Zaterdag 29/01/2022

COVERTJE, COVERTJE AAN DE WAND...

Covers zijn van alle tijden, maar zelden is hun aandeel in de hitparade groter geweest dan de laatste jaren. Crazy Frog, het irritantste succesverhaal van 2005, teert op niks anders en haalt zelfs onze eigen Technotronic door de mangel. Ook de zinnenprikkelende Pussycat Dolls (zie pagina hiernaast), momenteel op 1 met 'Don't Cha', vergrijpen zich op hun jongste cd aan 'Feelin' Good', bekend van Nina Simone maar ook toen al een cover. De muziekredactie dook in haar platenverzameling en ontdekte dat het altijd nog erger kan. En, omgekeerd, dat de kopie soms beter is dan het origineel. Een keuze uit het ergste en het beste uit vijftig jaar covergeschiedenis.

origineel The Commodores

Een goeie cover verrast, doet je een nummer dat je dacht te kennen met andere oren beluisteren en legt er aspecten in bloot die je er nooit in had kunnen vermoeden. In dat alles slaagt Faith No More moeiteloos met zijn uitvoering van 'Easy', oorspronkelijk een nummer dat Lionel Ritchie voor The Commodores had geschreven. Het is een ballad die op geen enkel moment sentimenteel of klef klinkt, wat een zeldzaamheid is. De versie van Faith No More wandelt gracieus over het slappe koord tussen ingetogen weemoed en het vooruitzicht op een vrij en onbekommerd leven. Easy like sunday morning, inderdaad.

TE VINDEN OP Angel Dust (1992)

origineel U2

Goed, Joe Cocker heeft in zijn carrière al zoveel goeie songs vermoord dat je er moeiteloos het kerkhof van Père-Lachaise mee kunt vullen, maar de manier waarop hij 'One' van U2 vermassacreert, doet zowaar denken aan The Texas Chainsaw Massacre. Cocker, een mens van vlees, bloed en lever nochtans, zingt alsof hij ieder moment een boer gaat laten, en verraadt nauwelijks emotionele betrokkenheid bij de song in kwestie. Het nummer, over het uiteenvallen van een relatie, meer bepaald het huwelijk van U2-gitarist The Edge, klinkt uit de mond van Cocker als een ode aan zijn boekhouder, is ontdaan van alles wat van ver of van dicht naar bezieling ruikt. Onvergeeflijk.

TE MIJDEN OP Heart and Soul (2005)

Bart Steenhaut

(Nouvelle Vague)

origineel Tuxedomoon

Je zou de groep ervan kunnen verdenken een kitscherige parodie te zijn, maar 'In a Manner of Speaking', oorspronkelijk van Tuxedomoon en vier jaar later gecoverd door Martin Gore van Depeche Mode, in de hartverscheurende versie van Nouvelle Vague kent zijn gelijke niet. De Franse groep bewijst dat achter de agressieve, kille songs van de new-wavezwartjassen bloedmooie liedjes schuilen. Nouvelle Vague voorziet iedere new-wavecover van een warm bossanovaritme, dat de songs naar de sixties katapulteert. Intimistisch en gloedvol, zo omschrijf je nog het liefst het triestig-sensuele 'In a Manner', waarop het zwoele zangeresje Camille met een verrukkelijke Franse tongval je gemoed binnensluipt. Nouvelle Vague brengt geen duffe hommage, maar levert de perfecte soundtrack om op een herfstige zondag zachtjes weg te dommelen in een veel te warme zetel.

TE VINDEN OP Novelle Vague (2004)

(Toto)

origineel Elvis Costello

Elvis Costello maakte er geen publiek geheim van dat hij Toto de "meest verachtelijke groep ter wereld" vond. De band die met 'Rosanna' en 'Africa' wereldhits scoorde, grossierde volgens Costello in zielloosheid. Om de Britse troubadour een hak te zetten, besloot Toto een zo exact mogelijke kopie van Costello neer te zetten op de coverplaat Through the Looking Glass. Toegegeven, Bobby Kimball benadert Elvis Costello akelig perfect, maar zingt met de bezieling van een gewond geitje. De song klinkt als een gebleekmiddeld doorslagje van het origineel.

TE MIJDEN OP Through the Looking Glass (2001)

Gunter Van Assche

origineel Elvis Presley

Een goede cover is meer dan klakkeloze na-aperij: het is een interpretatie die verrast omdat de vertolker zijn ziel aan de compositie heeft toegevoegd of omdat hij ze vanuit een onverwachte invalshoek benadert. Elvis Presleys versie uit 1956 is klassiek, maar John Cale slaagt erin de wanhoop naar boven te spitten die bij Elvis grotendeels onuitgesproken blijft. Dat doet hij door het tempo te vertragen, de akkoorden in mineur om te zetten en zich dermate intensief in de tekst in te leven dat hij het nummer veeleer ademt dan zingt. Bij Elvis is de eenzaamheid van voorbijgaande aard, maar bij Cale is ze existentieel en ondraaglijk geworden. Dat gaat niet alleen op voor de snijdende, elektrische bandversie op Slow Dazzle (1974), maar ook voor de sobere, uitgebeende piano-uitvoering op Comes Alive. In beide gevallen doet John Cale het origineel verbleken.

TE VINDEN OP Slow Dazzle (1974)

origineel Nirvana

Nooit zoveel goede stemmen op één plaat gehoord waar zo weinig mee wordt aangevangen. Uit deze cover (en de meeste andere op hun repertoire!) blijkt duidelijk dat de meisjes van Scala geen flauw benul hebben van wat ze aan het zingen zijn en net zoveel voeling hebben met Kurt Cobain en Nirvana als een garnaal met ruimtevaart. Het nummer wordt van elke emotie ontdaan en klinkt zo plat, gratuit en afgevlakt dat je het koor een jarenlang verblijf in een donkere kerker toewenst. Neen, dan de Gregoriaanse versie van The Benzedrine Monks of Santo Domonica. Die is tenminste nog grappig.

TE MIJDEN OP Scala on the Rocks (2002)

Dirk Steenhaut

origineel AC/DC

Een cover is als een pak: je houdt het louter aan zijn kapstok onder je kin omhoog, of je trekt het aan met bloem in de borstzak en al. Zingende treurwilg Mark Kozelek doste zich voor What's Next to the Moon helemaal uit met AC/DC-songs, maar geen exemplaar stond hem beter dan 'Bad Boy Boogie'. Anders dan bij Bon Scott is het personage uit die hardrockstamper, een branieschopper die zijn thuisstadje onveilig maakt, hier getransformeerd tot een loser die moet plooien voor de dictaten van de goegemeente. Alsof openingsregel "On the day I was born the rain fell down" in Kozeleks druilerige, ingetogen versie meteen het oorspronkelijke kliederlaagje van het doek afschraapt, om zo een subtieler en tragischer portret van een geboren dwarsligger te onthullen. Pakkend.

TE VINDEN OP What's Next to the Moon (2001)

(Madness)

origineel The Supremes

Dat de eurotrance-meute zich geregeld aan een evergreen vergrijpt om gratuit succes te oogsten, tot daar aan toe. Maar als een band die geenszins een volslagen gebrek aan talent te maskeren heeft zich eveneens tot een niets terzake doende bewerking verlaagt, steiger je. Naast The Supremes haalt Madness op The Dangermen Sessions ook nog The Kinks door de jolige reggaemangel, en dat cynisch genoeg bij wijze van eerbetoon aan zijn muzikale roots. UB40 had hen nochtans al kunnen waarschuwen voor de gevaren van een dergelijke onderneming. Popgroepen op leeftijd: soms moeten ze tegen zichzelf beschermd worden.

TE MIJDEN OP The Dangermen Sessions (2005)

Kurt Blondeel

(The Residents)

origineel The Rolling Stones

Het origineel is een van de beste songs uit de rockmuziek, maar ook een van de meest versleten. Het is vooral het iconoclasme van deze extreme bad make-over door The Residents, dat ons weer van het origineel deed houden. Dankzij dit wisten we dat eerbied een slechte leermeester is en dat een cover zo min mogelijk piëteit mag hebben. De single verscheen in 1978 op stuitend geel vinyl en was een van de hoogtepunten van de prille new wave.

TE VINDEN OP Our Tired, Our Poor, Our Huddled Masses (1997)

origineel Nancy Sinatra

Een perfect bewijs van de stelling dat een desastreuze uitvoering een song kan vernietigen. Er bestaan heel wat voorbeelden van, maar blonde del Jessica Simpson spant wel de kroon met haar afgrijselijk slechte designerversie van 'These Boots Are Made for Walkin''. De snerende toon van Nancy Sinatra wordt hier vervangen door een hijgende, kreunende Simpson, die klinkt als een opblaaspop waaruit lucht loopt. Bah.

TE MIJDEN op 'These Boots Are Made for Walkin'' (single, 2005)

Koen De Meester

origineel Neil Diamond

Neil Diamond hebben we al sinds onze eerste kennismaking met zijn oeuvre een straatverbod opgelegd. Maar het moet gezegd: uit enkele van zijn schrijfsels hebben begenadigder muzikanten al verdomd mooie pareltjes gepuurd. Dan hebben wij het uiteraard niet over 'Red Red Wine', dat dankzij UB40 al twee decennia aan FM-pollutie doet, maar wel over 'Girl You'll Be a Woman Soon' van Urge Overkill en vooral 'Solitary Man', dat zich in de handen van the late great Johnny Cash prijsgeeft als een van alle pathetiek gevrijwaarde tranentrekker.

TE VINDEN OP American III: Solitary Man (2000)

origineel The Beatles

Je moet het maar doen: een psychedelische roetsjbaan als 'Lucy in the Sky with Diamonds' tot een gruwelijk badinerend en liefst vijf minuten lang maag en darmen teisterend spoken word omturnen. William 'Captain Kirk' Shatner kreeg het voor mekaar. Sinds zijn sof is verschenen op de terecht verguisde verzamelaar Golden Throats Vol. 4: Celebrities Butcher The Beatles, willen louche types u en ons wijsmaken dat het de aanvoerder van The Enterprise om geestig bedoelde camp te doen was. Van ons mag de master tape dringend afgeschoten worden naar a galaxy far far away.

TE MIJDEN OP The Transformed Man -Remastered (2004)

Vincent Byloo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234