwervelen in serpentinische gratie, vraagt de assistente op de rand van de lichtcirkel de volledige aandacht voor de kunstgreep. Zij is de ideale toeschouwer; in haar gestalte wordt de toverkunst van de illusionist weerspiegeld.

In haar uitvoerige, kritisch onderbouwde biografie Vera mevrouw Vladimir Nabokov. Portret van een huwelijk haalt Stacy Schiff de assistente uit de schaduw. Nabokov-biograaf Brian Boyd raadde het haar ten stelligste af: het was een hachelijke onderneming, Vera Nabokov had het ontkennen en verdraaien van het verleden tot een kunstvorm verheven. Ze had geleefd als de wederhelft van Vladimir Nabokov, die in zijn roman Het werkelijke leven van Sebastian Knight aantoonde dat de ware schrijver alleen in zijn werk bestaat. Stacy Schiff liet zich niet afschrikken. Ze kreeg als eerste toegang tot het familiearchief van de Nabokovs, dat beheerd werd door hun enige zoon Dmitri.

Vera Slonim wordt in 1902 in Sint-Petersburg geboren. Ze is de tweede dochter van de joodse advocaat Jevsej Slonim, die het tot een zekere welstand heeft gebracht, maar toch een bureaucratische slijtageslag moet aangaan om zich in de Russische hoofdstad te mogen vestigen. Vernedering blijft bij. Vera Slonim etaleert later haar joodse identiteit als lakmoesproef bij gesprekspartners en elke vorm van antisemitisme zal allergische reacties oproepen bij het echtpaar Nabokov.

Na de revolutie van 1917 vlucht Vera met de laatste trein naar de Krim. De Slonims vestigen zich in Berlijn, de verzamelplaats voor een half miljoen Russische emigranten. Berlijn is betaalbaar en kosmopolitisch; in de vroege jaren twintig verschijnen in de Duitse hoofdstad meer Russische boeken dan in Sovjet-Rusland. In 1922 komt de jonge Vladimir Nabokov na zijn studies in Cambridge naar Berlijn. Datzelfde jaar wordt zijn vader, voor de bolsjewistische machtsgreep een vooraanstaand liberaal politicus, in Berlijn doodgeschoten door een ultrarechtse Russische emigrant. Een joodse achtergrond in antisemitisch Rusland, een vader vermoord door politiek fanatisme - het echtpaar Nabokov houdt er een levenslange afkeer van elke vorm van maatschappelijk engagement aan over. Macht corrumpeert en absolute macht corrumpeert absoluut. Dat komt voor de Nabokovs het duidelijkst tot uiting in Sovjet-Rusland, hun verloren vaderland. Met dat Rusland en zijn buitenlandse meelopers zijn alle bruggen opgeblazen. "Kies in geval van twijfel altijd voor de weg die de rooien het meest op de kast jaagt," noteert Nabokov in 1966 in zijn dagboek.

Vladimir Nabokov ontmoet Vera Slonim voor het eerst in de lente van 1923, op een Berlijns liefdadigheidsbal. Ze draagt een masker en ze citeert een van zijn gedichten uit het hoofd. Hij is meteen weg van haar, hij vindt het geweldig dat ze de eerste woorden die ze tot hem richt, ontleent aan de poëzie van V. Sirin, zijn schrijvend alter ego. Het is een cruciaal moment, de geboorte van de grote mise-en-scène. Vera laat zich niet ontmaskeren, ze valt voor het literaire talent van Nabokov en in die spiegel van haar geloof in hem ziet hij zichzelf gereflecteerd zoals hij zich wil zien: als een uitzonderlijk begaafd literator. Op 19 augustus 1924 schrijft hij aan Vera: "Ik heb zo weinig nodig: een fles inkt en een plas zonlicht op de vloer - o, en jou. Maar dat laatste is zeker geen kleinigheid."

Op 15 april 1925 trouwt Vladimir Nabokov met Vera Slonim. Ze huren sombere kamers in Wilmersdorf, de Russische enclave in het zuidwesten van Berlijn, en ze wisselen vaak van pension. "We waren belachelijk arm," schrijft Nabokov later in Strong Opinions. Vera werkt als stenografe; hij verdient een grijpstuiver met lessen Engels. Zijn eerste Russische romans verschijnen: Masjenka, Heer, vrouw, boer, De verdediging, Een lach in het donker, Wanhoop. Zijn ster rijst in de kringen van Russische emigranten in Berlijn en elders in Europa. Maar dat zijn niet meer dan eilandjes, waar men de cultuur van de uitgeweken intelligentsia in stand probeert te houden.

De Berlijnse jaren zijn schaduwjaren. De vlinder heeft zich al ontpopt, maar zijn zuivere kleuren worden nauwelijks opgemerkt. Nabokov heeft altijd beweerd dat hij geen Duits kende; het jaar na hun huwelijk schrijft hij aan Vera dat zowel de Duitse taal als de Duitse keuken hem misselijk maakt. Voor Vera klinkt dat Duits nog rauwer als ze in 1933 op een boekverbranding stuit en de vreugdekreten van Berlijnse nazi-jongeren moet ondergaan. In de lente van 1934 wordt Dmitri Nabokov geboren. Zelfs voor de intieme vriendenkring is die geboorte een verrassing: de Nabokovs hebben nooit gesproken over Vera's zwangerschap. De buitenwereld moest maar genoegen nemen met de literaire geesteskinderen van Sirin en het Berlijnse schaduwleven van de Nabokovs aan henzelf overlaten.

Wie een biografie schrijft, wil uitzoeken wat er achter de spiegel schuilgaat. Stacy Schiff ontmaskert het voorjaar van 1937, een scharnierjaar in de echtelijke relatie van de Nabokovs. Hitler is aan de macht en de meeste Russische emigranten hebben Berlijn al verlaten. Dat voorjaar reist Vladimir alleen naar Parijs en gaat er een relatie aan met de emigrante Irina Guadanini. Hij biecht zijn ontrouw op aan Vera, en tegelijkertijd schrijft hij zijn minnares dat hij zonder haar, Irina, niet kan leven. Een paringsdans op hoog epistolair niveau, zonder vangnet. Toch valt het de biografe Schiff op hoezeer de brieven aan Irina lijken op die van veertien jaar voordien aan Vera; het doet haar besluiten "dat zelfs Nabokov niet twee keer een complete woordenschat aan een roekeloze passie kon ontlokken".

De balans van de liefde slaat door naar de kant van Vera: in Praag, waar Nabokov zijn moeder bezoekt (het is de laatste keer dat ze elkaar zullen zien), wordt het echtpaar herenigd. Zijn keuze weerspiegelt zich - indirect zoals altijd bij Nabokov, via de lichtbreking die zijn woordkunst creëert - in zijn werk: de Irina-affaire en de napijn ervan vallen samen met zijn grootste Russische roman, De gave, waarin het vrouwelijke personage Zina, Vera in vermomming, de inspiratiebron wordt voor de begaafde dichter Fjodor. De Berlijnse periode is afgesloten; de Parijse is een hachelijk intermezzo. Nabokov trekt zich terug in de cocon en bereidt zijn wedergeboorte voor in een nieuwe taal. Het werkelijke leven van Sebastian Knight, niet toevallig een boek over de zoektocht naar de echte identiteit van een verdwenen schrijver, wordt zijn eerste Engelstalige roman. De overlevering wil dat het boek in een Parijse eenkamerflat werd geschreven, op het bidet.

Werkelijk op het nippertje, in mei 1940, ontvluchten de Nabokovs Europa en de Tweede Wereldoorlog op de boot die hen naar New York brengt. In de Amerikaanse hoofdstukken van Schiffs biografie bezwijkt Vera haast onder het gewicht van de spiegel. Eigenlijk staat ze de lezer van dit portret van een huwelijk behoorlijk in de weg. Die lezer wil alles over Nabokov te weten komen: hoe zijn verdere oeuvre tot stand komt, hoe hij worstelt met zichzelf en met zijn nieuwe omgeving. Het is ijdele hoop, Vera schermt hem af en meer dan het potlood waarmee hij zijn systeemkaarten volschrijft, krijg je niet te zien. Ze is zijn chauffeur, zijn huishoudster, zijn assistente op de campus van Wellesley en Cornell. Zijn studenten herinneren zich haar als de grijze adelaar die altijd aanwezig is tijdens zijn colleges. Later zal Nabokov dat academisch milieu en iets van zijn eigen wereldvreemde onhandigheid (al zou hij deze interpretatie natuurlijk meteen neersabelen als klinkklare onzin) verdichten in de figuur van de eeuwig verstrooide professor uit Pnin.

De Nabokovs hebben lang moeten wachten op de verwezenlijking van hun Amerikaanse droom. Aanvankelijk heeft Nabokov enkel oog voor zijn vlinders. In het Zoölogisch Museum van Harvard vlucht hij als lepidopteroloog, vlinderdeskundige, via de lens van de microscoop naar een wonderlijke microkosmos. "Oorlogen gaan voorbij, insecten blijven," noteert hij. Het is zijn grootste passie in die tussentijd waarin hij het Russisch van Sirin achter zich laat en probeert te vervangen door het Engels van Nabokov. En ook dat klopt niet helemaal. "Ik heb enkel mijn stijl," bekende hij jaren later. Hij schreef niet in het Russisch, niet in het Engels; hij schreef in het Nabokoviaans, dat hij eerst in het Russisch en daarna in het Engels polijste tot wereldliteratuur.

In de zomer van 1945 kapt hij met het roken van vier pakjes sigaretten per dag. Hij groeit nu snel uit tot de imposante verschijning, meer dan honderd kilo, die we kennen van de klassieke foto's. De Nabokovs blijven verhuizen, en elke huurwoning heeft wel iets onuitstaanbaars dat de stilte breekt. Maar altijd is er Vera om de bres te dichten en de buitenwereld op afstand te houden. Zij neemt zijn zakelijke correspondentie over, ze vervolledigt zijn brieven, of schrijft ze zelf in zijn naam. Bezoekers valt het op dat de Nabokovs tijdens gesprekken met het grootste gemak elkaars zinnen afmaken. Ze spreken voortdurend met één stem, ze ondertekenen brieven met VN. Vera Nabokov of Vladimir Nabokov? Vera zelf zal altijd volhouden dat ze enkel opschreef wat haar man haar dicteerde. Ze was niet meer dan zijn klankbord. Stacy Schiff laat doorschemeren dat haar aandeel veel groter is geweest: intimi wisten dat ze niet om Vera heen konden als ze Vladimir telefonisch of schriftelijk wilden bereiken. Zij bestierde zijn literair imperium, zij zorgde ervoor dat hij er voltijds aan kon schaven. Ze verbeterde zijn tentamens, ze haalde zetfouten en blunders uit de vertalingen van zijn romans. En ze verbrandde haar brieven uit hun verlovingstijd: haar woorden stelden niets voor, alleen die van hem hadden waarde.

Heeft Nabokov zelf ooit getwijfeld aan zijn meesterschap? Als dat zo is, dan is die twijfel binnenskamers gebleven. Er zijn twee grote Engelse auteurs voor wie Engels niet de moedertaal was, zo hield hij zijn studentenpubliek voor. "De eerste en minst grote van de twee was Joseph Conrad. De tweede ben ik." Vera is nooit zo ver gegaan in haar uitspraken, maar ze heeft wel in de herfst van 1948 het onafgewerkte manuscript van Lolita van het vuur gered, toen Nabokov het achter hun huis in Ithaca begon te verbranden. Lolita - de sensuele driesyllabische toverformule die het leven van de Nabokovs volkomen veranderde, is gevallen. Stacy Schiff weidt uit over de publicatie bij de obscure Parijse uitgeverij Olympia Press, over Graham Greene die Lolita een plaats gaf in zijn literaire topdrie van 1956, over het schandaal dat volgde en de roman nog meer publiciteit bezorgde, over het fenomenale succes van de Amerikaanse editie van 1958, toen Lolita en Pasternaks Dokter Zjivago de bestsellerlijst aanvoerden. Eind jaren vijftig bereikt de Lolita-gekte haar hoogtepunt. De Nabokovs maken hun grote Europese promotietournee; Stanley Kubrick laat het script dat Nabokov aanleverde voor de filmversie herschrijven, maar betaalt hem wel een vorstelijk Hollywood-honorarium uit. De academische beslommeringen en de financiële zorgen van de Nabokovs zijn voorbij; het is ook uit met de stilte.

In 1917 werden Vladimir Nabokov en Vera Slonim uit het Rusland van hun jeugd verdreven; in 1940 wisten ze zich te redden uit het door oorlog geteisterde Europa; in 1960 ontvluchten ze de roem en de Amerikaanse media. Ze vestigen zich op de vijfde verdieping van het Palace Hotel in het Zwitserse Montreux. Buiten het vakantieseizoen hebben ze het lege Palace voor zichzelf. De oude hotelvleugel - "een wirwar van konijnenhokken" volgens Stacy Schiff - heeft niets huiselijks, het is een onderkomen dat de sfeer van een vooroorlogs Berlijns pension oproept. Montreux wordt het laatste ballingsoord van de Nabokovs. Vera heeft haar hele leven geijverd om de wereld te overtuigen van Nabokovs genie. Die erkenning is er eindelijk gekomen, veel te laat: Vera en Vladimir zijn over de zestig. Wat kan ze nog voor hem doen? Hem Bleek vuur, Geheugen, spreek en Ada laten voltooien, de oeverloze brievenstroom indijken, hem zo goed mogelijk afschermen van opdringerige nabokovianen.

Vladimir Nabokov overlijdt op 2 juli 1977. Vera blijft tot aan haar dood in 1991 wonen in het Palace. Het zijn stille jaren, een schaduwleven in de schaduw van Nabokovs oeuvre. In het laatste hoofdstuk van haar biografie probeert Stacy Schiff Vera een duidelijker gezicht te geven. Dat lukt niet echt: we kijken naar een vereenzaamde oude dame die achter haar bureau onvermoeibaar correspondeert over de literaire nalatenschap van Nabokov en die de laatste dagen van haar leven nog worstelt met de vertaling van een van zijn ongepubliceerde verhalen.

Heeft Vera Slonim als Vera Nabokov de voorwaarden geschapen waaronder Vladimir kon uitgroeien tot de schrijver Nabokov? Is dat haar levenswerk geweest, de Nabokov-mystificatie waaraan ze haar eigen leven opofferde om hem te laten leven in zijn kunst? De biografie van Stacy Schiff eindigt met een huldebetoon aan de vrouw van de schrijver: "Haar naam leeft voort op de bladzijden die het thema van dat leven zo perfect samenvatten, nabij maar op gepaste afstand van alle werken die volgden, aangereikt door haar man in de meest ongekunstelde zin die hij ooit schreef." Die simpele zin luidt: 'Voor Vera', vanaf Montreux de opdracht in elk van zijn boeken. Zij was zijn eerste, zijn belangrijkste lezer; voor haar wilde hij twee woorden van dank binnensmokkelen in het oeuvre van Vladimir Nabokov.

'Ik heb zo weinig nodig: een fles inkt en een plas zonlicht op de vloer - o, en jou. Maar dat laatste is zeker geen kleinigheid'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234