Maandag 26/10/2020

Dansschool PARTS haalt zijn grand cru's boven

Andros Zinsbrowne, Eleanor Bauer en Tarek Halaby, drie studenten van PARTS, de dansschool die Anne Teresa De Keersmaeker tien jaar geleden oprichtte, laten hun kunnen zien. U zult in de toekomst nog vaak horen van deze drie dansers.

Door Pieter T'Jonck

BRUSSEL l Als studenten van PARTS hun werk tonen, is dat voor de kijker altijd een gok. Rijp en onrijp werk staan kriskras door elkaar. Bij deze jaargang vielen echter enkele grand cru's te ontdekken.

Andros Zinsbrowne (VS) had een primeur: voor het eerst vulde een student een volle avond met vijf werken. Die gaan methodisch van een solo naar een kwintet. Ze vertonen meteen een groeiende complexiteit en raffinement. De eerste stukken zijn slim opgebouwd, maar achter de dans voel je duidelijk het skelet van een vooraf uitgewerkte 'issue'. In zijn solo White Out toont een basketbal spelende Zinsbrowne bijvoorbeeld hoe strak de beeldvorming over kleurlingen gecodeerd is. Het sterke van het stuk is dat zijn persona van basketter als vanzelf verglijdt in andere beelden, zoals een poetsman, een aap of een achtervolgde delinquent.

Recreations uit 2005 is echter een reuzensprong vooruit: semiotische spelletjes, die al bij al nogal recht voor de raap zijn, maken plots plaats voor een intrigerende propositie. Vier uitstekende performers - naast Zinsbrowne ook Sandra Iché, Matthieu Bajolet en Eugénie Rebetez - dollen rond als kinderen die zich bekeken weten. Ze monsteren het publiek immers rechtstreeks en uitdagend. Alleen lijken ze zich toch geen barst aan te trekken van elkaar of het publiek. Alsof ze op automatische piloot spelen. Het effect, de zin of de richting van hun handelen is weg. Ze doen maar wat. Een willekeur die je voortdurend op het verkeerde been zet. Ongemerkt rijst zo de vraag waar een beeld als dit fout loopt. Wanneer zijn we mensen?

Die vraag komt in Limewire op een andere manier terug. Als vijf jongeren op 'Smells like Teen Spirit' vier of vijf keer na elkaar uit de bol gaan, valt op de duur niet hun individuele uitdrukking van een revolte, maar de hallucinante gelijkenis in bewegingstaal op. Revolte als een ander geval van 'copy and paste', het wordt hier ontnuchterend zichtbaar.

Ook Eleanor Bauer (VS) exploreert de onbestendige betekenis van bewegingen. Je kunt haar echter minder betrappen op een nadrukkelijke 'issue'. Haar 'thema' is de vraag hoe het 'frame' van een actie ook zijn betekenis bepaalt. Of eerder: heel veel betekenissen uitsluit om één bepaalde lezing op te dringen. In de uitzinnig grappige solo Eleanor! uit 2004 haspelt ze een stand-up comedy, een lecture-performance en een dansje door elkaar. Dat leidt op het eerste gezicht vooral tot een ironische bespiegeling over de problemen van een kunstenaar om zijn weg te banen in een overbezet landschap.

Het interessantste deel is echter het dansje. Dat stelt op zich niet veel voor. Het is een patchwork van dansante gemeenplaatsen, dat enkele malen herhaald wordt. Door de herhaling dringt echter de vraag zich op of dit iets meer voorstelt dan een grap van de zich prostituerende voor-elk-wat-wils artiest. Het venijnige is dat Bauer, voor ze letterlijk verdwijnt, daar een prompt antwoord op geeft. Ze verklaart elke beweging alsof het de logica zelf was, al voel je zo dat de uitleg kant noch wal raakt. Waarmee ze, ex absurdo, toont dat tekst noch kader beweging kunnen dekken.

Empathy empathy empathy (authorship is a black hole) uit 2006 demonstreert een zelfde sensibiliteit voor het paradoxale vermogen van bewegingen om te veel en te weinig te zeggen. Bauer zelf, Sandra Iché, Femke Gyselinck en Federica Porello gaan door drie 'bedrijven'. Eerst parodiëren ze vrouwenportretten. Die lopen op niets uit. Een tweede scène onder het licht van een discobal laat ons vaag extatische, verstilde vrouwenbeelden zien. Volgt een korte uiteenzetting die stelt dat een beweging pas betekenis krijgt als ze afgerond wordt. Pas als er een punt gezet wordt achter het gebaar zien we wat het betekend heeft. Het laatste deel doet niets anders dan met bewegingen in slowmotion dat 'punt' uitstellen. 'Let's Get Physical' van Olivia Newton-John plaatst dan toch dat (ironisch) eindpunt, of op zijn minst commentaar: de fysieke daad is wat ze is, en betekent om wat ze is, punt of geen punt.

Tarek Halaby (Jo/VS) laat, in het succulent duet Love. Death. My life with Tin-Yu. Oh wait I am you met SueYeon Youn, alle uitleg achterwege. Stel je iets voor als een duet tussen een man en een vrouw die in ijltempo alle westerse sprookjes en legendes, van Sneeuwwitje tot Romeo en Julia doorkruisen. Stel je meteen voor dat de actie de vorm aanneemt van een blockbusterfilm met spectaculaire onderwaterscènes. En voeg daar een bizarre verwisseling van de seksen aan toe. Om de gedachten enigszins te bepalen weliswaar. Deze briljant-virtuoze onzin doet intuïtief iets wat Zinsbrowne en Bauer eerder door een intelligente constructie bereiken: tonen hoe bizar de randen van onze zelfbeelden er wel uit kunnen zien.

Werk van Tarek Halaby en Federica Porello is vanavond in de Beursschouwburg in Brussel te zien. In Amsterdam kunt u van 27 tot 29 juni op het ITs-festival een selectie van PARTS-werk zien. In Marseille zijn op 7 en 8 juli alle eindwerken van PARTS te zien. www.parts.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234