Vrijdag 17/09/2021

InterviewDebora De Vos

‘Conner belde me op: ‘Sorry dat ik je leven zo overhoop heb gehaald’’

Debora De Vos. Beeld Christophe De Muynck (Humo)
Debora De Vos.Beeld Christophe De Muynck (Humo)

‘Poepke, iedereen is naar jou op zoek.’ Met die woorden van haar man Bob vernam Debora De Vos (53) dat haar fifteen minutes of fame waren aangebroken. Ze had haar plotse roem te danken aan Vooruit-voorzitter Conner Rousseau, die zich de avond voordien in Terzake had zitten opwinden over het loonoverleg: ‘Dat krijg ik aan Debora de kassierster niet uitgelegd.’ Het werd het politieke vraagstuk van de week: wie is die illustere Debora uit de Delhaize?

Debora De Vos: “Het was mijn man die me belde: ‘Iedereen komt hier zoeken naar jou. Je bent gisteren op tv geweest.’ Ik begreep niet waarover hij het had. Ik ben meteen naar Terzake gaan kijken en toen zag ik Conner: ‘Hoe moet ik dat uitleggen aan Debora?’ Ik schrok me rot, maar ik vond het ook wel tof.”

Enig idee waarom hij precies jou vernoemde?

“Dat heeft hij me achteraf uitgelegd: tijdens onze babbels aan de kassa had ik hem verteld over onze woningbrand. Twee jaar geleden is ons huis in vlammen opgegaan door een blikseminslag. Dat we nog leven, hebben we te danken aan onze hond, een Franse buldog: hij heeft mij wakker gemaakt, maar is zelf in de brand gebleven. We hadden niets meer – ons hele leven was in amper tien minuten weg. En toch zijn we niet bij de pakken blijven zitten. ‘Telkens als ik het moeilijk heb en me boos maak over onrecht,’ zei Conner, ‘moet ik aan jou denken, en aan hoe jij omgaat met wat je hebt meegemaakt.’ Dat vind ik één van de mooiste complimenten die ik ooit heb gekregen. Ik kan me voorstellen dat hij, in zijn woede over dat loonoverleg, aan mij dacht en mijn naam er toen uitfloepte.”

Jullie hadden elkaar leren kennen tijdens de eerste lockdown.

(knikt) Toen alles dicht moest en naar de supermarkt gaan zowat de enige uitlaatklep was. We hebben een kapsalon. Omdat het gesloten was en de rekeningen wel bleven binnenstromen, moesten mijn man en ik iets doen: hij is gaan werken in de Colruyt, ik in de Delhaize van Nieuwpoort – de eigenaars waren klanten van ons.”

Conner kwam elke dag in de supermarkt.

“Een schoon manneke, vond ik. Dat zeg ik zonder bijbedoelingen: hij zou mijn kind kunnen zijn, ik ben er 53. Hij vertelde hoe hij de lockdown doorbracht in het appartement van zijn vader en ik vertelde over de brand. Hij luisterde echt en dat deed deugd. Ik heb zelfs dingen van hem geleerd. Wat die rare knol was die hij elke dag kocht, bijvoorbeeld. Ik had nog nooit van gember gehoord. Hij is een hele gezonde jongen.”

Maar je had geen idee wie hij was.

“Nee! We hebben ook nooit over politiek gesproken. Als ik vertelde over onze problemen, dan zei hij wel: ‘Ik ga je helpen.’ Ik dacht: jaja, hoe zou jij mij kunnen helpen? Tot hij zei: ‘Ik ben de voorzitter van de sp.a.’ Shit! Wist ik veel: als zelfstandige kom ik uit een liberaal nest. Gelukkig nam hij me dat niet kwalijk.

“Op 8 mei ben ik opgenomen op de spoed met vijf bloedklonters in mijn longen. Omdat Conner me opeens niet meer zag, is hij iedereen gaan vragen waar ik was. Zodra het kapsalon weer open mocht, stond hij hier: ‘Hoe gaat het met Debora?’ In augustus is hij me nog komen bezoeken. Zo mooi! Welke politicus zou zoiets doen? Begin september, toen hij als formateur naar de koning moest, heeft mijn man nog zijn haar geknipt. Dat was de laatste keer dat ik hem zag. Tot hij me die 28ste april opeens vernoemde op tv.”

De volgende avond zaten jullie al in De Cooke & Verhulst Show.

“Conner heeft me eerst nog opgebeld om zich te verontschuldigen: ‘Sorry dat ik je leven zo overhoop heb gehaald.’ Maar dat was helemaal niet nodig. Beroemd zijn voor één dag is tof. Sinds ik op tv ben gekomen, word ik nog weleens herkend op straat, maar dat stoort me niet. Ik wilde dat tv-optreden per se doen voor Conner. Iedereen was naar me op zoek, maar omdat ik niet meer in de Delhaize werkte, vonden ze me niet: ‘Die Debora van Conner bestaat niet.’ Het maakte me kwaad dat ze Conner in een slecht daglicht wilden stellen. Ik dacht: ik besta niet? Wacht maar! Het was heerlijk om Conners gezicht te zien, toen ik opeens uit de coulissen verscheen bij Cooke en Verhulst.”

Heeft hij je nu eigenlijk al kunnen uitleggen waarom de aandeelhouders van supermarkten dividenden uitbetaald krijgen, terwijl het personeel geen loonopslag krijgt?

“Hij hoeft dat niet uit te leggen: ik ben het er helemaal met hem over eens dat dat onrechtvaardig is. Zelfs al spreek ik dan tegen mijn eigen winkel, als zelfstandige. Zodra de eerste lockdown voorbij was, ben ik teruggekeerd naar ons kapsalon.”

Om Conner van antwoord te dienen, had voorzitter Egbert Lachaert van Open Vld het over ‘Jef de horecabaas’: ‘Jef de horecabaas kan geen opslag geven aan zijn personeel.’ Kan jouw man – laten we hem ‘Bob de kapper’ noemen – zijn personeel opslag geven?

“Nu ligt dat heel moeilijk. Van de huisbaas moesten we de huur van het salon blijven doorbetalen, ook al mochten we niet open. Het zijn zware tijden, maar de dag dat we ons personeel opslag moeten geven, dan doen we dat. Toen ik kassierster was, heb ik gemerkt hoe weinig empathie sommige klanten hebben voor het personeel. Conner was de enige die dankbaarheid toonde voor ons harde werk midden in een pandemie. Anderen werkten vooral hun frustraties uit op ons. Ik sprak klanten altijd vriendelijk aan op hun hamstergedrag: ‘Mevrouw, is het echt nodig dat u vijf pakken toiletpapier meeneemt? Waarmee moet een ander dan z’n poep afvegen?’ Maar dan beten ze terug: ‘Ga jij zeggen wat ik moet kopen?’ Sindsdien is mijn respect voor de mensen die dat werk elke dag moeten doen alleen maar gestegen.”

Handelsvereniging Comeos reageerde ook op Conners uitspraak: ‘Debora heeft een coronapremie en extra verlofdagen gekregen.’

“Ik niet! Hoe zou het ook kunnen, als zelfstandige? Nee, voor ons was het krabben tijdens de lockdowns.”

Hoe zuur was het dat de kappers zo lang de deuren moesten sluiten?

“Verschrikkelijk! Het klopte gewoon niet: wij hebben nooit één coronageval gehad in ons kapsalon. Dat kon ook niet: we werkten heel veilig. Bij het binnenkomen namen we de temperatuur van de klanten en moesten ze hun handen ontsmetten. We hebben een redelijk groot salon, maar toch lieten we maar één klant per keer binnen. Ik was zelfs al begonnen met track & trace-formulieren te maken, nog vóór het verplicht werd. Niemand van onze klanten was bang om te komen, ook al zitten er veel mensen op leeftijd bij.”

Stonden ze te popelen om terug te keren na de versoepelingen?

“Na de eerste lockdown wel: toen heeft mijn man zeven weken op rij zeven dagen op zeven gewerkt om al die coronakapsels aan te pakken. Maar na de tweede lockdown is er nooit zo’n stormloop gekomen. De mensen zijn veranderd. Dat merk ik ook bij mezelf: toen de restaurants weer open zouden gaan, was ik vast van plan meteen eens lekker te gaan eten. Maar ik ben nog altijd niet geweest. Zo denken mensen nu ook over naar de kapper gaan: ze staan er niet voor te springen. Waarom zouden ze? Niemand heeft een piekfijn kapsel nodig om op een winderig terras te gaan zitten. Misschien komt het straks wel terug, als de echte vrijheid er weer is en de grote trouwfeesten weer mogen. Ik las net nog in de krant dat de economie pas tegen december weer zal draaien zoals vroeger. Ik hoop het echt.”

Zijn de toeristen al terug in Nieuwpoort?

“Voorlopig nog niet. Ook die toeristen hebben we nodig om een goeie zomer te draaien. Anders hebben we geen spaarpotje voor de wintermaanden. Nee, het worden nog onzekere tijden.”

Misschien kun je Conners hulp inroepen.

“Als ik écht problemen zou hebben, zou ik hem wel durven op te bellen. Dat heeft hij me ook zo gezegd. Ik ga daar geen misbruik van maken, maar ik hou het wel in het achterhoofd. Ach, als we deze zomer gewoon eens samen een terrasje kunnen doen, ben ik ook al blij. Voor mij is het een vriendschap voor het leven geworden. Die jongen zit diep in mijn hart.”

Je hebt niet het gevoel dat hij je voor zijn kar heeft gespannen?

“O, nee! Niemand moet tegen mij zeggen: ‘Hij deed het voor zijn postje.’ Zo heb ik hem niet leren kennen. Hij stelde zich al kwetsbaar op tegenover mij, zonder dat ik wist wie hij was. Hij heeft daar nooit misbruik van gemaakt. Dat niemand één slecht woord over hem zegt, of ze krijgen met mij te maken. Ik ga voor hem door het vuur.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234