Zaterdag 21/09/2019

Column

Column Filip Joos: Alias

Beeld UNKNOWN

Op een dag, lang geleden, toen mensen nog naar vaste nummers belden en ik nog dagdiensten draaide voor het onvolprezen Journaal, rinkelde ten redactie de telefoon. Toevallig die op het bureau waar ik een half uur eerder willekeurig had plaatsgenomen. Telefoneren op een redactie is iets waar ze je op de unief uitdrukkelijk níét op voorbereiden. Ten onrechte, want het is een vak apart, een rotklus voor de beginnende journalist: het lijkt alsof niet alleen de muren, maar zeker ook je collega's oren hebben, die ze spitsen wanneer jij, de youngster, de hoorn opneemt. Elke rinkel kondigt een examen aan.

Met de vrt-sportredactie, sprak ik dus, enigszins weifelend. De beller bleek Erik Van Looy te zijn, in zijn pre-Slimste mens-periode, toen hij nog niet het wereldrecord Humo-covers verpulverd had. De beller stelde zich voor als een filmregisseur met een probleem, en vroeg naar Frank Raes. Die is met vakantie, antwoordde ik, al kan het ook zijn dat ik de taalkundig niet correcte zin 'Die is op vakantie' produceerde. Van Looy zou het niet deren, maar de redactie-oren zetten zwijgend een minnetje op hun beoordelingsformulier.

Of ik iets van voetbal kende? Ja, antwoordde ik, al iets minder bedremmeld, blij dat de regisseur niet met een vraag over schermen of kleiduifschieten worstelde. Dit kon wel eens een makkie worden.

Erik Van Looy was een film aan het draaien, en wilde zijn hoofdpersonage de naam van een voetballer meegeven. Als het even kon, een voetballer die onder Raymond Goethals met Marseille de Beker der Landskampioenen had veroverd. Of ik dan, bij afwezigheid van Frank Raes, soelaas kon brengen?

Barthez, Abedi Pelé, neen, Basile Boli natuurlijk!, somde ik blij op: keuze te over. Te snel victorie gekraaid. Erik Van Looy gaf meer uitleg. Zijn personage mocht geen bekende naam hebben. Geen naam die bij het publiek een aha-erlebnis teweegbracht. Zijn personage was een Corsicaanse huurmoordenaar met geheugenverlies, die een valse naam gebruikt, en die valse naam kon dus onmogelijk Marco van Basten zijn. Het was een inside joke van de regisseur, een ode aan zijn eigen voetbalpassie, een klein grapje voor de fijnproevers, het zeer bescheiden equivalent van een cameo. Idealiter liet de naam een belletje rinkelen bij de voetballiefhebbers, maar geen kerkklokken. Een belletje dat de meesten niet eens hoorden, maar waar een enkeling de nacht na het cinemabezoek van wakker schrok en dacht: verdomme, die X uit de film, dat was toch een shotter?

Ik opende Google, zocht naar de finale van 1993, en kwam bij het team van eigenaar Bertrand Tapie en zijn tovenaar Raymundo uit. We stuitten op twee perfecte namen: Eric Di Meco en Bernard Casoni. Al zat die laatste de hele finale op de bank.

Erik Van Looy bedankte, liet me geheimhouding zweren, ik legde de hoorn neer, en de redactie zoemde als vanouds. Er was niks veranderd.

Een half jaar later kreeg ik een mail van de regisseur. Met een uitnodiging voor de première van De zaak Alzheimer, in Antwerpen. Ik ging erheen, in een tijdperk waarin Showbizz Bart of niet bestond, of ik niet wist dat hij bestond. Ik zakte achterover in het pluche, en keek.

Kaskraker. Mooie thriller. Koen De Bouw en Werner De Smedt als Vincke en Verstuyft, Deborah Ostrega tegen een glazen douchewand geplakt, allemaal goed en wel, maar hét moment van de film was voor mij Jan Decleir, die met raspende stem 'Bernard Casoni' antwoordt, als hem zijn naam wordt gevraagd.

Die Bernard Casoni is nu coach van Evian. Een ploeg uit een dorpje van 8.000 zielen, waar water ontspringt dat wereldberoemd is. Ze zijn de sympathiekste ploeg uit de Ligue 1 van dit seizoen, en niet meteen een vogel voor de kat: Evian wordt gesponsord door de Danone-groep, dus elke keer als we een Danetteke oplepelen, betalen we een luttele fractie van het salaris van een fanionspeler van Evian.

Afgelopen zaterdag beleefden ze hun première: 2-2 op het veld van Brest. Puike opener. Als het ooit in de soep draait, en woedende, water drinkende doch sanguinische supporters hun coach na alweer een nederlaag opwachten, is er maar één uitweg. Bernard Casoni moet vol vertrouwen de deur van de kleedkamer openduwen, borst vooruit, en met killerblik zeggen: "It is I, Decleir."

 Bernard Casoni is nu coach van Evian. Een club uit een dorpje van 8.000 zielen, de sympathiekste ploeg uit de Ligue 1  
Beeld PHOTO_NEWS
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234