Dinsdag 20/10/2020

BoekenParijs

Coronacrisis treft bouquinisten in Parijs hard: ‘Toch is dit de mooiste baan ter wereld’

Een van de 240 bouquinisten langs de Seine in Parijs.Beeld Aurélie Geurts

Het is vaak een journée zero, een dag zonder inkomsten voor de Parijse boekverkopers aan de Seine. Corona is een van de vele plagen die de 'bouquinisten’ de laatste jaren treffen. Opgeven doen ze niet. ‘Een mooi boek wil je toch aanraken en ruiken voor je het koopt?’

Hoofdschuddend staart Jérôme Callais (56) in het luchtledige. Zojuist hield een potentiële klant halt bij zijn boekenstal, om te informeren naar de prijs van een pocketdetective. Maar nadat ze die prijs heeft gehoord (“die kosten allemaal 5 euro mevrouw”) en het boekje kort heeft bestudeerd, mompelt ze “merci” en loopt ze verder. “Zo gaat het de hele tijd”, verzucht Callais. “Gisteren heb ik de hele dag maar één boek verkocht. C’est misérable.”

Dertig jaar geleden hing toenmalig musicus Jérôme Callais zijn contrabas aan de wilgen om zijn ‘tweede droom’ na te jagen. Hij werd bouquiniste, een van de 240 tweedehandsboekenverkopers die met hun houten stalletjes al meer dan vier eeuwen langs de kades van de Seine staan. Zijn familie verklaarde hem voor gek. “Dit vinden ze geen respectabel bestaan.”

De bouquinisten zijn even karakteristiek voor Parijs als de Notre-Dame of het Louvre. In de zeventiende eeuw vestigden ze zich op de Pont Neuf over de Seine, tot dat werd verboden door de autoriteiten. Die stonden niet te springen om een parallelle boekenmarkt die zich aan de staatscensuur kon onttrekken. Ondanks meerdere pogingen om de ambulante boekverkoop definitief aan banden te leggen, bleven de bouquinisten bestaan. In 1859 besloot de gemeente Parijs dat de boekverkopers zich op vaste punten langs de Seine mochten vestigen.

Voor elk wat wils

Tot op vandaag staan de bouquinisten daar. (Het woord bouquin stamt af van het Middelnederlandse woord boeckijn, dat klein boekje betekent.) “Wij zijn het laatste echte petit métier”, zegt Callais. “Vroeger had je nog de voddenman, de scharensliep en tientallen kleine straatberoepen.”

Iedere boekventer mag vier houten kisten met boeken tentoonspreiden. Verspreid over meer dan drie kilometer kade bieden ze volgens schattingen in totaal 300.000 boeken aan. Kunsthistorische naslagwerken, bijzondere edities van stripalbums, Amerikaanse thrillers, verzameld werk van grote Franse romanciers: op de Seine-kades ligt voor elke bibliofiel wat wils.

Maar dan moeten de boekenliefhebbers natuurlijk wel langskomen. In deze door corona getekende zomer laat de clientèle het massaal afweten. Het mag dan het midden van de zomervakantie zijn, qua bezoekersaantallen voelt het, in de woorden van Callais, “als een maandagochtend in januari, met heel slecht weer”.

Een kraampje langs de Seine. Over meer dan drie kilometer kade liggen volgens schattingen in totaal 300.000 tweedehandsboeken.Beeld © Arturo Cano Miño

Een paar honderd meter verder, tussen de Pont Neuf en de Pont Saint Michel, zit Marie-Christine Thieblemont (78) op een klapstoeltje haar eigen koopwaar te herlezen. “Als het zo doorgaat wordt het weer een journée zéro”, zegt ze luid, haar handen ten hemel heffend. “Het is een catastrofe.”

De coronacrisis is de zoveelste van een reeks zware klappen die de bouquinisten de voorbije jaren kregen te verduren. Vanaf het najaar van 2018 zorgden de gele hesjes er maandenlang voor dat toeristen en winkelpubliek de Parijse binnenstad op zaterdagen meden als de pest. Eind 2019 gebeurde dat wederom, dit keer door toedoen van de langste Franse openbaarvervoerstaking ooit, tegen de pensioenhervorming.

“De meeste collega’s uit de voorsteden komen al niet meer”, zegt Callais. “Dit werk was nooit een vetpot, vroeger verdiende ik in een topmaand misschien 1.000 euro. Maar met de inkomsten van de laatste tijd haal je je brandstofkosten er niet eens uit.” Gelukkig helpt de Franse overheid de door corona getroffen ondernemers.

Puristen

Thieblemont begon als bouquiniste in het begin van de jaren negentig. “Het internet bood nog geen serieuze concurrentie, smartphones bestonden nog niet.” De markt voor bijzondere tweedehandsboeken heeft zich grotendeels naar het internet verplaatst. Onbegrijpelijk, vindt Thieblemont. “Een mooi boek wil je toch aanraken en ruiken voor je het koopt?”

Andere boekventers zijn minder streng in de leer en verkopen, om het hoofd boven water te kunnen houden, ook souvenirs en prullaria. Iconische covers van oude modebladen. Reclameaffiches van Orangina of Ricard. Posters van de Mona Lisa, met het gezicht van Mister Bean. Koelkastmagneetjes in de vorm van een croissant.

Die verkopers van Eiffeltoren-sleutelhangers verpesten het, vindt Callais. “Ik noem dat geen souvenirs, ik noem dat rotzooi”, zegt hij onomwonden. Als een windvlaag een stapeltje posters van de stal van zijn buurman wegblaast, weigert hij demonstratief “die Chinese troep” op te rapen.

Nee, van dat soort branchevervaging moet hij niets hebben. Callais, die tevens voorzitter is van de vakvereniging voor bouquinisten, ziet meer in een remedie die je typisch Frans kunt noemen: zijn metier moet erkend en beschermd worden. Sinds 2019 staan de bouquinisten ingeschreven als immaterieel erfgoed bij het Franse ministerie van Cultuur. “Veel mensen zagen ons een beetje als clochards. Doordat we die status bezitten, hebben we nu een respectabeler imago.”

Als het aan de voorzitter ligt staan de boekventers over een paar jaar ook bij Unesco als immaterieel erfgoed geregistreerd. De campagne daarvoor staat in de startblokken. Callais ontving al handgeschreven steunbetuiging van niemand minder dan president Macron.

“Dit is, ondanks alles, de mooiste baan ter wereld”, zegt Thieblemont. “Het contact met de mensen, de spontane uitwisseling van gedachtes en ideeën. Het is geen gemakkelijk bestaan, maar het biedt een enorme vrijheid.” Als haar gezondheid het toelaat, hoopt de 78-jarige hier tot haar dood te staan. Daarna zal haar plek op de Seine-kade zonder twijfel worden opgevuld: ieder jaar ontvangt de gemeente tientallen aanmeldingen van aspirant-bouquinisten.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234