Maandag 24/01/2022

Daniël Termont

Er was de harde campagne, de dood van zijn vader, en meteen daarna het verbluffende resultaat van de verkiezingen. Juichen en rouwen tegelijk. Maar tijd om op adem te komen is er amper, Gent moet immers vooruit. Burgemeester Daniël Termont: 'Over zes jaar moeten de mensen in een andere stad wonen. We moeten studenten uit de huizen halen en die teruggeven aan de gezinnen.'

Rond en vlezig zit hij achter zijn bureau. Met het aplomb van een Romeinse prelaat: knikje in het hoofd, handen gekruist over het gezellige embonpoint. Ook nog een stem als een klok. Op de avond van de verkiezingen verklaarde hij zich een eilandbewoner in Vlaanderen.

Dan toch met aftrek van enige eenzaamheid.

Daniël Termont (59) is een walm van liefde die in de huid van de stad is gekropen. De meest aanraakbare Gentenaar. Uitvouwbaar van wijk naar wijk, van buurt tot buurt. Altijd weer willen samenvallen met kind en gezin, met Turk en Pool. En ja, dan zit je daar ineens met een absolute meerderheid en ruim 44.000 voorkeursstemmen.

Heet dat geluk? Het timbre wordt in ieder geval gretiger, voller.

"Het is mijn taak om zoveel mogelijk Gentenaars gelukkig te maken. Aan hen sta ik mijn publieke geluk af. Maar het is natuurlijk een troostrijke gedachte als zoveel mensen zien dat je dag en nacht in de weer bent voor hun stad.

"Ik zit al 36 jaar in dit stadhuis. Als gemeenteraadslid, als fractieleider, als schepen, als burgemeester. Wie kan zich dat voorstellen, 36 jaar? En er zit geen gram sleet op, kan ik u zeggen. Ik ben mij iedere dag bewust van het privilege. Van jongs af sta ik met een missie in het leven. Nee, niet als bouwheer, hervormer of ideoloog. Als regisseur. Ik wil de regie voeren. Vroeger in de jeugdbeweging van de mutualiteit, nu als burgemeester. Ik zeg altijd: als burgemeester moet je maar één vinger hebben, en tegen morgen moet alles in orde zijn. Grapje, natuurlijk, maar ik verdraag moeilijk stilstand. Mijn medewerkers weten dat, maar ze hoeven daarom nog niet te vrezen voor ontploffingsgevaar. Ik ben zelden of nooit boos."

Il faut que ça bouge, dat blijkt ook uit dit avondlijke gesprek. Op geen enkel moment languissant op het saaie af. Geen gezever. Wolligheid hoort niet bij het Gentse socialisme. En reken maar dat hij een socialist is. Donkerrood zelfs. "Ik leef niet naar het marxisme, maar ik voel wel naar het marxisme. Ik ben allesbehalve een liberaal, toch heb ik de afgelopen zes jaar goed samengewerkt met Open Vld. Loyaal en actief. Dan is het voor mij voor de hand liggend dat je die coalitie doortrekt naar de toekomst.

"Ik zou zeer teleurgesteld in mezelf zijn als ik er niet zou in slagen de oude partners bij elkaar te houden in een nieuwe coalitie. Met een vernieuwd beleid op basis van ons programma, uiteraard. Waarin ook de groenen en de liberalen hun gading kunnen vinden. Iedereen moet met een gelukkig gevoel naar zijn achterban kunnen gaan, dat is nu mijn opdracht. Met drie partijen kan Gent door een sterke meerderheid worden bestuurd."

Het zijn weer slopende dagen, zegt hij. Maar metaalmoeheid is hem niet aan te horen. De passie is onaangetast. Alleen zomaar op tafel springen, zoals vroeger, dat kan natuurlijk niet meer. "Dat laten mijn gewrichten niet toe. Ik droom nog altijd dat ik op een dag weer kan voetballen. Utopie, helaas. Ik was vroeger een echte back, maakte al slidings nog voor het woord bestond. Dat zit er niet meer in. Al sluit ik niet uit dat ik sta te dansen als straks de eerste aftrap wordt gegeven in het nieuwe stadion van AA Gent. Daar heb ik twaalf jaar aan getrokken. Een nachtmerrie was het soms.

"Op mijn negentiende ben ik gaan werken bij de Mutualiteit der Jonge Arbeiders. Propagandist, noemde men dat in die tijd. Iedere vrijdag schreef ik een pagina in de Vooruit vol over gezondheid en zo. Dat heb ik tien jaar volgehouden, tot ik directeur werd van het vakantiecentrum De Ceder in Deinze. Na een jaar kreeg ik gelukkig assistentie van iemand die echt kon schrijven."

Slidings

Het zijn vuile dagen in de politiek. Omkoping, overspel, alom gebroken woorden. Daniël Termont kijkt met verbazing en verachting naar het miserabilisme bij de gemeentelijke coalitievorming. "Ik heb er altijd voor gewaakt om niet in een positie te komen dat ik een gegeven woord moest breken. Ik zou het niet willen meemaken en ik zou het ook niet doen. Dan houd ik liever de eer aan mijzelf. Al die overlopers en verraders worden binnen de kortste keren door iedereen verfoeid.

"Nu zie je weer de contouren van een moreel deficit in de politiek. Hoeveel minachting mensen voor elkaar kunnen hebben, ofschoon ze jarenlang hebben samengewerkt. Ik ben geen minnaar van de liberalen, maar een woord is een woord. Verraad is mij gelukkig bespaard gebleven. Ik heb wel veel discussies gehad binnen de partij. Op een bepaald moment werd gedreigd dat ik uit de partij zou worden gezet. Omdat ik te actief was. Als jong gemeenteraadslid had ik het bestaan een voorstel neer te leggen voor de oprichting van een jeugdraad in Gent. Dat was dus not done, als je eigen partijgenote schepen van Jeugd is. Een wat fragiele oude dame, trouwens. Enfin, verder heb ik altijd redelijk mijn gang mogen gaan."

Weg solidariteit

In een interview met de Nederlandse VPRO-radio haalde de Gentse burgemeester snoeihard uit naar Bart De Wever. "Ik neem geen woord terug van wat ik daar gezegd heb. Ik kreeg koude rillingen bij de speech van De Wever. Ik hoorde klanken uit de jaren dertig. Die houding, dat roepen in die harde, onverzoenlijke taal. Al even akelig was de wijze waarop hij met zijn mensen naar het stadhuis marcheerde. Om nog te zwijgen van de gruwelijke balkonscène.

"Ik begin stilaan bang te worden van die Vlaams-nationalistische retoriek. De Wever sprak met geen woord over Antwerpen. Hij had het alleen over Vlaanderen en confederalisme en natuurlijk ook over Di Rupo. Zo ga je op verkiezingsavond niet om met je eigen stad.

"Dewinter is een wolf, De Wever is een wolf in schaapsvacht. Je maakt mij niet wijs dat als je vijftig mandatarissen van Vlaams Belang naar je stal haalt, dat zo'n overstap niet weegt op een partij. Die verkleuring is onvermijdelijk. Was het niet Filip Dewinter die nog eens fijntjes herinnerde aan het verleden van De Wever met Le Pen?"

Enige nuance is toegestaan. "In 2009 heb ik gezegd dat de N-VA een verfrissend en progressief geluid meebracht in de Vlaamse regering. Met dat regeerakkoord was niets mis. Nu zie ik de N-VA alleen maar verrechtsen. Zelf zeggen ze dat VOKA (Vlaams netwerk van ondernemingen, red.) hun eigenlijke werkgever is. Waar sta je dan nog met je solidariteit?

"Ik hoorde de heer Bracke tijdens de verkiezingscampagne zeggen dat migratie positief kan zijn op voorwaarde dat de binnenkomers bemiddeld zijn en een bijdrage kunnen leveren aan de maatschappij. Zeg maar het Australisch-Canadese model. Dat je het durft te zeggen. Ik heb hem toen toegesnauwd: 'Als gij burgemeester van Gent wordt, pak ik mijn valies en ben ik weg.' Bracke dacht dat het volstond om gauw zes weken over straat te lopen om een vracht voorkeurstemmen binnen te halen. Dan ken je de Gentenaars niet. Je moet de mensen ook eens een hand willen geven."

Plechtig: "Ik ben ook Vlaming, meneer Camps. Maar in het Vlaanderen van Bart De Wever vind ik niets meer terug van solidariteit. In dat Vlaanderen vrees ik zelfs voor het voortbestaan van de democratie."

Juichen en rouwen

Na zijn dankwoord op de televisie, de avond van de verkiezingen, greep Daniël Termont haastig een tweede keer naar de microfoon. Hij was vergeten zijn vader te groeten en te danken. De donderdag daarvoor had hij op een burgerlijke plechtigheid afscheid van hem genomen.

Juichen en rouwen: hoe doe je dat in een zegegebaar?

Het blijft lang stil. Dan: "Je hebt geen keuze in die extremen van vreugde en verdriet. Je moet er doorheen. Ik heb niet de tijd gehad om op een behoorlijke manier afscheid te nemen van mijn vader. De dag van zijn uitvaart heb ik mijn campagne onderbroken. Alleen die dag. Maar ik kan u zeggen: hier in deze kamer heb ik bij momenten alleen zitten huilen. Ik had een tekst gemaakt voor zijn uitvaart. Ik heb hem niet kunnen voorlezen, overmand als ik was door verdriet. Nu troost ik mij dat hij ongelooflijk fier zou zijn geweest op de uitslag die ik in Gent heb gescoord. Maar de echte verwerking moet nog komen.

"Ik ben gestempeld door de opvoeding van mijn ouders. Ze hebben me altijd veel vrijheid gegeven. Tot ik weer eens te ver ging - dan vloog ik naar bed. Mijn vaste straf was: en nu naar bed! Het uur van de dag maakte niet uit. Mijn vader was een middenstander: inkoop en verkoop van alles en nog wat, meubelen, oud ijzer... De bedoeling was dat ik hem zou opvolgen. Hij had al een vrachtwagen met een kraan voor me gekocht; ik zou in oud ijzer en metalen gaan. Ik werd schepen. Mijn vader zei: 'Ik laat de vrachtwagen nog zes maanden staan, en als je dan niet gekozen hebt, verkoop ik hem.'"

Deze burgemeester heeft ook de slimme oogjes van een dynamische middenstander. "Dat kan ik natuurlijk niet van mezelf zeggen. Maar als u het zegt... Het is wel zo dat ik van kinds af aan in de handel zat. Toen ik een jaar of twaalf was, ging ik al naar openbare verkopingen in Antwerpen, terwijl mijn vader en grootvader in het café zaten te kaarten. Ik ben geboren in een woonwagen, maar heb nooit armoede gekend. Je wordt dan vanzelf gerekend tot een lagere laag van de bevolking.

"Ik ben van opleiding boekhouder. Mijn moeder dacht dat dat wel goed zou zijn voor de zaak. Toen ik gevraagd werd als schepen van Haven en Economie kreeg ik ook te horen: jij bent de enige die een balans kan lezen. "Dat is dan zo."

De raketten van Claes

Uiteraard waren zijn ouders van liberale strekking. Hoewel zijn moeders vader als syndicale délégué van de dokwerkers actief was.

"Op mijn veertiende heb ik besloten dat ik volbloed socialist zou worden. Ik had een vriendinnetje dat bij de PVV-jongeren was. Mijn vrienden waren Jongsocialisten. Ik ging naar de thé dansants van de PVV-jongeren voor de meisjes en naar de club van de Jongsocialisten voor de pinten. Er komt toch een dag dat je moet kiezen. Ik had me laten uitleggen wat het marxisme was. Sindsdien is de drive om mensen te helpen, desnoods ten nadele van mijn eigen leven, alleen maar gegroeid.

"Ik heb als socialist enorme kansen gekregen. Ik werd gevraagd om directeur te worden van de Volvofabriek. Een andere keer om het investeringsprogramma rond Flanders Export te leiden. Bij het afscheid van Caroline Gennez werden ballonnetjes opgelaten: of ik geen zin had om partijvoorzitter te worden. Ik heb nooit over mijn prioriteit getwijfeld: dienaar van de publieke zaak in Gent.

"U zegt nu wel dat ik een robuuste socialist ben. Maar met de rakettenkwestie had ik het vreselijk moeilijk. Ik was een geweldige vredesactivist. Ik kon het niet hebben dat Willy Claes de partij onder druk zette om voor plaatsing van kruisraketten te kiezen. Omdat Gilbert Temmerman zich tijdens de stemming had onthouden, ben ik in de partij gebleven. Gilbert kon ik niet in de steek laten.

"Met het generatiepact had ik het ook moeilijk, maar de innerlijke strijd was niet zo heftig als met de raketten."

Als havenschepen reisde Termont de wereld rond. Vooral Latijns-Amerika fascineerde hem. Hij is zeer vereerd dat hij ereburger is geworden van Asunción in Paraguay. In Chili werd hij ook geridderd.

"Brazilië was de grootste klant van de haven. Het was een genot om bij de Braziliaanse vrienden te zijn. Na twee, drie vergaderingen had ik al begrepen dat de onderhandelingen in Latijns-Amerika of in het Spaans of in het Portugees gaan. Ik ben dus Spaans en Portugees gaan leren. En ik spreek het nu, ja. Ik ben altijd een grote diplomaat geweest. Al vechtend groot geworden, want je moest je wel weren, maar je ook in een ander kunnen inleven om de meeste klappen te ontwijken. Inlevingsvermogen heeft me als havenschepen vaak geholpen."

Waar de niet te stuiten drive vandaan komt, weet hij ook niet. Genetische doem? "Het zit zeker in de genen. Maar ook: een plebisciet stimuleert, maakt adrenaline los. Maar mijn populariteit is toch vooral het resultaat van hard werken, goed bestuur en de boel bij elkaar houden. Het laatste is belangrijk, op alle vlakken. In het college, bij het personeel, in de hele stad. Ik ga overal naartoe, ook als ik niet ben uitgenodigd om een toespraak te houden. Soms klop ik zomaar bij de mensen aan en maak dan een praatje. Frank Beke deed dat in zijn tijd ook al.

"U zegt nu dat Frank meer een perkamenten meneertje was, maar hij wist evengoed als ik dat je een stad als Gent niet kunt besturen vanuit dit chique bureau. Mijn adagium is: als burgemeester vervang ik de pastoor en de postbode. Beide functies zijn in onze samenleving uitgehold, zoals u weet. Ik verzet mij tegen de verkilling van de samenleving. Mensen hebben behoefte aan een 'klapke'. Zopas kreeg ik een brief van ouders die me schreven dat hun kindje enkele weken geleden stierf, het was pas een jaar oud. Ik ken die mensen niet. Maar ik ontvang ze wel om hen te helpen hun verdriet te verwerken. Dat kan ik niet laten.

"Mijn verkiezingsresultaten zijn er altijd op vooruitgegaan. Soms met een paar honderd stemmen, maar wel vooruit. Het heeft ook te maken met geluk, natuurlijk. In Gent had ik als tegenstander niet de populairste politicus van Vlaanderen, zoals Patrick Janssens die in Antwerpen wel had. Speculaties of ik het tegen De Wever beter had gedaan dan Patrick zijn zinloos. Janssens heeft ook zes jaar krom gelegen voor zijn stad. Met een andere stijl dan de mijne - hij is van natuur wat koeler, maar daarom niet minder geëngageerd."

Schuldgevoel

Alreeds als jongetje was hij de leider. Kapitein van de voetbalploeg, hoofdredacteur van het schoolkrantje, jeugdleider.

"Ik kan niet stilzitten, behalve om te slapen. Misschien ben ik wel een beetje hyperkinetisch. Ik heb altijd voor twee geleefd. Toen ik trouwde zei ik tegen mijn vrouw: 'Meiske, ik zie u doodgraag, maar ik ga niet lang leven. Hooguit veertig. Ik leef voor twee, werk voor twee, ga uit voor twee, ik eet en drink te veel.' Al is het laatste nu een stuk minder. Een burgemeester kan natuurlijk niet halve nachten in de stad blijven hangen.

"Mijn familie is belast met de ziekte van Huntington. Een erfelijke ziekte waarbij de hersenen sneller afsterven dan het lichaam. Het is eigenlijk Russische roulette. Ook daarom zijn mijn vrouw en ik kinderloos gebleven. Er zijn wel andere kinderen in de familie die onze liefde hebben."

Soms is er een schuldgevoel. "Dat ik denk: ik zie mijn vrouw weinig of niet en het leven gaat voorbij. Zij brengt het offer. Ik leef niet het normale leven van een echtgenoot. Als ik iedere avond thuis wil zijn en in het weekend het gras wil afrijden, had ik iets anders moeten doen. Maar het is waar, met het ouder worden neemt het schuldgevoel toe. Alleen, thuis is wel thuis. Daar komt geen pers in.

"De laatste weken heb ik vaak dagen alleen op sandwiches geleefd, terwijl ik wel houd van lekker eten. Voor nu zondag had ik een tafel voor acht gereserveerd, voor de familie. Er zal er dus een ontbreken, en dat schuurt."

Populariteit of populisme, het is vaak een stippellijn. En soms lijkt het een chemisch geheim. Daniël Termont heeft niet doorgeleerd voor populisme, maar: "De mensen hebben gevoelige antennes voor de oprechtheid van een discours. Ik heb al die jaren het gevoel gehad dat ze mij geloven. De laatste dagen kwamen mensen mij zeggen: 'Ik heb voor u gestemd, maar breek verdomme wel die schaapstal af.' Met die schaapstal bedoelden ze de onlangs geopende stadshal. Een uniek project. Men zal van heinde en verre komen om dit kunstwerk te bewonderen. Dat er ook veel kritiek op zou komen, wist ik op voorhand. Ik kan daarmee leven."

Hij staat nog altijd achter de woorden van Joop den Uyl: de samenleving is maakbaar. "Als burgemeester kun je richting geven aan de dingen. Maar niet alles lukt. Ik had gehoopt dat we de afgelopen zes jaar de strijd tegen de armoede zouden winnen. Nee dus, het ontbrak ons als stad aan de juiste instrumenten.

Onnozelaars

"De komende jaren zullen in het teken staan van mobiliteit. Over zes jaar moeten de Gentenaren in een andere stad leven. Ik ben verliefd op het beleid in Kopenhagen. Daar is men erin geslaagd de auto's uit de stad te halen. Zelfs een boulevard van zes rijvakken werd gesloten voor auto's. Men overweegt nu de binnenstadparkings dicht te gooien. Gent moet de meest kindvriendelijke stad van het land worden."

Zonder rem op de groei van universiteiten en hogescholen gaat de stad kapot, zegt hij. "Een van de problemen in deze stad is wonen. We moeten studenten uit de huizen halen en die teruggeven aan de gezinnen. Er zit een grens aan de universitaire groei. En trouwens ook aan het toerisme.

"Een zorgvuldig integratiebeleid heeft ons behoed voor een clash tussen culturen en samenleving. Je hebt altijd overal wel wat onnozelaars rondlopen, maar met één telefoontje van de burgemeester staan de imams binnen het uur in mijn bureau. Over de instroom van zesduizend Roma worden veel indianenverhalen verteld, maar ik kan u garanderen dat het aantal herriemakers beperkt blijft tot vijftien families. Ik ga er zelf geregeld naartoe om te zeggen dat ze hun manieren moeten houden. Dan spreek ik forse taal, hoor."

Een spiritueel houvast hoeft niet. "We zijn in stof gekomen en in stof zullen we gaan. Daartussen ligt een mensenleven. Ik heb mijn plechtige communie gedaan, maar daar is het bij gebleven. Ik ben actief pluralist, beter gezegd vrijzinnig: humanist. Ik heb een vriendschapsrelatie met onze bisschop, en met de imams kan ik ook perfect door een deur. Maar geloof kan mij geen houvast bieden, ook niet in moeilijke momenten."

Volgende maand zouden zijn ouders hun diamanten bruiloft hebben gevierd. Zestig jaar getrouwd. "Mijn vader keek er zo naar uit. Ik ben straks zelf zestig. Wie kan zeggen dat hij zestig jaar met zijn ouders heeft mogen samenleven? Dan ben je een ongelooflijk gelukkige man. Dan hoort klagen niet."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234