Zaterdag 19/10/2019

Daar is de zomer, daar is het orgel

Is het omdat het in een kerk 's winters bar koud kan worden? Of omdat een orgel slechts in het zomers toeristische deel van het klassieke seizoen vermag enige interesse van de potentiële concertganger los te weken? Het is immers in de zomer dat kerken hun blijkbaar voor velen nog traumatische hoedanigheid enigszins verliezen, om opnieuw toonbeeld van schoonheid en evenwicht te worden, of schuilplaats tegen de zon. In elk geval is het rond deze tijd van het jaar dat er meer en meer orgelrecitals te beluisteren zijn.

En welke reden is er daarvoor beter dan de orgelmuziek van Johann Sebastian Bach, die meer dan eender welke andere de essentiële of 'authentieke' Bach tot ons brengt. De Italiaanse epoquespecialist Lorenzo Ghielmi had voor zijn recital van woensdagavond op het barokorgel van de Sint-Michielskathedraal in Brussel het idee opgevat Bachs affiniteit met de Italiaanse stijl te tonen. Daartoe confronteerde hij enkele stukken van de Thomascantor met de muziek van Frescobaldi. Nu eens op een evidente manier (de letterlijk naar Italiaanse stijl gevarieerde aria BWV 989 of een bewerking van een concerto van Vivaldi), dan weer iets meer overdrachtelijk (de wendingen die Bach zich in zijn koraalvoorspelen permitteert). Ghielmi beoogde dan weer de totale verwarring met zijn keuze uit Frescobaldi's oeuvre; diens derde toccata uit het tweede boek, en meer nog het 'Ricercare cromatico' betreffen spelletjes die nu en dan meer op vintage Bach dan op een reizende Duitser slaan. De Italiaan in Ghielmi zelf toonde zich dan weer in de soms uiterst vermetele registraties die hij koos.

Klap op de vuurpijl, hoewel helemaal uit stil kippenvel opgetrokken, was het bisnummer, 'Nun komm, der Heiden Heiland', alweer van Bach. Waarom ontdekken niet meer mensen het orgel?

Eenvoud en directe evidentie waren eveneens wat het concert van Le Poème Harmonique, donderdagavond in het Brusselse conservatorium, kenmerkte. Dit epoque-ensemble onder leiding van luitist Vincent Dumestre was dit seizoen in residentie bij Bozar en hield die na deze avond, helemaal gewijd aan hun enkele jaren oude plaat Aux Marches des Palais, voor bekeken.

Deze bloemlezing uit het Franse chansonrepertoire, sinds de release in vele opzichten gerijpt, kreeg een merkwaardige dialectiek mee: enerzijds de soms totale onzekerheid waar de 'oerversie' van een lied vandaan kwam of zelfs wat de semantiek ervan precies inhoudt, anderzijds de dappere poging omtrent de wijze waarop het op een bepaald moment en op een bepaalde plaats heeft geklonken een soort empirische zekerheid of overtuiging te verwerven. Het bindmiddel tussen beide: de hoofse, eigenlijk al merkwaardig romantische archetypes die sterven voor vorst, vaderland of onbereikbare liefde. Veruit de meest overtuigende passage van Le Poème Harmonique tot nog toe. Niet toevallig de minst expliciet ambitieuze. En niet toevallig het enige van hun programma's dat eerst vanuit de intuïtie, en pas dan als muziekwetenschappers was benaderd.

Rudy Tambuyser

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234