Zaterdag 15/08/2020

Essay

De Arabische Lente, de desastreuze bocht van Europa

Egyptenaren zwaaien met de Egyptische vlag op het Tahrirplein in Caïro, tijdens een herdenking voor de verjaardag van de Arabische Lente.Beeld AFP

Vanmiddag in het Vlaams Parlement sprak Midden-Oostenkenner en oud-VRT-journalist Jef Lambrecht de State of the European Union uit. 'Europa na de Arabische lente', hierna leest u een ingekorte versie, is geïnspireerd op zijn nieuwe boek 'IS, het nieuwe terrorisme van Daesh en de ondergang van de Moslimbroederschap'. (Uitgeverij van halewyck)

Toen de Arabische Lente begon had Amerika een Nobelprijswinnaar voor de vrede als president en nam Europa het voortouw. Resolutie 1973 die op 18 maart 2011 het Libisch luchtruim toevertrouwde aan een westerse coalitie met een Arabisch randje, was een Frans initiatief. De inkt van de resolutie was nog nat toen onze regering, al maanden in lopende zaken, volgde, daarbij gesteund door alle partijen en aangevuurd door een eensgezinde pers. Die geestdrift werd niet geleid door inzicht.

Een maand later noemde een Senator in de commissie Buitenlandse Zaken Kadhafi een vriend van al-Qaeda, waar hij hun oudste vijand was. Hij was na 2003, toen hij zijn nucleaire plannen opbiechtte, zelfs zo'n goede vriend geworden dat hij zijn tenten mocht opslaan in de parken van onze hoofdsteden. De Westerse hulp bij de val van zijn eigen steunpilaren was voor veel Arabieren een zoveelste bewijs van ontrouw en onbegrijpelijke dwaasheid.

China en Rusland schrokken toen ze geen maand na de resolutie de paginagrote advertentie zagen onder de kop 'Kadhafi moet weg', ondertekend door Sarkozy, Cameron en Obama. Regimewissel stond niet in de resolutie. Ze beslisten voortaan hun veto wél te stellen en Syrië werd onoplosbaar. Resolutie 1973 was het formele begin van de Westerse inmenging in de Arabische Lente.

Vandaag durft niemand te kijken naar de gevolgen. Libië heeft twee regeringen en twee parlementen. Er woedt een burgeroorlog tussen stammen en milities, islamisten en nationalisten. Het is een twistappel tussen Egypte en de Verenigde Arabische Emiraten aan de ene kant,Turkije en Qatar aan de andere. Libië kreeg pas weer aandacht toen Islamitische Staat ook daar opdook en 21 christenen op een strand de keel oversneed, onder het uiten van bedreigingen aan het adres van Rome. En vervolgens toesloeg in het Bardo museum, in Tunesië, laatste hoop van de Lente.

Ik bezocht het museum op oudejaarsdag 2013. Het was hagelwit na de restauratie die het jaar tevoren was voltooid. Er was een handvol gedempte toeristen, voorhoede van een stroom die hopelijk ooit zou terugkeren. Deze erfenis van het verdreven regime, koninginnenstuk in de promotie van Tunesië als vakantiebestemming, verwachtte op termijn jaarlijks één miljoen bezoekers. Die waren nog lang niet in zicht toen op 18 maart enkele gemaskerde mannen binnendrongen en 21 toeristen vermoordden, bij wie een Belgische vrouw. Ze deden dat onder het onverstoorbaar oog van Vergilius, levensgroot in witte toga, zijn Aeneïs op schoot, geflankeerd door Clio, de muze van de geschiedenis, en Melpomenè, van de tragedie die in haar linkerhand een masker houdt dat er voor de gelegenheid uitziet als een afgesneden hoofd.

Dit portret van Rome's dichter is een mozaïek uit een huis in Sousse. Vier eeuwen lang was de Middellandse Zee 'mare nostrum', 'onze zee', door Romeins gebied omsloten. Alle oeverstaten bewaren daar herinneringen aan. De mozaïeken van Bardo zijn inwisselbaar voor die van Antakiya, het antieke Antiochië, in Turkije. Taferelen van levensvreugde met dieren, mensen en bloemen, goden, landschappen en zeegezichten. Paleizen, tempels en de oudste kerken van het Midden-Oosten waren versierd met deze tapijten van gekleurde steentjes. In Ravenna en op het binnenplein van de Umayaden moskee in Damascus zingt deze kunst na drieduizend jaar zijn schitterende zwanenzang voor jonge machten, het christendom en de islam. Het beeldenboek van de oudheid gleed de middeleeuwen binnen en blijft leesbaar omdat het een vrijheid uitdrukt die we erkennen als de onze, een waarin schoonheid en kennis van tel zijn en de lat hoog mag liggen.

Dit wereldbeeld wordt uitgedaagd door een kracht die vrijheid, noch schoonheid, gelijkheid, noch broederlijkheid en kennis noch beelden aanvaardt. De Arabieren noemen ze: Daesh, de afkorting van Islamitische Staat in Irak en Syrië die ook 'vertrappelen' betekent. Tien jaar na de aanslagen in Madrid en Londen, verstijft Europa opnieuw. Het Joods Museum in Brussel, Charlie Hebdo en Hypercacher in Parijs, Verviers en Kopenhagen, arrestaties, processen en complotten... de les van Afghanistan doet vrezen dat dit een voorspel is. Het zorgt nog steeds voor soldaten op straat.

Zo'n maand geleden werd ik bij een tramhalte in Borgerhout aangesproken door een dame die in haar familie vier Syriëstrijders had. Twee waren intussen gesneuveld. Ze hoopte dat het ook met de twee anderen zou gebeuren bij wie haar lievelingsneef, door haar opgevoed maar angstaanjagend veranderd. De vijand is binnen de muren. Hij hoeft niet Ahmed te heten, het kan Jan of Piet zijn. Terrorisme teert op paranoia. Extremisme ook.

Jef Lambrecht.Beeld Bob Van Mol

Intellectuele rockster

Nicolas Sarkozy beloofde voor zijn aantreden in 2007 de Middellandse Zee na twaalf eeuwen weer te verenigen. In zijn overwinningstoespraak kondigde hij de oprichting aan van de Union pour la Méditerannée. Voor ze het zelf goed beseften waren de Algerijnse president Bouteflika en zijn Tunesische ambtgenoot Ben Ali daar de 'ambassadeurs' van.

In maart 2008 gaf de Europese Unie schoorvoetend groen licht. Duitsland was niet enthousiast. Turkije vond het een troostprijs voor het Franse verzet tegen zijn toetreding tot Europa. Zouden de Arabische landen een mogelijk Israëlisch voorzitterschap aanvaarden? Libië deed niet mee. Toch werd de vereniging van de oeverstaten met de landen van de Europese Unie, 43 in totaal, op de vooravond van Quatorze juillet boven de doopvont gehouden. Uniek omdat Israël, Syrië en de Palestijnse Autoriteit er lid van zijn.

Er wordt weinig van gehoord. Het is een droomfabriek van ambtenaren, lunchdiscussies en werkbezoeken en leidt een onopgemerkt bestaan in de virtuele realiteit, terwijl lidstaten in ontbinding terroristische wingewesten worden en steeds meer lijken voor de kusten drijven.

President Sarkozy maakte zich ook de emir van Qatar tot vriend. Samen waren ze de belangrijkste pleitbezorgers van de Arabische Lente. In Parijs stond opnieuw een filosoof in de souffleurbak, een intellectuele rockster deze keer die graag voor het voetlicht komt.

De Arabische wereld was stilgevallen. Presidenten gedroegen zich als monarchen en zaten tientallen jaren op de troon om die dan af te staan aan hun zoon. Dat was minder legitiem dan wat de echte vorsten deden van wie de stamboom soms teruggaat op de Profeet. Afstamming en geschiedenis, garanten van een continuïteit die hoog in het Arabisch vaandel wordt gevoerd, waren een karikatuur geworden. De Arabische wereld betaalt zijn stilstand met conservatisme en verstarring.

Het kalifaat van Daesh wil met het oog op de dag des oordeels een ver verleden herstellen. Allicht geen selffulfilling prophecy maar nu de Lente alles op losse schroeven heeft gezet is het misschien de voorbode van een soennitisch Arabisch project.

Dit is een tijd van onzekerheden. Europa heft de staatsgrenzen op, grillig resultaat van een bewogen geschiedenis. Die van onze Arabische buren zijn rechte lijnen van een Brits en Frans koloniaal liniaal, getrokken dwars doorheen stamgebieden. Ze worden door Daesh weggehoond.

Het Arabisch immobilisme botst met het Westers tijdsbesef dat op verandering is toegespitst, op het nu en de onmiddellijke toekomst. De manier waarop we de tijd berekenen kregen we van de Babyloniërs maar ons nu heeft een buitengewoon belang. De Westerse wereld bestaat uit afspraken, agenda's, vertrektijden en prikklokken. Wij hebben de tijd niet, hij bezit ons. Het Westers nu overschaduwt alles wat was en zelfs wat komen zal. Het jachtige, toekomstgerichte Europa voelt zich verheven boven het verleden. Het betaalt met zijn geheugen en vergeet zelfs dat men elders niet vergeet. Het richt zich op een onmiddellijke, persoonlijke toekomst zonder project, of het moest het einde zijn van de geschiedenis, zoals de invloedrijke filosoof Alexandre Kojève dacht en met hem de Amerikaanse neoconservatieven.

Voor Kojève is de uiteindelijke staat een bureaucratische en tegen tirannie beveiligde eenheid, een staat van immobilisme, iets als de Europese Unie, een economisch project waar vandaag aan wordt gevraagd om de vrijheden te bewaren, trouw te blijven aan zichzelf en immuun te zijn voor fanatisme. Op die vraag is Europa slecht voorbereid.

Barbaroi

Over Europa praten kan niet zonder te spreken over de anderen, de barbaroi, zoals de oude Grieken noemden wie geen Grieks sprak, een klanknabootsend woord zonder misprijzen. De paradox van de globalisering is dat ze middelpuntvliedende krachten opwekt. In Europa, prototype van die wereld zonder grenzen, spoorde de eenmaking met strijd voor het behoud van taal, cultuur en eigenheid. Hier gebeurde dat vreedzaam en in overleg.

Dit parlement is er een monument van. Het is pas sinds kort dat in de lidstaten een bedreiging is ontstaan voor Europa als project. Onzekere tijden versterken tendensen die veiligheid en bescherming beloven aan de eigen groep en grenzen trekken tussen wij en zij. Identiteit bestaat niet zonder onderscheid, Europa niet zonder barbaroi. Zijn aanzienlijke welvaart dankt het echter onder meer aan ingevoerde, goedkope arbeidskrachten die ondervonden dat vrijheid, gelijkheid en broederschap niet op dezelfde wijze golden voor hen. Hun integratie mislukte en velen vielen terug op de eigen gemeenschap.

Vier jaar geleden reisde ik met een Marokkaanse culturele vereniging naar Rabat. Op de bus zongen de dames, migrantenkinderen van in de dertig, het repertoire van 'Tien om te zien'. Elke Vlaamse schlager tot op de letter en de laatste tussennoot. Ze groeiden op in de jaren '90 en waren Vlaamser dan Vlaams en ook Marokkaans, daar werden ze tijdig aan herinnerd. Toen kwam de schotelantenne en begon men te kijken naar andere zenders.

Even snel als de wereld integreerde, veranderde hij in een archipel van macro- en microgemeenschappen. Het internet deed de rest. Elk van de applicaties die men sociale media noemt, is een subcultuur van de globalisering die eindeloos vertakt in kleinere groepen, stammen, affiniteiten, virtuele families, vriendschappen en vijandschappen. Ik tweet dus ik ben. Virtuele communicatie drijft tot geldingsdrang. In eindeloze varianten weergalmt dat iedereen recht heeft op mijn mening. Islamitische Staat is één stem in deze kakofonie.

Je kan het niet zo verzinnen of met drie klikken van de muis vind je gelijkgezinden tot in Vuurland en al snel genoeg vrijwilligers voor een divisie in de heilige wereldoorlog. Het mag verbazen dat niet meer idealisten, avonturiers en godsdienstfanaten vertrekken. Want het is niet dat moslims niet denken aan het kalifaat. Ze zijn echter vooral ontgoocheld. Het is een oud en diep zeer dat door de Arabische Lente is verscherpt. Het applaus voor de omwentelingen is uitgestorven. De investeerders wachten op stabiliteit en er komen geen toeristen meer.

Ook de Golfmonarchieën die te rijk waren voor een Lente, zijn verbitterd. Ze gebruikten het oliewapen, niet om schaarste te creëren maar overvloed die de prijs keldert, Rusland en Iran op de knieën dwingt en de Amerikaanse schaliegasindustrie in zijn voegen doet kraken. De Saoedische weigering, eind 2013, om zitting te nemen in de VN Veiligheidsraad was een onuitgegeven teken van slinkend vertrouwen in de internationale instellingen.

Twee maanden geleden verraste Riyad opnieuw als leider van een soennitisch leger tegen de sjiitische Houthi militie in Jemen, en onrechtstreeks tegen Iran. Op datzelfde ogenblik legden de Europese Unie en de VN in Lausanne de laatste hand aan een nucleair akkoord met Teheran. Het Saoedisch bondgenootschap omvat Egypte, Soedan en alle soennitische monarchieën. Iran, met in zijn sjiitisch kamp Irak, Syrië, Libanon, de Houthi's en Hezbollah, voelt zich bedreigd. De tegenpartij ook. Washington steunt de soennitische coalitie in Jemen, al is er geen mandaat voor van de Verenigde Naties. Tegelijk coördineert het met de Revolutionaire Garde van Iran het offensief tegen IS dat de speerpunt is van de soennitische opstand in Irak en Syrië.

Even onduidelijk is de Europese diplomatie, het jachtdomein van de lidstaten. Pas na weken werd Frankrijk als eerste wakker voor de Lente. De opstand in Tunesië was al bijna een maand aan de gang toen minister van Buitenlandse Zaken Michèle Alliot-Marie voorstelde om president Ben Ali met elitetroepen te ontzetten. Maar toen die drie dagen later op de vlucht sloeg, kreeg de piloot landingsverbod in Frankrijk en koos Parijs resoluut voor de Lente. En voor het bevriende Qatar dat alles in de strijd wierp, wapens, geld en Al Jazeera. De emir slaagde ei zo na. Zijn beschermelingen, de Moslimbroeders, veroverden de macht bij verkiezingen in de landen van de Lente.

Meteen begon hun ondergang die in Tunesië geleidelijker verliep dan in Egypte, en in Libië, Syrië en Jemen ontaardde in een burgeroorlog. De broeders gingen ten onder omdat het brood nog schaarser werd, hun antwoord op de Lente simplistisch was en hun streven naar de Godstaat totalitair en de opkomst gedoogde van een gewelddadig sektarisme.

De Broederschap was het afgelopen jaar de inzet van een bittere strijd tussen Saoedi-Arabië dat het wahabitisch salafisme steunt en Qatar dat achter de broeders staat. De twist over de politieke islam is voorlopig begraven onder de veel diepere tegenstelling tussen soennitische Arabieren en sjiitische Perzen die tijdens de Arabische Lente de brandstof was van de Syrische burgeroorlog en die in Irak. Twee quasi theocratieën, Saoedi-Arabië en Iran, de ene soennitisch en Arabisch, de andere sjiitisch en Perzisch, staan met getrokken messen tegenover elkaar.

Terreur en miljardencontracten

Na de aanslagen in Parijs legde de Turkse president Erdogan de verantwoordelijkheid bij Charlie Hebdo dat door zijn oneerbiedigheid had aangezet tot haat en racisme. Ook Qatar wees het blad met de vinger. Turkije en Qatar, de enige verdedigers van de Moslimbroeders in de regio, leven op gespannen voet met Egypte waar ze worden vervolgd. Maar over Charlie Hebdo zaten ze op dezelfde lijn. Het blad had de aanslag uitgelokt door de moordenaars te provoceren, schreef al-Ahram, oude spreekbuis van Cairo.

Het ontbrak echter niet aan Arabische stemmen die de hand in eigen boezem staken. Ze waren te lezen in andere slagschepen van de Arabische pers. Asharq al-Awsat zag achter de aanslagen, ik citeer, 'dezelfde extremistische religieuze opvattingen en manipulatieve media die het Midden-Oosten verrotten'. Al-Hayat veroordeelde wie excuses zocht voor het terrorisme. Elham Manea, een Jemenitische mensenrechtenactiviste die doodsbedreigingen kreeg voor het overnemen van een spotprent, schreef: 'Wat sommigen de grenzen noemen van de vrijheid van meningsuiting, zijn de ketenen die ons beletten na te denken, ons te ondervragen en op te komen voor verandering en hervormingen.'

Angst doet het Westen, kampioen van de vrije meningsuiting, intussen twijfelen over wat John Kennedy, Nelson Mandela en Salman Rushdie de ondeelbaarheid noemen van de vrijheid.

Terwijl de terreur toesloeg in Parijs werd in een recordtijd een miljardencontract bedisseld voor de levering van 24 Rafale gevechtsvliegtuigen en een fregat aan Egypte. De speculaties over wie dat zou betalen gingen in de richting van de rijke golfmonarchieën. Egypte met zijn grote bevolking en dito leger bereidt zich voor. De hele regio doet dat en Westers wapentuig is zeer gegeerd. Tijdens de Arabische Lente steeg de wapenuitvoer naar de Golfmonarchieën met 71 procent en werd Saoedi-Arabië de tweede importeur ter wereld. 'Timeo Danaos et dona ferentes', schreef Vergilius, 'ik vrees de Grieken en hun geschenken'.

In Tunesië gingen de vrouwen tot in de residentiële wijken hoofddoeken dragen na de verkiezingsoverwinning van de Broederschap in oktober 2011. Twee jaar later waren ze schaarser dan in Borgerhout of Molenbeek en zaten de cafés van de avenue Bourguiba vol jonge, ongesluierde vrouwen die rookten als schoorstenen.

Zo plots als de lentebries was opgestoken verdween het geloof dat de Moslimbroeders vrijheid, recht en een beter leven zouden brengen. Twee jaar na hun stembustriomfen waren ze in het defensief. Egypte brandmerkte hen als terroristen in 2013. Dat jaar viel het ene kantelmoment over het andere: politieke moorden in Tunesië, troonsafstand in Qatar, de val van Morsi een week later, het dubieus gifgasincident van 21 augustus in Damascus, het uitblijven van een militair antwoord daarop, de opstand in Oekraïne, het nucleair voorakkoord met Iran, de woede van de Saoedi's, en aan het eind van 2013: de verdamping van het Vrij Syrisch Leger en de doorbraak van het terrorisme.

Europa, en reken daar maar Rusland bij, wil geen Afghanistan aan zijn grens. Maar Afghanistan is er al en als mentale ruimte bestaat het ook in Schengen. Het kalifaat is een grondgebied en, als samenzwering in de sociale media, een nieuw maar niet onverwacht verschijnsel.

Daesh is schatplichtig aan al-Qaeda, maar tot de verschillen behoort de reconstructie van een zevende-eeuwse staat die anticipeert op de eindtijd, een toekomstgericht anachronisme. In de rotsvaste overtuiging dat de dag des oordeels nabij is bereidt Daesh de confrontatie voor met het heidense Westen en wijst het de plek waar die volgens de overlevering zal plaatsvinden. De zelfverklaarde kalief Abu Bakr al-Baghdadi, belooft de democratie en het nationalisme te vertrappelen en Mekka, Medina en Jeruzalem te bevrijden. Zijn rijk is, zoals dat van de eerste moslims of de wederdopers van Münster, een uitverkoren natie, omsingeld door vijanden.

Uitverkoreren

De uitverkorenen zuiveren hun rijk van heidense herinneringen. Na de verwoesting van mausolea, kerken en monumenten schokten ze eind februari met een Beeldenstorm in het museum van Mosul onder de toelichting dat de Profeet hetzelfde had gedaan bij zijn verovering van Mekka. Dronken van vernietigingsdrang keerden de beeldenstormers zich tegen kopieën die verpulverden zodra ze de grond raakten en originele stukken die zich minder gemakkelijk gewonnen gaven.

Eeuwenoude levensgrote beelden werden van hun sokkel gestoten en te lijf gegaan met voorhamers en drilboren. Mannen klommen met ladders en slopersmaterieel op de gevleugelde stier, 16 ton albast, te zwaar voor transport, die al bijna drieduizend jaar de Nergalpoort van de Assyrische hoofdstad Niniveh bewaakte. Men maakte zich geen illusies over de kleine museumstukken. Die vonden hun weg wel naar de antiekmarkt.

Het was niet de eerste en ook niet de laatste zwarte dag voor archeologen, historici en de mensheid in het algemeen, die beroofd werd van een stuk van zijn vroegste geschiedenis.

Een week na het museum van Mosul waren er bulldozers in Nimrud, dertig kilometer zuidelijker, een van de rijkste vindplaatsen van de oudheid met tempels en een groot paleis met honderden meters reliëfvoorstellingen van rituelen, militaire campagnes en eerbetuigingen aan de vorst. In 1988 was er nog een koningsgraf blootgelegd dat behoorde tot de belangrijkste ontdekkingen van de vorige eeuw. Hier had Max Mallowan gewerkt, de man van Agatha Christie. Fragmenten van de reliëfs zijn de trots van de grootste musea, maar het meeste was nog ter plaatse.

Het videoverslag van de verwoesting moest nog komen toen Hatra werd aangepakt, een tweeduizend jaar oude stad, zo mogelijk nog rijker aan aanstootgevende beelden. Dit erkend werelderfgoed, werd omgeploegd met dynamiet en platgewalst.

In het kortstondig moment dat Saddam Hoessein met mondjesmaat toeristen toeliet in zijn rijk waren deze plaatsen een must. De verwoesting van het verleden, vernietigde ook de toekomst van Irak. Het was niet de eerste Beeldenstorm uit de geschiedenis maar het was ongezien dat zo'n ver afgelegen verleden zulke furie kon ontketenen.

Wishful thinking

In 2011, het jaar van de Lente, sprak Geert Mak op deze plaats van een historisch moment ten goede of ten kwade. Verwijzend naar de Europese geschiedenis van de 20ste eeuw zei hij dat het ondenkbare plots onvermijdelijk kon blijken. Dat was profetisch. Vier jaar later blijkt dat de Arabische Lente wishful thinking was en dat het misschien beter was geweest om de autocraten te dwingen tot de hervormingen die beloofden toen ze wankelden. Daar is het nu te laat voor.

Europa maakte de bocht van pragmatisme naar idealisme die Amerika maakte in de desastreuze jaren na 11 september. Er is een crisis met Rusland bijgekomen. Europa heeft twee vijanden aan zijn rafelende grens, waar een enkele zijn krachten al overtreft. De oorlog tegen Daesh is een riskante zaak zonder een goede verstandhouding met Moskou. Dominique de Villepin en Sergei Ivanov, voormalig ministers van Buitenlandse Zaken, riepen onlangs samen op tot verzoening. Maar Russische dissidenten waarschuwen Europa voor het Messianisme van Poetin en de KGB waar hij toe behoorde, die in Moskou het Derde Rome zien dat het machteloze Westen uiteindelijk zal vervangen.

De Franse helleniste Florence Dupont vergeleek de Odyssee van Homeros met de televisieserie Dallas. Zoals Mooi en Meedogenloos Hugo Claus deed denken aan Shakespeare. Een goede maand geleden hield ze in Le Monde een pleidooi voor de oude humaniora. Wat Europa verbindt met de Middellandse Zee, schreef Dupont, is dat er ooit Latijn en Grieks werd gesproken en er een gemeenschappelijke maar ook diverse cultuur was.

De onbekendheid daarvan speelt in de kaart van religieuze integristen, betoogde ze, en fanaten van de etnische identiteit die van taal, godsdienst, cultuur en land van oorsprong een potje koken dat een denkbeeldige samenhorigheid voedt die zou teruggaan tot de nacht der tijden. Hoe kan men integrisme en communautarisering, seksuele discriminatie en racisme beter bestrijden dan door de schooljeugd op uitstap te nemen naar de oudheid? Ze zullen er leren dat er meer godsdiensten zijn dan de drie monotheïstische en een wereld bezoeken waar talen, culturen, etnische referenties en goden zich opstapelen.

Een echte onderwijshervorming, schreef Dupont, zet een punt achter een eeuw waarin de kennis van de oude cultuur werd voorbehouden aan een steeds kleinere groep. Het probleem van de Franse Republiek, is dat ze nooit heeft aanvaard de oude humaniora te democratiseren. Wat geldt voor de republiek geldt ook voor het koninkrijk.

De Middellandse Zee is de geliefde van Europa. Tijdens het toeristisch seizoen migreren tientallen miljoenen naar haar weldadige oevers. Naar de noordkust welteverstaan want op de zuidkust wachten een miljoen zwarte migranten. Voor de Lente was Syrië nog de grootste groeier en zat zelfs Libië in de toeristische lift. Vandaag is onze zee een zee van tranen.

Kon mijn lange woord maar een kus zijn voor de slaapster waarvan de schoonheid de wereld nog steeds kan redden waarbij ik voor een keer afstand neem van de schuchtere Spaanse surrealist Juan Miro en zijn provocerende kreet op de Promenade des Anglais in Nice: A bas la Méditerannée!

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234