Maandag 09/12/2019

War on drugs

Coke in ’t Stad: Antwerpen zit er tot aan de neus in

Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

In een café aan 't Zuid, eentje waar veel advocaten rondhangen, staat op de wastafel van het mannentoilet geschreven: 'Leg hier uw sos'. Sos is Antwerps voor wat elders coke, sneeuw, wit of charlie heet. Nergens in Europa lijkt cocaïne zo alomtegenwoordig als in Antwerpen. Daarom komt de regering woensdag met een groot antidrugsplan dat de sneeuwstorm aan de Schelde moet bedwingen.

Eerst de feiten: de wereldwijde drugshandel brengt jaarlijks een half biljoen euro op. Voor wie dat weinig zegt: dat is 500.000.000.000 euro of liefst elf nullen. Het hart van de drugshandel bestaat uit cocaïne. Vanuit Latijns-Amerika, waar Colombia samen met Peru en Bolivia bijna alle cocaïne ter wereld produceert, wordt jaarlijks meer dan duizend ton wit poeder verscheept. Onder meer naar Antwerpen. 

De Antwerpse haven is de voorbije jaren meer dan eender welke andere Europese haven de draaischijf geworden voor de grootschalige coke-import. In 2017 zijn douaniers er op ruim 40 ton cocaïne gestoten, verstopt in uitgeholde bananen en meloenen, in marmeren blokken, in paletten en in de airco van koelcontainers. Het gaat om een onwaarschijnlijke vangst, een tienvoud van de buit in 2013.

Het sneeuwt cocaïne in Antwerpen en elke Antwerpenaar kent de verhalen. Over jongeren die in Duitse huurauto’s, gehuurd onder een valse naam, als een postbode hun ronde doen langs de discotheken. Klanten die een gram willen, moeten even wachten op het voetpad. Over de achterzaaltjes van de cafés rond het Sint Jansplein, waar 'alles' te krijgen is. Over de stadions van Antwerp en Beerschot, waar voetbalsupporters soms makkelijker aan sos dan aan een nieuwe pint raken. Over hoe kleine dealers constant promoties doorsturen via versleutelde chatapps zoals WhatsApp en Telegram: nu drie (gram) voor de prijs van twee! Of over hoe via diezelfde apps de merken en de nummerplaten van de anonieme auto’s van de Antwerpse politie worden gedeeld.

Top van ijsberg

Cocaïne is mainstream, niemand kijkt er nog van op, ook de politie en het gerecht niet. "We doen ons best. Het aantal acties is opgevoerd, er wordt meer gecontroleerd, maar er zijn nog veel meer middelen nodig. Anders blijft het dweilen met de kraan open", is Roger Moorthamer van de federale gerechtelijke politie Antwerpen eerlijk over de megadrugsvangsten in de haven. "Ik zal niet zeggen dat we alleen het topje van de ijsberg onderscheppen, maar we vrezen wel dat het slechts om een stukje gaat van alle cocaïne die binnenkomt."

Meer middelen voor de lokale en federale politiediensten, de douane en het gerecht in de strijd tegen de drugshandel en meer onderling overleg: daar moet het Stroomplan dat de federale regering woensdag lanceert voor zorgen. Naar analogie van het Kanaalplan, dat het jihadisme in Molenbeek en omstreken moet uitroeien, wil het nieuwe plan het drugsmilieu ontwrichten. Want terwijl 'the war on drugs' van burgemeester Bart De Wever (N-VA) de kleine dealers op straat viseert om hun overlast te verminderen, heeft het Stroomplan de ambitie om het probleem bij de wortels aan te pakken: de cocaïnepijplijn in de haven en de stroom drugsgeld in de stad.

Of dit een haalbare ambitie is, dat is een andere vraag. Veel beloven en weinig geven, doet de zotten in vreugde leven, zegt het spreekwoord. Kan het Stroomplan straks een verschil maken? "Het is een volslagen illusie om te denken dat als we de – bij wijze van spreken – drie Marokkaanse clans die de cocaïne-import in Antwerpen regelen, oppakken, dat we dan de volledige drugsmarkt in de stad zullen ontregelen. Laat staan uitroeien. Daarvoor zijn de tentakels van de drugshandel veel te breed en reiken ze veel te diep", antwoordt Tom Decorte, criminoloog van de UGent, die zich al jaren toelegt op drugsbeleid. "Men moet goed beseffen: dit is geen fenomeen dat enkel door een honderdtal criminelen in stand gehouden wordt."

Medellin

De drugshandel draait dankzij veel tandwielen en radartjes. Sommige zijn groot: de Colombiaanse kartels, Nederlandse drugsbendes, de Italiaanse maffia, motorbendes zoals Satudarah, Albanese drugsfamilies, Belgisch-Marokkaanse clans. Andere zijn klein: tussenpersonen, smokkelaars, dealers, huurmoordenaars. Sommigen worden snel over het hoofd gezien: havenarbeiders, advocaten, bankiers, politiemensen. En een enorm aantal wordt bijna altijd vergeten: de gebruikers. Met hoeveel ze zijn in Antwerpen, valt onmogelijk in te schatten. Zelfs voor hulpcentra is dat onbegonnen  werk: zij zien alleen de problematische gevallen. Zeker is wel dat er in het Antwerpse rioolwater meer cocaïne zit dan in dat van Londen, Parijs en zelfs Medellin, de thuisbasis van de drugskartels.

"Kijk naar films als Black en Gangs of New York", drukte minister van Justitie Koen Geens (CD&V) het onlangs nog uit in een gesprek met deze krant. "Een vierde wereld met criminaliteit heeft altijd bestaan, en ik vrees dat die altijd zal blijven bestaan." Met een financieel infuus vanuit de eerste wereld.

"Hoeveel advocaten zijn er die goede zaken doen met het verdedigen van al die dealers die gevat en telkens weer vervangen worden?", vraagt professor Decorte. "En hoeveel zijn er die hen actief adviseren in hun activiteiten? Hoeveel bankiers helpen drugscriminelen om hun geld wit te wassen? Hoeveel douaniers en politiemensen draaien moedwillig het hoofd de andere richting uit? Zo’n gigantische criminele operatie kan alleen maar blijven werken wanneer je ervoor zorgt dat je op alle niveaus de best mogelijke medewerking krijgt."

Hebzucht

In Antwerpen is er de voorbije jaren veel veranderd op dit vlak. Vroeger werd 50 tot 100 kilogram cocaïne in sporttassen verstopt in een container. Een handlanger haalde de zakken eruit op de dokken en spurtte dan weg naar een klaarstaande vluchtauto. Die tijd is voorbij, dankzij de betere afsluiting rond de containerterminals. Daarom vervoeren drugsbendes nu veel grotere vrachten cocaïne, van 1.000 tot 7.000 kilo, in één keer. Die transporten worden met behulp van corrupte havenarbeiders uit de haven gesmokkeld. Het aantal inbeslagnames neemt daarom ook niet toe, maar per inbeslagname is de hoeveelheid aangetroffen cocaïne veel groter. Meteen de reden achter de recente topvangsten van de douane.

Drugscriminelen hebben niet veel meer aan loopjongens. Ze hebben mensen nodig die in de haven werken om hun verborgen ladingen te laten passeren zonder controle. Ze gaan daarnaar op zoek in de cafés en shishabars (met waterpijpen, JVH/AVDB) van 'den 2060', Borgerhout en Antwerpen-Noord. Ook via Facebook worden eerste contacten gelegd. Vervolgens dreigen ze die mensen af. Of ze kopen hen om, met hoge stapels cash. Geld is geen probleem. In Latijns-Amerika bedraagt de groothandelsprijs van een kilo cocaïne 1.000 euro. Eens in Europa wordt dat 25.000 euro: bij de oversteek van de cocaïne stijgt de waarde ervan met een factor 25. Op de Antwerpse straat wordt de waarde nog eens verdubbeld of verdrievoudigd, want de zuivere cocaïne wordt voor verkoop minstens twee tot drie keer versneden met verdunners zoals pijnstillers of soms zelf een antiwormenmiddel voor dieren. Dat de drugsimport een lucratieve business is, behoeft weinig commentaar.

En of het nu uit hebzucht of uit overlevingsnood is: geld maakt mensen kneedbaar. De 'bende van de douanier' is hier een voorbeeld van. In 2014 werd de jonge dertiger Tim D. veroordeeld tot veertien jaar cel omdat hij en twintig kompanen minstens elf ton cocaïne hadden gesmokkeld via de haven. Tim D. zorgde ervoor dat containers met drugs niet werden gecontroleerd in een scanner. Per container met drugs die zo geruisloos de douane passeerde, kreeg hij 50.000 euro. Dat geld spendeerde hij aan tripjes met een privéjet en aan zijn vriendin, een danseres uit een stripclub in het Schipperskwartier met wie hij graag cocaïne snoof door een opgerold biljet van 200 euro. De penningmeester van de bende was Anthony VDL, een cafébaas in het Antwerpse, met onder meer een studentencafé in het centrum.

Het aantal inbeslagnames neemt niet toe, maar per inbeslagname is de hoeveelheid aangetroffen cocaïne veel groter. Beeld BELGA

Om de drugshandel te ontwrichten, moeten politie en gerecht meer doen dan containers doorzoeken. Ze moeten consequent op mollenjacht. Op 7 september presenteerde Stanny De Vlieger, de directeur van de gerechtelijke politie Antwerpen, op ’t Schoon Verdiep een vertrouwelijk rapport aan vertegenwoordigers van het stadsbestuur, het gerecht, de haven en de federale regering. Onder meer ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken Geens en Jan Jambon (N-VA) waren aanwezig. 

Tijdens die presentatie waarschuwde De Vlieger voor het gevaar van infiltraties bij het havenpersoneel, maar ook bij de politiediensten en het gerecht. Het zou niet voor het eerst zijn. Binnen zijn eigen dienst werd onlangs iemand ontslagen omdat hij ook klussen uitvoerde voor het milieu. Bij de griffie van het Antwerps justitiepaleis mocht in 2016 een tiener uit Borgerhout stage lopen met connecties in de cocaïnewereld. Achteraf bleek dat hij, met zijn iPad, stiekem documenten uit een lopend drugsonderzoek had gekopieerd.

Criminele economie

Het geld dat met drugs wordt verdiend, moet ergens naartoe. Aangezien je maar zoveel geld kan uitgeven aan patserbakken en kostuums, wordt er geïnvesteerd in wapenhandel, mensensmokkel, diamanten, vastgoed, kleine bedrijven en soms ook terreur. In Nederland zou de criminele economie goed zijn voor 0,4 procent van de volledige economie. Drugsbaronnen hebben er halve wijken overgekocht, voor zichzelf, hun familieleden en hun medestanders.

Zo ver zijn we in Antwerpen nog niet. Maar ook hier wemelt het in moeilijke wijken zoals de stationsbuurt, het Kiel, Borgerhout en Antwerpen-Noord van de cafés waar iedereen met zijn jas aanzit en er niets te drinken valt, van massagesalons waar de masseuses achteraf een happy ending aanbieden en van goudwinkeltjes waarin enorme sommen geld rondgaan maar nooit klanten binnenstappen.

In 2013 onderzocht de Italiaanse criminoloog Letizia Paoli, die verbonden is aan de KU Leuven, de negatieve impact van de drugshandel op de Belgische economie. "Toen was die relatief beperkt omdat de handel via Antwerpen de facto in handen was van de Nederlanders. Maar vandaag hebben een aantal Belgische clans een grotere rol opgenomen in de internationale cocaïnehandel en bijgevolg stijgen ook hun inkomsten. Voorlopig zijn er echter geen bewijzen dat ze die beleggen in de kritische economische sectoren, zoals de bankensector, wat bijvoorbeeld de Italiaanse maffia al lang doet in Italië. Wat wel problematisch kan worden, is dat drugsbendes binnen hun wijk heel machtig worden en zo alles kunnen controleren", waarschuwt zij.

"We merken dat er drugsgeld naar boven komt in Antwerpen, dat eerlijke bedrijven uit de markt prijst en het sociaal weefsel schaadt", beaamt Johan Vermant, de woordvoerder van burgemeester De Wever. "Voor zover onze bevoegdheden dit toelaten, grijpen we in. Zo is er extra controle gekomen op niet-professionele massagesalons, nadat we er daar in een paar jaar tijd plots 60 van zagen bijkomen. Ook de carwashes en goud- en diamantwinkeltjes worden extra gecontroleerd." Op ’t Schoon Verdiep rekent men erop dat het Stroomplan ervoor kan zorgen dat er scherper toezicht komt op malafide restaurants en bars.

Nog zo’n ambitie van het Stroomplan is het hand over hand toenemende drugsgeweld aanpakken. Dat wordt niet evident: door het gestegen belang van de Antwerpse haven in de cocaïnehandel is enerzijds de slagkracht van de lokale clans verhoogd. Anderzijds is het aantal betrokken criminelen gestegen, omdat iedereen een deel van het fortuin wil. Het resultaat is dat het soort meedogenloze afrekeningen die we vroeger alleen uit de films kenden, nu live op straat voorvallen. In Wilrijk schoot een man met bivakmuts vorige maand nog vijf kogels in de benen van een dealer, op straat, voor de ogen van diens tweejarig zoontje. 

Opvallend: de politie houdt er rekening mee dat het Stroomplan, in eerste instantie, voor een stijging van het geweld kan zorgen. "De inbeslagname van criminele goederen is een van de mogelijke oorzaken dat er onder criminelen vergeldingsacties worden opgestart", staat te lezen in een voorbereidende nota over het Stroomplan die deze krant kon inkijken.

"We moeten realistisch zijn: het Stroomplan zal de drugshandel niet kunnen stoppen. De belangen van de criminele organisaties en de schaal van hun operaties zijn te groot. Het is een simpele vaststelling: elk jaar komt er voor 214 miljoen ton in containers binnen in de haven van Antwerpen. Die allemaal apart doorzoeken lukt gewoon niet", benadrukt criminoloog Paoli. "Bovendien volstaat repressie alleen niet. Zolang je jongeren in de probleemwijken geen toekomstperspectief kunt bieden, zullen er altijd zwichten voor het geld."

Het doet denken aan de Amerikaanse misdaadserie The Wire uit 2002, over de drugshandel in Baltimore – volgens velen de beste tv-reeks ooit. Wanneer politie-inspecteurs Herc, Greggs en Carver weer eens op hun eigen limieten botsen in de strijd tegen het lokale drugsimperium, ontspint zich volgende dialoog: 

- "You heroic motherfuckers kill me. Fighting the war on drugs one case at a time."
- "Girl, you can’t even think of calling this shit a war."
- "Why not?" 
- "Wars end."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234