Donderdag 21/11/2019

'Darwin is nog altijd niet uit de problemen hoor!'

Alle begrip voor de gelovigen, zegt professor-emeritus Etienne Vermeersch, maar als zij echt redelijk zijn, of zijn kersverse boek Over God lezen, zullen ze tot andere gedachten komen. 'Al blijft het vooral voor moslims moeilijk om van religie los te komen.'

De nazomer heeft een warme dag gebracht. Maar nu tussen de bomen in Melle de avond valt, komt prille frisheid over de wangen gestreken. Op het tuinpad liggen de eerste bladeren, okergeel en bruin. Binnen, in het huis waar Etienne Vermeersch en zijn vrouw al sinds de jaren zeventig wonen, brandt het licht. "Het wordt herfst", merk ik op. Vermeersch mompelt iets wat op "inderdaad" gelijkt, maar is druk met het doortasten van jas- en broekzakken. Identiteitskaart kwijt - en dat is knap vervelend.

Geen nood, anderhalf uur en een interview later, als de duisternis totaal is en van de vegetatie alleen zwarte silhouetten overblijven, duikt het kleinood alsnog weer op, ergens achterin de Volvo. Oef! Opgelucht staat netjes.

De Gentse professor-emeritus Vermeersch (82) heeft helse dagen in het verschiet, we hebben beloofd hem niet lang te zullen storen. Maar terwijl hij me naar het station terugbrengt, blijft ons gesprek doorgaan: over 'B'reshit bara Elohim et hashamayim ve'et ha'aretz' nog wel, 'in den beginne schiep God de hemel en de aarde', de eerste zin uit het boek Genesis. Het feit met name dat de prof gefascineerd is door het partikel et, dat in het Hebreeuws aan het lijdend voorwerp voorafgaat. "Dat is een kenmerk dat die taal vreemd genoeg met het Spaans gemeen heeft."

Uitgepraat zijn we niet, zo te zien. Net zomin als er over Vermeersch' oude vertrouwde stokpaard, God, uit te praten valt. Over God, luidt simpelweg de titel van zijn jongste boek, dat dit weekend verschijnt. Nóg een.

"Twee teksten daaruit, 'Kort vertoog over de god van het christendom' en 'Postscriptum over de god van het christendom', dateren uit de jaren negentig", licht Vermeersch toe. "De rest - een voorwoord, de eerste en tweede inleiding, het zesdelige nawoord en het besluit, zijn nieuw."

In een glasheldere stijl, met een empathische toon ook jegens zijn gelovige tegenstanders, fileert hij het christendom, een van de meest succesvolle, zij het perfide levensbeschouwelijke doctrines ooit bedacht - aldus de auteur.

Vermeersch refereert uiteraard aan zijn eigen levensloop: hoe hij als diepgelovige tiener een eerste crisis te verwerken kreeg na lezing van Walschaps Zuster Virgilia; hoe hij er niettemin van overtuigd bleef dat liefde, rechtvaardigheid en vriendschap onmogelijk te funderen vielen buiten God; hoe hij het klooster intrad maar alsnog afhaakte - einde verhaal, nieuwe doorstart.

Over God behandelt ook het thema van de cognitieve dissonantie, de psychische pijn die mensen voelen als blijkt dat hun diepste overtuigingen niet standhouden, en levert zowel algemene als Bijbelse argumenten voor de non-existentie van het opperwezen. Als coda serveert Vermeersch, die ook een beknopte excursie naar de islam maakt, enkele recente ontwikkelingen in het westerse denken over God. En ja, nu en dan duikt in het boek ook een scheut humor op.

We zitten binnen, in het warme ruimte waar Vermeersch kantoor houdt. En waar te roeren noch te keren valt, volgestapeld als het vertrek is: boeken op de grond, boeken aan de wand, boeken op het werkblad - de biotoop van de geleerde.

Het gaat erg over religie tegenwoordig. En dus, bevestigt Vermeersch, blijft zijn werk actueel. Het atheïsme dat hij voorstaat heeft bovendien een tweede adem gekregen dankzij de New Atheists, een invloedrijke, Angelsaksische groep intellectuelen waar de beroemde Richard Dawkins toe behoort. Met God in the Age of Science heeft ook de Nederlandse filosoof Herman Philipse een monumentaal maar specialistisch werk uit, dat voor Vermeersch aanleiding was om een en ander nog even voor een breder publiek uiteen te zetten.

Levert het christendom in ons tijdvak, in het Westen, niet sowieso al een achterhoedegevecht? Was het nodig om op die spijker te blijven kloppen?

Vermeersch: "Wel, er is een aantal mensen dat ik in mijn boek als pierewieters omschrijf (lacht), mensen die beweren dat God bestaat, zonder dat je het kunt bewijzen of weerleggen, zonder dat je God behoorlijk kunt definiëren ook. Toch doen ze alsof God een realiteit is en schrijven ze allerlei zaken aan hem toe. Rik Torfs, met wie ik goed opschiet, is een typische pierewieter. Daarnaast heb je types als (de ook Leuvense wijsgeer-emeritus, ld) Herman De Dijn, die ik als traditionalisten beschouw omdat ze de religie op traditionele wijze blijven koesteren, vooral wegens de rituelen en ethische overlevering. En dan heb je lieden als jezuïet Roger Lenaers, die ik de nieuwe groep gelovigen noem: ze aanvaarden alles wat de atheïsten aanvaarden, weigeren alles wat ook maar enigszins verwijst naar het bovennatuurlijke, naar de goddelijkheid van Christus en naar de verrijzenis, en houden enkel nog vast aan hun geloof in een zekere oergrond. Welnu, al die groepen heb ik in mijn werk voor ogen gehad."

En u heeft ook een onderdeel aan de islam gewijd. U beklemtoont dat het voor moslims veel moeilijker is om afscheid te nemen van hun geloof dan voor christenen.

"Dat heeft vooral te maken met het feit dat afvalligheid van het geloof daar strafbaar is, meer nog, dat daar in principe de doodstraf op staat. Al wordt die in de praktijk wel omgezet naar gevangenisstraf of, zoals (wijlen de Egyptische islamitische hoogleraar, ld) Nasr Abu Zayd is overkomen, naar ballingschap. Hoewel Abu Zayd zichzelf een moslim bleef noemen, werd zijn vrouw verplicht om van hem te scheiden. Er zijn ook stemmen als (de seculiere Pakistaanse auteur, ld) Ibn Warraq, maar dat blijven uitzonderingen. Radicale religiekritiek blijft in moslimlanden onmogelijk, de denkers die er wel mee bezig zijn worden door moslims amper gelezen."

Is die publieke houding jegens ongeloof zo vreselijk anders dan wat in het christelijke Westen het geval was, tot een flink eind in de 20ste eeuw?

"Ja, want in het Westen bouwen we voort op een evolutie die al sinds de 18de eeuw in een stroomversnelling gekomen is. In West-Europa en delen van Noord-Amerika hadden we toen al een intellectuele top onder wie sommigen atheïst geworden waren. Anderen waren, zoals Voltaire, deïst geworden, lieden dus die hooguit nog een soort niet-christelijke schepper aanhingen. Je had ook een aantal gelovigen, vooral protestanten, die bepaalde aspecten uit het Nieuwe Testament lieten vallen."

Aspecten zoals?

"De maagdelijkheid van Maria, bijvoorbeeld. Protestanten aanvaarden dat Jezus broers en zussen had, wat impliceert dat Maria geen maagd gebleven was, niet semper virgo was, dus. Wel, sommige katholieken konden er ook mee leven dat Jezus broers en zussen had, al bleven ze volhouden dat hij wel uit een maagd geboren was, zonder tussenkomst van een man.

"Enfin, systematisch lieten gelovigen dingen vallen - sommige mirakels uit Johannes bijvoorbeeld - zoals ze gaandeweg ook nieuwe elementen integreerden, neem Charles Darwin. Creationisten in de VS gaan nog altijd voor een letterlijke interpretatie van het scheppingsverhaal. Maar in de katholieke kerk wordt de evolutietheorie intussen wel aanvaard, al moet je dan accepteren dat op een bepaald moment in de evolutie ook de ziel geschapen is. Daar biedt Darwins theorie echter geen plaats voor."

Het christendom heeft zich als het ware laag voor laag laten uitkleden.

"Ja, met als resultaat dat je bij een brede waaier geloofsopvattingen uitkomt die zichzelf allemaal christelijk noemen maar eigenlijk niet echt meer geloven, mensen bij wie de verrijzenis van Christus niet langer een materieel gebeuren is maar een symbool van hoop. Ze geloven met andere woorden in iets dat je niet kunt beschrijven en waar je amper iets over kunt zeggen. Dat alles heeft gemaakt dat, anders dan in de islam, de weerstand tegen het atheïsme hier verzwakt is. Zelfs in vergelijking met de jaren 90, toen ik mijn uitspraken deed op VTM (die Vermeersch op onbegrip kwamen te staan, waarna hij zich verduidelijkte met teksten die ook in zijn nieuwe boek zijn opgenomen, ld). Als ik diezelfde dingen vandaag herhaalde zou er waarschijnlijk geen haan nog naar kraaien."

Is het atheïsme ook wereldwijd aan een opmars bezig?

"Het gaat toch traag hoor. In Engeland, de Noord-Europese landen en delen van Amerika is die opmars reëel onder invloed van het New Atheism, maar in diezelfde VS is bij ruim de helft van de bevolking de weerstand nog zeer sterk. In Zuid-Amerika loopt het ook niet storm en in Afrika is nog niets gebeurd. Azië is anders. In Japan zijn ze zo goed als atheïstisch: ze houden er wel allerlei rituelen op na maar van geloofsopvattingen is daar weinig sprake. In India bestaat er een intens geloof in allerlei goden maar ook daar geeft het ritueel de doorslag, niet wat mensen daar zelf bij denken."

U schrijft, zeg maar, over de Jeruzalemse god: Jahweh, God en Allah, het monotheïsme, de Ene, de Ware, de Almachtige Schepper die geen concurrentie of tegenspraak duldt. Staat u milder tegenover pakweg pan- of polytheïsme?

(lacht) "Op dat vlak ben ik even atheïstisch als de christenen, hé. Christenen staan atheïstisch tegenover alle goden behalve de hunne. Idem dito voor de moslims: ze zijn atheïstisch tegenover andere religies. Maar over het algemeen zijn pan- en polytheïstische religies veel ritueler en doen geloofsinhouden of dogma's er minder toe, dat klopt."

U schrijft dat u soms met weemoed aan uw christelijke tijd terugdenkt. Hoezo dan?

"Dat doe ik natuurlijk ten dele om duidelijk te maken dat ik veel begrip heb voor mensen die in een bepaald levensbeschouwelijk stadium zijn blijven zitten. Geef toe, niet iedereen heeft mijn filosofische vorming of kloosterachtergrond gehad. Niet iedereen kent het christendom zo goed als ik.

"Een ander cruciaal element is dat van het zingeven. Veel mensen zeggen dat zonder God het leven geen zin heeft, en in die logica zat ik aanvankelijk ook. Maar dat is uiteraard niet correct: het leven heeft zin voor zoverre je er zelf zin aan geeft. De gedachte dat de zingeving buitenaf aan ons is toegekend, is pas door de godsdienst zelf ontstaan. Daar hadden de oude Grieken geen probleem mee hoor! Die wisten dat het leven zich niet in het hiernamaals afspeelde, maar híér (tikt met de wijsvinger op de tafel). Een roemrijk leven, zeker als krijger, was belangrijk. Voortleven deed je vanuit de roem van je daden, voortleven deed je in je kinderen, niet in een of ander paradijs.

"De gedachte dat de zin van het leven buiten onszelf ligt, kun je enkel volhouden als je denkt dat we ergens voor gemaakt zijn, ergens voor geschapen zijn. Welnu, wij mensen zijn helemaal nergens voor geschapen, we zijn er gewoon. Vanuit onze eigen opvoeding en cultuur proberen we onze eigen doelstellingen te preciseren: een gezin stichten kan een waardevolle zingeving zijn, je medemens helpen ook, genieten van het leven."

Het is dat dit een interview is, maar Vermeersch is professoraal. Meer dan eens vergeet ik mijn opdracht en laat ik me verleiden tot een hoorcollege. Het gaat onder meer over hoe de wetenschappen in Griekenland vanuit de wiskunde ontstaan zijn, hoe de wetenschappen een intrinsieke tendens tot ontwikkeling bezitten en dat het logisch is dat, als je een driehoek bestudeert, je je vervolgens aan een vierkant en aan een vijfhoek waagt.

Vermeersch weidt uit over Galilei, de optica, statica en hydrostatica, over de stadscultuur die vanaf 1300 in Europa ontstond en hoe al die onafhankelijke steden in Vlaanderen, Frankrijk, Engeland, Duitsland en Italië met elkaar in concurrentie traden. Zodra er ergens een uitvinding gedaan was, wilden anderen nog beter doen. De Venetianen waren erin geslaagd uiterst helder glas te maken. Ze slepen lenzen, daar kwam de bril uit voort, gevolgd door het vergrootglas, de telescoop, de microscoop enzovoort. Wetenschap, technologie en kapitalisme gingen hand in hand.

Neen dus, betoogt Vermeersch, de westerse vooruitgangsgedachte heeft niets te danken aan het christendom en de daarin besloten toekomstverwachting.

"De gedachte aan het hiernamaals beschouwt het aardse leven zelfs als volstrekt onbelangrijk. Zoals Paulus schreef: 'We hebben hier geen blijvende woonstede.' Als het christendom al een rol gespeeld heeft, dan vooral als weerstand. Hoe lang heeft Copernicus moeten strijden om aanvaard te worden? En Darwin? Die is nog altijd niet uit de problemen hoor!"

U kent de religieuze geschiedenis op uw duim. Hoe is het gesteld met de Bijbelkennis van de gemiddelde gelovige?

"Absoluut slecht. Ik had onlangs een discussie met leerlingen aan een katholiek college. Die hadden zeker twaalf jaar godsdienstonderwijs gekregen, maar over het christendom wisten ze van toeten noch blazen. Er zat ook een moslim in die klas, die kon veel beter uitleggen wat de islam was."

Ziet u binnen die islam alsnog ruimte voor secularisering?

"Ja, en die bestaat vandaag al. Er zijn moslims die allerlei dingen overboord gooien. Vooral in Europa zul je die evolutie stilaan zien, al wonen de meeste moslims natuurlijk in moslimlanden. Daar blijft de weerstand tegen verandering enorm."

Gelooft u in een Europese, democratische, geseculariseerde islam?

"Kijk, ik heb daar met (de Zwitsers-Egyptische academicus, ld) Tariq Ramadan over gesproken. Hij is natuurlijk wel voor een Europese islam, maar dat verandert voor hem niets aan de fundamentele geloofswaarheden. Ik heb hem toen gevraagd: 'Waarom interpreteer je de islam niet als (de Algerijnse filosoof, ld) Mohammed Arkoun?' En zijn antwoord luidde: 'Die heeft geen succes in moslimlanden!'

"Mensen die geen succes hebben in moslimlanden, Arkoun dus, Abu Zayd of een Rachid Benzine, daar moet Ramadan niet van weten, hij houdt vast aan ideeën die in de islamwereld zelf aanslaan. Zo komt het dat, in plaats van de steniging van overspelige vrouwen te veroordelen, Ramadan hooguit een moratorium vraagt. Maar voor hoelang vraag je dat dan, zo'n moratorium? Voor de komende duizend jaar?" (haalt de schouders op)

U bent ongelovig, maar stel dat u zich grandioos vergist hebt en dat u na uw dood plots toch voor God staat. Wat zou u hem dan vertellen?

"Ik zou zeggen dat hij het nogal bont gemaakt heeft. Je moet maar durven hé: met een Oud Testament afkomen waarin openlijk, tientallen keren in de diverse boeken, gesteld wordt dat er geen positief leven bestaat na de dood. En dan plots, in één boek, Daniel, spreek je wel van een positief leven na de dood! Dan zeg ik: 'Sorry hoor, God, maar je hebt gelogen dat je zwart zag.'"

Dan repliceert God misschien: 'Vermeersch, maak dat je wegkomt!'

"Dan zou ik naar de hel moeten hé, naar Satan! A propos, daar staat de islam nog dichter bij dan het christendom hoor. Het kwaad dat in de wereld gebeurt, is volgens de Koran door Allah gewild. Maar bon, het goede nieuws is natuurlijk dat God helemaal niet gelogen heeft. Hij wist van niets, hij kon het niet weten."

"Euh... Wanneer was uw trein alweer?"

Etienne Vermeersch. Over God. Uitgeverij Vrijdag, 142 p. Het boek ligt morgen, zaterdag, in de boekhandel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234