Donderdag 26/11/2020

'Cartoons, discussiestof tot het einde der tijden'

Beeld UNKNOWN

'We willen informeren, niet provoceren.' Met die boodschap argumenteerde Le Soir-hoofdredactrice Béatrice Delvaux haar beslissing om een cartoon over Bart De Wever, van de hand van haar huiscartoonist Pierre Kroll, niet te publiceren. De Morgen-huiscartoonist Kim Duchateau vindt dat nonsens. En bovendien: ronkende nom de plumes als Marec, Zaza, Canary Pete en Jeroom fungeren al jaren als luis in de pels.

Ik ben tegen censuur. Censuur doet me denken aan griezelige landen waar de mening van een individu wordt verboden omdat het "de gevestigde orde" zou kunnen doen wankelen en in het sterkste geval onderuithalen. Kranten en tijdschriften weigeren soms ook cartoons. Soms kan ik begrijpen waarom.

Sommige cartoons zijn niet goed. Maar andere, die geweigerd worden zijn misschien te goed, misschien juist omdat ze in de gevestigde waarden hakken.

Bof, de cartoon van Kroll die Le Soir vorige week weigerde is er volgens mij helemaal niet 'over'. Le Soir-hoofdredactrice Béatrice Delvaux verantwoordde de beslissing zo: "Journalistiek zouden we onszelf niet censureren, maar met humor zijn we heel voorzichtig geworden." Que? Waarom zou humor meer gecensureerd moeten worden dan het echte leven? Het is, het woord zegt het zelf, 'humor'. Ieder weldenkend mens moet weten dat het gaat om iets dat niet echt is of zelfs niet voor de mening van de cartoonist moet staan. Als ik achter elke mening zou staan die wordt geuit in mijn cartoons zou ik inmiddels met recht en rede een racist, fascist, moordenaar en een verfoeilijke slechterik versleten mogen worden.

Maar cartoons, het blijft een subtiele discussie. Ik vrees tot het einde der tijden.

Voor mij mag een goede cartoon tegen de schenen schoppen. Alleszins probeer je een al of niet actuele gebeurtenis vanuit een ander perspectief te laten zien. Een goede cartoon brengt mensen aan het lachen, of kan een paar lappen rond de oren geven. Als alle venijnigheid en scherpe kanten worden weggevijld kom je meestal tot een flauw en zielloos resultaat.

Grenzen aftasten
Alle cartoonisten hebben hun grenzen wel eens afgetast: hoe ver kan je gaan voordat je een kwade reactie krijgt? Noem het de puber in een cartoonist en daar is me dunkt niks mis mee. Humor is experimenteel en mag niet onderhevig zijn aan grenzentrekkerij - dan verliest het medium zijn spitsvondigheid. Maar het is een dunne grens: choqueren om te choqueren is ook flauw. Het is heel makkelijk om iets te bedenken waarvan je op voorhand weet dat mensen er aanstoot aan gaan nemen. Als je met een cartoon alleen maar mensen kwaad krijgt, is de maker volgens mij niet in zijn opzet geslaagd. Om die reden waren de fameuze Mohammedcartoons gewoon niet goed. Als je wilt choqueren kun je er dus maar beter voor zorgen dat de bewuste cartoon ook grappig is. Hilarisch als het even kan. Dat is volgens mij de enige wet waaraan een cartoon moet voldoen.

Iemand herhaaldelijk persoonlijk aanvallen is nog een aparte discussie waard. Daar kun je als cartoonist maar beter mee opletten, het heeft al vlug iets van gefocust pestgedrag, en dat kan ook niet de bedoeling zijn van een cartoonist. Lachen met volk dat zich constant publiekelijk tentoonstelt of laat gelden is de enige uitzondering. Eender wie: als je veel met je kop op tv wilt komen moet je er ook maar mee om kunnen dat de kans bestaat dat men soms met je lacht. En als het een troost mag wezen: dat men een karikatuur van je maakt, wil niet zelden zeggen dat je meetelt.

Een cartoon is meestal een overdrijving; ze toont een situatie die uit zijn voegen is gebarsten. Ik besef dat er veel mensen zijn die niet met humor om kunnen, of niet kunnen relativeren, maar het is niet de taak van de cartoonist om daar al te veel rekening mee te houden. Want in dat geval is het een tekortkoming van die bepaalde lezer. Een cartoon is geen journalistiek stuk, het is een beschouwing, een parodie, een persoonlijk commentaar of een reactie op een nieuwsfeit.

En zelfs dat moet het niet zijn, het is in ieder geval een vrijdenken en het recht om via een tekening alles aan het wankelen te brengen, de lezer te laten nadenken of hem te bevrijden van een zekere zwaarwichtigheid door hem te laten gieren van het lachen. Net zoals muziek, film, literatuur of toneel dat kunnen en mogen.

Het valt niet uit te sluiten dat u tegenstrijdigheden heeft ontdekt in het handvol voorgaande paragrafen. Het geheim van een uitstekende cartoon is niet uit te leggen, want er is geen formule voor. Sommigen cartoonisten kunnen iets choquerends zeggen zonder dat het op het eerste gezicht choquerend overkomt. Vanuit een heel menselijk perspectief. Zak of Kamagurka zijn daar bijvoorbeeld geweldig goed in.

Ik heb ook veel cartoons getekend die geweigerd werden, zoals de plafondvagina voor P-Magazine (2010). Te vunzig, klonk het. Soms begreep ik waarom cartoons geweigerd werden, maar meestal niet. In de jaren '90 had ik de indruk dat er minder gecensureerd werd op humor. Maar tegenwoordig zijn we weer helemaal terug in de jaren '80, toen bijvoorbeeld Kama Vlaanderen choqueerde met zijn absurde compromisloze cartoons in Humo.

Het is mij een raadsel waaraan dat ligt. Wat denkt u, lezer?

Kim Duchateau is cartoonist bij De Morgen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234