Donderdag 30/06/2022

AnalyseNucleaire dreiging

De angst voor de bom is terug: ‘Mensen kunnen niet om met onzekerheid en het idee dat alles mogelijk is’

null Beeld Sammy Slabbinck
Beeld Sammy Slabbinck

Nucleaire dreiging, het leek iets ver weg, uit de jaren tachtig. Maar nu Poetin kernwapens op scherp zet en zijn troepen een kerncentrale onder vuur nemen, is de angst opnieuw tastbaar, ook bij ons. ‘Mensen kunnen niet om met onzekerheid en het idee dat alles mogelijk is – van wereldvrede tot een atoombom.’

Katrin Swartenbroux

In mijn hal staat een kastje, een erfstuk dat al drie appartementen en evenveel studentenkoten overleefd heeft. Van fietssleutels over pepermuntjes tot schoenlepels, het kleinood met twee lades is al die jaren een verzameloord geweest voor de dingen die ik nooit kon terugvinden.

Vandaag fungeert het als opslagplek voor de dingen die ik nooit dacht nodig te hebben.

In het bovenste schuifje: medische mondmaskers. In het onderste een doosje jodiumpillen. Wit en rechthoekig, zoals een pillendoosje hoort te zijn, met het logo van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken in de Belgische driekleur in de bovenhoek gedrukt.

Ze waren gratis, dat helpt, en ik was heus niet de enige die erom vroeg, verzekerde de apothekeres me. Op maandag alleen al haalden 29.179 Belgen een doosje af. In mijn apotheek ook een wat oudere dame aan wie tevergeefs werd uitgelegd dat jodiumpillen eigenlijk niet nuttig zijn voor mensen boven de veertig. “Dat zal wel. Ze zeiden van die mondmaskers ook dat we ze niet nodig zouden hebben en zie nu.”

Totdat de bom valt

Sinds de Russische president Vladimir Poetin heeft aangekondigd dat hij de afschrikkingstroepen, die over nucleaire wapens beschikken, in de hoogste staat van paraatheid laat brengen, heeft de angst voor de bom zich weer diep in onze maatschappij genesteld.

Op de tram vragen twee mannen zich af waar ze anno 2022 het best zouden kunnen schuilen mocht het conflict in Oekraïne uitbreiden naar ons land. In de jaren zestig wisten ze perfect waar de bommenkelders waren, vandaag zijn er geen meer, denken ze. “Een ondergrondse parkeergarage lijkt me dan nog een goede mogelijkheid.” Op TikTok overlopen tieners de medische goedkeuringsprocedure voor legerdienst in hun land, op de radio lacht een ochtendpresentator dat “een vrolijk liedje de gedachten aan een Derde Wereldoorlog misschien wel kan verdrijven” en op Reddit discussiëren Europeanen met Amerikanen over wat de essentials zijn om in een shelter te stockeren. Lieke Marsman, de Nederlandse dichteres, tweet: “Uitgezaaide kanker. Totdat de bom valt.”

Lees ook

‘Wie ouder is dan 40 jaar, slikt ze beter niet’: apothekers waarschuwen bij rush op jodiumpillen

Deze Belgen gaan meestrijden in Oekraïne: ‘Als Poetin straks kernwapens inzet, ga ik toch dood’

Met mijn lief bespreek ik hoe we de kat zouden vervoeren mochten we ooit moeten vluchten nu beelden van Oekraïners die met hun huisdier in metrostations schuilen op mijn netvlies gebrand staan. “Een rugzak zou handiger zijn denk ik, dan heb ik nog mijn handen vrij.” Hijzelf moet er niet van weten. In de jaren tachtig, zegt hij, was er een populaire poster die uitlegde wat je moest doen bij een kernoorlog. “Je handen op je hoofd leggen, je hoofd tussen je knieën steken and kiss your ass goodbye.”

Via Nukemap bekijken we alle mogelijke simulaties die alle verschillende soorten kernwapens in het Russische arsenaal teweeg zouden kunnen brengen. In gekleurde kringen vertelt de website ons exact op welke wijze we aan ons einde zouden komen wanneer het NAVO-hoofdkwartier in Brussel bestookt zou worden. Wanneer we de simulatie voor kernwapenopslagplaats Kleine Brogel willen afspelen, loopt ze vast – te veel mensen proberen een zelfde rekensom te maken, zou ontwikkelaar Alex Wellerstein later op Twitter zeggen. “Sorry jongens, mijn servers worden overspoeld.”

null Beeld Sammy Slabbinck
Beeld Sammy Slabbinck

Hoewel ik doorgaans niet vies ben van drama, was dergelijke doodsangst of defaitisme me tot nu toe vreemd. Zeker omdat ze ook zo breed gedeeld en gedragen worden. Een bouwer van atoomschuilkelders meldt in mijn lokale dagblad dat hij sinds de uitbraak van de oorlog “de vraag amper kan bijhouden”, alsof de Belg zijn smaak voor onvergunde tuinhuizen heeft ingeruild voor ondergrondse bunkers.

“Het is best logisch dat we ons zo angstig voelen. De kaders die ons hielpen de wereld te begrijpen zijn gehavend”, verklaart socioloog Walter Weyns (Universiteit Antwerpen). “Enerzijds heb je de algemene onzekerheid over hoe dit conflict zal evolueren en de concrete vrees dat ook onze veiligheid, economie en bevoorrading onder druk zullen komen te staan. Anderzijds komt daar ook nog die abstracte kerndreiging bij. Dat is voor heel wat mensen zoiets dermate onvoorstelbaars dat hun concrete vrees verandert in onbestemde angst. Onze rede is niet toegerust om hierover te kunnen nadenken, dat gaat ons voorstellingsvermogen te boven, en dat zorgt voor algemene onrust.”

Of waarom we toch massaal naar de apotheker lopen voor jodiumpillen die niets zouden uithalen mocht Rusland ooit een tactisch kernwapen op Europa afvuren. “We hebben een sociaal-psychologische behoefte om, als we geconfronteerd worden met iets dat we problematisch of onbegrijpelijk vinden, op zoek te gaan naar middelen om vat te krijgen op de situatie”, zegt Weyns. “Dat zorgt voor een psycho-hygiënisch effect, het idee dat je toch maar iets gedaan hebt om het ondenkbare te voorkomen of de mogelijke effecten ervan in te perken.”

Nog lang en gelukkig

Het is natuurlijk meer dan een tikje navelstaarderig om nu al na te denken of die gruwel ook onze kant uit zal komen terwijl het bloed nog niet van de straten in Kiev gespoeld is. Het is echter wel menselijk, zeggen experts, dat we wanneer we geconfronteerd worden met afschuwelijke beelden van families die aan de grens uit elkaar gerukt worden, van gezinnen die schuilen onder matrassen van kinderbedjes en kraamafdelingen die naar metrostations moeten verhuizen, onze gedachten automatisch afdwalen naar onze eigen geliefden. Dat is de essentie van empathie: net omdat we ons kunnen inbeelden dat het over onszelf gaat, kunnen we meevoelen.

Maar waarom dan precies déze oorlog, deze beelden? Hebben we niet disproportioneel veel aandacht voor dit conflict terwijl er ook tanks door Jemen rollen, terwijl Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever al decennialang geconfronteerd worden met een bezetter?

Dat komt, uiteraard, omdat wij als verwende Westerlingen voor het eerst sinds lange tijd nog eens geconfronteerd worden met een gevaar dat we arrogant genoeg eigenlijk niet meer voor mogelijk achtten.

Sinds de jaren negentig leefden we in de eurocentrische illusie van wat Steven Pinker ‘the long peace’ noemt. In 1992 schreef politicoloog Francis Fukuyama zijn veelbesproken essay gebaseerd op de idee dat we een toekomst van een wereldwijde “liberale vredesdemocratie” tegemoet zouden gaan en dat ideologische conflicten voortaan tot het verleden zouden behoren. Het einde van de geschiedenis, noemde hij het schrijven.

Dat is niet toevallig. Wie probeert zijn stempel op de geschiedenisboeken te drukken hoopt nu eenmaal altijd het laatste hoofdstuk te halen. Die besluitende paragraaf voor “... en ze leefden nog lang en gelukkig”. Of om het met de woorden van Seneca te schrijven die over de toetreding van Caesar Augustus (27 voor Christus) in zijn Pax Romana noteerde: “En de zon zou nooit meer ondergaan.”

Toegegeven, de jaren die volgden op Fukuyama’s voorspellingen waren relatief gezien behoorlijk rustig in vergelijking met het bloedvergieten van de twee wereldoorlogen, zeker wanneer je de wereld enkel vanuit een westers perspectief waarneemt. Zodanig zelfs dat politiek expert en Pulitzerprijswinnaar Charles Krauthammer de frase ‘holiday from history’ uit zijn vingers kreeg. De ultieme zelffelicitatie kwam er in 2012, toen de Europese Unie de Nobelprijs voor de Vrede mocht ontvangen voor haar zestig jaar lange bijdrage “aan de bevordering van vrede en verzoening, democratie en mensenrechten”. Het optimisme van de jaren negentig tekende de opvoeding, de opleiding en de toekomstverwachtingen van mijn medemillennials. Decennialang werd ons voorgehouden dat oorlogen of grootschalige conflicten iets waren voor “ginds”, iets dat uitgevochten werd op andermans terrein, om andermans terrein.

Tot dat, ineens, niet meer zo is.

“We zijn ruw uit die illusie ontwaakt”, zegt historicus Karel Van Nieuwenhuyse, die aan de KU Leuven onderzoek verricht naar de geschiedenis van geschiedenisonderwijs en leer- en onderwijsprocessen in geschiedenis. Hij herinnert zich zelf nog het keerpunt, toen de Berlijnse Muur viel en de angst voor de bom vervangen werd door het idee dat eeuwigdurende vrede mogelijk was. “Natuurlijk zijn er in tussentijd heel wat dingen gebeurd die dat naïeve idee tartten. De terroristische aanslagen waren bijvoorbeeld ook een wake-upcall, maar dat was toch nog iets anders dan een regelrechte oorlog in je eigen regio. Op dat vlak hebben we de oorlog in voormalig Joegoslavië gezien in de jaren 1990, maar dat was meer een intern conflict, een burgeroorlog die gepaard ging met het uiteenvallen van een land. Ook de bombardementen die de NAVO op Belgrado uitvoerden, pasten meer in de logica van een burgeroorlog.

“De oorlog in Oekraïne heeft meer verregaande gevolgen in Europese optiek: door het omsingelingscomplex van Poetin die zijn westgrenzen wil beschermen, raakt hij letterlijk aan de buitengrenzen van de Europese Unie, een complex dat voor heel wat mensen een doorleefd, ongenaakbaar gegeven leek. Ik begrijp dus wel waarom dit zo hard binnenkomt en zo dichtbij voelt.”

Op de discussiefora die ik bevolk, gaat een meme dezer dagen vlot door de vingers. Het is een close-up van Squidward uit de tekenfilmserie SpongeBob die een badge draagt met opschrift: I really wish I wasn’t living through another Major Historical Moment right now.

Nogmaals: navelstaarderig, maar het is een bewoording die hen niet kwalijk genomen mag worden.

Andere, meer belezen mensen nemen ze namelijk ook in de mond. David Sanger, de doorwinterde expert nationale veiligheid van The New York Times spreekt van “de terugkeer van het supermachtenconflict”. In deze krant noemde Belgische kolonel op rust Roger Housen dit “een kantelmoment in de Europese geschiedenis met mogelijk zware gevolgen op zowel veiligheidsvlak als economisch vlak”, en in onze podcast Duidelijk zegt professor internationale politiek Jonathan Holslag dat “Europa zich moet voorbereiden op een reactie van Poetin”. Voor The Atlantic schreef de CEO van het Center for a New American Security Richard Fontaine een analyse met de titel ‘Het lange weekend dat de geschiedenis veranderde’.

Geigerteller

Gebeurtenissen moeten niet grootschalig of langdurig zijn om in de annalen opgenomen te worden. De geschiedenis leert ons keer op keer dat één tik tegen het kleinste steentje een hele rij domino’s ten val kan brengen.

Voor het eerst in tachtig jaar besluit Duitsland bij monde van kanselier Olaf Scholz om zich (opnieuw) militair te versterken en jaarlijks 2 procent van het Duitse bnp aan defensie uit te geven. Tik.

Finland en Zweden lijken te lonken naar NAVO-lidmaatschap en sluiten zich aan bij de westerse steun in het conflict door wapens te leveren aan Oekraïne. Tik.

Zelfs het neutrale Zwitserland besluit de EU-sancties op te volgen, en zou Russische ­tegoeden op zijn banken bevriezen. Tik.

Achteraf gezien is het makkelijk om de lijn van gevallen steentjes te volgen en precies te zien hoe die tot de instorting van het geheel kwamen, op het moment zelf neem je alleen maar een shift waar, een verhoging van je hartslag die – tik tik tik tik tik – in het slechtste geval als geigerteller, in het beste geval als een typemachine in je oren dreunt en het einde van de wereld dan wel het schrijven van een nieuw hoofdstuk vertegenwoordigt.

“De woorden ‘historisch moment’ worden nogal graag in de mond genomen door politici en media”, nuanceert Herman Paul, die historiografie en geschiedfilosofie doceert aan de Universiteit Leiden. “We kunnen nu nog niet weten hoe deze oorlog opgetekend zal worden. Als je zou vragen aan mensen die door momenten hebben geleefd die achteraf gezien historisch bleken te zijn, dan hebben zij dat niet als dusdanig ervaren. Dat gebeurtenissen elkaar in geschiedenisboeken zo logisch lijken op te volgen is ook alleen maar door het weglaten van de ruis die toen toch heel belangrijk was.”

Paul verwijst naar een passage in Tolstojs Oorlog en vrede waarin die beschrijft hoe oorlog voor soldaten op het slagveld een onoverzichtelijkheid heeft die totaal anders is dan voor de generaal die pionnen op een landkaart verschuift of voor de historicus die achteraf het verhaal moet noteren. “Dat soort helderheid, dat zien van een duidelijke lijn, ontstaat door het schrappen van een heleboel mogelijkheden die op het moment van het gebeuren wel nog heel reëel zijn.”

Paddenstoelwolk

Toch is het verleidelijk om analogieën te maken met het verleden om vat te krijgen op het heden en te proberen in de toekomst te kijken. Dat zagen we bij de bankencrisis in 2008 – toen media en politici verwezen naar de economische crisis van de jaren dertig als een soort van anker. Ook tijdens de coronapandemie was er plots bijzonder veel aandacht voor de Spaanse griep, en de manieren hoe we daaruit gekrabbeld zijn. Vandaag gebeurt hetzelfde met het conflict in Oekraïne. De angst voor de bom is terug. We spreken van een nakende Derde Wereldoorlog. Op het moment dat de G7 een veiligheidsconferentie in München houdt, wordt zelfs de vergelijking getrokken met de conferentie van München van 1938.

Het is begrijpelijk. Maar echt nuttig is dat niet.

Want hoewel iedere geschiedkundige je zal zeggen dat een breed historisch besef belangrijk is om het heden te begrijpen en een prognose voor de toekomst te kunnen maken, waarschuwt Paul voor de realiteit dat de meesten van ons een heel selectief geheugen hebben. Een geheugen dat is gebaseerd op verhalen die niet door professionele historici werden opgeschreven, maar wel heel breed in het culturele, collectieve bewustzijn zitten en daarmee ook implicaties hebben op onze toekomstverwachting. De loopgraven uit Saving Private Ryan. De rode telefoon uit Dr Strangelove. Het idee van gefrustreerde mannetjes die met één druk op de knop een werelddeel in een paddenstoelwolk kunnen doen veranderen.

null Beeld Sammy Slabbinck
Beeld Sammy Slabbinck

“Dat zie je in het discours vandaag ook terugkeren”, zegt Van Nieuwenhuyse. “Een situatie wordt behapbaarder als je die kan schetsen aan de hand van goed versus kwaad, maar dat is eigenlijk taal die rechtstreeks van Koude Oorlog-propaganda overgenomen wordt. Zonder moreel relativistisch te willen doen over wat er nu in Oekraïne gebeurt, is het belangrijk om een conflict vanuit meerdere perspectieven waar te nemen om het beter te kunnen begrijpen en vandaaruit een zo adequaat mogelijke analyse te kunnen maken en verder te kijken dan ons beperkte westerse referentiekader.”

“Er heerst een permanente spanning tussen de overzichtelijkheid die het verleden na verloop van tijd dankzij geschiedschrijving biedt en het onoverzichtelijke van de realiteit waarin we allemaal leven”, zegt ook Paul. “Mensen kunnen niet om met onzekerheid en het idee dat alles mogelijk is – van wereldvrede tot een atoombom zeg maar. Dat soort radicale openheid kunnen we slecht verdragen, we willen duiding en perspectief en dan gaan we verhalen op de werkelijkheid plakken om ze te vereenvoudigen”, zegt Paul.

Het idee dat de geschiedenis zich zal herhalen, hoe bloederig die ook was, biedt in dat opzicht zelfs meer geruststelling, omdat we dan tenminste weten wat er zal komen.

Rituele kracht

Terwijl ik dit stuk tik, krijgt een collega telefoon van zijn zus, die angstiger dan ooit tevoren klinkt. Ze heeft het moeilijk, zegt ze, omdat deze situatie zo ongrijpbaar is. Omdat ze bij de klimaatcrisis bijvoorbeeld nog het idee had dat ze haar steentje kon bijdragen door geen vlees meer te eten en te recycleren. Dat ze de pandemie het hoofd kon bieden door zich te laten vaccineren, een mondmasker te dragen en kwetsbaren te beschermen. Maar dat dit conflict zich zo boven onze hoofden afspeelt dat ze alle controle verliest.

Herkenbaar.

Maar het is precies in dat gevoel van machteloosheid dat de oorzaak en de oplossing voor de diepgewortelde angst ligt, zegt Weyns. “Het is verleidelijk om apocalyptisch te denken, maar beperk je tot concrete zaken. En op dit moment is het enige wat al concreet is, dat mensen in Oekraïne zwaar in de problemen zitten en dat velen van hen op de vlucht zijn geslagen. Geld en middelen inzamelen om je angsten in daden om te zetten is een manier om ze te kanaliseren.”

Ook betogen vindt Weyns een goed idee. “Dat zag je bij de angst voor de kernwapens in de jaren tachtig ook. Zo’n betoging heeft een dubbel effect. Je geeft een signaal aan de overheden, maar ook aan elkaar: we zijn met velen die deze angst delen, we laten elkaar niet los. Uit die impliciete boodschap en rituele kracht kan je moed en mentale steun putten.”

Met andere woorden: hou je bezig met de dingen die in je mogelijkheden liggen, niet bij wat eventueel misschien mogelijkheid zou kunnen worden.

“De geschiedenis herhaalt zich niet, ze rijmt”, besluit Van Nieuwenhuyse. “Je zal misschien een aantal parallellen herkennen, maar we moeten ons realiseren dat geschiedenis op het moment zelf gemaakt wordt, dat we mee de uitkomst van dit conflict bepalen. Hoe dit zal uitdraaien kan niemand voorspellen. Het staat niet in de sterren geschreven, maar ook niet in de geschiedenisboeken.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234