Zondag 01/11/2020

'Dance is zo fuckin' knuffelbaar geworden'

COMEBACK. Zo'n kwarteeuw ver in zijn bestaan eist The Prodigy opnieuw een plaats op. Alleen: de dancewereld ziet er vandaag helemaal anders uit. 'Waag het echter niet om ons af te schrijven als een oude dinosaurus.' Hooguit als een oude, sluwe vos, benadrukt de groep. Gunter Van Assche

"Hoe kun je in godsnaam níét wakker liggen van ons?" Liam Howlett, de man achter de knoppen van The Prodigy, kijkt uitdagend de kamer rond. In het Londense designhotel Soho werpt hij die opmerking voor onze voeten, net voor we afscheid nemen. Is het een retorische vraag? Een fractie van een seconde staan we aan de grond genageld. Wat als hij een eerlijk antwoord verwacht? Hoe beoordeel je een groep die in de jaren negentig spraakmakend was, maar sinds de eeuwwisseling vooral een nostalgische reflex oproept?

In de nasleep van hun iconische plaat Music for the Jilted Generation (1994) schopte The Prodigy woester om zich heen dan een Tasmaanse duivel met rabiës, terwijl het de grenzen van seks en geweld opzocht en desgevallend verlegde. Maar tijdens de 21ste eeuw ging het op een drafje. Waarom de wereld toch wakker bleef liggen van The Prodigy? Al die tijd bleef de elektropunkgroep als festivalact hors catégorie: onveranderd doken ze op als headliners, en zelfs twintig jaar na datum kunnen hits als 'Poison', 'Firestarter' en 'Smack My Bitch Up' de garantie bieden op een kolkende moshpit.

Een dinosaurus? Dat is The Prodigy dus niet, mijnheer. "Al zijn we verschillende keren op sterven na dood verklaard", knikt Howlett. Een publiek geheim is dat het binnen de band niet meer boterde, toen drugsexcessen en intriganten stokken in de wielen staken. Zijn kompanen Keith Flint - de maniakale clown - en de reusachtige MC Maxim werd ingefluisterd dat ze een groter deel van de koek verdienden. Veel willen Maxim en Howlett daar niet over kwijt. "Zelfs onze vrienden porden ons ooit aan om solo te gaan", herinnert Howlett zich wel. De geflopte plaat Always Outnumbered, Never Outgunned (2004) was ook effectief een veredelde soloplaat, waarop de producer nauwelijks op de diensten van zijn twee vrienden rekende. Een letterlijk gezichtsloze plaat delfde ei zo na het graf van de groep.

Geen prooi, wel jager

Met Invaders Must Die (2009) trok The Prodigy opnieuw van leer als een op bloed beluste pitbull. De eigen wonden hebben ze vandaag ook gelikt op The Day Is My Enemy. Die plaat moet zes jaar later aantonen dat de groep een onwrikbaar front vormt. De vos die op de hoes van hun nieuwe plaat over de stad uitkijkt, geeft dat mee aan. "Zo'n vijftien jaar geleden was The Prodigy niet langer losgeslagen wild, maar aangeschoten wild", legt Howlett uit. "Op een bepaald ogenblik werden we echt beticht van alle kwaad. Zo zouden we beïnvloedbare jongeren hebben aangezet tot brandstichting door 'Firestarter'. Verder zouden we huiselijk geweld en vrouwenhaat goedkeuren omwille van 'Smack My Bitch Up'. In Amerika werd onze muziek zelfs even uit de rekken gehaald! Met het beeld van de vos zeggen we zoveel als: we weigeren een prooi te worden, we willen de jager zijn. De vos beschermt ook zijn territorium: dat is The Prodigy anno 2015."

Howlett lijkt er dan ook gerust op dat hun elektronische machtsvertoon zich vandaag kan handhaven tussen alle andere lords of the dance. De knoppenman snuift alleszins omstandig wanneer Ibiza ter sprake komt. Een van de songs op de nieuwe plaat draagt overigens de naam van dat feesteiland. "Een antihymne", noemt hij die ultrakorte punkuitbarsting op de plaat, waarin de moderne dj-cultuur op de hak wordt genomen door gastzanger Jason van Sleaford Mods. Het is een uitgestoken middelvinger naar alle platenruiters die de sporen geven aan "een scene die het aan ballen ontbreekt".

"Plug it in, pre-mixed, all bought it
It's all about the gear
Bleached-hair wanking mates just flown in on the lear
Private-jet, personal flyer."

(uit 'Ibiza')

Nee, namen van dubieuze dj's wil hij niet noemen. Al grinnikt hij even later veelbetekenend wanneer we namen opgooien als David Guetta en Calvin Harris. "Noteer wel even dat ik niets tegen die jongens heb. Superster-dj's als Sven Väth vind ik zelfs te gek, omdat die over fantastische skills beschikken. Maar al die wankers die een hele set op hun USB-stick pleuren en dan met de handjes staan te wuiven achter de draaitafel: nee, daar gaat mijn bloed van koken. In Ibiza heb ik gezien hoe zulke neppers toegejuicht werden. Op welk ogenblik is het publiek ooit akkoord gegaan dat hen zomaar iets op de mouw gespeld kon worden?"

De huidige staat van elektronische dansmuziek (EDM) zint Howlett ook niet bepaald. In zijn ogen heeft het niets meer met echte dance te maken, maar met pure popmuziek. Bedoeld om het grote geld binnen te rijven. "Ik voel me heus niet verheven boven de hitlijsten. Die muziek verschijnt alleen niet op mijn radar. Mijn grootste ergernis is dat elektronische muziek gekaapt lijkt door de popindustrie. Dance is zo zacht en godverdomme knuffelbaar geworden. En dat terwijl deze donkere tijden net vragen om rebelse statements. That's the exact time when The Prodigy hits back. Wij proberen de balans te herstellen. Zie ons als de b-kant van elke popplaat die vandaag grijsgedraaid wordt. (lacht) Onze verantwoordelijkheid? Confronterende songs op de wereld loslaten met een schurende, bijtende sound. Dit is onze aanval op de middelmaat."

"Ik had graag een bunker in mijn achtertuin willen aanleggen", onderbreekt Maxim grinnikend het gesprek. "Gewoon om al deze songs te testen. Zo moet The Prodigy beluisterd worden: pokkeluid. Als je ons live ziet, voel je pas echt hoe de muziek in ons hoofd klinkt. Dat was ook de drijfveer voor deze plaat: hoe kunnen we alles zwaarder, luider, woester doen klinken? Het had geen zin voor ons om mee te gaan in de stroom van hedendaagse elektronische muziek. Daar wordt altijd voor de veilige optie gekozen. Dit zijn fastfood times, waarin kids gedwangvoederd worden met muziek. Hap, slik, weg. Van een echte cultuur, zoals die waarin wij zijn opgegroeid, is geen sprake. The Prodigy is altijd zichzelf kunnen blijven, eigenzinnig en onafhankelijk, omdat onze voorbeelden dat ook waren."

Innerlijke storm

Het gesprek belandt bij de oorspronkelijke titel van de plaat. Die had How To Steal A Jet Fighter moeten heten: een groteske daad van revolte tegen het systeem. "Vond ik gewoon een geestige titel", schokschoudert Howlett. "Maar terwijl ik 's nachts de laatste hand legde aan de muziek, herinnerde ik me plots een song van Cole Porter. De zin 'the day is my enemy, the night is my friend', vatte heel het gevoel van deze plaat samen, en mijn levensmotto als nachtdier. Deze plaat schetst een duister, niet van gevaren verstoken nachtleven. Een wereld die tot leven komt wanneer de brave mensen hun gordijntjes sluiten."

Hij ziet ons glimlachen. De groep schermt al een heel gesprek met gevaar, terwijl beide heren in een designzetel achter een buffetschaal vol vers fruit zitten. "Ik ben in het dagelijkse leven ook helemaal geen geweldenaar", verdedigt Howlett zich. "Maar wanneer ik muziek maak, verandert er iets. Een innerlijke storm steekt op en gaat pas liggen wanneer ik de studio of het podium verlaat. In de pub ga ik heus niet iedereen die me scheef aankijkt een ram op zijn gezicht verkopen. Maar alle opgekropte woede gulpt er tijdens een concert uit. Dat is bij de andere jongens trouwens net zo."

Hoe ze het al een kwarteeuw op die manier uitzingen, willen we nog weten. "Het is niet aan ons om dat te analyseren", vindt de knoppenman. "Al hou ik van de gedachte dat onze rauwheid zo echt is, dat niemand ons ooit kon doorprikken. In het andere geval hadden we onmogelijk zo lang kunnen meedraaien. Ik ben er trouwens best wel trots dat we als groep zo lang overleven, terwijl we altijd zelf de verantwoordelijkheid over ons lot hebben gedragen. Hoe moeilijk het soms ook was, het geloof in onszelf is nooit helemaal verdwenen. Ook nu niet. We denken dat er nog altijd behoefte is aan anger music: feestelijk, maar wild en onberekenbaar. Hoe kun je dus in godsnaam niet wakker liggen van ons?"

The Day is My Enemy is net uit bij Cooking Vinyl. The Prodigy speelt op 27 juni op Rock Werchter.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234