Donderdag 20/01/2022

Conflict in Kivu dreigt opnieuw te ontaarden in regionale oorlog

Angola stuurt

militairen

naar Congo

Angola mobiliseert militairen om Congo te steunen. Aan de zijde van krijgsheer Laurent Nkunda werden Rwandese militairen opgemerkt. Daarmee groeit het risico op een nieuwe regionale oorlog. door maarten Rabaey

KINSHASA l De rebellen van Nkunda begonnen ondertussen een nieuw offensief. Na een opmars van twintig kilometer staan ze nu aan de poorten van de strategische stad Kanyabayonga, waar de handelswegen naar het noorden beginnen.

De Angolese viceminister van Buitenlandse Zaken, Jorge Chicoty, kondigde op Rádio Nacional de Angola de militaire steun aan, "uit bezorgdheid over de verslechterende humanitaire en veiligheidssituatie in de oostelijke Kivuprovincies". Chicoty zei wel niet hoeveel manschappen Luanda stuurt. Onduidelijk is ook nog hoe ze ontplooid worden: als adviseurs, in de strijd tegen de rebellen van krijgsheer Laurent Nkunda, als interpositiemacht of als tweedelijnsbescherming tegen het dreigement van Nkunda om dieper in Congo op te rukken.

Angola wil hun inzet overleggen met de Southern African Development Community (Sadc) en de Europese Unie, waarvan de ambassadeurs eind vorige week in Luanda al van gedachten wisselden met de Angolese minister van Buitenlandse Zaken. De regering in Kinshasa verzocht Angola al op 29 oktober om politieke en militaire steun, op het ogenblik dat Nkunda's rebellen oprukten naar Goma.

Verslaggevers van het persagentschap Associated Press zagen sindsdien in Kivu al Portugeestalige soldaten met groene baretten, waarop een pin zat in de vorm van Angola. Ze bewaakten samen met Congolese soldaten een weg. Aan de BBC vertelde een inwoner uit Goma ook dat er "Portugeessprekende soldaten in Congolese legeruniformen" patrouilleren - al zijn dat mogelijk ook 'Katangese Tijgers', Congolese eenheden die meevochten tijdens de Angolese burgeroorlog en nog steeds in het Portugees communiceren.

Angola had al militaire samenwerkingsakkoorden met Congo. Een aantal Angolese bataljons is gestationeerd in het zuiden van Congo, nabij de strategische havenstad Matadi, de Ingadam en Kitona. In de hoofdstad Kinshasa zijn volgens het blad Africa Monitor ook Angolese politie-eenheden actief, om president en regering te beschermen.

Krijgsheer Nkunda kondigde al aan dat hij zal vechten tegen alle Afrikaanse soldaten die de Congolezen bijspringen. Aan Nkunda's zijde werden ook al Rwandese militairen opgemerkt. Een verslaggever van The Financial Times kreeg tijdens gesprekken met ex-rebellen en waarnemers te horen dat sommigen van Nkunda's manschappen nog steeds hun Rwandese salarissen ontvangen. Rwanda ontkent dat. Joseph Mutaboba, een adjunct van president Paul Kagame, vertelde wel aan Reuters dat er een "mogelijkheid" is dat "gedemobiliseerde" Rwandese militairen in Congo vechten. De regering in Kigali legde gelijkaardige verklaringen af aan het begin van de vorige, grensoverschrijdende, oorlog.

Afrikaanse wereldoorlog

De ontplooiing van buitenlandse soldaten wakkert de vrees aan dat een nieuwe regionale oorlog in de maak is. De aanwezigheid van Angolezen zou als een provocatie kunnen worden opgevat door Rwanda, dat op Congolees grondgebied al in gevechten verwikkeld was met troepen uit Angola tijdens de bloedige regionale oorlog van 1998-2003.

Tijdens 'Afrika's eerste wereldoorlog' werd Congo toen versnipperd in invloedssferen van buurlanden en rivaliserende krijgsheren. In het oosten werden rebellen gesteund door Rwanda en Oeganda, die zo de hand legden op wingewesten vol grondstoffen als goud en tin of gewassen als koffie. In het zuiden en westen ontplooiden Angola en Zimbawbe tanks en gevechtsvliegtuigen in ruil voor opbrengsten uit de diamant- en kopermijnen. Troepen uit Namibië, Tsjaad en de Centraal-Afrikaanse Republiek raakten gaandeweg ook betrokken.

Een deserteur van het Zimbabwaanse leger vertelde de BBC onlangs dat minstens 250 soldaten uit Zimbabwe na het einde van de oorlog in 2003 achterbleven in Congo. Sommigen bewaken volgens hem mee president Kabila, anderen zijn ontplooid om mijnen te bewaken waar Zimbabwaanse officieren belangen in hebben. Zelf werd hij ingezet in Goma en Lubumbashi.

De VN-vredesmacht Monuc blijft ondertussen melding maken van mensenrechtenschendingen in het oorlogsgebied. Terugtrekkende Congolese regeringssoldaten zouden in en rond Kanyabayonga, 175 kilometer ten noorden van Goma, dorpen geplunderd hebben en vrouwen verkracht. Nkunda's rebellen namen dat gebied ondertussen in. Na een offensief van twintig kilometer staan ze nu aan de poorten staan van de strategische stad. In Kanyabayonga komen enkele grote wegen samen die toegang geven tot de belangrijke handelscentra Butembo en Beni in het noorden. Tot voor kort lag de frontlijn ter hoogte van de dorpen Nyanzale, Kikuku, Kibirizi en Rwindi, een dertigtal kilometer ten zuiden van Kanyabayonga.

Door de onveiligheid moesten humanitaire organisaties hun operaties in het gebied opschorten. "Dit type van 'humanitaire zwarte gaten', waar toegang tot hulpverlening moeilijk is, breidt zich uit", zei Elisabeth Byrs, van het VN-agentschap voor de coördinatie van humanitaire zaken (Ocha) in Genève. "Dat baart ons grote zorgen."

Dinsdag verzocht VN-secretaris-generaal, Ban Ki-moon, de Veiligheidsraad nog om de Monuc met 3.000 bijkomende blauwhelmen te versterken tot 20.000 manschappen. Maar een resolutie kan nog minstens twee weken op zich laten wachten, een ontplooiing nog langer.

Elisabeth Byrs (VN-agentschap voor humanitaire zaken):

De 'humanitaire zwarte gaten', waar toegang tot hulpverlening moeilijk is, worden groter

n De humanitaire toestand in Oost-Congo is bijzonder dramatisch. De gevechten blijven aanhouden en hulporganisaties slagen er vaak niet in de tienduizenden ontheemden te bereiken.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234