Zaterdag 19/10/2019

Cassatie en beroepshoven bekritiseren politiek

In hun openingsredes ter gelegenheid van het nieuwe gerechtelijke jaar hebben de procureurs-generaal van het Hof van Cassatie en van de hoven van beroep gisteren fel uitgehaald naar de beleidsmakers. Die laten volgens hen allerlei audits uitvoeren, maar doen nagenoeg niets met de aanbevelingen.

BRUSSEL.

BELGA EN EIGEN BERIChtgeving

Het felst was procureur-generaal Jean-Marie Piret van het Hof van Cassatie. Hij gaf een overzicht van de openingsredes van de voorbije eeuw. Daarmee toonde hij aan dat het gerecht bepaalde zaken die hem nu worden verweten vanuit de politiek, al jaren geleden aan de kaak stelde. In accentloos Nederlands waste de Franstalige het beleid dan ook de oren. Piret verwees naar zijn voorgangster Eliane Liekendael. Die herinnerde er onlangs aan dat een scheiding tussen de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht onontbeerlijk is in een democratie. Al mag de ene macht zich niet mengen in de bevoegdheden van de andere, onderlinge samenwerking mag wel. Zo moet de rechter volgens Piret bij het toepassen van de wet rekening houden met het doel dat de wetgever voor ogen stond. De wetgever moet op zijn beurt zorgen dat de rechters de wet kunnen toepassen.

Aan dat laatste schort het volgens Piret nogal eens. Hij stelt vast dat er steeds vaker wetten worden uitgevaardigd die achteraf handelingen bekrachtigen van de uitvoerende macht die nietig werden verklaard door het gerecht. Het oprichten van parlementaire onderzoekscommissies in verband met lopende gerechtelijke onderzoeken vindt Piret al even kwalijk. Dergelijke commissies mengen zich volgens hem in de werking van de rechterlijke macht als ze uitspraken doen over strafrechtelijke verantwoordelijkheid en burgerrechtelijke aansprakelijkheid. Evenmin mogen ze zich volgens hem bevoegdheden toe-eigenen in tuchtzaken. Daarmee doelde hij op de commissie-Dutroux.

Piret merkte ook op dat de wetgever de rechterlijke macht de nodige middelen moet geven om de wetgeving te kunnen toepassen.

Dit gebrek aan middelen werd ook aangekaart door André Van Oudenhove. De procureur-generaal van het Brusselse hof van beroep ziet daarin de oorzaak van het falen van het gerecht. Dat geldt volgens hem vooral voor de bestrijding van de economische en financiële criminaliteit. Ons land neemt in zijn ogen wel zijn internationale verantwoordelijkheid maar niet de nationale met betrekking tot het gerecht. De niet-aflatende kritiek op de werking ervan stoort Van Oudenhove dan ook in hoge mate.

Zijn Antwerpse collega Christine Dekkers legt het initiatief eveneens bij de politiek. Ze stelt vast dat sinds vorige eeuw ongeveer elke regering zich voorneemt het overheidsapparaat te hervormen. Volgens de procureur-generaal zou het nieuw zijn als de aanbevelingen ook werden uitgevoerd. Ze bepleit een pauze in het uitvoeren van onderzoeken en audits om de conclusies eens op een rij te zetten en te zien wat er mee gedaan kan worden. Dat alles komt de 'integrale kwaliteitszorg' van het gerecht volgens haar ten goede.

De Gentse procureur-generaal Frank Schins stelt eveneens vast dat ondanks alle hervormingsplannen voor politie en justitie niet wordt geraakt aan een aantal zaken en bepalingen. Terwijl die volgens hem niet direct een voorbeeld zijn van justitie-nieuwe-stijl. Schins noemde als voorbeeld zijn wettelijke verplichting om bij de opening van het gerechtelijk jaar verslag uit te brengen van misstanden bij de rechtsbedeling, waartoe hem de mogelijkheden ontbreken. (CN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234