Vrijdag 28/02/2020

Achtergrond

Daar zijn de 10 Miles, daar is de loopapp

Beeld © Bas Bogaerts

Zondag prijken ze zonder twijfel weer op uw Facebook- en Twitter-pagina: de prestaties van hardlopend Vlaanderen. Met apps als Runkeeper en Nike + Running weten we perfect wie waar en wanneer in de 10 Miles afklokt. Maar heeft al die technologie van hen ook betere sporters gemaakt?

Wie loopt, wil beloond worden. Niet alleen met een goede conditie of met een leeg hoofd, maar ook met likes. Op sociale media zijn de via apps en activity trackers gedeelde updates gemeengoed. De MapMyRuns, de Runkeepers, de Endomondos: allemaal laten ze ons weten hoe onze joggende medemens het er vanaf brengt. Dat zullen ze ongetwijfeld ook zondagmiddag doen, wanneer er zich zo'n veertigduizend verzamelen aan de start van de Antwerp 10 Miles & Marathon.

Delen hoe ver, hoe lang en hoe snel je gelopen hebt, motiveert en stimuleert, klinkt het bij de app-adepten. Je hebt immers niet alleen een afspraak met jezelf maar ook met tig vrienden, die jou feedback en updates over hun evolutie geven. Dat creëert een band, meent onderzoeker Jeroen Stragier. Hij is via de Universiteit Gent verbonden aan de iMinds-onderzoeksgroep en bestudeert de sociale impact van sportapps. Begin dit jaar bevroeg hij nog honderden Vlaamse fietsers naar hun ervaringen met Strava, een app die, gelijkaardig aan de loopvarianten, trainingskilometers en -tijden bijhoudt en vergelijkt. De app maakt het fietsen leuker, zorgt voor gesprekken en nieuwe contacten, stelde hij vast. Stragier: "Online sociale fitnessmedia kunnen met andere woorden een positieve rol spelen en bijdragen tot een actievere levensstijl."

Bewuster

Maar zorgen die media ook voor betere prestaties? Sporten we effectiever met app dan zonder? Sportarts Chris Goossens gelooft van wel. Hij noemt de apps een zegen. "Nu weten we tenminste waarmee we bezig zijn. Dat was decennia geleden veel minder vaak het geval: toen stapten veel mensen onvoorbereid de deur uit om zich vervolgens het licht uit te lopen. In het beste geval wist je hoe lang je bezig was, maar hoe ver en zwaar het parcours, hoe constant je snelheid of hoe gecontroleerd je hartslag: daar had je het raden naar."

Lopen met een smartphone maakt dat je veel bewuster met je loopgedrag omspringt, klinkt het. "De meeste van de trainingsschema's verbonden aan apps zijn trouwens ook niet slecht." Goossens ziet zelf minder loopblessures dan vroeger. "Dat heeft natuurlijk niet alleen met apps te maken, maar ook met zaken als betere, uitgebalanceerde schoenen en kledij."

De bezorgdheid van kinesisten, die onlangs nog stelden dat sportapps voor meer letsels zorgen, deelt de dokter niet. "Ze laten toe om je prestaties te vergelijken met anderen, en dat zal competitie in de hand wel in de hand werken. Maar ik zie dat niet als een nadeel. Het is goed als mensen hun grenzen verleggen."

Dat kan door een app zijn, maar evengoed op een andere manier. "De meest beoefende sporten zijn teamsporten: daar geldt die geldingsdrang evenzeer." Die drang noemt hij eerder het aard van het beestje. "Diezelfde mensen zouden ook zonder app over hun grenzen gaan."

Gezondheid schaden

Steven Vos, professor aan de Eindhovense Fontys Sporthogeschool, heeft zo zijn bedenkingen. Volgens hem zijn de apps niet alleen goednieuwsshows. Het zijn goede motivators, vaak goede registrators ook, maar geen goede instructeurs. "Ik ben er zeker van dat Runkeepers en co. voor meer lopers hebben gezorgd, maar niet voor betere. Hoe zou je dat ook kunnen verwachten van een programma dat een paar euro kost?"

Het probleem is volgens hem dat die programma's allemaal dezelfde standaard hebben. "Ze nemen een paar parameters op, maar echt rekening houden met de persoonlijke beleving, het persoonlijke gestel of de persoonlijke gezondheid doen ze niet. Daar zijn risico's aan verbonden: mensen volgen daardoor programma's die niet aan hun wensen of hun mogelijkheden zijn aangepast. Dat kan leiden tot demotivering maar ook tot overbelasting. Ze kunnen dus ook de gezondheid schaden."

Vos gelooft wel dat we wat de programma's betreft in een transitieperiode zitten. "Nu willen die hardloopapplicaties vooral uitpakken met wat ze allemaal kunnen meten. In de toekomst zullen ze veel meer op maat gemaakt worden."

Zijn hogeschool is daar ook zelf mee bezig: ze werken aan een programma genaamd Inspirun. Dat bepaalt op voorhand wat voor type loper je bent en welke doelstellingen je hebt. "Op basis daarvan wordt een trainingsprogramma opgesteld. Dat programma zal ook, na elke loopsessie, weer worden aangepast."

Dat zorgt voor gezonde en duurzame joggers, meent hij. In tussentijd geldt: vermijd extremen. Dat laatste beaamt ook Goossens. "Het is vooral die evolutie die mij zorgen baart. Mensen die op een blauwe maandag beslissen om geen start-to-run van 5 kilometer, maar meteen de marathon van New York te lopen. Die alles-of-nietsverhalen kunnen veel meer schade aanrichten."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234