Woensdag 06/07/2022

AchtergrondDe 'matekes' van de Vooruit-voorzitter

Conner Rousseau door de ogen van intimi: ‘Hij is een ‘bazeke’. Dat hebben we allemaal onderschat’

‘Een eigenaardig manneke. Hij luistert goed naar onze adviezen, maar doet vervolgens zijn goesting’, zegt Vooruit-‘krokodil’ Freddy Willockx over zijn poulain. Beeld Thomas Sweertvaegher
‘Een eigenaardig manneke. Hij luistert goed naar onze adviezen, maar doet vervolgens zijn goesting’, zegt Vooruit-‘krokodil’ Freddy Willockx over zijn poulain.Beeld Thomas Sweertvaegher

Meer dan 15 procent in een recente peiling. Afgunstig fezelen cd&v en Open Vld over het ‘Conner-effect’. Maar wat is zijn houdbaarheidsdatum? We vroegen het aan entourage en intimi van de Vooruit-voorzitter. ‘Op z’n achtste gaf hij Patrick Janssens al tips.’

Tine Peeters

BINNENSTE CIRKEL: Frank Vandenbroucke, Meryame Kitir, Gorik Van Holen, Inti Ghysels, Melissa Depraetere en Christel Geerts

“I think this is the beginning of a beautiful friendship.” Hun karakters konden niet verder uit elkaar liggen, toch beloofden Rick en Louis elkaar aan het einde van Casablanca, de filmklassieker der filmklassiekers, eeuwige vriendschap. De Rick (Humphrey Bogart) en Louis (Claude Rains) van Vooruit zijn Frank Vandenbroucke en Conner Rousseau. Tot consternatie van veel socialisten.

Rousseau leerde thuis van zijn moeder ­Christel Geerts – ex-parlementslid en ex-burgemeester van Sint-Niklaas – dat in de politiek niemand te vertrouwen is. Voor Vandenbroucke maakt hij een uitzondering, net zoals voor ­Meryame Kitir, zijn partijdirecteurs en federaal fractieleidster Melissa Depraetere.

Rousseau is de franken teut met een aan ­arrogantie grenzend zelfvertrouwen. Vandenbroucke de studax met minstens evenveel ego als zijn voorzitter. Constant bellen, mailen of appen ze elkaar. “Die twee,” zegt zijn moeder, “dat is een never­ending story.”

null Beeld dm
Beeld dm

De voorzitter en de vicepremier hebben de afspraak dat ze nooit over de miserie uit het verleden praten. In 2009 onderhandelde Vandenbroucke wel het regeerakkoord, maar mocht hij niet in de regering van toenmalig voorzitter Caroline Gennez. In de dagen erna stonden de kranten bol van de smerige commentaren op Vandenbroucke en diens zogenaamd recalcitrante karakter. De door Rousseau opgelegde stilte over die periode werkt: Gennez en Vandenbroucke geven elkaar nu complimenten op het partijbureau.

Tussen Rousseau en Vandenbroucke botst het zelden over de inhoud. Wel over de strategie. De voorzitter wil veel vaker dan de vice­premier vertellen hoe het er echt aan toegaat in De Croo I. Duidelijk maken wie de dwarsliggers waren en wie mee­streed voor een bepaalde maatregel. Vandenbroucke huldigt de oude Wetstraat-regel dat een minister zijn mond houdt of zijn ontslag indient. “Hij is echt hyper­loyaal”, zucht Rousseau.

Frank laten shinen

Ootmoedig geeft Rousseau toe dat hij nooit Vandenbrouckes intelligentie zal kunnen evenaren. “Hij heeft voorzitters gehad die niet slimmer waren dan hij, maar dat wel dachten”, zegt hij zelf. “Wij willen niet allebei de slimste zijn. Frank weet gewoon meer dan iedereen rondom hem. Ik ken wel meer van communicatie, ik weet hoe hij kan shinen. Hij staat open voor mijn advies en houdt daar rekening mee.”

In november 2020 irriteert Vandenbroucke de andere regeringspartners wanneer hij zegt dat ‘den blok erop’ moet en niet-essentiële winkels moeten sluiten. Rousseau verdedigt midden in de commotie zijn ‘vice’ voluit in Terzake. Vandenbroucke zit dezelfde avond in De afspraak. “In de foyer van de VRT kwamen we elkaar tegen”, vertelt Rousseau. “Frank zei tegen mij dat hij zich nog nooit zo gesteund had geweten door een voorzitter.” Sinds het voorzitterschap van Karel Van Miert (1978-1989), liet Vandenbroucke zich ook al meermaals ontvallen, voelde hij zich nooit zo goed in de partij.

“Wij discussiëren zeer openhartig”, zegt hij. “Dat is ook nodig: zo begrijp je elkaar het best. Hij verbaast mij nooit omdat het basisgegeven is dat hij verbazend is. Hij heeft een heel fijne en kameraadschappelijke sfeer in de partij gebracht. Dat is een grote vooruitgang met vroeger.” Of er valkuilen zijn waar de voorzitter in kan trappen? “Er zijn veel valkuilen waar we allemaal in kunnen trappen; Conner, Meryame of ik”, antwoordt Vandenbroucke. “Ik ga u geen lijst geven. We moeten niet zelfgenoegzaam worden en altijd opletten voor fouten. Maar dat doet hij: hij is zeer zelfkritisch.”

Met Kitir, minister van Ontwikkelingssamenwerking, zijn de contacten minder intensief: ze horen elkaar pakweg om de twee dagen. Bij het begin van de Oekraïense oorlog belde Rousseau haar meteen: “Gebruik je bevoegdheid ten volle! Zit hier goed op! Dit is echt belangrijk!” De inhoud laat hij aan haar en haar kabinet, de communicatie stuurt hij mee aan.

Dat advies geven aan politici heeft er altijd al ingezeten. Dik twee decennia geleden, Rousseau is dan 8, neemt zijn moeder hem mee naar een evenement van de partij. Ze heeft hem net uit de opvang gehaald wanneer ze Patrick Janssens, toenmalig voorzitter, ontmoeten. “Je moet trager praten op tv”, zegt Rousseau tegen hem. “Ik versta u moeilijk.” Zijn moeder vindt het gênant dat haar zoon de voorzitter zo aanspreekt, maar weet dan al: politiek zit in zijn bloed, en dat zal zo blijven. In zijn tienerjaren gaan de memoires van Freddy Willockx mee op surf­vakantie. Hij leest de turf van 360 pagina’s op het strand.

De ‘kutnota’s’

Op hetzelfde echelon als zijn ministers staan zijn directeurs Inti Ghysels en Gorik Van Holen, volgens zijn moeder ‘zijn rotsen in de branding’. Deze anciens herinneren zich de tijden met zes socialistische kabinetten die zich elk in hun fort verschansten. Nu brainstormen Van Holen, Ghysels, Lot Wildemeersch (directeur communicatie van de federale ministers) en andere medewerkers elke ochtend om 7 uur zodat er nergens dissonanten klinken. Rousseau krijgt meteen een debriefing en geeft directieven aan de rest van de ploeg.

Ghysels switcht sinds 2005 tussen de back­office van de regering en van de partij. Nu stuurt hij zestien mensen aan op de studie­dienst (drie jaar geleden waren dat er acht) en legt hij meerdere nota’s per dag klaar voor Rousseau. Die noemt ze lachend ‘de kut­nota’s’; hij leest ze ’s avonds of in de auto. Langer dan een paar pagina’s zijn die nota’s niet, anders begint de voorzitter er niet aan. Elke dinsdagochtend houdt Ghysels ook studeersessies. “Dan probeert hij zoveel mogelijk kennis in mijn kop te rammen”, zegt Rousseau. “Inti is – na Frank – de tweede slimste mens die ik ken.”

Politiek directeur Van Holen, voormalig journalist bij De Morgen, werkte op het kabinet van toenmalig minister Freya Van den Bossche en op het partijhoofdkwartier. Hij was de eerste die zei dat Rousseau moest meedoen aan de voorzittersverkiezingen. “Ik had daar zelf tot dan toe nooit aan gedacht”, beweert Rousseau.

In deze inner circle leeft de vrees dat de partij weer de connectie zal verliezen met de tijdsgeest. “We leven in een zeer volatiele wereld; wat vandaag belangrijk is, kan dat morgen niet meer zijn”, zegt Van Holen. “Het zal veel aandacht en moeite vergen om een zo breed mogelijk publiek te blijven bereiken met juiste en relevante info.” Een voorbeeld: vier jaar geleden deed sp.a nauwelijks wat op Facebook. De partij plakte er gewoon haar persberichten op. Nu verloopt 80 procent van de partijcommunicatie via sociale media. Van Holen: “De komende tien jaar gaat dat landschap enkel sneller evolueren.”

Tussen haakjes: twaalf mensen buigen zich bij Vooruit voltijds over ‘de socials’. In 2018 waren dat er twee: Rousseau, die de dienst oprichtte, en Evy Menschaert. Zij was Rousseaus eerste aanwerving en heeft er nu de leiding. Het was Menschaert die hem aanraadde zo dicht mogelijk bij zichzelf te blijven en dus @kingConnah te blijven gebruiken op Instagram. Rousseau zit nog in het WhatsApp-groepje van dit team, waar hij zelf vaak ideeën ingooit.

Uit post­electoraal onderzoek blijkt dat de socialisten in 2019 bij de -35-jarigen onder de kiesdrempel zijn gezakt. De partij is op dat moment de aansluiting bij de twintigers en dertigers – cruciaal voor het overleven van een partij – volledig kwijt. Van Holen: “Voor die groep bestaat Vooruit opnieuw.”

 Federaal fractieleidster Melissa Depraetere: ‘Het is niet ondenkbaar dat Conner dit niet eeuwig zal willen doen. Ook omdat de politiek, met al haar traagheid, hem niet zijn hele leven zal kunnen blijven begeesteren.’ Beeld Henk Deleu
Federaal fractieleidster Melissa Depraetere: ‘Het is niet ondenkbaar dat Conner dit niet eeuwig zal willen doen. Ook omdat de politiek, met al haar traagheid, hem niet zijn hele leven zal kunnen blijven begeesteren.’Beeld Henk Deleu

In het nieuwste onderzoek van politicoloog Stefaan Walgrave (UAntwerpen), besteld door VRT en De Standaard, scoort de partij wel weer bij die groep. De partij verwijst ook naar eigen marktonderzoek en schooldebatten waar ze tussen de 17 en 20 procent scoren. “Maar Conner gaat ouder worden”, gaat Van Holen verder. “Hij zal de natuurlijke affiniteit met die groep verliezen. We zullen die prille heropstanding moeten kunnen vasthouden.” Anders gezegd: de partij probeert het ‘Conner-effect’ duurzaam te maken. Maar ze zijn behoorlijk onzeker of dat wel zal lukken.

En hoe lang Rousseau het zelf zal volhouden. Vooral federaal fractieleidster Melissa Depraetere alludeert daarop. Rousseau begon samen met haar op de partij, ze waren samen vernieuwingskandidaat in 2019, ze zien elkaar vaak in de Wetstraat en in Nieuwpoort, waar Rousseaus vader woont. Rousseau heeft met haar zijn roddelmomentjes. Dan gaan ze wat eten op het pleintje achter de Keizers­laan in Brussel, waar het hoofdkwartier gevestigd is, en wisselen ze nieuwtjes uit over de politieke kaste waarin ze beiden zo pijlsnel opklommen. Depraetere: “Hij is meer Conner dan politicus. Zijn persoon krijgt veel meer aandacht dan bij de andere partijvoorzitters. Het is niet ondenkbaar dat hij dit niet eeuwig zal willen doen. Ook omdat de politiek, met al haar traagheid, hem niet zijn hele leven zal kunnen blijven begeesteren. We zijn soms bang dat hij wat anders wil gaan doen.”

Rousseau zelf neemt die twijfel over zijn toekomst niet volledig weg. “Ik heb geen schrik dat ik het mentaal of fysiek niet zal volhouden”, benadrukt hij. “Ik zou het wel snel beu kunnen worden. Ik heb geen geduld en ik wil veel veranderen, maar de politiek in België gaat zo fucking traag. Bovendien zitten de andere partijen te wachten tot ik een fout maak. Ik heb ook nog nauwelijks een privé­leven. Als het niet lukt in 2024, zal ik denken: nu heb ik mijn jonge jaren verscheten in de politiek.” Wat zijn intimi hopen, is dat het politieke vak toch nog enige tijd Rousseau blijft intrigeren. Van Holen sust: “We moeten onze groei consolideren in 2024. Daar ligt voor Conner nog meer dan genoeg uitdaging.”

Er valt geen kl*** te vieren

Opvallend: ook zijn moeder – hij woont bij haar in Sint-Niklaas – laat in het midden of Rousseau zijn hele leven in de politiek zal slijten. “Is dat überhaupt nog mogelijk?”, werpt ze op. “Als je ziet wat er onlangs in andere partijen is gebeurd. Kijk naar Joachim Coens, kijk naar Meyrem Almaci... De druk, die kan hij wel aan.” Net als Vandenbroucke wuift ze het verwijt weg dat hij té zelfgenoegzaam zal worden door het instant succes van zijn voorzitterschap. “Hij zal niet naast zijn schoenen gaan lopen; de media maken een showman van hem. Toen hij zich engageerde voor dat Konijn (in ‘The Masked Singer’, TP) dacht hij dat hij zoals Tommelein (Oostends burgemeester voor Open Vld, TP) een of twee keer zou meedoen en dat er geen haan naar zou kraaien. Ik herken mijn Conner nog steeds, al besef ik wel heel goed dat ik nu als moeder spreek. En een moeder bestoeft haar zoon.”

Christel Geerts over zoon Conner: 'Die jongen is bezeten van dat socialisme.' Beeld Steven Richardson
Christel Geerts over zoon Conner: 'Die jongen is bezeten van dat socialisme.'Beeld Steven Richardson

Met zijn moeder gaat het zeer vaak over de politique politicienne. Welke politici hij best te vriend houdt, welke politici een gevaar vormen, daar geeft zij hem tips en wenken. Ze is zeer nuchter over de positieve peilingen – de partij klokte af op 15,5 procent in de laatste peiling van De Standaard en VRT – en zet dat over op Rousseau. De voorzitter schoot zelfs uit zijn krammen toen ze op het partijhoofdkwartier wat wilden drinken op dat succes. “Er wordt hier geen kloten gevierd”, schold hij de feest­vierders uit. De pintjes bleven ongeopend, de glazen verdwenen weer in de kast.

De kritiek die bij zijn moeder het meest steekt, is dat Rousseau veel verpakking is en weinig inhoud. “Die jongen is bezeten van dat socialisme”, zegt Geerts. “Toen hij begon als voorzitter, stonden de kranten vol linkse intellectuelen die zich afvroegen: wat gaat die kleine weten? Maar die kleine heeft in zijn jonge leven al veel meer mosselsoupers gedaan dan jullie! En in de Barkentijn (het vakantiecentrum in Nieuwpoort dat zijn vader leidde, TP) heeft hij verschrikkelijke zaken gehoord van jongeren, waardoor zijn hart op de juiste plaats zit. Dat is het mooiste cadeau dat ik hem als moeder kon geven.”

In 2019 – Rousseau was net lijsttrekker voor Oost-Vlaanderen – rijdt hij met Depraetere na een verkiezingsbijeenkomst van Mechelen naar Nieuwpoort. Depraetere: “In die twee uur heeft hij me verteld waar hij met de partij heen wou. Hij wou een nieuwe naam, een totale reorganisatie en een inhoudelijke focus op het socio-­economische.” Depraetere staat versteld van zijn uitgekiende visie en zijn lef. “Over tien jaar wil ik voorzitter zijn”, zei hij nog tegen haar, tijdens die autorit. Zes maanden later was hij het al.

BREDERE CIRKEL: de G9

De G9 is het formele klankbord van de voorzitter met de ministers (Meryame Kitir en Frank Vandenbroucke), de fractieleiders (Hannelore Goeman en Melissa Depraetere) en enkele parlementsleden en schepenen zodat Vlaanderen helemaal ‘afgedekt’ is. Voor Oost-Vlaanderen is dat Joris Vandenbroucke, voor Antwerpen Jinnih Beels, voor Vlaams-Brabant Mo Ridouani.

Elke maandag – voor het partijbureau, klokslag halftien – komen deze negen samen. Daar doet hij aan managerial talks. Een voorbeeld: net na zijn verkiezing tot voorzitter sloot hij met de G9 een ‘pact of uniformity’: heel de partij moet voortaan hetzelfde zeggen en doen. De ruzies moeten in de keuken worden uitgevochten, niet in de gelagzaal van de partij. Wie dat toch doet, krijgt de volle laag. Hij kan vlijmscherp uithalen. “Het is een bazeke, in alle goede en slechte betekenissen van het woord”, zegt een ingewijde. “Dat hebben we allemaal onderschat.” Het pact werkt: veel partijleden die we belden, durven nauwelijks kritiek te ­uiten op de voorzitter. Ze zijn beducht dat de schending van het zwijgpact hen duur te staan zal komen.

Maar wat zal er gebeuren wanneer de peilingen een dip(je) kennen? Of hij nogmaals ‘een Molenbeekske doet’ en een deel van de socialisten en hun achterban in de steden schoffeert? (Eind april zei hij in ‘Humo’ dat hij zich ‘niet in België voelt’ als hij door Molenbeek rijdt, red.) Niet alleen in Brussel vinden ze Rousseau een Verkavelings­vlaming die niet weet hoe je in een stad anno 2022 samenleeft en -werkt. Deze partijgenoten huiveren dat hij met zijn flinks taalgebruik veel kiezers zal afstoten. Her en der, maar uiteraard off the record, valt zelfs te horen dat zijn uitspraken in Humo racistisch waren. Depraetere: “Onvermijdelijk zal het nog eens minder gaan met ons. Dan zullen er weer meer discussies en spanningen komen. Hopelijk zijn onze fundamenten dan sterk genoeg opdat de interne verdeeldheid niet terugkomt.”

Het moet gezegd: Rousseau legde wel degelijk nieuwe fundamenten; hij zette een volledig nieuwe partijwerking uit in het hoofdkwartier en de parlementaire fracties. Zo vroeg hij – bijvoorbeeld – zijn vroegere ‘bazin’ en huidig parlementslid Freya Van den Bossche om opnieuw actiever te zijn in de partij én de jongere parlementariërs te coachen. Ook andere veertigers kregen die rol van ondersteuner en aangever. In het begin ging dat onwennig, nu loopt het soepel. “Veel partijleden zagen met hun hoofd in dat dit nodig was”, zegt Van den Bossche. “Nu is ook de buik, het gevoel mee. Wie toch nog twijfelde, gaat overstag omdat deze rolverdeling zo goed werkt.”

De nieuwe generatie – Hannes Anaf, Hannelore Goeman, Maxime Veys, Ben Segers, Vicky Reynaert en Melissa Depraetere – krijgen elke maandag tussen drie en vijf debattraining van partijwoordvoerder Niels Pattyn en debatcoach Ruud de Joode. Vroeger werkte De Joode voor debat.nl, nu is hij voltijds verbonden aan de partij. Voor elke parlementaire vraag krijgen ze nog eens een training. Ook voor de rest van de communicatie houdt Rousseau de touwtjes strak in handen. Er is geen extern bureau dat de partij constant begeleidt. Het consultancy­bureau Happiness, dat de vorige kiescampagne deed, krijgt af en toe een opdracht. Wie de campagne in 2024 doet, is nog niet beslist.

Slechts één headliner

De partij mag debattrainingen geven zoveel ze wil, feit blijft dat ze erg leunt op de voorzitter. Depraetere: “Neem Conner weg en de partij wordt toch weer meteen een heel ander verhaal. Mocht hij nu verdwijnen, dan zou dat een grote impact hebben. Gelukkig zet hij heel erg in op de uitbouw van een team. Dat werk is wel nog niet af.” Hij is de headliner van het festival, luidt het bij andere prominenten, de rest van de artiesten doet het maar matig. De partijleden hopen dat het publiek blijft hangen voor de hoofdact, maar zijn er niet gerust op. Ze weten ook dat de partijvoorzitter de afgelopen twee jaar geen concurrentie had. Joachim Coens vond zijn draai niet als voorzitter, Meyrem Almaci zocht al even naar de uitgang bij Groen. “Hij stond op een olifantenkerkhof”, zegt een partijlid. “Wat zal er gebeuren als Sammy ­Mahdi opstaat?”

De partijtop maakt graag de vergelijking met N-VA, waar Bart De Wever lang de partij in zijn eentje droeg. Pas in 2014 kwamen Jan Jambon en Theo Francken, als minister en staatssecretaris in de federale regering, echt naast hem staan. “Pas na twintig jaar staat er bij N-VA een ploeg”, zegt Rousseau. “In vier jaar krijgt niemand honderd nieuwe mensen gelanceerd. Vroeger hadden we niks meer. Nu kent iedereen Frank en mij. De rest volgt nog wel. We hebben nu al meer mensen in onze etalage dan Bart op hetzelfde moment.”

De vergelijking met N-VA is wel tekenend: Rousseau spiegelt zich graag en veel aan de N-VA-voorzitter. “Ik ben zeer opgetogen met die 15 procent uit de peiling, maar laten we eerlijk zijn: dat is de uitslag van tien jaar geleden”, nuanceert federaal parlementslid Joris Vandenbroucke. “Wij kunnen verder springen. We mogen ons nu vooral niet laten meeslepen door de waan van de dag.” Alle vertrouwelingen benadrukken dat Vooruit – veel meer dan sp.a – een ploeg is en dat nog meer zal worden. Vandenbroucke: “Ik wil niet in idolatrie vervallen, maar Conner is een enorm straffe manager. Hij draagt de partij wel niet in zijn eentje. We maken nu heldere en duidelijke keuzes die de hele partij volgt en we investeren enorm in jonge mensen.”

BUITENSTE CIRKEL: de krokodillen, de vakbonden en de mutualiteiten

“Eer uw voorouders”, zegt Rousseau. “Als je zelfrespect wil hebben, moet je je geschiedenis kennen.” Elke zes maanden gaat hij daarom eten met ‘de krokodillen’, zoals ze zichzelf noemen. Als corona dat tenminste toelaat. Louis Tobback, Daniël Termont, Freddy Willockx, Willy Claes en Norbert De Batselier schuiven dan op zijn kosten de benen onder tafel in een Brussels etablissement.

Louis Tobback: 'Ik heb al lelijker dingen gezegd dan wat Conner zei over Molenbeek.' Beeld ID Bart Dewaele
Louis Tobback: 'Ik heb al lelijker dingen gezegd dan wat Conner zei over Molenbeek.'Beeld ID Bart Dewaele

Het laatste etentje was net na het verschijnen van het veelbesproken boek Reset van Mark Elchardus. Tobback en Rousseau hebben er een openhartige discussie over het boek van de vroegere huisideoloog van de socialisten. Tobback: “Wij zijn het perfect eens dat we niet mogen wegmoffelen dat in Vlaanderen de vreemdelingenpolitiek bij de verkiezingen een grote rol speelt. Ten onrechte, maar het is nu zo. Ik had ook geen probleem met wat hij in Humo zei. Als ik door Knokke loop, voel ik mij ook niet thuis. En in Chinatown in Antwerpen ben ik precies niet in België. Ik heb ook al lelijker dingen gezegd dan wat Conner zei over Molenbeek. De PS deelt de lakens uit in Brussel en heeft laten gebeuren dat alle miserie zich concentreert in enkele gemeenten. Dat was al zo toen ik minister van Binnenlandse Zaken was en ’s nachts meeging met de rijkswacht in Molenbeek.”

Meer diepgang

Tussendoor belt Willockx hem het vaakst, soms meermaals per dag. “Ik probeer mij niet te veel te moeien, maar soms is het sterker dan mezelf”, lacht zijn ontdekker. Hij is enorm trots op zijn ‘poulain’ die hij al zijn hele leven kent. Ook met Termont, De Batselier, Claes en Vande Lanotte ligt de lijn open. Voorganger John Crombez hoort hij veel minder.

De rode notabelen waarschuwen hem dat hij de inhoud niet verloren mag laten gaan. “Hij is communicatief heel sterk, maar ik ben persoonlijk voor meer diepte”, zegt Willockx. “Het is een eigenaardig manneke. Hij luistert goed naar onze adviezen, maar doet vervolgens zijn goesting.” Claes, voormalig secretaris-generaal van de NAVO, vergoelijkt: “Ik ben, zoals Jean-Luc Dehaene, een politicus van de twintigste eeuw; ik heb het moeilijk met al die moderne communicatiemiddelen. Hij heeft wel al de nuances in de vingers van een tijdperk waarin ik me niet thuis voel. Het is soms een onemanshow, maar dat is voor mij niet dé vraag van zijn voorzitterschap.”

Freddy Willockx: 'Meer diepgang is nodig voor de bestendiging van ons succes. 'The Masked Singer' is een sympathieke stunt, maar is lang niet alles.' Beeld Tim Dirven
Freddy Willockx: 'Meer diepgang is nodig voor de bestendiging van ons succes. 'The Masked Singer' is een sympathieke stunt, maar is lang niet alles.'Beeld Tim Dirven

De begroting, daar moeten de socialisten zich zorgen om maken. “Een aantal voorstellen kunnen sneuvelen op een budgettair ‘non possumus’ (Latijn voor ‘we kunnen niet’, TP)”, zegt Claes. “Daar zie ik bepaalde problemen rijzen.” Elders in de partij klinkt dezelfde angst. Vooruit gaat voor de versteviging van de welvaartsstaat, maar zullen daar centen voor zijn tijdens de ­Oekraïense oorlog en na de pandemie?

Vande Lanotte voorspelt hem een glorieperiode van vijf à tien jaar “zoals Steve (Stevaert) of Guy Verhofstadt”, maar ziet een mogelijk gevaar in de samenstelling van de kieslijsten. Tot nu besliste elke provincie wie er aan de top van elke lijst kwam te staan. Rousseau wil daar de zeggenschap over, zodat hij de macht van de rode baronieën verder kan inperken, maar dat is nog geen gewonnen zaak. “Mijn kop rolt als de verkiezingsuitslag niet goed is”, zegt Rousseau zelf. “Ik mag dus beslissen.” Hij zoekt ook volop mensen buiten de partij die de lijsten willen bevolken. Maar zullen de trouwe partijsoldaten hun plek zonder slag of stoot aan die blitse nieuwkomers afstaan?

Toch voor Sint-Niklaas

Pas recent werd duidelijk waar Rousseau zelf zal staan op die kieslijsten. Termont en Willockx vochten een robbertje uit opdat de voorzitter zich definitief in hun stad zou vestigen. Rousseau groeide op in Sint-Niklaas, bij zijn moeder, en woonde daarna zeven jaar in Gent. Daar ontstond ook zijn ‘Gentse connectie’: hij ging in zijn studententijd werken voor toenmalig minister Van den Bossche, waar hij Vandenbroucke en Van Holen – indertijd kabinetschef en woordvoerder – leerde kennen. Van den Bossche zette haar schouders onder zijn lijsttrekkerschap in Oost-Vlaanderen, Termont en zij steunden hem voluit tijdens de voorzittersverkiezing. Maar kijk, Sint-Niklaas (en dus Willockx) won het pleit; Rousseau blijft onder moeders vleugels in het Waasland.

Studiebureau Katar peilde al in opdracht van de socialisten, vertelt Willockx, naar de kiesintenties van de Sint-Niklazenaren. Bij de verkiezingen had Vooruit een povere 12,6 procent, in deze peiling klokken de socialisten af op 20,5 procent. “Die peiling wordt dus volledig gedomineerd door het Conner-effect”, zegt Willockx. “Meer diepgang is nodig voor de bestendiging van ons succes. The Masked Singer is een sympathieke stunt, maar is lang niet alles.”

BUITEN DE PARTIJ: huisgenoot PS, De Wever & Demir, en uiteraard Mette Fredriksen

Rousseau gaat er prat op dat hij buiten de Wetstraat-bubbel blijft, maar dat klopt niet. Zijn agenda staat vol lunches met politici van andere partijen. Enkele weken geleden had hij een etentje met Bart De Wever, hun bromance ontstond tijdens de regeringsonderhandelingen in 2019. De beste klik bij de Vlaams-nationalisten heeft hij met De Wever en Zuhal Demir. Bij de christendemocraten ‘matchte’ hij met Joachim Coens omwille van zijn West-Vlaamse humor. De goede connectie met Hilde Crevits erfde hij nog van zijn voorganger Crombez. Via zijn broer, die het Kortrijkse basket sponsort, kent hij Vincent Van Quickenborne (Open Vld); met voorzitter Egbert Lachaert gaat het veel stroever.

De Wever wil niets kwijt over hun onderonsjes. Partijgenoten van Rousseau menen dat het tweetal elkaar vindt in hun afkeer van de liberalen. Beiden voelden zich vernederd door Lachaert en De Croo tijdens de regeringsonderhandelingen en dat gevoel zou maar niet willen slijten.

Zo stil De Wever is over zijn connectie met Rousseau, zo openlijk is Demir: “Ik apprecieer dat hij niks achter je rug doet. Soms botst het, maar je weet het tenminste.” De Genkse meent dat Rousseau wel wat vaker achterom moet kijken: “Ik weet niet of de rest van de partij mee is met zijn Deense lijn, die wij al veel langer bewandelen. Na dat interview in Humo, waarin hij zei dat hij zich niet thuis voelt in sommige Molenbeekse straten, hoorde ik Hannelore Goeman op tv toch heel wat anders beweren dan hij.” Kritiek op ‘Konijn’ wuift ze weg. “Ik heb hem publiekelijk gesteund toen hij kritiek kreeg over zijn deelname aan The Masked Singer. Ik zou er zelf niet aan meedoen, maar ik kan niet zingen.”

Tien jaar achterop lopen

En dan is er de ‘internationale’ connectie, of de contacten met de socialistische familie. Vooruit en PS cohousen aan de Keizerslaan, in het al­oude hoofdkwartier van de Franstalige socialisten, maar ze leven daar niet zorgeloos en dolgelukkig samen onder één dak.

Bij Vooruit leeft het gevoel dat PS tien jaar achteroploopt. De communicatiestrategie van de Franstalige socialisten vinden ze te impulsief en te weinig strategisch. Afspraken maken met de grote Franstalige broer gaat moeizaam. PS-voorzitter Paul Magnette krijgt respect voor zijn kennis en inzichten, maar laat zich volgens Vooruit veel te veel opjagen door PTB/PVDA. Wie wel bijval krijgt, is federaal staatssecretaris Thomas Dermine, de wonderboy uit Charleroi. Tussen vicepremiers Vandenbroucke en Pierre-Yves Dermagne zit het ook snor.

Veel vanzelfsprekender is de verstandhouding met de vakbonden en de mutualiteiten of de zogenaamde Gemeenschappelijke Socialistische Actie (GSA). Crombez haalde die banden aan, Rousseau houdt ze intact. Paul Callewaert, de baas van de Socialistische Mutualiteiten, is lyrisch over Rousseau, die hij nog kent uit de Barkentijn. Callewaert: “Ons maatschappijbeeld komt overeen. We halen niet alles binnen wat we willen, maar hij luistert wel naar onze adviezen. Ik hoop dat het succes niet naar zijn hoofd stijgt; voorlopig blijft hij nuchter en voorzichtig.”

Conner Rousseau over Deens premier Mette Fredriksen: 'She owns the room.' Beeld EPA
Conner Rousseau over Deens premier Mette Fredriksen: 'She owns the room.'Beeld EPA

In het buitenland kijkt Rousseau omhoog, naar Scandinavië, en dan vooral naar de Deense premier Mette Fredriksen. Op 12 december 2019 ontmoette hij haar voor het eerst op de top van de socialistische leiders van Europa. “She owns the room”, herinnert hij zich. “Hoe ze te laat arriveerde, de haren strak achterover­gekamd, en meteen tussenbeide kwam. Dat is écht een persoonlijkheid.” De integratie-, onderwijs- en klimaatpolitiek van dit noordse land zijn een grote inspiratiebron voor hem.

Op 10 juni zal hij haar voor het eerst uitgebreid spreken in Kopenhagen, tijdens zijn tournee langs de socialistische premiers. Later doet hij nog Helsinki, Berlijn, Lissabon en Madrid aan. “Vorige week kreeg ik de vraag: hoe wil je dat de mensen je herinneren in 2050? Ik hoop dat ze dan zullen zeggen en schrijven: die man durft doorpakken. Net zoals Frank. En net zoals Mette. Van haar heb ik geleerd: neem je tijd om uit te leggen waar je naartoe wilt. De eerste keer zullen je partijgenoten verschieten en tegenstribbelen. De tweede keer zullen ze begrijpen wat je bedoelt. De derde keer zijn ze mee, de vierde keer doen ze mee.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234