Donderdag 21/01/2021

Cheney, de laatste der haviken

Zijn groepje haviken is de voorbije jaren flink uitgedund. Het Libbyschandaal, Halliburton en de oorlog in Irak hebben hen de das omgedaan. Maar zolang Bush aan het roer staat, houdt zijn trouwe vicepresident Dick Cheney de touwtjes in handen.

Door Ayfer Erkul

Washington l Toen Bush in 2000 op zoek was naar een tweede man, wilde hij iemand solide, iemand met ervaring en iemand van wie hij wist dat die geen ambities zou hebben om president te worden. Kortom, iemand als Dick Cheney.

Cheney had in 2000 zijn ambities om president te worden al lang opgeborgen. De man had in 1994 zelf aangekondigd een gooi te zullen doen naar het presidentschap. Het lukte Cheney om een miljoen dollar bijeen te harken en hij had een groep professionals achter zich verzameld om campagne te voeren. Maar Bill Clinton ging naar het Witte Huis.

Cheney, die elf jaar in het Congres zat, is echter geen politicus pur sang. Hij houdt niet van toespraken tot grote menigtes, en fundraisingdiners zeggen hem al helemaal niets. Cheney werkt liever achter de schermen. Eerder, in de jaren zeventig, was hij stafchef geweest van president Gerald Ford. Later, onder George Bush sr., werd hij minister van Defensie.

Het presidentschap, zo merkte hij in 1994, was iets heel anders. Niet lang na zijn aankondiging zei hij dan ook dat hij zijn campagne niet zou doorzetten. Cheney heeft zich nadien nooit meer kandidaat gesteld.

In 1997 stichtte hij samen met Donald Rumsfeld en enkele anderen de conservatieve denktank Project for the New American Century (PNAC) op. Het PNAC ijvert voor militaire en economische overheersing van land, ruimte en cyberspace door de VS. Toen al, nog voor de aanslagen van 9/11 en de oorlog in Afghanistan, gingen in het PNAC stemmen op om Irak aan te vallen. Een deel van het PNAC-clubje kwam later, dankzij Cheney, terecht in de regering-Bush.

Toen Cheney vicepresident werd, drong hij zonder omwegen aan op Donald Rumsfeld als minister van Defensie. Paul Wolfowitz, eveneens actief in het PNAC, werd vicedefensieminister, zeer tegen de zin van de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell. Eveneens onder protest van Powell werd John Bolton benoemd tot staatssecretaris voor Wapenbeheersing en Internationale Veiligheid.

Bush had zich geen betere 'veep' kunnen dromen. Zonder twijfel is Cheney de machtigste vicepresident in de geschiedenis van de VS. De meest geheimzinnige ook. Darth Vader werd hij genoemd. Persconferenties geeft Cheney zelden, interviews zijn niet aan hem besteed.

Even geheimzinnig als Cheney was de aanloop naar de inval in Irak. Cheney beraamde die met zijn groepje vertrouwelingen, onder wie Wolfowitz en Rumsfeld. Voor Cheney was de oorlog een evidentie. Hij was overtuigd dat Saddam een dreiging was en dat Irak massavernietigingswapens bezat. Wie het daarmee niet eens was, was volgens hem een verrader.

Jaren ging het goed met de haviken in het Witte Huis. Maar toen kwam de zaak-Halliburton aan de oppervlakte. En, hoewel Cheney de inval blijft verdedigen, zit Irak in een beangstigende neerwaartse spiraal. Maar wat hem ongetwijfeld de lelijkste knauw heeft gegeven, is het proces tegen zijn stafchef, Lewis 'Scooter' Libby. De man werd twee weken geleden schuldig bevonden aan meineed en het belemmeren van de rechtsgang.

Libby had gelogen over het lekken van de naam van CIA-agente Valerie Plame. Plame is de echtgenote van Joseph C. Wilson, een voormalige ambassadeur die in 2002 naar Niger werd gestuurd om te onderzoeken of Saddam Hoessein er uranium had proberen te kopen voor de aanmaak van massavernietigingswapens. Hij ontdekt er niets en meldt dat ook aan zijn oversten.

Wilson is woedend als blijkt dat het Witte Huis zijn aanvalsplannen in Irak toch doorzet en het uraniumverhaal van Niger als waar presenteert. Begin juli 2003, vier maanden na de inval, schrijft hij in een opiniestuk in The New York Times dat het Witte Huis had geknoeid met informatie die een militaire aanval op Irak had gerechtvaardigd. Kort daarop werd de naam van Valerie Plame in een aantal kranten gelekt, iets wat funest is voor een geheim agent. Het onthullen van de identiteit van een CIA-agent is bovendien een misdaad in de VS.

Toen speciaal aanklager Patrick Fitzgerald een onderzoek begon naar de affaire, werden niet alleen een aantal journalisten aan de tand gevoeld, maar kwam ook Cheney in de spotlight.

Toen Libby in oktober 2005 ontslag nam, was het voor iedereen duidelijk dat hij de zondebok was, het zwarte schaap dat moest wijken zodat Cheney zijn positie kon handhaven. Later lekte uit dat de vicepreisdent op een kopie van het NYT-stuk van Wilson had geschreven 'stuurde zijn vrouw hem op een snoepreisje?' Tijdens het proces speelde het openbaar ministerie een opname af waarin Libby tegenover een Grand Jury getuigde dat Cheney Bush had gevraagd om een inlichtingenrapport openbaar te maken, zodat hij (Libby) het zou kunnen lekken aan bevriende journalisten.

Wilson heeft zich inmiddels een klacht ingediend tegen Cheney. En ook in het Congres, dat sinds november door de Democraten wordt gedomineerd, gaan stemmen op om een diepgaander onderzoek te voeren naar Cheneys betrokkenheid bij Plamegate. Het proces, waarin de vuile was van het Witte Huis werd buitengehangen, bracht schade toe aan Cheneys positie in de regering en bij de Republikeinen.

Eveneens een klap was de overwinning van de Democraten bij de Congresverkiezingen, eind vorig jaar. Een na een verdwenen de haviken uit beeld. Wolfowitz werd voorzitter van de Wereldbank, Rumsfeld en Bolton stapten op.

Ondertussen heeft Condoleezza Rice haar kans gezien om haar invloed in de regering te vergroten, zeker op het buitenlandse beleid van het Witte Huis. En ook stafchef van het Witte Huis Joshua Bolten treedt naar voren. Hij werpt zich a op als een specialist van binnenlandse zaken. De macht van Cheney lijkt te tanen. Maar de man is lang nog niet gebroken. Zolang Bush president is, zal zijn trouwe 'veep' de touwtjes in het Witte Huis stevig in handen houden.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234