Maandag 24/01/2022

Coups en suiker

Mensen laten zich nog niet zoveel gelegen liggen aan de geplogenheden die in westerse landen als vanzelfsprekend worden aanvaard. Vorige maand verklaarde de opperbevelhebber van het leger over de toen nog niet herkozen eerste minister: "Sta me toe te zeggen dat iedereen een betere eerste minister kan zijn dan we de afgelopen vijf jaar hebben gehad."

De premier plant het leger, dat in 1987 en 2000 betrokken was bij staatsgrepen, ongeveer te halveren. Dezer dagen wordt ook beslist of de tweede in bevel wegens aanzetten tot staatsgreep voor de krijgsraad moet verschijnen.

En in dit land van suikerexport en toerisme is suiker nu in vele supermarkten gerantsoeneerd tot één kilo per klant, loopt het aantal toeristen dit jaar met 20 procent terug. De enige sector die gedijt is die van de 'Vredesoperaties'. Vierduizend Fijiërs werken in Irak (zestien zijn gestorven), sommigen als militairen, anderen als veiligheidsagenten. Dat inwoners van het land van de voortdurende staatsgreep(sdreiging), die niet in staat zijn hun eigen gebied aan wetten te onderwerpen, elders de orde gaan handhaven is een van de charmante absurditeiten.

Nils, een Indiër met wortels die al vier generaties in Fiji liggen, voert me naar het parlementsgebouw, waar in mei 2000 de beroemdste van de staatsgrepen plaatsvond. "Fiji", zegt hij, "is een rijk land dat arm is van geest. Hoe is het mogelijk dat een land dat al een eeuw suiker exporteert nu onvoldoende produceert om de supermarkten te bevoorraden?"

Hij laat het antwoord even sudderen.

"Ze pakken Indiërs het land af en de Fijiërs (hij bedoelt: de oorspronkelijke bevolking, RR) willen niet werken of weten niet wat ze met het land aanmoeten. Ik reed een week geleden door het platteland - wat vijf jaar geleden een suikerrietplantage was, is nu weer jungle."

Ik heb eerder met een Melanesische vrouw gesproken, Maria. Ze wijt het suikertekort aan speculatie van Indiase geldwolven. "Natuurlijk is er voldoende suiker. Wie heeft er voordeel bij een tekort? Degene die de prijs kan verhogen."

Land is het tere punt van Fiji. Het gros van het land is eigendom van de 'clans'. De oorspronkelijke bewoners, die een kwalijke reputatie hadden (omwille van hun kannibalisme, en vermeende oorlogszucht), konden niet meteen in de economie van de Britse kolonisator worden ingeschakeld. Er werd een systeem geïntroduceerd, dat tot vandaag bestaat, waarin het land voor 99 jaar aan Indiërs wordt verhuurd, die het dan bewerken. De huur gaat voor 25 procent naar de overheid, voor 30 procent naar de chefs, en voor 45 procent naar de gewone clanleden.

Waarom bewerken de 'Fijiërs' hun eigen land niet?, had ik aan Maria gevraagd.

"We zouden dat doen als het land niet verhuurd zou zijn."

Zowel Maria als Nils zijn het erover eens dat de verhoudingen tussen Indiërs en Fijiërs beter zijn dan in het verleden, maar bij elk probleem, zoals nu met suiker, worden de pijnpunten toch weer blootgelegd. De Indiërs zijn rijk en nietsontziend (maar wel als halve slaven gearriveerd), de Fijiërs zijn lui en teren op discriminerende wetten of activiteiten (die Indiërs beletten land te kopen, die een Indiase premier met geweld van zijn post weghalen). Je moet niet lang vragen om kritiek op de andere te horen. "Ga na wie in de gevangenis zit", suggereert Nils, "bijna altijd Fijiërs".

"Ga na wie bedelt", luidde de aansporing van Maria. "Bijna altijd Indiërs. En die lui zijn zo rijk..."

Het vooroordeel, of de rancune, wordt al een eeuwigheid tot politiek voordeel of geldgewin omgevormd. De staatsgreep van 2000 was daar een voorbeeld van.

Op dat moment was de Labourpartij aan de macht, een partij die vooral Indiase kiezers trekt. Een mislukte zakenman, George Speight, die van betrokkenheid bij een piramideschandaal in Australië werd verdacht, en die enkele dagen eerder op beschuldiging van corruptie voor een rechtbank in Fiji was verschenen, bezette met enkele handlangers het parlement en gijzelde de regering. De eerste minister, en iedereen die weigerde af te treden, werd mishandeld, maar Speight kon relatief vrij rondrijden in de stad, hij werd ontvangen door de (uittredende) president, hijzelf ontving de VN-vertegenwoordiger. De staatsgreep verleende Speight het respect dat hij elders had verloren.

Speight hield vol dat hij namens een hooggeplaatste figuur handelde, hij belde voortdurend rond, zeker een deel van de parlementsleden was vooraf op de hoogte, en de speciale interventie-eenheid van het leger hielp de rebellen. Hij beweerde namens de verdrukte oorspronkelijke bevolking te spreken, maar was zelf hun taal niet machtig. Toen zijn machtige sponsor zich niet bekendmaakte, bleef Speight toch maar improviseren.

De staatsgreep leidde tot rellen. Bewoners roofden Indiase winkels leeg en brandden ze plat, waarna agenten de orde probeerden te handhaven door met ook uit winkels gestolen golfclubs naar herrieschoppers te slaan (de broer van de politiecommissaris voegde zich snel bij de rebellen).

Liefst 56 dagen zou de gijzeling duren. De zone rond het parlement was de eerste dagen een soort foor (tegelijk was er angst want Indiërs werden soms gemolesteerd). Er werd gekookt, familieleden van de gegijzelden moesten voedsel brengen, Speight stuurde lijstjes met speciale wensen, er werd muziek gemaakt. Een predikant was tot het parlementsgebouw doorgedrongen en voorspelde een catastrofe met 20.000 doden. Journalis- ten werden uitgenodigd om ook de nacht in het parlement door te brengen.

De grote man achter een staatsgreep uit 1987, Rabuka, gaf live commentaar over de tekortkomingen van de nieuwe coup, soms werd hij geïnterviewd tijdens zijn joggingsstonde.

Een van de kranten, de Fiji Times, spuide ononderbroken rauwe, niet altijd door feiten ondersteunde kritiek op de gegijzelde regering. Bleek dat de journaliste die de artikels schreef, een verhouding had met Rabuka. Terwijl een tv-journaliste, die eerder pro-regering rapporteerde, een verhouding had met de eerste minister... Fiji werd in de internationale pers omschreven als 'Coup coup land'.

Na 56 dagen bond Speight, die nochtans eerder een eigen regering had gevormd, in. Hij beloofde zijn volgelingen te zullen ontwapenen, maar omdat dat niet grondig gebeurde werd hij, tegen eerdere beloften, gearresteerd en uiteindelijk veroordeeld tot levenslange opsluiting in een nieuwe luxegevangenis.

Vorige maand werden in Fiji, opnieuw te midden van coupgeruchten, nieuwe verkiezingen gehouden. Het resultaat is een regering van nationale eenheid. Wat goed is voor de verhoudingen tussen Indiërs, die de afgelopen jaren massaal het land verlieten, en Melanesiërs, vindt Nils. Maar wat slecht is in de praktijk, zegt hij ook: "Men wil dat iedere minister elk voorstel ondersteunt. Het meest absur-de voorstel evengoed als een geniale in- val. Dat bedoel ik als ik het land arm van geest noem. Hoe kan dit goed aflopen?"

Door de couptroebelen van de afgelopen twintig jaar is de koopkracht gedaald. "Na een week heb ik 100 Fijidollar verdiend", zegt Nils. "Dan ga ik naar de supermarkt en heb ik voor 150 dollar aan koopwaar nodig. Vroeger verdiende ik ook 100 dollar en kwam ik met 70 dollar toe. Ik heb nu in het weekend een tweede job. Nog een geluk dat dit een schitterend land is. Min of meer."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234