Zaterdag 25/06/2022

AchtergrondVerdacht overlijden in wzc

De 100-jarige die achter de tralies belandde voor moord: ‘Alsof men wil zeggen: laat hem maar sterven in zijn cel’

Een oudere man kleurt mandala’s in. Het is ook zowat de enige bezigheid van Emiel de H. (100) in zijn Brugse cel. Beeld Penelope Deltour
Een oudere man kleurt mandala’s in. Het is ook zowat de enige bezigheid van Emiel de H. (100) in zijn Brugse cel.Beeld Penelope Deltour

Na een nachtelijke dooltocht door het woon-zorgcentrum vergiste Emiel de H. zich van kamer. Met een fleecedeken verstikte de licht dementerende man ‘de vreemde in mijn bed’. Acht maanden later zit de 100-jarige nog steeds achter tralies. Maandag komt zijn zaak opnieuw voor.

Douglas De Coninck

In de gevangenis van Brugge kleurt de oudste gedetineerde van het land de hele dag door mandala’s. Hij is daar erg goed in. Voorovergebogen over een prentenboek en een etui vol kinderkleurstiften levert hij precisiewerk af. Zijn bewakers ervaren hem als “een brave, vriendelijke man die nooit ergens over klaagt”.

Tenzij eenzaamheid, af en toe. Emiel de H. is zo’n hoogbejaarde die af en toe hardop informeert naar zijn dochter, en of die recent nog iets van zich liet horen. Waarna iemand hem nogmaals tot het inzicht moet zien te brengen dat zij er niet meer is. Net zo min als zijn zoon, die als twintiger omkwam bij een verkeersongeval.

Zijn dochter overleed iets meer dan tien jaar geleden, ook bij een verkeersongeval, toen ze vanuit Duitsland op weg was naar Destelbergen om zijn negentigste verjaardag te vieren. Emiel de H., zo valt te begrijpen, was toen nog vrij goed te been en helder van geest.

Drie van zijn vier kleinkinderen wonen in Duitsland. Bezoek is in gevangenissen al twee jaar lang verboden of heel strikt gereglementeerd. Emiel de H. ziet zo goed als niemand, behalve cipiers, verzorgend personeel en zieke medegedetineerden bij de medische dienst. “Hij heeft tv op zijn cel, maar keek z’n hele leven amper tv”, zegt zijn advocaat Jan De Winter. “Nu dus ook niet.”

Noodknop

Op 16 februari werd op het binnenplein van de gevangenis van Brugge een rolstoel met het stukje mens genaamd Emiel de H. erin in een boevenwagen van de FOD Justitie gehesen. Het donkergroene Mercedes-busje reed naar het justitiepaleis in Gent waar de man, bijgestaan door advocaat De Winter, diende te verschijnen voor de Kamer ter Bescherming van de Maatschappij (KBM).

“Hij stond erop de zitting zelf bij te wonen”, zegt de Gentse advocaat, gespecialiseerd in strafrecht. “Hij wou zich verantwoorden, voor zover mogelijk. Mijn cliënt is vrij helder nu. Enkele maanden daarvoor was dat niet zo. Na de feiten sprak hij tegen de muren. Er kwam alleen wartaal uit. Hij zat nog maar enkele maanden in het woon-zorgcentrum toen het gebeurde. Het is zo’n beetje het verhaal van de oude boom die misschien beter niet meer was verplant.”

De titel boven het bericht van persagentschap Belga op onze site, 23 juni vorig jaar: ‘99-jarige rusthuisbewoner opgepakt na verdacht overlijden medebewoner in Destelbergen’. Het parket, stond er, vorderde de onderzoeksrechter, die ter plaatse kwam in het gezelschap van de wetsdokter, het afstappingsteam van de federale politie en het technisch labo.

Emiel de H. verbleef pas vier maanden in het Kouterhof, een woon-zorgcentum (wzc) in Heusden, deelgemeente van Destelbergen. De nieuwe omgeving maakte hem blijkbaar onrustig. ’s Nachts ging hij door de gangen van de tweede verdieping dolen. In de nacht van zondag 20 op maandag 21 duwde bewoner André De Smet (75) meerdere keren op de noodknop. Toen de eerste verzorger na enkele minuten kwam kijken, bleek de man overleden. Verstikt. Het moordwapen was een fleecedeken en over de dader kon geen twijfel bestaan. Verzorgers hoorden Emiel de H., nog aanwezig in de kamer, zeggen: “Er ligt een vreemde in mijn bed.”

André De Smet was een erg populaire figuur in Heusden, als leverancier van brandstoffen, medeorganisator van Heusden-koers, seingever en lid van de cultuurraad. Hij zat nog maar een jaar of twee aan zijn rolstoel gekluisterd na een hartfalen. De Smet was al het derde slachtoffer van een zogenaamde ‘rusthuismoord’ in goed een jaar tijd. Na die op een dame van 99 in Gent en een man van 85 in Anderlecht. De plegers waren ook toen verwarde mederesidenten die niet meer uitleg konden verschaffen dan Emiel de H. dat kon.

Geïnterneerd

Op 8 oktober 2021 moest Emiel de H. voor de raadkamer in Gent verschijnen. Die moest oordelen of hij zou worden geïnterneerd dan wel beoordeeld door een assisenhof, met een volksjury zoals in De twaalf.

Jan De Winter: “Het duurt al snel twee jaar om een assisenproces georganiseerd te krijgen. De kans dat mijn cliënt dat nog haalt lijkt – laat ons realistisch zijn – niet zo groot. Hij heeft een blanco strafregister, hij herinnert zich niets over die nacht. Ik hoorde de openbaar aanklager tijdens de zitting van de raadkamer zeggen: ‘Als hij maar één keer om de honderd jaar iets doet, acht ik het risico klein.’ Uit het strafonderzoek is gebleken dat hij licht dementerend is en gehandeld heeft in een delirium. Hij werd daarvoor al beschouwd als psychotisch.”

De raadkamer beval zoals verwacht de internering, zoals ook in de twee andere bekende gevallen. Internering impliceert opname in een gespecialiseerd forensisch psychiatrisch centrum. De nabestaanden van André De Smet konden ermee leven dat het niet tot een assisenproces hoefde te komen. “Het was voor mijn cliënten vooral belangrijk dat de feiten bewezen werden geacht”, zegt Femke De Backer, advocate van twee zonen. “Wij hopen nu op een snelle verdere afhandeling op burgerlijk vlak zodat het verwerkingsproces kan beginnen. Wij blijven wel met vragen zitten over hoe dit in een woon-zorgcentrum is kunnen gebeuren.”

Regenpijp

Jarenlang, tot haar dood in 2014, organiseerde Emiel de H. in zijn woning in Destelbergen in zijn eentje de mantelzorg voor zijn echtgenote. Na haar dood ging het langzaam bergaf met hem. Op 19 maart 2015 sprak de vrederechter van het vijfde kanton in Gent de wilsonbekwaamheid (in goederen) over hem uit. Emiel de H. werd voor het beheer van zijn financiën onder bewindvoering geplaatst bij de Gentse advocate Marleen Heymans. Het Belgisch Staatsblad maakte melding van een maatregel “tot instelling van een nieuwe beschermingsstatus die strookt met de menselijke waardigheid”.

Zijn buren herinneren zich een wat teruggetrokken figuur, dagelijks in de weer met klusjes aan zijn woning. Tijdens de eerste lockdown zagen ze hem nog op een ladder klimmen om de oude zinken regenpijp tussen zijn dakgoot en de afvoer te vervangen door een witte in pvc. Het moet een van de laatste praktische verwezenlijkingen zijn geweest van Emiel de H.

Hij nam de coronamaatregelen erg ter harte. Altijd een deugdelijk mondmasker. Zeer beperkt in zijn sociale contacten, ook al had hij er op zijn leeftijd nog amper. Hij behoorde tot de eersten in de rij voor het vaccin en spoorde de mensen in zijn omgeving ertoe aan zich ook te laten prikken. De eerste verontrustende signalen kwamen rond die periode. Emiel de H. trok binnenshuis een radiator los. Hij verbeeldde zich opgesloten kinderen in de emmers die hij had opgemerkt in een geparkeerde auto in zijn straat. In paniek probeerde hij het portier te forceren. De buren moesten tussenbeide komen.

Uw VAHP-attest?

Ooit was Emiel de H. een gewaardeerd spreker. In de archieven van de Vlaamse Vereniging voor Familiekunde (VVF), afdeling Waasland, is een uitnodiging terug te vinden voor een lezing op donderdag 22 april 1993 in het Castrohof in Sint-Niklaas. Emiel de H. is dan 72 jaar oud. De uitnodiging zegt: “De heer Emiel de H. spreekt over de Evolutie van een Wapenschild.”

Hij heeft, zo staat er, ter illustratie van zijn uiteenzetting een tentoonstelling voorzien, een diaprojector en een set dia’s met afbeeldingen van wapenschilden van verschillende vormen, kleuren en tijdsgewrichten. Ook al laat het bakstenen werkmanshuisje met de witte pvc-regenpijp in het centrum van Destelbergen niet direct zoiets vermoeden, Emiel de H. is van adellijke komaf. Hij stamt af van een 19de-eeuwse baron die zijn titel dankte aan zijn verdiensten bij de Académie d’Archéologie de Belgique.

In het archief van de VVF Waasland is een transcriptie terug te vinden van de lezing van Emiel de H., die avond. Hij spreekt: “Tijdens de opzoekingen moet men dikwijls de bezitters, heren van heerlijkheden en domeinen in de oude schriften, raadplegen en die hadden of hebben nog een wapen. Het wapen kan ons soms de weg wijzen naar de gronden en plaatsen waar onze voorouders in dienst stonden van die heren of abdijen.”

Had iemand hem die avond gevraagd of hij al een VAPH-attest had, dan had Emiel de H. het niet minder in Keulen horen donderen dan zijn advocaten nu. Jan De Winter: “Deze man heeft zijn hele leven stipt zijn belastingen betaald. Hij heeft tot zijn pensioen altijd gewerkt en zijn bijdrage aan ons zorgsysteem geleverd. Na de internering hebben we verschillende gespecialiseerde instellingen gecontacteerd. Ik kreeg overal een nee. Want: mijnheer heeft geen VAPH-attest. Hij had dat attest moeten aanvragen, zegt men, voor zijn 65ste en hij heeft verzuimd dat te doen.”

Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) is opgericht in 2006. Beetje lastig, zo lijkt het, om voor je 65ste een attest aan te vragen bij een dienst die pas 20 jaar later zal beginnen bestaan.

Nieuwe zitting

“Ik begrijp niet goed waarom ze in deze zaak naar ons verwijzen”, reageert Karina De Beule bij het VAPH. “De filosofie achter het VAPH-attest is dat een handicap, bijvoorbeeld blindheid, je verhindert om een normaal werkend leven te leiden en inkomen op te bouwen. Vandaar die leeftijdsgrens. In deze zaak hebben we het, begrijp ik, over een psychische aandoening op latere leeftijd. Strikt genomen is het voor een instelling geen vals argument om een VAPH-attest als vereiste te stellen, maar het probleem dat u schetst lijkt mij eerder verband te houden met een vrij recente ommeslag in het beleid waarbij men in Vlaanderen forensische psychische zorg tracht te organiseren.”

Bewindvoerder Marleen Heymans: “Ik begrijp het niet goed. Wat is het nut van zo’n VAPH-attest? Waarom kunnen we niet volstaan met onze identiteitskaart? Onze cliënt is tot zijn 99ste thuis blijven wonen, weliswaar met de nodige omkadering. Hij heeft tot het écht niet meer ging zijn eigen boontjes gedopt. We hadden gehoopt om hem voor zijn 100ste verjaardag te kunnen bevrijden uit de gevangenis, wat tot hiertoe niet lukte.”

In 2013 verbleven 1.169 geïnterneerden in Belgische gevangenissen – mensen die daar net als Emiel de H. helemaal niet horen te zitten. Ons land werd hiervoor meermaals op de vingers getikt door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Dankzij de oprichting, vanaf 2014, van forensisch-psychiatrische centra (FPC’s) in onder meer Gent en Antwerpen kon het totale aantal in 2018 worden teruggebracht tot 529, maar sinds 2019 gaat het weer de hoogte in. Vorig jaar waren het er 695.

“Na 2018 zijn er weinig grote uitbreidingen qua zorgcapaciteit bijgekomen”, zegt Kathleen Van De Vijver van het directoraat-generaal Penitentiaire Inrichtingen. “In Vlaanderen is de gecreëerde zorgcapaciteit zo goed als steeds bezet. Dit zet heel wat druk op het aantal beschikbare plaatsen, met soms lange wachtlijsten voor bepaalde zorgsettings.”

Vooral de hoven van beroep in Gent en Antwerpen sturen volgens Van De Vijver steeds vaker mensen die nood hebben aan psychische zorg naar de gevangenis. De Vlaamse FPC’s worden zo verplicht tot lastige keuzes over wie ze opnemen. Waar ze vooral niet op lijken te zitten wachten is een 100-jarige.

Vorige week woensdag boog de Kamer ter Bescherming van de Maatschappij zich opnieuw over de zaak. Deze keer verkoos Emiel de H. een nieuwe mandala boven een transport per boevenwagen.

Jan De Winter: “Ik kan begrijpen dat men hem in het woon-zorgcentrum waar het drama zich afspeelde, niet terug wil. Maar is de gevangenis werkelijk het enige alternatief dat wij als samenleving deze man te bieden hebben? De instellingen die wij contacteerden, schermen nu met het argument van het niet hebben van de ‘excellentie’ om met zijn specifieke situatie om te gaan. Men zegt dat er ‘op langere termijn geen perspectief op verbetering kan geboden worden’. Op langere termijn? Hij is 100 jaar. Het voelt alsof men wil zeggen: laat hem maar sterven in zijn cel.”

De Kamer ter Bescherming van de Maatschappij hervat maandag de behandeling van de zaak.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234