Zondag 18/04/2021

'Dankzij poëzie ben ik geen gewelddadig man'

Eind jaren vijftig trok hij op met beat poets Allen Ginsberg en Jack Kerouac, zelf noemt Amiri Baraka Malcolm X als grootste invloed. 'Die hele Occupy-beweging is een schitterende zaak', zegt de eeuwige angry young man, vanavond te bewonderen op het Spoken World-festival in Brussel.

"Wat mooi, al die protesterende mensen op straat hier! Hoe meer mensen op straat komen, hoe beter. Kwaad zijn is goed." Een hotel in het centrum van Brussel, gisterenmiddag. Amiri Baraka (77) is net geland uit New York. Oogt wat versuft, maar ledigt kwiek een glas Stella. "Vroeger dronk ik de hele dag door whiskey en rum", lacht hij. "Maar nu ik diabetes heb, kan ik me dat niet meer permitteren."

Vermoeide botten, frisse ideeën. Vanavond bestormt de activistische poëet het Brusselse Kaaitheater. Samen met rising star Saul Williams serveert hij Black Power of Speech. Een portret, aan de hand van enkele legendarisch geworden citaten.

"Who live on Wall Street/The first plantation/Who cut your nuts off /who rape your ma / Who lynched your pa." (uit het gedicht 'Somebody Blew Up America', 2001)

Dat hij zowel Occupy Wall Street, Occupy LA als Occupy Minneapolis bezocht in de voorbije maanden, vertelt Baraka. En dat het hem goed is bevallen. "Die hele Occupy-beweging is een schitterende zaak", zegt hij, het vuur in de ogen plots oplichtend. "Ze maken duidelijk dat het systeem misschien wel sneller zou kunnen instorten dan de meesten denken. Ik steun hen, en ik denk dat ze nog wel een tijd onder ons zullen blijven."

Na de dood van Malcolm X in 1965 stampte Baraka de Black Arts Movement uit de grond. De artistieke tak van de Black Power-beweging, zeg maar. Politiek en kunst, onafscheidelijk. "Veel jongeren klampten mij op Occupy Wall Street aan en vroegen om mijn opinie", zegt Baraka. "Dus ja, ik voel me wel degelijk een invloed voor de protesterende jeugd van vandaag."

Ondanks zijn hoge leeftijd is Baraka zijn proteststem nog steeds niet kwijt. "Ik steun Obama", zegt hij. "Maar ik heb wel kritiek op de manier waarop hij de Amerikaanse banken heeft gesteund. Net zoals ik felle kritiek heb op de invasie van Libië. Maanden voor de inval schreef Fidel Castro, een van de grootste politici van de twintigste eeuw, wat er ging gebeuren. Alles wat ik toen heb gelezen, is intussen helemaal bewaarheid."

"Nobody sings anymore."

(uit 'Poetry of Black America, The Anthology of the 20th Century', 1973)

Zelf schrijft Baraka nog elke dag. Volgend voorjaar moet The Most Dangerous Man in America in première, een nieuw toneelstuk. Opvolger van onder meer The Dutchman, Blues People: Negro Music in White America en Black Art. Theaterstukken, jazzessay's en gedichten. Succesvol en controversieel tegelijk. Eind jaren vijftig, begin jaren zestig trekt Baraka, toen nog LeRoi Jones, in de New Yorkse kunstenaarswijk Greenwich Village op met beat poets als Allen Ginsberg en Jack Kerouac. "Onvermijdelijk reflecteer ik af en toe over vroeger", zegt hij. "Maar helemaal niet obsessief. Ik ben vooral erg verbaasd dat ik zo oud ben geworden. De meeste van mijn vrienden van vroeger zijn dood. Onlangs verloor de wereld nog Gil Scott-Heron bijvoorbeeld: that's a problem."

Met onder meer Saul Williams staat er niettemin een nieuwe lichting angry young men klaar. Al laait de racismestrijd anno 2011 minder hoog op dan in volle Black Power-tijd. "De verkiezing van Obama heeft een rem gezet op de Black Power Movement", zegt Baraka. "Maar je kunt politiek en kunst volgens mij nog steeds niet uit elkaar halen."

"I'm inside someone who hates me."

(uit 'An Agony. As Now', 1964)

Na de dood op Malcolm X in 1965 ruilt LeRoi Jones zijn naam in voor Amiri Baraka. Greenwich Village voor Harlem, ook. Maar vooral: gedichten over liefde voor gedichten over ontvoogding, eigenheid en de suprematie van het zwarte ras. Baraka sleept verschillende prestigieuze onderscheidingen in de wacht, zoals zijn selectie voor de American Academy of Arts and Letters. Niettemin oogstte hij eveneens forse kritiek. Homohaat, Jodenhaat, blankenhaat: alles is Baraka intussen verweten. "Een paar weken voor zijn dood had ik nog urenlange gesprekken met Malcolm", besluit Baraka. "Moslim ben ik dan wel nooit geworden, Malcolm is nog steeds de grootste invloed in mijn leven. En dankzij poëzie ben ik gelukkig geen gewelddadige man geworden."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234