Woensdag 25/11/2020

'Charles, ik geef mijn ontslag'

Wat begint met een cryptisch bericht uit Turkije over de dader van een van de aanslagen, eindigt woensdagnacht bijna in het vertrek van twee protagonisten van Michel I. Reconstructie van het ontslag dat er geen werd van Jan Jambon (N-VA) en Koen Geens (CD&V).

Minister van Binnenlandse Zaken Jambon: "Wat moet ik hiermee doen, Charles? Ik geef mijn ontslag."

Premier Michel: "Dat gaat niet. Ik wil dat niet."

Jambon: "Zeg me dan hoe we dit oplossen. Ik wil mijn verantwoordelijkheid niet ontlopen."

In de Lambermont, op 500 meter van de ravage in metrostation Maalbeek, zitten Michel en Jambon tegenover elkaar. Het is woensdagavond, rond middernacht. Jambon heeft even tevoren met Michel gebeld. Hij is aangeslagen, hij wil hem onder vier ogen spreken. Jambon beseft dat dit geen gewone politieke crisis is; hij vreest dat er koppen rollen. Het land is in een collectieve rouw gedompeld. De zoektocht naar een zondebok is volop gaande. Hij wil de guillotine voor zijn. Als iedereen ziet dat het stront is, moet je niet wachten tot die van uw voeten druipt, redeneert hij.

Meteen na hun tête-à-tête start Michel een belronde langs partijvoorzitters en ministers. Vooral de partijvoorzitters van CD&V en N-VA, Wouter Beke en Bart De Wever, hangen lang met elkaar aan de lijn. Alleen dat feit markeert al de ernst van de situatie. Normaal gezien spreken ze amper met elkaar.

Al snel blijkt dat Jambon en justitieminister Geens ofwel samen moeten opstappen, ofwel allebei aanblijven. Geens is even bereid als Jambon om te vertrekken. De twijfel is groot. Uiteindelijk kiezen ze ervoor de twee ministers aan boord te houden. De coalitiepartners weten maar al te goed dat het vertrek van beide sterkhouders de hele regering zal destabiliseren. Zo'n politieke poppenkast kunnen ze missen. Het dreigingsniveau blijft hoog, het helpt niemand vooruit de Staatsveiligheid (Geens) en antiterreurorgaan OCAD (Jambon) zonder politieke baas te zetten. Jambon en Geens kunnen het best goed met elkaar vinden, wat maakt dat ze elkaar geen dolken in de rug willen steken. Bij het ochtendgloren is het in der minne geregeld.

Zonder een seconde slaap trekt Jambon donderdagmiddag naar de Wetstraat 16 voor het kernkabinet. Het ontslag is van de baan, het komt zelfs niet meer expliciet aan bod. Er wordt beslist een onderzoekscommissie op te richten om het dossier tot op de bodem uit te spitten. Door de collectieve verantwoordelijkheid ontspringt voorlopig iedereen de dans. Een regeringsbron: "Dit was het kampioenschap paraplu opentrekken."

Alarmfase oranje

Woensdagavond gaat op het kabinet van Jambon alarmfase oranje in. Om 17.44 uur laat Turks president Erdogan weten dat hij al in de zomer een van de daders van de Brusselse aanslagen op het vliegtuig heeft gezet. Jambon, zijn kabinetschef Herman De Bode, defensieminister Steven Vandeput (N-VA) en voorzitter Bart De Wever zitten dan toevallig bij elkaar.

Hoe meer ze te weten komen over de zaak, hoe duidelijker wordt dat, naast Geens, ook Jambon betrokken partij is. Als om tien uur 's avonds blijkt dat de verbindingsofficier op de Turkse ambassade fouten heeft gemaakt, en die onder de verantwoordelijkheid valt van Jambon, gaat alarmfase rood in. De cabinetards bestellen pizza's, ze weten dat er een lange nacht aankomt. Een aanwezige: "Heeft Jambon schuld aan deze zaak? Nee. Is hij politiek mee verantwoordelijk? Ja. Dat was onze analyse." Een hele stoet topfiguren van de politie en de inlichtingendiensten passeert op het kabinet. Niemand kan een waterdicht antwoord geven op de vraag hoe lang Ibrahim el-Bakraoui zo lang aan ieders aandacht kon ontsnappen.

El-Bakraoui gaat een eerste keer over de schreef op 30 januari 2010. Hij overvalt met twee kompanen een wisselkantoor op de Adolf Maxlaan in Brussel. Ze botsen op een politiepatrouille en slaan op de vlucht. Eerst vuurt hij drie keer op het motorblok van de politiecombi, daarna schiet hij achttien keer op een agent, die vijf kogels in zijn been krijgt. "El-Bakraoui was heel ervaren met zware wapens", zegt Bernard Tieleman, de advocaat van de politieman. "Vanuit een rijdende auto gericht mikken is aartsmoeilijk. Hij schoot duidelijk om te doden. Mijn cliënt had al aan zijn overste laten weten dat El-Bakraoui een zeer gevaarlijke man was."

Meteen duiken de eerste vragen op. Waarom is met die waarschuwing niets gedaan? Ook de toenmalige advocaat van El-Bakraoui, Dimitri de Béco, bevestigt dat zijn cliënt al op jonge leeftijd erg behendig was met vuurwapens. Hij krijgt bijna tien jaar voor de feiten en moet een schadevergoeding betalen aan de agent.

Tijdens zijn gevangenisstraf krijgt hij tien keer penitentiair verlof. De gevangenisdirectie van Ittre geeft daar telkens negatieve adviezen voor, maar die legt de strafuitvoeringsrechtbank naast zich neer. De voorwaarden die de rechters hem dan opleggen, schendt hij geen enkele keer. Hij mag niet op de Adolf Maxlaan komen, geen alcohol of drugs gebruiken, geen ex-gedetineerden opzoeken.

Zijn onberispelijk gedrag tijdens die uitstapjes verklaren waarom hij vervroegd kan vrijkomen. Op 12 mei 2014 krijgt hij een enkelband, op 23 oktober 2014 komt hij vrij onder voorwaarden. Die komen overeen met de voorwaarden van de tien keer dat hij de gevangenis mag verlaten. Vreemd genoeg is er ook hiervoor een negatief advies dat de strafuitvoeringsrechtbank naast zich neerlegt. In de Brusselse rechtbank minimaliseren ze de impact van die adviezen. "De gevangenisdirectie adviseert zeer vaak negatief", zegt een hooggeplaatste bron. "Rechters gaan daar geregeld tegenin."

Tussen oktober 2014 en juni 2015 gedraagt El- Bakraoui zich voorbeeldig. Hij komt al zijn afspraken met de justitieassistent na. Maar op 26 en 29 juni komt hij niet opdagen bij zijn probatieassistent en schendt hij zijn voorwaarden.

Met deze justitieassistenten komt er een tweede regering in beeld, die van de Franse Gemeenschap. De justitiehuizen, waar deze assistenten werken, vallen immers onder de gemeenschappen. Daar schuiven ze de verantwoordelijkheid door naar strafuitvoeringsrechtbanken. Voor die specifieke rechtbanken is strikt genomen niemand politiek verantwoordelijk, wat alle politici uiteraard goed uitkomt.

Ondanks de schending van zijn voorwaarden gaan er bij de strafuitvoeringsrechtbanken geen knipperlichten aan. "Ex-gedetineerden komen negen op de tien keer afspraken niet na", zegt de Brusselse persrechter Peter Hartoch. "Mochten we iedereen terug in de gevangenis plaatsen die twee afspraken mist, dan kunnen we de boel beter opdoeken. Je moet hen enig vertrouwen geven. Je kunt niet verwachten dat iemand die vijf jaar achter de tralies zat ineens weer zal functioneren zoals iedereen." Niemand heeft tot dan toe enig spoor van radicalisering gemerkt bij El-Bakraoui. Noch in de gevangenis, noch erbuiten.

Flou artistique

Terwijl ze in Brussel zitten te wachten tot hij weer opduikt, blijkt El-Bakraoui duizenden kilometers verderop te zitten. Hij wordt in juni opgepakt in Gaziantep, aan de Turks-Syrische grens. De Turkse politie verdenkt hem ervan een terrorist te zijn, en houdt hem enkele weken vast. De Belgische ambassade krijgt op 26 juni het bericht dat een van onze landgenoten is opgepakt. De Turkse autoriteiten willen weten wat ze met hem moeten aanvangen. Er komt geen duidelijk antwoord, al vraagt de Belgische ambassade twee keer aan de Turken waarom hij is opgepakt. Daar komt geen respons op. El-Bakraoui kiest er zelf voor om naar Nederland te vertrekken.

Het is een raadsel waarom België El-Bakraoui toen niet heeft opgeëist. Hij stond toch bekend voor zware feiten en leek op weg naar Syrië? Na de aanslagen op Charlie Hebdo en de opgerolde cel in Verviers moet dat toch verdacht hebben geleken? Ons land stond toen al bekend als grootste leverancier van foreign terrorist fighters. Dat criminelen zich omscholen tot radicale terroristen is een normaal verloop in hun 'carrière'. Waarom verbond niemand al die verdachte feiten met elkaar? Volgens Turkije werd El-Bakraoui zelfs nog een tweede keer opgepakt. Binnen de regering hebben ze echter maar weet van één keer. Er wordt ontkend dat Turkije liet weten dat hij een Syrië-strijder was.

Wat er op de Belgische ambassade tijdens deze 'Turkse episode' is gebeurd, baadt in een flou artistique. Het was een verbindingsofficier op de Belgische ambassade die instond voor de contacten tussen de Turkse en Belgische politie. Wat deed de verbindingsofficier met alle informatie van de Turken? Stuurde hij alle gegevens wel door naar België, maar werden ze niet naar waarde geschat? Of kreeg hij te weinig info van de Turken? "Wat daar in Ankara is gebeurd, zit echt niet juist", zegt een regeringsbron.

Overschrijving

Wat wel zeker is: nog eens een week later stuurt de Belgische politie Turkije een lijst met feiten waarvoor El-Bakraoui eerder is veroordeeld. Omdat de ambassade voor doorgeefluik moest spelen, raakt er een derde minister bij deze affaire betrokken: Didier Reynders (MR), vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken. Dat betekent dat er al drie van de vier coalitiepartijen - CD&V via Geens, N-VA via Jambon en ook MR via Reynders - politiek verantwoordelijk kunnen worden geacht. Hoe meer de verantwoordelijkheid uitdijt, hoe kleiner de kans dat één individu moet vertrekken.

Omdat ze in België wellicht niet op de hoogte zijn van de Turkse verwikkelingen, doet de strafuitvoeringsrechtbank in Brussel gewoon verder haar werk. Omdat El-Bakraoui vermist blijft, herroepen ze op 21 augustus zijn voortijdige vrijlating. Vier dagen later wordt hij nationaal geseind. Dat opsporingsbericht levert niks op.

"We wisten zelfs niets van die vervroegde vrijlating", zegt de advocaat van de politie-agent. "Blijkbaar kan iemand die in 2010 op een agent schiet een paar jaar later alweer gewoon vrij rondlopen in ons land." Wat tot op vandaag niet bekend is, is dat El-Bakraoui sinds de schietpartij een maandelijkse schadevergoeding betaalt aan de agent wiens been hij heeft toegetakeld. In 2015 betaalt hij nog vijf keer die schadevergoeding. In januari, maart, april, mei én december. Terwijl de Belgische autoriteiten hem al vijf maanden zoeken, maakt hij dus nog een overschrijving. Die laatste keer is op 4 december, via het adres Rue Van Gulick 40 in Laken, zijn ouderlijk huis pal naast het Brusselse kanaal.

Alweer zijn er meer vragen dan antwoorden: waarom ving de politie klaarblijkelijk niets aan met die informatie?

Nog niet ten einde

Jambon en Geens zijn woensdagnacht en donderdag de hele dag bezig met het uitpluizen van deze historie. Daarom wordt ook een persconferentie op de middag afgezegd. Ze hebben nog niet de hele zaak uitgeklaard, of er komt in de vooravond een volgende nieuwsbericht binnen via de website van deze krant. Het blijkt dat ook Khalid el-Bakraoui, de jongere broer van Ibrahim die zich heeft opgeblazen in de Brusselse metro, eigenlijk in de cel moest zitten. Maar ook hij kon aan het gerecht ontsnappen.

Op 13 mei 2015 rijdt Khalid el-Bakraoui langs de verkeerde kant een Brusselse eenrichtingsstraat in. Naast hem zit zijn kompaan Youssef Sirraj, een van zijn oude kennissen uit het misdaadmilieu. De politie houdt de auto tegen en controleert de identiteit van de twee mannen. Op dat moment is Khalid anderhalf jaar voorwaardelijk vrij uit de gevangenis, na een straf van vijf jaar voor een reeks carjackings. Een van de voorwaarden is dat hij wegblijft van zijn oude partners in crime.

De agenten maken een pv op, die wordt doorgestuurd naar de strafuitvoeringsrechtbank in Bergen. De rechter oordeelt dat Khalid niet opnieuw de cel in moet, omdat hij alle andere voorwaarden wel naleeft.

Jambon en Geens zitten op een Europese top wanneer medewerkers hen inlichten over de nieuwste ontwikkeling. Er wordt gezucht. Ze hebben al toegezegd om zich te gaan verantwoorden in de studio van Terzake. Op de kabinetten bereiden ze zich voor op alweer een doorwaakte nacht. Een medewerker zucht: "Wij leven op afhaalpizza."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234