Woensdag 27/01/2021

'De anderen snappen onze aanpak niet'

Het is weer veldrijden geblazen, en dit is het elfde seizoen dat ze onafscheidelijk zijn. Sven Nys (38) en Paul Van Den Bosch (57): twee handen op één buik die elkaar groot hebben gemaakt, te groot voor het kleine, fijne veldrijden.

De sportman zag deze zomer zijn huwelijk op de klippen lopen. Misschien toch maar niet meteen over beginnen, is het voornemen van de mens in de verslaggever die op bezoek gaat bij Sven Nys. Tot coach Paul Van Den Bosch zijn ronde doet door de keuken. Hij wrijft over de kraaknette kasten en kookplaat en kijkt bedenkelijk.
Paul Van Den Bosch: "Oei Sven, geen vrouw meer in huis zeker?"
Sven Nys: (gespeelde woede) "Dat heeft hier verdorie nog nooit zo proper gelegen."

Nu jullie er zelf over beginnen: hoe verwerk je een scheiding uitgerekend in een periode
dat je moet presteren?
Nys: "Zoals mijn sportcarrière: rationeel en overwogen. Dat heeft één reden: onze zoon Thibaut is twaalf jaar, komt in zijn puberteit en moet liefde voelen van ons beiden. Precies omdat ik met Isabelle aan tafel kan zitten en dat rustig kan bespreken, kan ik mijn zinnen verzetten op mijn fiets en trainen zoals voorheen. Als ik in ruzie zou leven, zou ik minder presteren.
Het is natuurlijk een groot huis waar ik de helft van de­ week, als Thibaut er niet is, alleen in zit, maar ik geniet wel van wat tijd voor mijzelf. En ik heb meer werk, nu ik het alleen moet doen."
Van Den Bosch: "En als hij het niet meer ziet zitten moet hij maar bellen, dan kom ik met hem onder een dekentje naar tv kijken. Voor alle duidelijkheid: dit is een grapje. Als trainer ben je wel ongerust. Je ziet dingen veranderen en je weet dat er iets aan de hand is, maar als die beslissing er is, denk je toch meteen: dit wordt niet simpel. Sven kan niet in een negatieve sfeer presteren."
Nys: "Ik ben vooral blij dat we uit de boekskes kunnen blijven."
Nochtans zijn jullie beiden redelijk actief op de social media.
Nys: "Maar niks privé, behalve foto's van Thibaut die koerst."
Van Den Bosch: "Wij gebruiken de sociale media bewust, ja. Wij weten goed wat we er wanneer op moeten zetten en wanneer we moeten zwijgen. Ik word daar ook op aangesproken. Vorig jaar nog door Richard Groenendaal: 'Nou, je moet ermee stoppen, met al die wattages te posten. Die jongens raken daarvan gefrustreerd want er is er maar één die dat kan. Ik dacht: bedankt, want dat is wel de bedoeling."
Nys: "We liegen niet, dat is het leuke. Sommige reacties stellen mij gerust. (lacht) Ze snappen niet waar het om gaat. Ik tweet een wattage dat ik heb geduwd op training en dan reageert Lars van der Haar dat vermogen één ding is, maar dat het gewicht ook een rol speelt. In een cross? Op een col van tien kilometer, ja, maar die hebben wij niet. Het absoluut vermogen is van belang als er een kloof moet worden geslagen."

Jij traint met de SRM-vermogensmeter (die niet de hartslag meet maar hoe hard je op de pedalen kunt duwen, red.) Toch uitzonderlijk voor een veldrijder.
Van Den Bosch: "Alles wordt ge-analyseerd. Ik herinner me 9 mei, Mallorca. Zes keer tien minuten bergop. De laatste tien minuten voluit draaide hij gemiddeld 468 watt, zijn beste tienminutenwaarde ooit. Sven kan een uur lang heel veel vermogen ontwikkelen."
Nys: "Ik ben niet zo explosief meer, maar dat zijn de anderen ook niet als er een uur lang veel arbeid moet worden geleverd. Als ik dan nog kan ontploffen, moeten ze lossen.
"Mijn probleem worden tactische crossen waarin het vaak stilvalt, zoals vorig jaar de Koppenberg. Ik kom dan in de laatste ronde met jonge mannen die nog niet moe zijn en explosiever zijn dan ik. Als die dan gaan, ben ik een gewone.
"Omdat Niels Albert er niet meer is, zal ik vaker op kop moeten rijden. Ik zag het al in Las Vegas. Zo'n Van der Haar heeft maar één plan: ik ben de snelste, ik ga met die gasten naar de meet. Dus wat doet die: remmen als ik rem, versnellen als ik versnel. Er is geen Stybar, Albert of Boom meer om een paar ronden hard op kop te rijden. Niemand neemt de koers in handen. Maar ik ben er nogal gerust in."

Jullie stralen inderdaad rust uit.
Van Den Bosch: "In het begin zag ik ze allemaal als vijanden. Wellens eerst, later Albert. Ik stond er soms bijna agressief bij. Gaandeweg werd het plezant. Het winnen kwam toch, maar het winnen hoefde niet meer elke week."

Oei, tijd om te stoppen.
Nys: "(lacht) Ik koers nog te graag."
Van Den Bosch: "Ik heb Sven altijd willen behoeden voor het einde, vanaf zijn 33ste. Zei ik hem: 'Sven, ooit zal het het bergaf gaan.' Eigenlijk had dat moment er al moeten zijn, maar blijkbaar niet bij hem.
Als hij niet won, lag dat niet aan hem, maar aan de tegenstand die dan echt te sterk was. Niels Albert won ooit eens tien wedstrijden na elkaar. Kevin Pauwels heeft een sterke periode gehad."
Nys: "De Nys van het voorbije seizoen was sterker dan die van 2011.
"Boom, Stybar... Qua atletisch vermogen waren dat de zwaarste tegenstanders tegen wie ik ooit heb moeten koersen. Op het WK dit jaar was ik op mijn sterkst. Wellicht hebben Stybar en ik daar de beste wedstrijd ooit gereden."

Is Svens carrière op te delen in een periode voor en na Van Den Bosch?
Van Den Bosch: "Ik kan alleen praten over de periode dat hij met mij traint, vanaf 2003-2004. Ik vond dat hij te eenzijdig trainde. Krachttraining op rollen? Nooit gedaan. En hij trainde veel te weinig specifiek in het veld. Toen we begonnen, was alles dat bergop was en meer vermogen vroeg, niks voor hem.
"Van iemand die het moest hebben van snelle crossen die aanleunden bij wegwedstrijden, is hij iemand geworden van 'hoe zwaarder, hoe liever'. Ik ben misschien de enige die zegt dat er niks mis was met zijn mentale ingesteldheid. Hij won jaar na jaar het BK, toch een soort WK. Op het WK zelf was de tegenstand vaak een stuk sterker, stelde ik soms tot mijn verbazing vast."

Het carrièreverloop van veel van je tegenstanders loopt parallel met de medicinale gebruiken
en de strijd daartegen.
Nys: "Ik zag ook wel dat sommigen, wanneer ze op hun sterkst moesten zijn, niet het niveau haalden dat ze ooit wel haalden. Ik stel me daar vragen bij, maar ik koppel daar geen conclusies aan. Ik laat me er niet meer door beïnvloeden. Vroeger had ik wel eens lastige momenten na zo'n kampioenschap. Was ik weggereden, maar won ik één week later weer makkelijk. De laatste jaren is het veranderd. Het wielrennen is schoner geworden maar ik snap nog steeds niet dat corticosteroïden toegestaan zijn tot een bepaalde grens."
Van Den Bosch: "Als sommigen een aantal weken niks presteren en dan ineens een piek halen en weer wegzakken, dan heb ik één vraag: wat kan een coach of renner van maandag tot zaterdag op training doen om op zondag 50 procent beter te zijn?"
Nys: "Daar zul je nooit een antwoord op krijgen."

Nu komt de moeilijkste vraag voor vandaag: ook de carrière van Sven Vanthourenhout, vriend, collega en trainingsmaat van Sven, vertoont die parallellen.
Nys: "Ik snap die vraag."
Van Den Bosch: "Maar wij hopen dat hij er dit seizoen weer zal staan. Sven reed vorig seizoen zijn crossen soms met een lage gemiddelde hartslag van 158. Normaal moet dat bij hem ook rond de 180 zijn. Of je bent met zo'n lage hartslag overtraind, of je hebt krachtverlies. We hebben een oorzaak gevonden in zijn rug. Daarvoor is hij vorig seizoen apart onder handen genomen."
Nys: "Sven was een halve wegrenner bij Quick.Step, waar hij de spurt moest aantrekken voor Tom Boonen. Hij stond twee keer op het BK-podium, ging mee naar de Ronde van Zwitserland. Hij is gaan vermageren tot hij bijna een anorexiapatiënt was. Op Mallorca hebben we ooit vijf uur getraind en at ik mijzelf daarna te pletter. Hij at haast niks en woog nog maar 63 kilo. Nu 71. Het heeft lang geduurd voor hij weer durfde te eten. "Daarnaast heeft hij een zware buikoperatie gehad. Dan een polsbreuk. Het één na het ander. En tegelijk hinkend op die andere gedachte: ik moet goed zijn op het BK op de weg. Sven kon op training altijd goed met me mee, maar als ik het gas opendraaide, wat een crosser nodig heeft, blokkeerde het bij hem."
Van Den Bosch: "Dat Sven Vanthourenhout nog steeds bij ons is, heeft juist te maken met al die redenen. Anders was het over."

Heb je hem of anderen ooit ondervraagd over het verleden?
Nys: "Neen. Als er ooit iets gebeurd is, wil ik het niet weten. Iedereen moet dit voor zichzelf uitmaken. Ik heb dat ook gedaan en ik profiteer daar nu nog van: ik lever prestaties die ik nooit had verwacht."

Stel dat je vijftien jaar jonger bent en het wielrennen is zelfreinigend zoals vandaag, zou je dan wel een wegcarrière overwegen?
Nys: "In 2002 reed ik tot de finale mee in Parijs-Roubaix, maar neen, ik zou nu niet naar de weg uitwijken. Ik ben blij dat de cross mede door mij is geëvolueerd: het professionalisme, de financiën, de media-aandacht, de fiets, de sponsoring. Ik heb daaraan meegeholpen. Daarna ben ik in een andere discipline naar de Spelen gegaan. Neen, als ik alles opnieuw kon doen, deed ik precies hetzelfde."

De cross loopt niet over van het talent, jou buiten beschouwing gelaten.
Van Den Bosch: "Svens talent is te vergelijken - in tests dan - met de betere wegrenners, ruim bij de beste twintig procent. Op de test in Energy Lab waarbij we elke vijf minuten het vermogen opvoeren, heeft Sven dit jaar de 460 watt vijf minuten lang uitgereden. Eén keer raakte hij halfweg de 500. Er zijn veel wegrenners die dat niet halen."
Nys: "Ik had op de weg niet kunnen verdienen wat ik nu verdien. Ik vraag me soms af waarom Lars Boom en Zdenek Stybar zijn gegaan. Voor de internationale erkenning? Sorry, maar ik heb niet te klagen over internationale erkenning. Jens Voigt breekt het werelduurrecord, ik feliciteer hem met een tweet en wat is zijn antwoord? Thanks, you are a legend. Dat doet goed, hoor."
Van Den Bosch: "Sven is een uitzondering. Hij heeft als atleet de kleinheid van zijn sport overstegen."

Jij hebt het eeuwige leven niet. Is bloedarmoede niet de grootste bedreiging voor het veldrijden?
Nys: "De kans bestaat dat het achteruit gaat. Daarom zal ik wellicht in die sport blijven. Ik wil de generatie na mij vragen om niet te veel aan kortetermijndenken te doen. Zo van: waarom zou ik in de VS gaan rijden als het ook hier goed verdienen is? Je investeert niet in je sport door rond de eigen kerktoren te blijven draaien.
"Als ik stop, zou de sport naar de dieperik kunnen gaan. Wellicht doen Wout Van Aert en Mathieu van der Poel dit jaar al volop mee. Van Mathieu ben ik bijna zeker. Als die gasten doorbreken, vegen ze de generatie Pauwels, Meeusen, Vantornout en Vanthourenhout van de kaart. Hopelijk crosst Mathieu nog een paar jaar. Ik zie hem snel naar de weg gaan."

Niemand spreekt nog over Niels Albert.
Van Den Bosch: "Ik vind het heel jammer dat hij is moeten afhaken. Maar hij zal ook snel vergeten zijn. Dat is de harde wet van de sport. Deed hij het nog wel graag? Ik had het laatste jaar de indruk dat hij er dikwijls erg ongelukkig bij liep.
"Dat Niels vroeger zou stoppen dan Sven, is ons wel eens voorspeld. Wel erg jammer dat het om gezondheidsredenen is."

Ligt er al een functie voor jou klaar, Sven?
Nys: "Ik heb hier mijn project op de Balenberg, waar we aan een centrum bouwen dat alle off-roaddisciplines combineert, met onder meer een moeilijke drop met rotsen voor de mountainbikers. Op grote kampioenschappen zien we soms parcoursen waar we amper af durven omdat we die techniciteit bij ons niet kunnen trainen.
Verder hoop ik op een functie in de opleiding. Geef mij maar iets dicht bij huis. Bondscoach? Dat lijkt vooral een logistieke functie. Ik ken bondcoaches die hele dagen auto's moeten wisselen. Cocommentator op tv, dat doe ik ook graag, maar dan ben ik weer de perfectionist, dan wil ik eerst álles weten over het peloton. En dan de mensen iets vertellen wat ze nog niet weten, daar zou ik het voor doen."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234