Woensdag 16/06/2021

De afdankertjes van Defensie

De panne van de defecte A330-Airbus van het Belgische leger afgelopen weekend in Alaska is tekenend voor het falende beleid rond de aankoop van militair materieel, stelt Wally Struys, oud-professor economie aan de Koninklijke Militaire School. “Defensie leasete die van de Portugese maatschappij HiFly. Dat is misschien op het eerste zicht goedkoop, maar ze zou beter gewoon zelf zo'n toestel nieuw aankopen. Dan heb je meteen ook modernere wisselstukken.”

Wally Struys vindt dat onze politici bij de opmaak van de defensiebudgetten al te zeer naar de korte termijn kijken, naar die ene legislatuur. “Op zich is er niets mis met value for money. Maar een te eenzijdige klemtoon op goedkoop materieel is een zeer verkeerde redenering. Heel wat economen met mij pleiten er voor om naar de volledige levenscyclus te kijken. Onderhoud en herstellingen incluis. En dan kan het best zijn dat een goedkope aankoop op termijn een pak duurder uitvalt.”

“Je mag niet vergeten: dat soort vliegtuigen, maar ook C130-vrachtvliegtuigen voor buitenlandse humanitaire opdrachten, vliegen zeer veel. De elektronica van de C130’s is dan wel al vervangen, het basismateriaal is ondertussen erg verouderd.” Komt daarbij dat de vervanger van de C130, de A400, er pas eind 2014 zal zijn, weet nog Wally Struys. “Normaal zou dat al dit jaar zijn, maar België staat als kleine klant nu eenmaal niet op de eerste rij.”

Dirk Deboodt, van de socialistische vakbond ACOD, bevestigt dat die C130’s verouderd zijn. “Constant belanden stukken uit de ene ‘oude tante’, zoals ze in het leger genoemd worden, in de andere die in panne staat.” Deboodt vindt het tegelijk de hoogste tijd dat de bestelde NH9’s de Seaking-helikopters, gebruikt bij reddingsoperaties in de Noordzee, komen vervangen. “Die Seakings moesten eigenlijk al lang uit roulatie gehaald zijn. Ze zijn tot op de draad versleten. Het gebeurt dat ze de Engelsen moeten bellen om de permanentie op zee waar te nemen, omdat alle Seakings defect aan de grond staan.”

Emmanuel Jacob van legervakbond ACMP geeft aan dat door de komst van André Flahaut (PS) als minister van Defensie (van 1999 tot 2007) minder gul militair materieel werd aangekocht dan voorheen. “Had men vroeger 50 voertuigen nodig, dan kocht men er 55. Dat is sinds Flahaut verleden tijd. Men koopt bijvoorbeeld net genoeg jeeps of pantservoertuigen. Met een optie om er later, wanneer er weer meer middelen zijn, extra aan te kopen. Daardoor is het materiaal sneller opgebruikt en moet men sneller opnieuw investeren.” Jacob vreest vooral voor de landmacht in de toekomst. “De C130’s, de werkbeesten van Defensie, zullen nog langer in de lucht gehouden moeten worden omdat de A400 almaar op zich laat wachten. De onderhoudskost voor de C130’s loopt zo op én de eerste facturen voor die A400 moeten ondertussen wel afgelost worden.”

Erfenis van Koude Oorlog

Tegelijk zit het Belgisch leger opgezadeld met een erfenis van verouderd materieel uit de periode van de Koude Oorlog. Wally Struys: “Neem bijvoorbeeld de Leopardtanks. Die hadden hun nut in de tijd dat je nog kon aangevallen worden door een serieuze Sovjettank. Defensie heeft er al van de hand gedaan, maar nog niet allemaal.” De voorbije dertig jaar vloeiden er bovendien verhoudingsgewijs steeds meer middelen naar militair personeel dan naar militair materieel. Struys: “In 1981 ging nog 23 procent van het defensiebudget naar militair materieel, verleden jaar nog maar 12 procent. Er zijn ook meer en meer buitenlandse missies gekomen, die militairen verdienen gemiddeld drie keer meer. Uit NAVO-statistieken van vorig jaar blijkt dat ons land qua bestedingen aan militair materieel na Slovenië het slechtst scoort. Zelfs Roemenië en Albanië investeren procentueel een groter aandeel van hun defensiebudget in materieel.” Deboodt: “De personeelskost maakt dik 70 procent van het totale budget uit, 50 procent zou ideaal zijn.”

Toch is niet alles kommer en kwel met het militair materieel in het Belgisch leger. Zo gooien de Belgische F16’s en mijnenvegers internationaal hoge ogen. Erwin De Staelen van de legervakbond VSOA-Defensie pleit voor gerichtere investeringen. “Defensie moet niet willen investeren in alles, in zowel de medische-, land-, zee- en luchtpoot van het leger. Ik zie meer heil in de verdere uitbouw van een Europees leger, en specialisaties binnen de lidstaten. De Duitsers zijn bijvoorbeeld erg sterk in rupsvoertuigen. Wel, dan moeten wij niet nog eens tweedehandse rupsvoertuigen willen aankopen bij het Nederlandse leger”.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234