Maandag 26/10/2020

Chercher la femme

ROMAN. Een nieuwe Grøndahl is altijd iets om reikhalzend naar uit te kijken. Slaagt de topspits van de Deense literatuur er weer in de hooggespannen verwachtingen in te lossen?

"Ik ben, vrees ik, verslaafd aan Grøndahl." Het is een uitspraak van Arnon Grunberg die al jaren op de kaften van Grøndahls boeken prijkt, als een bericht van gewicht. De Deense schrijver Jens ChristianGrøndahl (°1959) levert iedere twee jaar een roman af, dus dat Grunberg verslaafd is, weten we inmiddels wel. Alleen vraag ik me af of Grunberg dat nog steeds is na het lezen van Portret van een man.

Ik moet bekennen, ik ben ook verslaafd. Iedere roman van Grøndahl is voor mij het dieptelood neerlaten in mijn ziel en mijn sterfelijkheid in ogenschouw nemen via heerlijk elitaire taal. Gestraft worden met mooiheid, wat is zaliger? Grøndahls laatste romans hadden loslaten als thema; loslaten van wat belangrijk is in het leven, loslaten van idealen, van verlangens en vooral van verwachtingen. Waardig afbladderen dus.

Die evolutie wist Grøndahl steeds pijnlijk goed te formuleren, in zinnen die als scherpschutters verdekt opgesteld lagen tussen heen en weer deinende grassprietjes. Die sprietjes zijn dan de wat laconieke en tegelijk melancholieke gedachten van zijn hoofdpersonen. Onaangedaan heeft die hoofdpersoon altijd iets kapotgeschoten wat eigenlijk gekoesterd was, wat ieder verhaal van Grøndahl tot een bekentenis van - shhht - eigen falen maakt.

Lichtheid

In Portret van een man is het in beginsel niet anders. Tot je denkt: gaat die achttienjarige jongen nu dwepen met de dikste tieten van de westelijke voorsteden van Kopenhagen terwijl zijn moeder aan kanker overlijdt? Nee toch, is het alweer het klassenverschil dat tot idealen leidt? Een marxist die al voor hij achttien is het proletariaat en zijn burgerlijke ouders elitair de rug toekeert met Tonio Kröger van Thomas Mann in de ene hand en gedichten van Rilke in de andere, begeleid door een lieflijk strijkje van Brahms, terwijl hij eigenlijk alleen wil neuken? Amai.

De roman is opgedeeld in drie tijdsvakken: de hoofdpersoon als zeventienjarige, de hoofdpersoon als veertiger en de hoofdpersoon die zestig wordt. In de eerste periode sterft zijn moeder, in de tweede helft is hij docent en logeert een leerling bij hem met wiens moeder hij het heimelijk doet, in de derde raakt hij begeesterd door een jonge fotografe, maar houdt hij zijn handen thuis. Al is niet zeker of hij zich buiten de kaften van het boek beheerst, er sluimeren mogelijkheden.

Het heeft er alle schijn van dat Grøndahl de lichtheid van de vrouw wilde onderzoeken, als een omgekeerde Milan Kundera, die de lichtheid bij de man vond. Want het zijn de vrouwen die gewoon zíjn en niet zo denken over wie ze willen zijn of worden. Eerlijk gezegd is Grøndahls verteller een ongeïnteresseerde zak, die maalt over het belang van kunst, maar er niet werkelijk in gelooft (al is hij gevoelig voor de afkalving ervan en vertelt hij er prachtig over).

Het probleem is dat de verteller te vlak blijft, onaanraakbaar en diffuus. De passie die ergens zou moeten schuilen, is niet voelbaar, purt nergens uit de kieren van zijn bestaan. Zijn moeder en dochter, daar zit de nabijheid van het ware leven. Daar had de verteller dieper mogen graven. Wanneer de zoveelste vrouw binnenstormt, denk je dan ook: wat moet die hier? Waarom het rijtje af en ieders doopceel gelicht (Grøndahl geeft iedereen eerbiedig en democratisch een uitgebreide biografie: waar je vandaan komt, dat bepaalt je).

Valse romantiek

Nu het feminisme hoogtij viert, is het anachronistisch en zelfs aanmatigend geworden om vrouwen op een voetstuk te plaatsen als raadselachtige, mooie, lichte wezens. Het riekt naar valse, mannelijke romantiek uit de negentiende eeuw met een stoer, weliswaar bescheiden met water aangelengd Roth-sausje uit de jaren tachtig.

Grøndahl wilde vermoedelijk iets zeggen over schuld aan de onvolmaaktheid van je eigen passie. Helemaal vatten kun je het bij hem nooit. Doorgaans maakt dat zijn personages mysterieus en intrigerend. Nu is het een beetje saai. Ik viste als altijd prachtige zinnen over de verdwijnende tijd op, maar het pregnante, geconcentreerde schrijven ontbreekt. Volgende keer hoop ik als verslaafde weer op sterker spul.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234