Woensdag 29/06/2022

ColumnDe Megastad

Correspondent Jarron Kamphorst over megastad Moskou: Bezemballen met gevaar voor eigen leven

In Moskou wanen expats zich 21ste-eeuwse Vikingen die de eeuwenoude sport knattleikr beoefenen. Beeld Thomas Muhler
In Moskou wanen expats zich 21ste-eeuwse Vikingen die de eeuwenoude sport knattleikr beoefenen.Beeld Thomas Muhler

Metropolen bieden een groeiend deel van de wereldbevolking onderdak. Hoe houden de mensen het daar leefbaar? Correspondenten doen wekelijks verslag vanuit hun eigen megastad. Deze week: Jarron Kamphorst in de Russische hoofdstad Moskou.

Jarron Kamphorst

Met stijgende verbazing kijk ik toe hoe zes sporttassen van het formaat pallet de kleedkamer in rollen. Wat er uit de gevaartes komt, is niets minder dan een halve oorlogsuitrusting vermomd als sportoutfit. Een rugharnas, elleboogbeschermers, schouderpantsers, kniebeschermers ter grootte van een gipsbeen, schoenen als legerkisten en helmen inclusief traliekooi voor het gezicht.

Plaats van handeling is een ijshal in Moskou. Ik sta op het punt mijn debuut te maken als speler van een broomballteam. Broomball – inderdaad: ‘bezembal’ – is een wintersport met regels die, net als de uitrusting van de spelers, doen denken aan ijshockey. Enige verschil is dat broomballspelers geen schaatsen dragen, maar schoenen met een speciale rubberen zool die er, in theorie, voor zorgt dat je niet uitglijdt op het ijs.

Daarnaast rennen spelers niet achter een puck aan, maar jagen ze op een plastic balletje dat honden doorgaans bij hun baasje terugbrengen. Nog een belangrijk verschil is dat de stick die spelers gebruiken om tegen de speelgoedbal aan te meppen geen echte (ijs)hockeystick is, maar een strobezem die met enig knutselwerk en veel ducttape en touw de vorm van een provisorisch slagwapen aanneemt.

Volgens de legende stamt broomball af van knattleikr, een sport die Vikingen op IJsland in de tiende eeuw beoefenden en die volgens de sagen gepaard ging met zoveel geweld dat er regelmatig doden bij vielen. Elf eeuwen later is het spel in Moskou vreemd genoeg het terrein van expats. De jaarlijkse competitie bestaat uit gelegenheidsteams van ambassadepersoneel, journalisten, werknemers van multinationals en hier en daar een verdwaalde Rus.

Niet bepaald de Vikingen van het moderne tijdperk, maar net zo goed gaat het er hard aan toe. Duwen, tackelen, op elkaar inbeuken, het mag allemaal. Spelers stormen met regelmaat op elkaar af, waarna een meterslange sliding volgt die meestal eindigt met een doffe klap tegen de boarding, gevolgd door een sporadische oerkreet. Dat wel. En dus hijs ik mezelf op een zaterdagmiddag met gezonde spanning in een naar oud zweet ruikend harnas terwijl een werknemer van het sportcomplex instructies tegen me blaft over hoe ik de uitrusting dien aan te trekken. Tien minuten later glibber ik het ijs op.

In tegenstelling tot vrijwel alle andere Nederlanders stond ik slechts twee keer in mijn leven vrijwillig op het ijs met sportieve intenties. Een keer als kind op een krabbelbaantje en een keer als volwassen man op een dichtgevroren gracht in Amsterdam. De eerste keer haalden mijn ouders me krijsend van het ijs af, de tweede keer waggelde ik als een pinguïn over de bevroren ondergrond en eindigde ik na tien minuten met glühwein op een bankje op de kade.

Maar drie keer is scheepsrecht en dus glijd ik met vijf ploeggenoten het ijs op, waar de tegenstander al klaar staat. Zelfs het kleinste ventje ziet er in het intimiderende pak uit als Rambo.

Wat volgt is daarentegen een knullig schouwspel van volwassen mannen in ijshockeypakken die een uur lang met bezemsticks in de hand, op hun kont en knieën over het ijs glijden. Doordat broomballers geen schaatsen maar schoenen dragen, stranden de meeste sprintjes in een valpartij. Zelf bots ik in zestig minuten vier keer frontaal tegen de boarding, glijd ik ontelbare keren uit, word ik net zo vaak getackeld en eindigen tig acties in een onbedoelde omhelzing van de tegenstander. Na afloop stap ik beurs van het ijs. En dan te bedenken dat dit een oefenpotje was.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234