Maandag 27/01/2020

Catherine de Zegher

'Ik ben zeer gelukkig, maar het wordt ook een moeilijke uitdaging. Het Drawing Center werkt met kunstenaars die in de marge van de kunstmarkt opereren en dat willen we graag zo houden'

Belgische zal museum op ground zero leiden

Brussel

Eigen berichtgeving

Nica Broucke

Tijdens de Biënnale van Venetië in 1997 presenteerde ze, als commissaris, de kunstenaar Thierry De Cordier in het Belgisch Paviljoen en ze was een van de kandidaten om Jan Hoet in het S.M.A.K. op te volgen. Na het ontslag van 'international' Peter Doroshenko werd ze opnieuw gepolst, maar de Kortrijkse kunsthistorica Catherine de Zegher heeft intussen een belangrijker missie: de verhuizing van het gereputeerde Drawing Center, waarvan ze sinds 1999 directrice is, naar het nog te bouwen museum op de site van ground zero in goede banen leiden.

Het Drawing Center is gespecialiseerd in tekeningen van oude en hedendaagse kunstenaars van over de hele wereld. De vzw, die huist in de Wooster Street en het befaamde theatergezelschap The Wooster Group als buren heeft in Soho, mag dan al met twee veeleer kleine ruimtes bescheiden van omvang zijn, toch hebben de tentoonstellingen met tekeningen van onder meer Louise Bourgeois, James Ensor, Ellsworth Kelly en (actueel) Richard Tuttle steevast een grote uitstraling. Zo werd de expo van oude, tantristische tekeningen uit Indië die er nu loopt door de Washington Post bejubeld als "een stuk belangwekkender dan de 'blockbusters' in de grote musea van New York".

Naast zich bezighouden met een omvangrijke, educatieve werking ontfermt het Drawing Center zich over nieuw en jong talent. Jaarlijks bieden honderden kunstenaars hun tekeningen aan, die dan door specialisten worden geëvalueerd. De catalogus van het Center bevat inmiddels 2.200 van die kunstenaars en velen van hen krijgen de kans om hun werk tijdens groepstentoonstellingen aan het publiek te tonen.

Het Drawing Center, opgericht in 1976, dankt zijn huidige elan voor een flink stuk aan de kwaliteiten van Catherine de Zegher. Deze kunsthistorica uit Kortrijk (en nicht van burgemeester Stefaan De Clerck) werd in 1999 gekozen om de vzw te leiden. Daarvoor was ze, eind de jaren 1980, de drijvende kracht achter het inmiddels ter ziele gegane centrum voor hedendaagse kunst Het Kanaal in Kortrijk, waarvoor ze resoluut de internationale (zeg maar, multiculturele) kaart trok met opmerkelijke tentoonstellingen van Zuid-Amerikaanse kunst. In 1992 verzorgde ze als curator het hedendaagse luik van Amerika: bruid van de zon in het Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen, de tentoonstelling die naar aanleiding van de vijfhonderdste verjaardag van de ontdekking van Amerika werd opgezet. Internationale bekendheid kreeg ze met Inside the Invisible: an Elliptical Traverse of Twentieth Century Art in, of and from the Feminine, een groepstentoonstelling met exclusief vrouwelijke kunstenaars in het Begijnhof van Kortrijk. In 1996 reisde die expo naar prestigieuze instellingen als het Institute of Contemporary Art in Boston en de Whitechapel in Londen. Het leverde haar het stempel van 'feministische curator' op.

In 1997 stelde De Zegher, als commissaris van het Belgische paviljoen, kunstenaar Thierry De Cordier voor tijdens de Biënnale van Venetië. Het leek dan ook logisch dat haar kandidatuur om Jan Hoet in het S.M.A.K. op te volgen met de nodige aandacht werd bestudeerd, maar uiteindelijk werd ze niet weerhouden. Naar verluidt werd De Zegher na het onverwachte en plotse ontslag van Peter Doroshenko opnieuw gepolst, een aanbod waar ze niet op inging.

Daar had ze goede redenen voor, blijkt nu. Toen bekend werd dat de LMDC (Lower Manhattan Development Corporation), de promotoren van het veelbesproken ground zero-project, een deel van de site een culturele bestemming zou geven, zag ze een niet te missen kans voor het uit zijn voegen barstende Drawing Center liggen. "We moesten sowieso verhuizen", zei ze daarover gisteren in La Libre Belgique. "We zijn te krap behuisd en Soho zelf is te commercieel geworden. Je vindt er nu bijna alleen nog nieuwe, dure boetieks. We zijn al drie jaar, tevergeefs, op zoek naar een manier om uit te breiden. De wedstrijd die de promotoren uitschreven, leek ons een prachtige kans."

Wat de gebouwen zelf betreft, weerhield de LMDC de ontwerpen van architect Frank Gehry en die van de Noorse groep Snoehetta, die beide museumervaring hebben. Voor de artistieke invulling deed de LMDC vervolgens een oproep op musea en culturele centra om zich kandidaat te stellen. Honderddertien dossiers werden weerhouden, waarvan er uiteindelijk nog vier overbleven. In het gebouw van Gehry zullen 'The International Dance Center' en het 'Signature Theater Center' worden ondergebracht.

Voor het museum, dat pal in het hart van ground zero komt, selecteerde de jury het 'Drawing Center' en 'The International Freedom Center', een nieuwe instelling met de nogal vage ambitie "tentoonstellingen over het thema van de vrijheid" in te richten. De Zegher: "Ik ben uiteraard zeer gelukkig, maar het wordt ook een niet gemakkelijke uitdaging. Het Drawing Center werkt met kunstenaars die in de marge van de kunstmarkt opereren. Dat willen we graag zo houden. Natuurlijk wil ik profiteren van de groter en mooiere ruimtes - drie of vier keer zo groot als de huidige - maar zonder mijn hart te verliezen. Het Center heeft een enorm potentieel dat zich nooit helemaal heeft kunnen ontplooien. We blijven onze eigen weg volgen. Dat wil zeggen niet tonen wat het publiek a priori wil zien, maar nieuwe dingen bijbrengen, emoties losweken. Niet het kunstwerk op zich is belangrijk, maar de interactie met het publiek."

Volgens planning verhuist het Drawing Center in 2008 naar de buitengewone locatie. Het museum, waarvan de kosten op 200 miljoen dollar worden geraamd, moet worden opgetrokken boven het station van Santiago Calatrava en het ligt in de schaduw van vijf wolkenkrabbers, waarvan de 'Liberty Tower' van Daniel Libeskind met 1.776 voet (let op de symboliek, 1776 is het jaar van de Amerikaanse onafhankelijkheid) of 541 meter de hoogste is - 124 meter hoger dan de Twin Towers. De Zegher is erg opgetogen over het ontwerp van Snoehetta, waarvoor ook de Belgen Robbrecht en Daem in de running waren. Paul Robbrecht werd door het Noorse team aangezocht voor het interieur van het gebouw, waarvan de kosten op 200 miljoen dollar worden geraamd. "Ze zijn ongelooflijk vindingrijk", zegt ze, "en helemaal niet in 'egocentrische architectuur' geïnteresseerd. Wat dat betreft zijn ze de tegenpool van Gehry. Hun gebouw staat ten dienste van de kunstenaars."

En dat is precies wat De Zegher nu al vijftien jaar met het Drawing Center beoogt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234