Zaterdag 07/12/2019

Dag Dora

In 1991 zei ze het mooi: 'Ik ben niet bang. Niet voor de ouderdom. Niet voor de dood. Wel voor de berusting.' Woorden van Claire Goll die Dora van der Groen uitsprak alsof ze van haar waren. En dat waren ze wellicht. Zondag overleed de actrice, die 88 werd. Rust is niet hetzelfde als berusting.

Je zag haar niet meer. Als een klein vogeltje verdween ze de laatste jaren uit de aandacht. Een woord dat hier niet toevallig staat. Dora van der Groen hamerde op de aandacht in een prachtig interview dat Anna Luyten in 2002 met haar had voor Canvas. Rubriek 700 was de titel van die parel, gisteren opnieuw bovengehaald, 40 minuten ontroering. Daarin zij zei dan hoe aandacht, tederheid en je tijd nemen de basis waren voor alles. Voor werk. Voor leven. En voor liefde. En meteen nadien: "Je kunt niks vasthouden. Als ik morgen dood ben, dan staat het hier allemaal nog. Je kunt dus niks bezitten. De dag dat je dat inziet, is een grote bevrijding. Maar we leven in een maatschappij van hebben. We worden gebrainwasht om te hébben. Daar zou je gelukkig van worden. Het is juist omgekeerd. Als je kunt loslaten, dan word je pas gelukkig."

Het was niet haar testament, maar misschien een les voor alle politici die gisteren hun oprechte rouw tweetten. Zo gaat dat vandaag in 2015. Cultuurminister Sven Gatz (Open Vld) schreef dat "deze leading lady ook als toneelpedagoge en toneelregisseur theater en film naar een hoger niveau tilde". Vlaams minister-president Geert Bourgeois (N-VA) noemde haar op Twitter "de moeder van de Vlaamse theater- en filmgeneratie". Meyrem Almaci (Groen): "Een monument is heengegaan." En Wouter Beke (CD&V): "Wat zullen we haar talent missen."

Dat deden we al even. In 2012 was het bericht gekomen dat Dora van der Groen in een zorginstelling was opgenomen. Dat vreselijke woord dementie was gevallen. Uitgerekend dat, een gesel voor een vrouw die met woord en geheugen en verbeelding groot was geworden. Die, in diezelfde documentaire, vertelde hoe ze als peuter eind de jaren 20 thuis in Antwerpen op tafel werd gezet. "Ik moest een 'kopke' doen", glimlachte ze. Iets geks met haar hoofd op tafel en dan een voetje uitsteken: pa en ma Van der Groen applaudisseerden. "Ik leerde eruit dat ze me graag zagen als ik zoiets deed. Allicht is het daar begonnen."

Toch eerst nog even naar nu. Want we schreven 'uit de aandacht' en 'missen' en laatste jaren van veel vergeten. Maar het archief van deze krant laat haar naam alleen in 2015, wat dus het jaar van haar overlijden blijkt te zijn, minstens vijftien keer terugkeren. Er gaat geen interview met acteurs voorbij zonder dat Dora van der Groens naam valt. Recent nog Vic De Wachter, in de interviewreeks Meesters van het doek van Margot Vanderstraeten en Stephan Vanfleteren in DM Magazine: "Eén vrouw heeft volgens mij (...) een hele generatie acteurs klaargestoomd om voor een breuklijn met de vorige generaties te zorgen: Dora van der Groen. (...) En tegen mij zei ze: 'Iedereen zegt dat jij zo goed speelt, nietwaar Vic? Wel, ik zal je eens wat zeggen: je speelt helemaal niet goed.'" Een citaat verder geeft De Wachter toe dat dat hard aankwam. "Maar ze had gelijk."

Scrol verder in het archief en wie kom je dan allemaal tegen. Lucas Vandervost, Johan Van Assche, Frank Focketyn, Warre Borgmans, Tom Van Dyck en Joke Emmers. Allemaal les gehad van haar nadat ze in 1978 artistiek leider van de toneelafdeling van het Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium in Antwerpen was geworden. Haar opleiding werd later zelfs 'Toneel Dora van der Groen' gedoopt. Tot die in 2002 fuseerde met Studio Herman Teirlinck. Nog namen? Ook Jonas Van Geel studeerde bij haar. Dora's oordeel was dat hij te gelukkig in het leven stond. Van Geel, in De Morgen daar ooit over: "Die uitspraak heeft me aan het denken gezet. Ik snapte wat ze bedoelde: er moest fond bij komen, een extra laag, als ik een goed acteur wilde worden." Kevin Janssens wees ze af bij het ingangsexamen. Idem voor Gert Verhulst.

Dat applaus voor dat 'kopke' was geen toeval: vader Van der Groen - een familie met Nederlandse wortels - was cellist in het orkest van de opera van Antwerpen. Aandacht, alweer, voor kunst en muziek: daar was ze haar ouders dankbaar voor. Alleen die cello... "Als vader solo's inoefende, moest moeder met mij gaan wandelen. Ik kon die vibraties niet aan. Het was een soort overgevoeligheid die ik gelukkig later in mijn vak en in mijn leven kon gebruiken."

Ze speelde zelf piano, "tot de sonates van Beethoven", maar koos dan voor toneel. "Maar je kunt niet én pianist zijn én toneelspeler", zei ze in Rubriek 700. "Bovendien kon ik niet binnen blijven. Ik ben een buitenmens. Ik heb lucht nodig. En de seizoenen."

Dat klinkt een béétje vreemd voor iemand die in het theater ging spelen. 1943 was dat, zestien pas, toen ze les ging volgen aan het Hoger Instituut voor Toneel en Regie van Joris Diels. Dora danste bij Lea Daan en volgde tussen 1944 en 1946 les aan het Koninklijk Conservatorium. Dat is bijna 70 jaar geleden en toen startte Studio Herman Teirlinck. Ze hoorde tot de eerste lichting studenten van Teirlinck. In datzelfde interview: "Hij was een serene geweldenaar. Een aristocraat, voor wie we respect hadden. We zetten zijn stoel klaar, namen zijn stok en zijn hoed aan. Want wie kwam er binnen? Onze ziel kwam binnen."

Over Herman Teirlinck zou ze altijd lovend spreken. Na de opleiding kan ze meteen aan de slag als actrice bij de Koninklijke Nederlandse Schouwburg (KNS), maar al na één jaar verlaat ze die. Voor het avontuur met Tone Brulin, die haar man zal worden. Ze wagen zich aan klein cabaret, aan poppentheater en aan Theater op Zolder. Haar leven wordt een aaneenschakeling van toneel, maar ook film. In 1955 debuteert ze in Roland Verhaverts speelfilm Meeuwen sterven in de haven, maar hetzelfde jaar speelt ze - als gastactrice - bij de KNS tientallen keren in De regenmaker. Dan neemt ze een vast contract aan bij de Koninklijke Vlaamse Schouwburg (KVS) in Brussel, maar zeer slim: ze dwingt af dat ze ook elders gastrollen mag spelen.

Sterk en flexibel

In Meesters van het doek zei Tone Brulin onlangs nog: "We maakten over veel ruzie, maar nooit over het theater." Twee zonen hebben ze samen, maar het huwelijk strandt en Dora hertrouwt met Wies Andersen, met wie ze in 1962 samen in Kat op een heet zinken dak speelt. Brick de Bois, later zelf regisseur, is de zoon van Andersen en Dora van der Groen. "Mijn moeder heeft een onaflatende energie", vertelde hij in 2002. "Ze is zo sterk en tegelijk zo flexibel. Dat maakte haar uniek als moeder. (...) Ik heb ook respect voor haar bereidheid om te gaan met wie ik ben en niet hoe ik beter zou kunnen zijn voor haar."

Haar geliefden zag ze het liefst. Maar dan kwam de natuur en vooral de bomen. "Ik hou van bomen met hun wortels in de aarde en hun kruin van eeuwigheid. Daartussen leven ze en ze sterven staande. Van alles wat bestaat, zijn bomen wat ik het liefste zie."

Erfenis

Haar curriculum verraadt dat Dora van der Groen flexibel is. Op een dag in 1962 zegt ze het theater vaarwel en gaat ze aan de slag bij het Dramatisch Gezelschap van de BRT. Voor luisterspelen op de radio en dan voor tv-series. De lijst wordt enorm lang. Op de televisie is ze onder meer te zien in Kapitein Zeppos, Wij, Heren van Zichem, Tussen wal en schip, Tantes, Willem van Oranje en in 1997 nog in Terug naar Oosterdonk. En dan die films. Ze sluit in 2001 af met een bijzonder indrukwekkende rol in Pauline & Paulette van Lieven Debrauwer. Voordien, uit een lijst van bijna veertig films, onder meer: Antonia, De vlaschaard, Keetje Tippel, Het dwaallicht, Malpertuis.

Eén titel uit dat cv intrigeert. Dora van der Groen speelt in 1992 mee in Minder dood dan de anderen van Frans Buyens. Een titel die bijzonder goed bij haar past. Want kijk vandaag rond in de Vlaamse theaterwereld en op al die podia ligt haar erfenis. Als Dora van der Groen in 1978 dus haar opleiding start, vormt ze al die eerder genoemde namen en dat blijkt een openbaring. Lucas Vandervost zegt in 2002: "Ik ben een tweede keer geboren tussen 1975 en 1979 en Dora was toen meer de moeder dan de vroedvrouw." Ze leerde hem dat toneelspelen een ambacht is en ze zei zelf aan Anna Luyten: "Je kunt niemand leren toneelspelen. Hij is een acteur of hij is het niet. Directiesecretaresse of naaister kun je worden. Een kunstenaar niet. Dat ben je al."

Waarom dan al die energie steken in een opleiding? Daarover had Dora van der Groen zeer uitgesproken ideeën. Intelligentie, overgevoeligheid en een immense fantasie hebben: dat waren voorwaarden. En dan haar beroemde vijf p's: persoonlijkheid, poëzie, plezier, pijn en ook perversiteit. "Iemand die geen pijn kent of het zich niet kan verbeelden, vind ik oninteressant", zei ze. "Het leven is opstaan uit pijn. Je wordt met pijn en een schreeuw geboren. Het is één pijnplaneet." En bovenop die vijf p's nog één H: die van humor. "Zo komen we dus bij de PH van de acteurs", lachte ze. "Een zuurtegraad." Die humor stopte ze zelf fantastisch in haar rol als tuinkabouter in Hugo Claus' Thyestes. Zo afscheid nemen van toneel vond ze fantastisch: neem het leven niet al té serieus.

Zuurtegraad? Er zijn mensen die zuur terugdenken aan hun opleiding bij Dora van der Groen. Omdat ze, als docente, hard kon zijn. Terugdenkend aan wat ze zei ("je bent acteur of je bent het niet") oordeelde ze. Denk aan Vic De Wachters woorden. Marie Vinck, in een interview in De Morgen: "Ik heb me nooit zo ongelukkig gevoeld als toen. Het klikte echt niet tussen mij en Dora van der Groen." Tom Van Dyck zei ooit: "Dora van der Groen heeft mij tijdens mijn opleiding gezegd: jij scant alles en iedereen, jij weet welke emoties spelen, maar de hamvraag is: kun je je daar ook in verliezen? Dan wordt het pas poëzie. Gelukkig is ze me in het derde jaar in de armen gevallen met de mededeling dat ze mijn poëzie gezien had."

Geest van een kind

Ze wees ook mensen af. Onverbiddelijk. Sommigen konden dan terecht bij Studio Herman Teirlinck, tot voor de fusie letterlijk en figuurlijk een andere school. Ivo van Hove, vandaag directeur bij Toneelgroep Amsterdam en een grote bewonderaar, vertelde daar in Rubriek 700 dit over: "Eén keer zag ik haar op tv in een gedaante waarin ze zich niet vaak liet zien, maar die ik wel kende. in Alles is ijdelheid van Claire Goll toonde ze die kant. Ze kon bikkelhard zijn."

Een stuk daaruit, in 1991 opgenomen voor televisie, toont hoe ze die woorden uitspreekt. Dora van der Groen draagt een geruite blazer, ze heeft korte haren en draagt haar bril. Ze oogt inderdaad streng en zegt: "Ik ben niet bang. Niet voor de ouderdom. Niet voor de dood. Wel voor de berusting. Nooit zou ik aan de oevers willen aanleggen waar braafheid en gezapigheid wonen. Ik ben nu 85. Ik schrijf nog steeds. En nog zou ik tot liefhebben in staat zijn." Hoeveel kracht de actrice had, toonde ze dus voor het laatst in Pauline & Paulette. Dora van der Groen wás daarin Pauline, een bejaarde vrouw met de geest van een kind. Ivo van Hove roemde net dat: hoe ze zich kon inleven in een rol.

Voor die rol kreeg ze op het Gentse Filmfestival een Plateauprijs. In 2010 werd ze maestro honoris causa aan het Conservatorium van Antwerpen. Een jaar eerder kreeg ze het teken van Commandeur in de Kroonorde. Waarmee we terug bij het applaus zijn. De peuter die het 'kopke' moest doen. En op de tafel bij papa en mama voelde dat je op die manier graag gezien werd.

Achtentachtig jaar later is het doek gevallen, zou je met een cliché kunnen schrijven. Maar veel beter is het haar zelf de laatste woorden te geven. Deze wijze woorden over applaus, in 2001 in Knack: "Terwijl ik applaus krijg op een prijsuitreiking, bevriezen er naast hun ouders kinderen in Afghanistan, dood. Dat is iets wat ik niet kan begrijpen. Ik las nog in de krant over die twee mensen die hun kinderen hebben vermoord. Het waren bodemloze mensen, die zelf nooit gekoesterd zijn, die geen liefde hebben gekregen, geen tederheid, geen aandacht. Dan word je een mens zonder gevoel, een robot. Maar als ik dan de harteloze uitspraken van die rechters lees, vraag ik me af wie de monsters zijn. Dan word ik heel boos - nee, boos is niet genoeg. 'Erbarmen', moet er zijn, 'Erbarmen, Heer', zoals in de Mattheuspassie."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234