Vrijdag 09/12/2022

InterviewFrancisco de Roux

Colombia zoekt verzoening na zestig jaar burgeroorlog: ‘Het begint met het voelen van een oprechte pijn’

De Colombiaanse jezuïetenpriester, econoom, filosoof en vredesadvocaat Francisco de Roux, voorzitter van de Waarheidscommissie, tijdens een interview in Bogotá, 27 juni 2022. Beeld Carlos Ortega / EPA
De Colombiaanse jezuïetenpriester, econoom, filosoof en vredesadvocaat Francisco de Roux, voorzitter van de Waarheidscommissie, tijdens een interview in Bogotá, 27 juni 2022.Beeld Carlos Ortega / EPA

Als voorzitter van de Waarheidscommissie onderzocht Francisco de Roux de gruwelen van zestig jaar burgeroorlog in Colombia. Hoe te genezen na zoveel jaar dood en geweld? ‘We kunnen alleen vrede bereiken als we het eens worden over wat er moet veranderen.’

Joost de Vries

Er is toekomst als er waarheid is. Zo luidt de titel van het negenhonderd pagina’s dikke eindrapport dat Colombia’s Waarheidscommissie eind juni presenteerde in een bomvolle theaterzaal in Bogotá. Die waarheid, zo legt commissievoorzitter Francisco de Roux uit in een video-interview, moet een gedeelde consensus zijn over wat er tussen 1958 en 2016 gebeurde in de Colombiaanse burgeroorlog – en over hoe een nieuwe, geweldloze toekomst eruit moet zien.

Het eindrapport bestaat uit een gedetailleerde opsomming van de oorlogsgruwelen en een lange lijst adviezen aan de politiek en de samenleving. “Dit is een aanzet tot een gesprek”, zegt De Roux, “maar wel een gesprek dat rust op een stevig fundament.” Zijn spitse gezicht vult het hele scherm, geregeld krult zijn mond in een glimlach. De man die de afgelopen vier jaar de zoektocht naar de waarheid leidde, is een goedlachse jezuïet, een pater van 79 jaar.

Hij stond zijn leven lang als vredestichter tussen gewapende groepen. In de aanloop naar het vredesakkoord van 2016 tussen de staat en de marxistisch-leninistische Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia, de FARC, sprak hij met alle strijdende partijen. Ook de rol van voorzitter van de Waarheidscommissie, een instantie die werd geboren uit het vredesakkoord, zit De Roux als gegoten.

De afgelopen jaren nam de commissie 14.000 interviews af met slachtoffers en daders, terwijl het geweld in delen van het land opnieuw oplaaide. Nu gaan de commissieleden met hun bevindingen op tournee door Colombia. “Ons land leeft met een immense pijn van miljoenen slachtoffers. We kunnen alleen vrede bereiken als we het eens worden over wat er moet veranderen.”

Uw commissie ging naar afgelegen gebieden, waar gewapende groepen nog steeds de dienst uitmaken. Liep u zelf ook gevaar?

“Dit werk was niet mogelijk zonder een zeker risico voor onszelf. Gelukkig is geen enkel commissielid vermoord. Al hebben we wel berovingen meegemaakt. Ik was zeer onder de indruk van mensen die twee dagen te voet aflegden om ons te bereiken en hun verhaal te kunnen vertellen. Enkele keren gebeurde het dat lokale leiders na met ons te hebben gesproken, werden gedood.”

Veel duidelijker wordt de noodzaak tot verandering niet.

“Zo is het. Onze opdracht was om de waarheid van het conflict te onderzoeken tot aan het vredesakkoord van 2016. Wij moesten vaststellen wat er is gebeurd en hoe te voorkomen dat we in herhaling vallen. Maar terwijl we ons werk deden, bleef datzelfde geweld plaatsvinden.”

Dat geweld hangt voor een aanzienlijk deel samen met de handel in drugs. Een nieuw drugsbeleid is dan ook cruciaal voor Colombia, stelt het rapport. De ‘war on drugs’, die Colombia jarenlang samen met de VS voerde tegen machtige drugshandelaren, heeft enkel geleid tot meer geweld. De vraag naar Colombiaanse cocaïne is groter dan ooit.

Te lang vernietigde de Colombiaanse regering met vergif de cocavelden van boeren die produceerden voor de guerrilla of drugsbendes. Lokale boeren die weinig andere keus hadden, werden door de staat tot vijand gemaakt, concludeert de commissie. Zij pleit voor een regulering van de drugsmarkt en het bieden van werkelijke alternatieven aan boeren.

Lokale Colombiaanse cocaboeren houden soldaten tegen die de opdracht hebben gekregen om cocaïneplantages te vernietigen in Caño Indio. Beeld Schneyder Mendoza / AFP
Lokale Colombiaanse cocaboeren houden soldaten tegen die de opdracht hebben gekregen om cocaïneplantages te vernietigen in Caño Indio.Beeld Schneyder Mendoza / AFP

In veel opzichten kon het eindverslag van de Waarheidscommissie niet op een beter moment komen, zo vlak na de presidentsverkiezingen van 19 juni, die werden gewonnen door de linkse politicus en voormalig guerrillero Gustavo Petro. In zijn campagne beloofde Petro al de vrede een nieuwe kans te zullen geven. Tijdens de presentatie van het rapport zei hij alle aanbevelingen te zullen uitvoeren. De grote afwezige die dag was de afzwaaiende rechtse president Iván Duque. Onder Duque kwam de uitvoering van het vredesakkoord uit 2016 juist vrijwel tot stilstand.

De regering van Duque hield vast aan de aloude harde Colombiaanse veiligheidspolitiek, waar uw commissie felle kritiek op uit. Wat vond u van zijn afwezigheid?

“Duque is de vertrekkende macht. Wat er vooral toe doet, is hoe de nieuwe president met onze adviezen omgaat.”

Welk huiswerk geeft u Petro mee?

“We vragen dat alles wat in 2016 in het vredesakkoord is afgesproken tussen de staat en de FARC onverkort wordt uitgevoerd. We willen respect voor Afro-Colombianen en inheemse gemeenschappen (de minderheden die het zwaarst leden tijdens de burgeroorlog en na het vredesakkoord opnieuw werden vergeten, red.). Slachtoffers moeten worden gecompenseerd. We vragen om een functionerende democratie, waarin het demonstratierecht wordt gerespecteerd. We pleiten voor een nieuw veiligheidsbeleid.”

Het oude veiligheidsbeleid gericht op een ‘interne vijand’ heeft het conflict mede in stand gehouden, schrijft de commissie. Door decennia van binnenlandse oorlog vervaagden de grenzen tussen politie en krijgsmacht, alle ordetroepen streden tegen de binnenlandse dissidenten. De veiligheidsdiensten moeten weer uit elkaar worden getrokken, stelt de commissie. De politie moet niet langer vallen onder het ministerie van Defensie en soldaten die misdaden hebben begaan, moeten worden berecht door civiele (in plaats van militaire) rechters.

Het vijanddenken zit diep verankerd in de Colombiaanse politiek. Ook vorig jaar nog schoot de politie met scherp op jongeren die demonstreerden voor een eerlijker samenleving. Tientallen kwamen om, vele anderen werden gearresteerd en zitten nog steeds vast. De aanstaande president Petro kreeg luid applaus toen hij in zijn overwinningsspeech riep: “Justitie, laat onze jongeren vrij!”

Is het toeval dat uw aanbevelingen sterk overeenkomen met het discours van Petro en zijn vicepresident, de zwarte activist Francia Márquez?

“We zijn het over veel zaken eens, maar gedurende ons werk hebben we geen enkele communicatie gehad met Petro of zijn team. Het komt goed uit dat we eenzelfde spirit delen met Petro en Márquez.”

U stelt in uw rapport het dodental van het conflict naar boven bij, naar ruim 450.000 mensen, bijna het dubbele van het tot nog toe gangbare cijfer. Het zijn kille oorlogsstatistieken. Kunt u een concreet voorbeeld geven uit uw veldwerk?

“Een man van begin 30 vertelde hoe hij als jongen van 11 werd meegenomen door paramilitairen naar de Llanos, de oostelijke vlakten. Hij werd naar een militair kamp gebracht, waar al een groep was van veertig kinderen. Een jongen die had geprobeerd te ontsnappen, werd ter plekke onthoofd. De kinderen moesten het hoofd aanpakken en aan elkaar doorgeven. Twee meisjes vielen flauw. Om ze een les te leren, werden ze uitgekleed en ingesmeerd met het bloed van het hoofd van de vermoorde jongen.”

In een tweede document, getiteld Toen de vogels niet zongen, laat de commissie de geïnterviewden zelf aan het woord. Het zijn vijfhonderd pagina’s getuigenissen van moord, slachtpartijen, ontvoeringen, het rekruteren van kinderen, en van marteling, seksueel geweld, gedwongen volksverhuizingen.

Verzoening moet een immense opgave zijn voor de daders, de voormalige FARC-strijders die moordden in naam van de revolutie, de paramilitairen die met extreem geweld joegen op de guerrilla, de militairen die burgers doden en hun verklede lichamen presenteerden als militanten. Welke taak ligt er voor hen?

“Het begint met het voelen van een oprechte pijn, een werkelijke erkenning van het lijden dat ze hebben veroorzaakt. Ten tweede moeten daders zich uitspreken. Slachtoffers kennen de waarheid die ze zelf leefden, hoe ze werden ontvoerd, hoe familieleden werden vermoord. Maar ze willen die waarheid ook uit de monden van de daders horen.”

“Dat is mogelijk. Tijdens ons veldwerk spraken we met veel daders die hun eigen rol erkennen. Het zal je wellicht verbazen, maar ook voor hen voelde ik compassie. Ik zag mannen en vrouwen die lang in het diepste donker waren ondergedompeld.”

De presentatie van het eindverslag is slechts het startschot van een nieuw nationaal debat, waarin verzoener De Roux wederom voorop zal gaan. “Ik voel me uitgedaagd”, zegt hij met een glimlach. Zijn aanbevelingen zijn grotendeels gericht aan de politiek, maar de keuze voor duurzame vrede is aan de Colombiaanse samenleving, stelt hij. “We moeten samen besluiten om nooit meer terug te keren naar het elkaar uitmoorden, hoezeer onze idealen en politieke ideeën ook verschillen.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234