Maandag 06/04/2020

‘Congolees leger maakt zich schuldig aan executie, verkrachting en foltering’

In een nieuw rapport dat morgen in de VN-Mensenrechtenraad wordt besproken, staat dat de veiligheidssituatie in Congo nog steeds verslechtert en dat het regeringsleger, de politie en de inlichtingendiensten zich schuldig maken aan ‘willekeurige executies, seksueel geweld, folteringen en mishandeling’.

VN-rapporteurs twijfelen of donorlanden nog wel kunnen samenwerken met weerbarstige regering

In het bijzonder kritisch rapport staat dat de overheidsinspanningen om een einde te maken aan de wantoestanden totaal ontoereikend zijn. Wellicht zal het document wegen op de beslissing van de Belgische regering om zijn soldaten al dan niet samen met Congolese militairen te laten paraderen.

Het VN-rapport werd opgesteld door zeven VN-experts en geeft een overzicht van recente evoluties op het vlak van veiligheid, seksueel geweld, kindsoldaten, persvrijheid en sociale rechten. Het beeld dat de rapporteurs over de Democratische Republiek Congo schetsen is gitzwart. “De mensenrechtensituatie in Congo is bijzonder zorgwekkend en is nog verder aan het achteruitgaan. Leden van het regeringsleger, de nationale politie, het nationale inlichtingenagentschap en andere inlichtingendiensten zijn verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen en zware inbreuken op het internationaal humanitair recht.”

Concreet stelden de rapporteurs een reeks gewelddaden vast: “Het gaat om willekeurige executies, seksueel geweld, foltering, willekeurige arrestaties, dwangarbeid en afpersing.”

Inzake verkrachtingen is er nog steeds sprake van “een alarmerend hoog cijfer”. In de eerste negen maanden van 2009 rapporteerde het VN-bevolkingsfonds (UNFPA) 7.500 gevallen van seksueel geweld, dubbel zoveel als in dezelfde periode in 2008. Omdat vele verkrachtingen nooit aangegeven worden, ligt het werkelijke aantal veel hoger. Hoewel krijgers van rebellenbewegingen zich op grote schaal vergrijpen aan vrouwen en meisjes “blijft het regeringsleger de belangrijkste schuldige voor het seksueel geweld”.

Ook de manier waarop Congolese vrouwen misbruikt worden, blijft weerzinwekkend. “Wij krijgen verontrustende rapporten van vrouwen en meisjes die willekeurig geëxecuteerd en verminkt worden nadat ze slachtoffer werden van een groepsverkrachting. Sommige slachtoffers werden teruggevonden met vuurwapens, stukken hout of zand in hun lichaam. Echtgenoten, ouders en kinderen die de verkrachting van hun geliefde proberen te stoppen, werden ook aangevallen, vermoord of gedwongen om hun eigen gezinsleden te verkrachten. Uit getuigenissen blijkt dat vrouwen en meisjes zowel door het regeringsleger als door rebellen ontvoerd werden en gedurende weken of zelfs maanden onderworpen werden aan collectieve verkrachtingen die vaak gepaard gingen met ander geweld.” Ook in gevangenissen “over heel het land” zouden vrouwen vaak het slachtoffer zijn van seksueel geweld.

Volgens de VN-onderzoekers onderneemt de Congolese overheid zo goed als niets tegen het massale geweld tegen vrouwen. Slechts enkele verkrachtingszaken kwamen voor een rechtbank. De regeringsbelofte om een agentschap op te richten ter bestrijding van seksueel geweld tegen vrouwen, bleef dode letter.

Ook de situatie van duizenden kindsoldaten blijft zorgwekkend, zo blijkt uit het VN-rapport. In 2009 werden weliswaar zo’n tweeduizend kindsoldaten gedemobiliseerd, maar tegelijk bleef het regeringsleger nieuwe kindsoldaten rekruteren. Velen onder hen worden ingezet in de frontlinies.

Minstens evenveel gevaar lopen Congolezen die de wantoestanden in hun land willen aanklagen: mensenrechtenactivisten, ngo-medewerkers en journalisten. “Verdedigers van mensenrechten stellen zich bloot aan bedreigingen, aanvallen, willekeurige arrestaties en andere ernstige mensenrechtenschendingen.” Vooral vrouwelijke journalisten en activisten die verkrachtingen aanklagen, lopen groot gevaar.

De VN-rapporteurs concluderen dat de Congolese overheid zeer weinig doet aan de slechte mensenrechtensituatie: straffeloosheid blijft de regel, legercommandanten beschermen de verkrachters in hun rangen en de regering weigert het arrestatiebevel uit te voeren van het Internationaal Strafhof tegen topcommandant Bosco Ntaganda.

Veelzeggend cijfer is dat Congo amper 0,24 procent van haar begroting in het gerechtelijk apparaat investeert. In andere ontwikkelingslanden is dat 2 tot 6 procent. “De regering weigert kennelijk om structuren in het leven te roepen die daders van mensenrechtenschendingen identificeert en vervolgt.” Op een VN-voorstel om binnen het leger een screeningmechanisme voor hogere officieren te installeren, kwam een expliciet njet van de regering. Ook de houding van de Congolese communicatieminister Lambert Mende wordt zwaar op de korrel genomen. Die laatste omschreef internationale mensenrechtenorganisaties onlangs als “humanitaire terroristen”.

De VN-rapporteurs stellen zich openlijk de vraag of het voor donorlanden onder die omstandigheden nog mogelijk is om met een dermate weerbarstige overheid samen te werken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234