Dinsdag 07/12/2021

Choreografie van tederheid en obsceniteit

BRUSSEL

Met Out of context gaat voor het eerst een stuk van Alain Platel in première in het Kaaitheater in Brussel. Net dit stuk blijkt zijn beste werk in jaren, en dat zonder muziek, orkest of decor. Negen dansers, negen vaalrode dekentjes en twee microfoons volstaan voor een indringend portret van de hedendaagse condition humaine.

Dat het hier over gewone mensen gaat, ook al gedragen ze zich soms vreemd, blijkt meteen: de dansers komen vanuit de zaal het podium op. Daar kleden ze zich uit tot op hun ondergoed, hangen een dekentje over hun schouders en kijken wat rond.Iets zit niet helemaal in de haak met deze mensen. Kaori Ito steekt haar tong uit en trekt rare ogen. Ross McCormack trekkebeent als een paard. Op de achtergrond hoor je herten loeien. De dansers gaan schutterig bij elkaar staan. Bijna onwillekeurig raken of besnuffelen ze elkaar. Dan wisselen ze alweer van partner. Na een tijd laten ze hun dekentjes zakken en stappen ze doelloos rond. Romeu Runa prevelt/zingt iets over ‘Tendresse’ in de microfoon.

Tics en spasmen

Terwijl Glenn Goulds Goldberg Variationen opklinken, neemt het stuk bijna terloops een beslissende wending. Op Runa en Mélanie Lomoff na voeren alle dansers synchroon een handendans uit. Hun handen maken dezelfde onbeholpen, verwrongen gebaren als eerst, maar nu iets gestileerder en synchroon. Tics en spasmen worden hier choreografisch materiaal. Die spasmen breiden zich uit over hun hele lijf. Runa snokt een paar keer keihard tegen de grond, alsof hij een toeval kreeg. Ondertussen kruipen Matthieu Desseigne Ravel en Elie Tas brutaal en onhandig op en over elkaar.Dat gaat allemaal zo traag dat de miserie en glorie van deze mensen alle tijd krijgen om binnen te sijpelen bij het publiek. Platel verweeft impulsieve, ongecontroleerde bewegingen met weloverwogen gebaren tot een choreografie van zowel tederheid als obsceniteit, van zowel onbedwingbaar verlangen naar als grote angst voor elkaar.Zo ontstaan uit louter bewegingen pakkende verhalen. In het centrale deel van het stuk fantaseren de performers over een opwindende nacht in de disco. Het begint alweer met een onwillekeurige handeling, met klappertanden. Een elektronische beat neemt het ritme daarvan over. Ravel geeft daarop een eigenaardige electric boogie ten beste en de anderen volgen. Ze roepen, zingen en fluisteren een na een ook liedjes in de microfoon: discohits als ‘Give it to me Baby’ of ‘Pump up the Jam’, die weinig aan de verbeelding overlaten. Het confronterende is dat de hitsigheid van de performers slechts vertoon blijkt. Het gaat niet om echte sensualiteit maar om een onhandige uitdrukking van het verlangen daarnaar. Dat is maar al te herkenbaar.Even herkenbaar is dat de dansers in hun liefdesverdriet, dat opgeroepen wordt door bekende smartlappen, veel meer bezig zijn met zichzelf dan met de ander. Alsof ze opgesloten blijven in hun tics en hun gedachten en geen contact kunnen maken, ook al verlangen ze er zo naar. Dat die boodschap niet helemaal pikzwart is, komt enkel omdat Platel zijn performers desondanks met veel warmte en genegenheid toont.Het stuk eindigt zoals het begon: de dansers kleden zich weer aan en vertrekken. Ze keren echter niet terug naar de zaal, maar ze verdwijnen in de coulissen. Hun passage hier was maar een oponthoud voordat ze weer uit ons leven verdwijnen. (PTJ)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234